Tweekamp John van der Wiel – Jorden van Foreest begint met remise

In de schaduw van het open toernooi dat gehouden worden tijdens het Schaakfestival Groningen wordt voor de derde maal op rij een trainingstweekamp gehouden. Het bijzondere Groningse talent Jorden van Foreest wordt door de organisatie in de gelegenheid gesteld om zijn krachten te meten met een op papier veel sterkere speler. Vorig jaar was dat grootmeester Hans Ree en ditmaal had men grootmeester John van der Wiel bereid gevonden om het tegen hem op te nemen. Je kunt je afvragen of de deelname van negen ronden in het sterk bezette open toernooi niet leerzamer is dan een tweekamp van slechts vier partijen tegen een grootmeester, maar zelf ben ik van mening dat zo’n match een enorme impact kan hebben.

Niet alleen is de tegenstander ruim van te voren bekend, waardoor beide spelers zich nauwgezet kunnen voorbereiden. Daarbij kan de ervaring met het spelen van een tweekamp later goed van pas komen omdat het hier niet alleen om de schaaktechnische maar ook de psychologisch/mentale aspecten een grote rol spelen.

De keuze voor Van der Wiel kan een riskante zijn voor de jongeling. Van der Wiel heeft zelf als jeugdspeler een van zijn grootste successen in Groningen gevierd toen hij Europees kampioen werd na een bloedstollende tweestrijd met de destijds sterke Sovjetspeler Sergej Dolmatov. Na vier ronden had Van der Wiel anderhalf verliespunt, zijn rivaal zelfs twee verliespunten. Maar toen begonnen beiden alles te winnen en Van der Wiel hield het tot het eind vol: hij eindigde met negen uit negen en daarmee werd hij Europees Kampioen. Zijn stijl kenmerkte zich door scherp spel, gelardeerd met fantastische offers en mooie eindspelen. Toen hij grootmeester werd en zijn rating langzaam maar zeker steeg, veranderde hij van stijl. Lang bleef hij tweede achter Timman op de Nederlandse ranglijst staan, maar allengs raakte hij zijn positie kwijt. Dat had misschien te maken met zijn verhoogde interesse voor het bridge en andere zaken. De laatste jaren lijkt hij niet zo gemotiveerd en geeft hij veel remises weg tegen lager geklasseerde spelers. Maar dat hij in zijn jeugdjaren een groot talent was en dat zijn begrip van het spel onverminderd groot is, lijdt geen twijfel.

En als men dan een jeugdspeler op hem ‘afstuurt’, vooral als het gaat om een groot talent als Jorden van Foreest, die – als ik goed geïnformeerd ben – getraind wordt door GM Sipke Ernst, kan dat de nodige adrenaline losmaken. In elk geval was de eerste partij bepaald niet saai, hoewel die abrupt eindigde in zettenherhaling. In de volgende analyse, waarin ik heb geprobeerd te komen tot een soort openingsoverzicht, wil ik proberen te laten zien wat er allemaal onder de oppervlakte zat. Ik heb in de viewer de nodige mooie partijen opgenomen om het begrip van deze variant te vergroten. Misschien hebben beide spelers een mooie kans op een offerfestijn laten liggen…

Van Foreest, Jorden – Van Der Wiel, John (eerste matchpartij)

1. e4 c5 2. Pf3 d6

Al een kleine verrassing, hoewel Van der Wiel dit vaker heeft gespeeld.

3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 a6

Maar wat is dit? Hoe durft de nestor zich tegen een aanstormend jeugdtalent in te laten op de meest modieuze variant die er van het Siciliaans bestaat: de Najdorf? Heeft hij speciaal voor Van Foreest een systeempje klaarliggen?

6. h3!?

En wat doet Van Foreest nu? Rook hij onraad? Overigens is deze zet ooit door Fischer gespeeld (deze partijen zijn toegevoegd in de viewer). Een van de gevaarlijkste aanslagen op de Najdorf is het hyperscherpe 6. Lg5 dat ook Van der Wiel ooit met wit op zijn repertoire had staan. Ik heb twee partijen kunnen vinden van Jorden met dit systeem, namelijk tegen Tycho Dijkhuis, Hoogeveen 2011 en F. Hartog, Groningen 2011. In de eerste partij wist hij met voordeel uit de opening te komen, in de tweede stond hij al heel snel verloren (zie de partijen die toegevoegd zijn in de viewer). Wilde Van der Wiel de jongeman in die tweede variant aan de tand voelen?

