Schaakpromotie

De KNSB heeft Puntenschaak geïntroduceerd als nieuwtje voor het schaakonderdeel in de Nationale Sportweek 2014 die gehouden wordt van zaterdag 19 april t/m zaterdag 26 april. Zie Schaakmagazine no. 6 van december 2013. Uiteraard kan Puntenschaak ook worden geïntroduceerd los van de Nationale Sportweek 2014.

Puntenschaak moet het schaakleven een impuls geven, een vliegende start voor het officiële schaakspel. Puntenschaak is bedacht om beginners snel, spelenderwijs en vooral met plezier te leren schaken en afhaakgedrag terug te dringen.

Puntenschaak

Het officiële schaakspel kent een lange, veel te lange aanloop voordat een partijtje kan worden gespeeld. En dan nog: wie kent niet in zijn omgeving mensen die op de vraag of ze kunnen schaken antwoorden: “Eh, nou ja, ik weet hoe de stukken gaan, maar daarmee is dan helaas, eh, ook wel alles gezegd.” Let op het woordje ‘helaas’. Bovendien is in de praktijk die summiere, beweerde kennis stiekem ook al weer voor een groot deel verleden tijd.

Het afhaakgedrag blijkt veelal te wijten te zijn aan het vereiste van de matvoering. Vanwege de matvoering kent het schaakspel n.m.m. een veel te lange, vrij saaie aanloop. En dan nog: hoe vaak verzandt een beginnerspartijtje in een tot vervelens toe (afmattend) heen en weer schuiven van stukken omdat de matvoering maar niet wil lukken. Het is immers MAT of geen MAT. Een beetje MAT bestaat niet.

Puntenschaak lijkt het ei van Columbus: het is schaken om punten en/of om de tegenstander MAT te zetten.

Net zoals in de bokssport waar niet alleen kan worden gewonnen op knock-out, maar ook op punten, zo kan ook bij Puntenschaak niet alleen worden gewonnen door de Matvoering, maar ook op punten. En zoals KO gaat vòòr punten, zo gaat MAT vòòr winst op punten.

Een handig cumulatief telsysteem (hier in de vorm van formulieren waar de geslagen stukken op worden gezet) maakt deel uit van het ontwerp van Puntenschaak. (Misschien het tweede eitje van Columbus?)

Inhoudelijke toelichting Puntenschaak

In het officiële schaakspel heeft ieder stuk[1] een absolute[2] waarde. Deze waarden, die de basis vormen van puntenschaak, zijn als volgt:

  • Pion 1
  • Toren 5
  • Paard 3
  • Loper 3
  • Koningin (Dame) 9
  • Koning ∞ (oneindig)

Wie een stuk van de tegenstander slaat, haalt daardoor de waardepunten binnen.

Winnaar is degene die op een bepaald afgesproken ijkmoment (variabel, naar keuze) de meeste punten heeft (of de tegenstander mat heeft gezet). Zie bijlage spelregels.

Het betekent bijvoorbeeld dat de regels (loop der stukken, etc.) van het schaakspel al heel snel, spelenderwijs, met een opgaande moeilijkheidsgraad, gefaseerd kunnen worden ingevoerd.

Daardoor komen beginners veel en veel sneller tot het spelen van leerzame, spannende partijtjes, competities en toernooitjes. Hierdoor dringt het schaken gemakkelijker door tot de schoolbanken en de huiselijke kring. Wat daarbij ook helpt zijn de hulpmiddelen van het bijgevoegde starterspakket zoals een spiekbriefje met de opstelling en de loop der stukken en een beknopt overzicht van de spelregels. En tot slot een korte introductie met Tips & Trucs.

Clubschakers kunnen relatief gemakkelijk via Puntenschaak, op individuele basis, met behulp van het eenvoudige startpakketje, hun privé-omgeving aan het ‘schaakdenken’ zetten.

Leerkrachten op basisscholen kunnen toe met een betrekkelijke geringe inhoudelijke kennis van het schaakspel zelf omdat de nadruk ligt op het ordelijk begeleiden van het spelen, méér dan op de inhoud. Immers: al spelend leren de kinderen vooral (en snel!) van elkaar, door schade en schande.

Ter staving van het afhaakfenomeen een citaat uit het jaarverslag 2012 van de KNSB:

Notitie ‘Visie op jeugdschaak en schoolschaakplan’

(..) De belangrijkste constatering uit deze notitie is dat veel kinderen schaken op school maar dat relatief weinig van hen lid worden van een schaakclub. Van de clubleden haakt ook nog eens tachtig procent binnen vier jaar weer af. (..) In figuur 3 het huidige leeftijdsverloop weergegeven van de jeugdleden van de KNSB. Duidelijk is te zien dat er en groot verloop is na het 11e jaar. (..)

Het starterspakket[3] (zie bijlagen) bestaat vooralsnog uit:

  • Een beknopt, geautoriseerd overzicht van de officiële Fide-regels, zijnde de basis van het (Puntens)schaakspel.
  • Het Puntenschaakreglement met daaraan gekoppeld diverse vrijblijvende faseringen ten behoeve van het schaakonderwijs en niveaugerelateerde spelbeoefening.
  • Het basisformulier waarop de geslagen stukken worden geplaatst.
  • Een aanzet voor Tips & Trucs. (Meer suggesties? Graag!)

NB. Op de spelregels van “Puntenschaak”, de formulieren, de toelichtingen en uitleg rust van rechtswege auteursrecht (rechthebbende mr. A.J. Wolt, Nieuwkoop 2013). Tot nader bericht wordt dit – voor niet-commerciële doeleinden – met genoegen gratis en zonder winstoogmerk beschikbaar gesteld ter bevordering van de beoefening van het schaakspel in Nederland.

Voor meer informatie en verdere uitleg kunt u terecht op de volgende bijlagen:

PS c 1 spelregels 241213

PS d 2 scoreform. standaard 29113

Tips & Trucs

Spiek vol schaakbord en KNSB-regels

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.