Schaakrubrieken weekend 14 december 2013

Schaaksite.nl is een site voor iedere geïnteresseerde in het schaken. Daarom mag aandacht voor de schaakrubrieken in de landelijke bladen niet ontbreken. Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het verschijnen van de veelal zaterdagse schaakrubrieken.

Hans Ree Gert Ligterink Hans Böhm Bab Wilders Johan Hut Rini Kuijf Henk Prins

Hans Ree

Een vaderlijke les

Ik droomde dat ik tegen Willem Frederik Hermans schaakte en dat ik verloor doordat hij vals speelde. We speelden in het statige Amsterdams Schaakhuis aan de Henri Polaklaan, dat in mijn jeugd het hart van het Amsterdamse schaakleven was, maar waar de schakers al lang geleden verdreven zijn.

Tegen Hermans stond ik erg goed en ik had net een paard in een dreigende positie gebracht. Tevreden ging ik wat door de zaal wandelen. Toen ik terugkwam bij mijn bord, zag ik dat Hermans mijn paard geslagen had. Hij was er niet meer, maar had wel op een leitje met krijt een paar varianten opgeschreven die lieten zien hoe hij zou winnen. ‘Hermans is hier geweest’ heet een van zijn novelles.

Ik ging naar de wedstrijdleider om de partij op te geven en pas daarna besefte ik dat Hermans mijn paard illegaal op een ander veld had gezet, waar hij het gewoon weg kon nemen. Te laat, want ik had al opgegeven.

De droom kwam misschien doordat ik de dag daarvoor een artikel had gelezen over een andere schrijver, Norman Mailer, waarin stond dat bewonderde schrijvers vaak een soort vaderfiguur zijn voor de bewonderaar. Ik had me toen afgevraagd hoe dat bij mij was. Vladimir Nabokov, nee, die was voor mij geen vaderfiguur, maar Hermans misschien wel.

‘Mooie vaderfiguur, met zo’n trucje’ dacht ik eerst toen ik nog wat nadacht over de droom. Maar misschien had hij me juist een nuttige vaderlijke les willen leren; dat je nooit te goed van vertrouwen moet zijn.

Hermans zei eens in het weekblad HP/De Tijd dat hij, als hij schaker zou zijn, daar mee op zou houden zodra hij besefte dat hij geen wereldkampioen kon worden. Gelukkig maar dat niet iedereen er zo over denkt, want tegen wie zouden de wereldkampioenen dan moeten spelen? Ze zouden het lot delen van twee schakers over wie Evert Straat eens schreef – ik geloof dat ze in Overijssel woonden – die bij gebrek aan behoorlijke tegenstand bij hen in de buurt, ieder jaar tegen elkaar een match speelden om het kampioenschap van Groenland.

Hermans schaakte wel eens toen hij jong was, maar hij is er inderdaad snel mee opgehouden. De partij hieronder en ook de opgave zijn het werk van twee grote schrijvers die zich niet lieten weerhouden door het inzicht dat ze nooit wereldkampioen zouden worden.

Toergenjev heeft wel eens beter gespeeld dan hier, maar misschien was hij geïntimideerd, want Kolisch was een van de sterkste spelers van de wereld. Bij het grote toernooi van Baden-Baden 1870 troffen ze elkaar weer, niet als spelers maar als organisatoren. Toergenjev was daar vice-president van het organisatiecomité en Kolisch secretaris. Prins Michail Sturdza van Moldavië was president van dat comité.

Later werd Kolisch als bankier schatrijk en in 1881 werd hij tot Baron von Kolisch verheven. Als rijke weldoener heeft hij veel voor de schaakmeesters gedaan.

Ivan Toergenjev – Ignatz Kolisch, Baden-Baden, ± 1861

1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. Lc4 Pf6 4. Pg5 d5 5. exd5 Pa5 6. d3 Een zet van Kieseritzky en Morphy die in onbruik is geraakt. 6… h6 7. Pf3 e4 8. De2 Veel later maakte wit er in Bronstein – Rojahn, olympiade 1956, nog iets leuks van met het stukoffer 8. dxe4. 8…Pxc4 9. dxc4 Lc5 10. Pfd2 0-0 11. h3 Wit stond al bedenkelijk en dit tempoverlies kan zijn stelling niet verdragen. 11…e3 12. fxe3 Lxe3 13. Kd1 Te8 14. Df3 Lxd2 15. Pxd2 c6 16. b3 cxd5 17. Lb2 Pe4 18. c5 Dg5 19. Lc1

19…Dxg2 20. Tf1 Pc3+ 21. Dxc3 De2 mat.