6… Pc6

Een normaal antwoord, hier zijn veel alternatieven mogelijk. Hier kwam 6… e6 voor in een aardige partij Howell-Carlsen, 2010. 6… e5 is vaak gespeeld en ook 6… g6 is een zeer logische voortzetting.

7. g4 Db6

Een principiële aanpak, vooral door Grischuk op het bord gebracht. Voorlopig treden beide spelers in de voetsporen van de partijen Topalov-Grischuk 2010, Dominguez Perez-Grischuk 2009 en Naiditsch-Grischuk, 2009. 7… e6 is iets populairder.

8. Pb3

Deze terugtocht van het paard werd meestal zo gespeeld. In Topalov-Grischuk, de meest recente partij met dit systeem volgde 8. Pde2 dat een nieuwtje was op het moment dat de partij gespeeld werd. Een van de bedoelingen is om het paard via g3 in te zetten voor aanvalskansen tegen de zwarte koning. Grischuk kwam echter door origineel spel nauwelijks in de problemen na de opening. Hij ging uiteindelijk na een bijzonder interessant en op het scherp van de snede gespeeld gevecht alsnog ten onder, maar dat lag niet aan de opening. Het laatste woord is hier dus nog niet over gesproken.

8… e6 9. Le3 Dc7

Met twee zetten meer kwam deze stelling ook voor in een partij Pikula-Damljanovic, 2007. Het vervolg was bijna analoog aan de onderhavige partij.

10. g5 Pd7 11. h4

Een iets andere opzet dan in de partij Pikula-Damljanovic. Pikula speelde hier om na 11. f4 b5 te kiezen voor 12. a4 b4 13. Pe2 waarmee wit eigenlijk te kennen geeft dat hij kiest voor 0-0 in plaats van het scherpere 0-0-0.

11… b5

Vreemd genoeg is deze normale zet al een nieuwtje.

12. Dd2 Pce5 13. O-O-O b4

Zwart maakt van de gelegenheid om het paard op c3 terug te jagen.

14. Pe2

14. Pa4 Tb8 15. Pd4 Lb7 lijkt namelijk eerder beter voor zwart.

14… Pc4

Het paard komt mooi te staan op c4 en zwart kan desgewenst wits sterke loper op e3 ruilen voor het paard. Ik vraag me af wat erop tegen was om nu met een opmars op de damevleugel te komen. 14… a5 15. Ped4 a4 16. Pb5 Db8 17. P3d4 b3!? met scherp spel.

15. Dd4

Van der Wiel maakte zich terecht geen zorgen over 15. Dxb4 Pxe3 16. fxe3 Pe5 en het ziet ernaar uit dat zwarts compensatie (meer dan) toereikend is.

15… Lb7 16. Pg3 Pxe3 17. Dxe3 Tc8

Het is duidelijk dat zwart het initiatief heeft gegrepen en dat wit een mooie loper heeft moeten inleveren. Daar staat tegenover dat zwart zijn koningsvleugel nog niet ontwikkeld heeft en dat hij ook op zal zien om met … 0-0 zijn torens op den duur zal verbinden. De ver opgerukte witte pionnen staan dreigend, terwijl ook het paard op g3 snel kan ingrijpen.

18. Ld3 Le7 19. Kb1 O-O

Zwart heeft geen keus omdat hij anders zijn stukken niet kan laten samenwerken.

20. h5

Van Foreest gaat direct verder en hij maakt zich op om met g5-g6 de zwarte pionnenstructuur aan te tasten.

20… Db6 21. Pd4

Wit laat natuurlijk niet de dames ruilen omdat zwart dan beter komt te staan.

21… Pc5

De zwartspeler beseft terdege dat pion e6 meer protectie nodig heeft (na g5-g6 en … f7xg6 gaat e6 hangen). Foutief is 21… e5 22. Pdf5 Dxe3?? 23. Pxe7+ en wit wint een stuk. Ik denk dat Van der Wiel nauwelijks gekeken zal hebben naar 21… Lxg5 22. Dxg5 Dxd4 maar ik zie niet veel beter voor wit dan 23. Lxa6 [23. e5? met de dreiging Lxh8+ faalt op 23… Dxe5] 23… Dxf2 24. Td2 Dc5! [24… Db6?! 25. h6 g6 26. Lxb7 Dxb7 27. Txd6 en wit staat eerder beter] 25. Pf5! Een mooi ‘tegenschijnoffer’. 25… exf5 26. Tg1 g6 27. Lxb7 levert een onduidelijke stelling op waarin mijn voorkeur uitgaat naar wit.

22. Le2

Te langzaam, hoewel het idee achter deze zet aardig is. Wit beoogt met Lg4 de druk op e6 op te voeren. De vraag is echter of wit niet toch 22. g6!? had moeten spelen om vuist te kunnen maken op de koningsvleugel.

  • De standaardreactie met 22… Lf6 is waarschijnlijk zwarts beste kans, hoewel zwart een cruciale pion kwijtraakt. 23. gxf7+ Txf7 en nu heeft 24. Pxe6 omdat het zwarte paard op c5 gepend staat. Maar desondanks lijkt het erop dat zwart met zijn sterke loper op f6 voldoende compensatie krijgt voor de pion. 24… d5 25. Pxc5 Dxc5 26. Dxc5 Txc5 en in dit eindspel weeg zwarts loperpaar op tegen de minuspion.
  • Het alternatief 22… Dc7?! blijkt niet te werken. 23. h6! Dit soort wendingen zijn bekend uit Siciliaanse aanvalsstellingen. [Niet 23. gxf7+ Txf7 en zwart heeft geen problemen. En ook na 23. gxh7+ Kxh7 is er weinig aan de hand voor zwart.] 23… fxg6 24. hxg7 Tf7 en het lijkt er even op dat zwart alles onder controle heeft, maar… (zie analysediagram)

    25. Txh7! is plotseling mogelijk 25… Txg7 [Een fraaie matvariant levert nu 25… Kxh7?? op 26. Th1+ Kxg7 (26… Kg8 27. Th8+ Kxg7 28. Dh6+ Kf6 29. Ph5+ Ke5 en nu het bijzonder fraaie 30. Dg7+ Txg7 31. Pf3#) 27. Dh6+ Kf6 28. Ph5+ Ke5 (zie analysediagram)

    29. Dg7+! Opnieuw deze fraaie afleiding. 29… Txg7 30. Pf3#] 26. Txg7+ Kxg7 27. Tg1 en zwart verkeert in grote problemen.

    • 22… Pa4

      Zwart wil gaan werken met de wending … Pc3+ maar dat komt niet uit de verf. Misschien had zwart uit de penning van het paard moeten stappen met 22… Dc7.

      23. Lg4 Tfe8 24. Db3

      Dit was de tweede mogelijkheid voor 24. g6 maar na 24… Lf6 25. gxf7+ Kxf7 is er weinig aan de hand.

      24… Pc5

      Interessant is nu 24… Pc3+!? 25. bxc3 Txc3 26. Db2 Lxg5 Zwart heeft twee pionnen en een machtig loperpaar voor het geofferde stuk. Voeg daaraan toe dat wit ook nog met een verminkte pionnenstelling bij zijn koning zit, dan is wel duidelijk dat Van der Wiel hiervoor had kunnen opteren. Toen hij zo jong was als zijn tegenstander nu, zou hij wellicht niet geaarzeld hebben.

      25. De3 Pa4 26. Db3

      En Van der Wiel vond het allang goed zo. Het offer met … Pc3 liet hij maar voor wat het was.

      ½ – ½

      De eerste partij Van Foreest-Van der Wiel plus aanvulling via de viewer:

      (De foto is van Harry Gielen op de toernooisite)

      (Analyses van de meegeleverde partijen in de viewer komen uit de Megadatabase van Chessbase)

Over Herman Grooten

Herman is ruim 40 jaar schaaktrainer. Hij verzorgde lange tijd de schaakrubrieken in Trouw en het ED. Daarnaast was hij Topsportcoördinator bij de KNSB en is hij auteur van diverse schaakboeken en werkt hij voor Schaaksite. Klik hier voor series die ik op Schaaksite heb gezet.

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.