Gert Ligterink

Denkend aan Lex Jongsma

We zullen Lex Jongsma missen als in januari de Nederlandse schaakgemeenschap zich verzamelt in Wijk aan Zee. Het Hoogovenstoernooi, zoals hij het Tata festival consequent bleef noemen, koesterde hij als weinig anderen. Ruim vijftig jaar was hij een vaste bezoeker. Als speler, als toeschouwer, als verslaggever van De Telegraaf, maar vooral als entertainer in de commentaarzaal.

Het zal wennen zijn hem nooit meer te horen vragen of meneer paard b4 eindelijk zijn mond kan houden. Vorige week overleed Jongsma op 75-jarige leeftijd na een moeilijke periode, waarin zijn lichaam steeds vaker dienst weigerde. Het liet er zijn liefde voor het schaakspel niet door verstoren. In juli trok hij met een paar oude schaakvrienden

naar Dresden om mee te doen aan het Europees teamkampioenschap voor senioren en in de eerste twee ronden van de KNSB-competitie speelde hij als vanzelfsprekend voor zijn Amsterdamse club VAS.

De derde ronde kwam vorige week zaterdag net te laat. In zijn jeugd had hij ambitie om zelf een topspeler te worden, zeker nadat hij in 1957 op de derde plaats was geëindigd in het WK-toernooi voor junioren. Maar een passend vervolg bleef uit op één opvallende uitzondering na. In 1967 behaalde hij een meesterresultaat in de tweede groep van het IBM-

toernooi, wat hem invitaties opleverde voor de grootmeestergroep in 1968 en 1970.

Nadat was gebleken dat hij op dat niveau tekort schoot, sloeg hij een andere richting in. Hij beperkte zich tot de clubcompetitie en werd verslaggever en commentator, functies die hij beide op bijzondere wijze vervulde. Zo keken zijn

collega’s met verbazing toe als hij ‘s avonds om acht uur de perskamer in Wijk aan Zee binnenwandelde, de telefoon ter

hand nam en uit het hoofd een verslag dicteerde aan de stenodienst van De Telegraaf.

In zijn element was hij in de commentaarzaal. Hij was een slordig analyticus, maar dat nam zijn publiek hem niet kwalijk. Het ging naar Jongsma om te luisteren naar zijn grappen en zijn talloze anekdotes, die in de loop der jaren

steeds hilarischer werden. Het ging om het amusement, het commentaar op de partijen was bijzaak.

Het is niet moeilijk de mooiste zet aan te wijzen, die Jongsma in zijn leven heeft gespeeld. In een eerdere rubriek gaf ik al eens de volgende stelling uit een simultaanseance:

Zo stond het in een partij Jongsma-Van der Kleij. Wit vond een bijzonder elegante manier om de strijd onmiddellijk te beëindigen.

1. Ph5! gxh5 2. Lxh7+ Kh8 3. Te8!!

Schitterend. Zwart kan de toren op drie manieren nemen, waarna telkens een ander mat volgt: 3 …

Txe8 4. Pxf7, 3 … Pxe8 4. Dxf8 en 3 … Dxe8 4. Dxf6.

Driemaal nam Jongsma met bescheiden succes deel aan het NK. Bij zijn debuut veroverde hij een kostbare scalp.

Donner – Jongsma NK Den Haag 1961

1. d4 Pf6 2. c4 e6 3. Pc3 Lb4 4.Lg5 h6 5. Lh4 Lxc3+ 6. bxc3 De7 7. f3 d6 8. e4 e5 9. Pe2 Pbd7 10. Lf2Pf8 11. Le3 g5 12. Dd2 Pg6 13. Pg3 Ld7 14. Kf2 Ph4 15. Le2 Td816. a4 0-0 17. Pf1 Ph5 18. g3 f5!

19. dxe5?

Sterker is 19. gxh4 f4 20. hxg5 hxg5 21. Ke1 fxe3 22. Pxe3. Zwart kon nu optimaal profiteren van wits fout met 19 … Pxf3! 20. exd6 cxd6 21. Kxf3 Dxe4+ 22. Kf2 f4.

19 … f4 20. Lxa7 fxg3+ 21. hxg3 Pxf3 22. Lxf3 Lg4 23. Ph2 Dxe5

Sterker is 23 … dxe5

24. De3 Lxf3 25. Pxf3 g4. 24. Dd5+ Dxd5 25. cxd5 Txf3+ 26. Ke1?

Moeilijk te begrijpen. Na 26. Pxf3 Tf8 27. Ke3 Txf3+ staat het ongeveer gelijk.

26 … Te8 27. Pxg4 Txe4+ 28. Kd2 Pxg3 29. Pxh6+ Kg7 30. Ld4+ Kg6 31. Tae1 Txe1 32. Txe1 Kxh6 33.

a5 Tf8 34. Tb1 Ta8 35. Txb7 Txa5 36. c4

Betere remisekansen biedt 36. Txc7 Txd5 37. Ke3

36 … Pf5 37. Lc3 Ta2+ 38. Kd3 g4 39. Ke4 Kg6 40. Txc7 g3 41. Tc8 Te2+ 42. Kf4 Tf2+ 43. Ke4 Pe7

Wit geeft op.

Hans Böhm

Onverwacht einde

De laatste drie ronden van het WK landenteams brachten veel onverwachte ontwikkelingen. Onze jongens vielen van een mooie derde plaats ver terug, door kansloze nederlagen (0,5-3,5) tegen Armenië en Rusland. Door een gelijkspel in de slotronde tegen de VS eindigde Nederland op de zesde plaats, precies de plaats waar ze begonnen waren. Met vier keer winst, vier keer verlies en een gelijkspel voldeed Nederland aan de verwachtingen, niet meer niet minder. Het zat af en toe net niet mee.

V. Kramnik – A. Giri, na 32…f5-f4

Uit de wedstrijd Rusland – Nederland uit de zevende ronde. Zwart heeft drie pionnen voor de loper en dreigt f3. Wit had even in de verdediging moeten gaan met 33.Df2 maar hij forceert de zaken.

33.Lxc6?! f3?

Nu krijgt wit wat hij wilde. Met 33…Tc8 34.Tg2 Dxh4 35.Db6 Txc6 36.Tg8+ Tc8 37.Dd6+ Ka7 38.Dd4+ Kb8 zou de partij in remise zijn geëindigd. Nu gaan spoedig de dames van het bord en resteert een verloren eindspel.

34.Ld7 Dg3 35.Dd6+ Dxd6 36.Txd6 Kc7 37.Td5 Tg2 38.b3 Th2 39.Td4 b5 40.Le8 Kb6 41.Lxh5

en zwart gaf op. Jammer voor Anish Giri, die zich in het algemeen een betrouwbaar kopman toonde. Ivan Sokolov en Loek van Wely verloren vanuit het middenspel. De enige die een remise op het scorebord zette was Sergei Tiviakov.

A. Grichuk – S. Tiviakov, na 25…b6xc5

De witte stukken staan wat onnatuurlijk. Met 27.Dg3 Dxg3 28.fxg3 Td7 29.Txc5 Pe4 30.Td5 Pxg3 31.Te1 had wit de betere kansen kunnen krijgen. Maar hij wil begrijpelijkerwijs zijn inactieve paard wat te doen geven.

27.Pxc5!? Dxc7

Voldoende voor de remise maar zwart had beter: 27…Tf4! en hoe lost wit de dubbele aanval op c7 en c5 op? Vermoedelijk moet hij genoegen nemen met 28.Txc8 met mindere stelling.

28.Dxd4 Td8 29.De3 Te8 30.Dd4 Td8

en remise.

Als twee aanvallende spelers tegenover elkaar komen te zitten kunnen er spectaculaire dingen ontstaan. Uit de wedstrijd Nederland – VS.

L. van Wely – G. Kamsky, na 25…Lf6-e5

Geen touw aan vast te knopen: wie valt er het meest aan? Wit had het rustig kunnen aanpakken met 26.Lxd4 Lxd4 27.Td3 Th4 28.Te4 en er is nog steeds niet veel van te zeggen.

26.f4?! Ld6?!

‘Normaal’ lijkt 26…Lxf4 en zwart heeft altijd nog Th4 om mee te verdedigen. Nu krijgt wit betere aanvalskansen.

27.Le4 Pc6 28.Lc2 Kg8 29.Dd3

Volkomen in lijn met geijkte patronen: wit zet nog meer druk over de verzwakte d-lijn. Maar er zat een verborgen zet in de stelling met aanval op hetzelfde zwakke punt d6: 29.Lf5! exf5 30.Dxd6 Dxd6 31.Txd6 en wit staat structureel beter.

29…Pd4 30.Lxd4 cxd4 31.f5!

Pionnen tellen niet, wit staat ideaal om alle lijnen te openen.

31…Lxh2+ 32.Kh1 Dc6+ 33.De4 Lg3 34.Dxc6 Txc6 35.Te4 Th4 36.T4xd4 Txd4 37.Txd4 Td6 38.Txd6

en vanwege de ongelijke lopers eindigde deze boeiende krachtmeting in remise.

De individuele scores van ons team spreken voor zich: alleen Giri haalde een positief resultaat (5 uit 9), de overige spelers zaten op of net onder de 50%. Uit de kop van de eindrangschikking blijkt hoe ingrijpend de overwinning van Nederland op Oekraïne was. Verder verloor Oekraïne van Rusland. Rusland verloor alleen van Amerika en speelde gelijk tegen Armenië. China verloor alleen van Rusland en Oekraïne.

Dit was dus het WK voor landenteams. Dat het gastland Turkije mocht meedoen is te billijken maar dat Egypte meedeed, om wat voor reden dan ook, is weer zo’n typisch voorbeeld van de kronkelige wegen die de FIDE volgt.

Slotstand WK-landenteams 2013 (matchpunten / bordpunten)

1.Rusland 15 / 23 2.China 14 / 22 3. Oekraïne 14 / 21 4.VS 10 / 20,5 5. Armenië 10 / 20 6.Nederland 9 / 17 7.Duitsland 8 / 17 8.Azerbeidzjan 7 / 18 9.Turkije 3 / 12 10.Egypte 0 / 9,5

Bab Wilders

Hoewel de titelPump up your rating (van Axel Smith, Quality Chess, 978-1-907982-73-6) doet vermoeden dat het vooral geschreven is voor rating fetisjisten gaat het er natuurlijk vooral om dat de lezer meer plezier beleeft aan beter schaken. Met oefendiagrammen en veel tips speciaal voor de club- en toernooispeler. Aanwijzingen hoe de eigen partijen te analyseren (en dan bij voorkeur de verliespartijen!!) en hoe iets aan het tijdmanagement te doen om niet in tijdnood te raken.

Ik ga natuurlijk niet alles opnoemen, maar toch nog een paar: los iedere dag een schaakpuzzel op binnen een bepaalde tijd, goed voor de tactiek. Streef als sterkere speler naar ongelijk materiaal. Volg geen andere partij tijdens je eigen partij. Loop niet weg als je tegenstander lang nadenkt, dan maak je hem “wakker “, enz enz. Alles toegelicht met partijen, partijfragmenten en oefeningen. Ook heel goed te gebruiken voor schaaklessen op ieder niveau. En als na bestudering blijkt dat de rating inderdaad omhoog gaat is dat natuurlijk mooi meegenomen. Met dank aan de uitgever van dit en veel ander fraais zoals men zelf kan zien op www.qualitychess.co.uk.

Estela Granda Zuniga, de zuster van mijn goede vriend Julio, de enige grootmeester waar ik aan de huiskamertafel een partij tegen heb gespeeld, heeft een boek over haar broer geschreven onder de titel Al otro lado del tablero, het geen overgezet zijnde zoiets betekent als: Aan de ander kant van het bord. Julio heeft beloofd het mij toe te sturen maar hij komt uit Peru en dus…mañana…

Ik ben benieuwd of er ook mooie partijen instaan van de man die als hij wat aan studie had gedaan of zich beter had voorbereid op zijn tegenstanders m.i. dicht in de buurt van de wereldtitel had kunnen komen maar dat zat er gewoon niet in bij dit unieke natuurtalent. In 1996 won hij het Donner Memorial Toernooi o.a. door in ronde 9 de koploper, niemand minder dan Gata Kamsky, onderuit te halen in de volgende partij:

Granda Zuniga-Kamsky:

1.d4 Pf6 2.c4 e6 3. Pf3 b6 4.g3 La6 5.b3 Lb4+ 6. Ld2 Le7 7. Lg2 c6 8. Lc3 d5 9. Pbd2 Pbd7 10. Tc1 0-0 11. Tc2 een eigen idee van Julio Tc8 12. 0-0 c5 13.a4 verhindert b5 en laat de spanning in het centrum bestaan maar zwart heeft dit geduld niet: 13..cxd (beter Lb7) 14. Pxd4 Commentaar van wit: eerst ging het Tc2 om Da1 te spelen maar nu draait het om veld c6 14..Pc5 15. La1! dxc 16.b4! c3 (Het wordt ingewikkeld maar in alle varianten komt wit er beter uit bv 16..Pxa4 17.b5 Lxb5 18.Pxb5 Dd7 19. Ta2 Dxb5 20. Dxa4 Dxa4 21. Txa4) 17. Lxc3 Ook Pc6 is goed. Pxa4 18. La1 Lxb4 Hier had zwart eerst op c2 moeten slaan 19. Txc8 Lxc8 20. Dxa4 Lxd2 21. Pc6 (na Td1 komt b5) De8 Ieder ander veld is ook ellende voor de dame 22. Td1 La5 (Lg5 was iets beter maar ook dan wint wit) 23. Dh4 Met verbluffend spel heeft wit een gewonnen stelling ondanks twee pionnen minder 23..e5 24. Lxe5 Ld7 (Lg4 25. Pe7+ Kh8 26. Pc6) opgeven kan ook 25. Lxf6 gxf6 26. Le4 h6 27. Txd7 een leuk slot Dxd7 28. Dxh6 f5 onzin 29. Lxf5 en 1-0.

Probleem 2455 is van H.Faust:

Het is een 2-zet.

Sleutelzet van 2453: 1.Tb7!

Johan Hut

Een boek vol stoere lopers

Bij uitgeverij Tirion verscheen deel 4 uit de serie ‘Wij presenteren’, van Hans Böhm en Yochanan Afek, over de stukken van het schaakspel. Na de pion, de toren en het paard is nu de loper aan de beurt. In het geschiedenisverhaal, waarmee de schrijvers traditioneel beginnen, vertellen ze dat de loper in diverse culturen eerst olifant, vaandeldrager, nestor, lijfwacht en bisschop was. In het Engels heet hij nog steeds ‘bishop’, in het Frans ‘fou’, oftewel dwaas. Dwaas is hij in het boek zeker niet en ook niet zo zwak als in vroegere eeuwen, toen hij slechts zes velden tegelijkertijd kon bestrijken.

De schrijvers behandelen weer vele thema’s, zoals lopers tegen vrijpionnen, lopers tegen dame, pat, de lange diagonaal, lopers op paardenjacht, lachende lopers, promotie tot loper en inspiratie door wereldkampioenen.

Er zijn twee bekende eindspelthema’s met lopers, waarbij het juist leuk is om de algemene wijsheden tegen te spreken. Bijvoorbeeld dat eindspelen met lopers van ongelijke kleur altijd remise zijn, de schrijvers geven met genoegen voorbeelden van het tegendeel. Een ander zeer bekend thema is het volgende.

Eindspelstudie J. Vancura, 1922

Iedere gevorderde speler weet: als de zwarte koning op h8 staat, kan wit niet winnen. Hij heeft de loper van de verkeerde kleur, zoals dat heet. Wit kan de koning niet van h8 verdrijven, hij kan hem daar alleen pat zetten. In de diagramstelling dreigt zwart Kg1 te spelen, waarna hij met Kxh2 meteen remise maakt. Wit moet dus een loperzet spelen, maar dan heeft zwart met Ke3 vrije doortocht naar h8. Of toch niet? U raadt het al, toch niet.

1.Ld7 Ke3

Dichterbij lukt niet: 1…Kf3 2.Kd4 Kf4 3.h4 en de zwarte koning moet terug.

2.h4 Ke4 3.h5 Ke5 4.h6 Kf6 5.Le8

Zwart moet nu een zet doen en op elke zet is 6.h7 beslissend. Opvallend dat wit zijn koning niet nodig heeft gehad om de zwarte koning af te houden. De loper speelde naast de h-pion de hoofdrol.

Het boek kent talloze leerzame en ook grappige partijfragmenten. Ik kies er nog eentje uit.

Eindspelstudie A. Hildebrand, 1946

Hoe moet wit dit winnen? Als hij de toren slaat, is hij zijn tweede loper kwijt, meteen remise. Als zwart met zijn pion gaat rennen, heeft wit daar ook zijn handen vol aan. Als de zwarte toren op het bord blijft, kan wit sowieso niet winnen. Of… is dat weer zo’n misverstand? Kan wit niet winnen? Jawel, want met zo weinig materiaal en de zwarte koning op de e-lijn zou je het niet direct zeggen, maar het thema is: mat!

1.Lg4

Dreigt Lc3 mat! Dat, lezer van welk niveau dan ook, is een matthema dat u moet onthouden. Mat met twee lopers, waarbij de witte koning natuurlijk een handje helpt. Als de witte koning nu veilig naar d2 loopt, slaat wit wel de toren, bijvoorbeeld 1…Kd2 2.Lxa7 a4 3.Ld4 Kc2 4.Le6 a3 5.La2 en wit wint.

1…Tc7 2.Lb6 Tc2

Of 2…Tc3 3.Lxa5 Kd2 4.Lf5 en wit wint.

3.Lxa5+ Td2 4.Kh1!

Haalt het pat eruit en dwingt zwart zijn toren te geven.

‘Wij presenteren de loper’ is een boek waar iedere schaker, met welke smaak dan ook, van kan leren en plezier aan kan beleven.

Rini Kuijf

Voor beginners A6276

Zwart aan zet, wat moet hij doen?

Voor gevorderden B6276

Wit heeft maar 1 weg naar winst, welke?

Henk Prins

Op het 51e Schaakfestival, dat van 21 tot 30 december wordt gehouden in Groningen, zal een eretweekamp over vier partijen worden gespeeld tussen ex-wereldkampioen Anatoly Karpov en de voormalige “Best of te West”, de Nederlander Jan Timman Een interessante krachtmeting.

Van Karpov zag ik een boeiende partij waarin hij met een mooi kwaliteitsoffer een partij voor het eindspel won. De partij werd gespeeld in het Russisch kampioenschap in 1988.

Karpov – Malanjoek

1. 23. Txe7!! (Wit offert de kwaliteit voor een pion. Het levert een belangrijk stuk voor de verdediging van wits koningsstelling, de zwarte loper op de zwarte velden, op. Het gevolg is dat wits loper van a3 machtig wordt.) 23. …Lxe7 24. Txe7 Tf6 (Pion d6 moet worden gedekt. Niet zo zeer voor die pion, maar wel voor de snelle activiteit van de loper naar e5.) 25. d5! (Het mag duidelijk zijn dat de lange diagonaal a1-h8 wits belangrijke aanvalslijn is geworden.) 25. …Df8 26. Te3 (Niet juist is 26. De3? wegens 26. …Txf2 27. Dxf2 Dxe7 28. Lb2+ Kg8 29. Lf6 De8 30. Lxd8 Dxd8 en de stand is remise.) 26. …Kg8 27. Lb2 Tf5 (Op 27. …Tf7 speelt Karpov 28. Dd4 met de matdreiging op h8. Op 28. …Tg7 komt dan 29. Dxg7+ Dxg7 30. Lxg7 Kxg7. Wit heeft een pion meer in dit eindspel.) 28. Dd4 Te5 29. Txe5 dxe5 30. Dxe5 (Wit staat op het punt een gewonnen eindspel in te gaan met 31. Dh8+ Kf7 32. Dxh7+ Ke8 33. Dxg6+ en met vier pionnen voor de kwaliteit trekt wit natuurlijk aan het langste eind.) 30. …Kf7 31. d6! (Nu dreigt wit met c4-c5 en het meer activeren van de loper over de witte velden via f1 naar c4.) 31. …Lf5 32. c5 h5 33. g4! hxg4 34. hxg4 Ld3

De loper kijkt niet meer naar veld e6. 34. …Lxg4 kon niet wegens 35. Df4+ 35. Ld5+! (Een fraaie slotzet. Zwart gaf op het is mat in vier zetten. 35. …cxd5 36. Dxd5+ Ke8 37. De6+ enz.) 1-0.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.