Schaakrubrieken weekend 26 juli 2014

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.

Hans Ree Gert Ligterink Hans Böhm Bab Wilders Johan Hut Rini Kuijf Henk Prins

Hans Ree

Het Giricentrum

Zoals er Nederlanders zijn die van Belgenmoppen houden, zo zijn er Engelsen die houden van Ierse moppen waarin hun voormalige Ierse onderdanen optreden als dronken dwazen. Zo kon het gebeuren dat de betreurde Engelse grootmeester Tony Miles, die in 2001 stierf, in de jaren zeventig op grond van een paar partijen van de Ierse schaker Eamon Keogh schreef over „het Ierse centrum”, een geïsoleerde tripelpion op een van de centrale lijnen die door dronkenmansschaak tot stand lijkt te zijn gekomen. Daarna vond Miles natuurlijk een paar gevallen waar dat lachwekkende Ierse centrum juist sterk was. Engelse humor.

De Engelse internetjournalist Mark Crowther, aan wie alle schaakschrijvers schatplichtig zijn omdat hij iedere week de belangrijkste partijen – zo tussen de 2.000 en 4.000 – in een handig bestandje aanbiedt, muntte laatst een nieuw begrip: het Giricentrum, vier paarden op de centrale velden. Net als bij Miles was het een beetje sarcastisch, want gebaseerd op de partij uit het toernooi in Biel die Anish Giri verloor van de Chinese vrouwenwereldkampioen Hou Yifan. Ik denk niet dat de term ingang zal vinden, want te beginnen met Schwartz-Paulsen, Leipzig 1979, zijn er al vele honderden partijen met dat zogenaamde Giricentrum gespeeld. De databases maken ons alwetend.

Giri had niet aan het NK meegedaan omdat hij het toernooi in Biel belangrijker vond, en omdat het daar in het begin niet zo goed met hem ging, kon je toen verzuchten dat hij beter bij ons had kunnen blijven. Maar in de voorlaatste ronde in Biel versloeg hij de Fransman Maxime Vachier-Lagrave, en aan het eind deelde hij met Harikrishna en Hou Yifan de derde plaats. Vachier won het toernooi.

De commentator Danny King zei tegen Hou Yifan dat veel mensen vroegen hoe haar naam werd uitgesproken. Je doet het meestal verkeerd met Chinese namen. ‘Hoe Jiefan’ had ik altijd gedacht, maar ze zei: „Mijn familienaam is Ho en mijn eigen naam is Ifan, dus je mag me Ifan noemen.” Dat deed King daarna dan ook en wij zullen het ook doen als ze weer in Nederland speelt. De naam van een wereldkampioen hoor je correct uit te spreken.

Hou Yifan – Anish Giri, Hans Suri Memorial, Biel 2014

1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. Lb5+ Pd7 4. d4 cxd4 5. Dxd4 a6 6. Le2 Pgf6 7. 0-0 e5 8. De3 d5 Harde actie die niet nodig was, want er was niets mis met zwarts stelling. 9. exd5 Lc5 De pion terugnemen met 9…Pxd5 was een beetje riskant, omdat zwart in de open stelling nog niet goed ontwikkeld zou zijn. Maar dat was ook niet zijn bedoeling. Hij wil een pion offeren. 10. Dd2 0-0 11. c4 e4 12. Pd4 Pe5 13. b4 La7 14. Pc3 Lg4 15. c5 Zwart heeft weinig voor zijn pion. 15… a5 16. a3 Pxd5 17. Pxe4 Ook 17. Lxg4 was een goede zet, maar alleen al om picturale redenen verdient de zet van Hou verre de voorkeur. 17…Lb8 18. f3

Als zwart nu zijn loper terugtrekt, zou wit niet alleen een extra pion hebben, maar ook een prima stelling. 18…Pf4 Daarom stort Giri zich in een avontuur, maar het gaat hem beslissend materiaal kosten. 19. Pd6 De dame offeren voor drie stukken met 19. Dxf4 zou hier niet goed zijn. 19…Lxd6 Wat zwart ook doet, er blijven teveel stukken van hem hangen. 20. cxd6 Pxe2+ 21. Dxe2 Dxd6 22. Pb5 Df6 23. fxg4 Ook 23. Lb2 zou wel goed zijn, maar Hou kiest de simpelste manier. 23…Pf3+ 24. Dxf3 Dxa1 25. Le3 Df6 26. Dxf6 gxf6 27. Pc7 Tac8 28. Pd5 Zwart gaf op. Het eindspel met twee goedgeplaatste stukken tegen een toren is eenvoudig gewonnen voor wit.

Gert Ligterink

Lagrave laat in Biel zien hoe onverschrokken hij is

Omdat Elopunten voor hem even waardevol zijn als bankbiljetten, verkoos Anish Giri het toernooi in Biel boven het NK. In Amsterdam zou hij een hoge score moeten halen om geen punten te verliezen. In het sterke veld in Biel volstond een kleine plusscore om zijn bezit veilig te stellen.

Giri is vaker te gast geweest in de Zwitserse stad, waar het leven rustig voortkabbelt. In 2010 debuteerde hij wat ondermaats met een score van 4 uit 9, maar in 2012, in een dubbelrondige zeskamp met onder anderen Magnus Carlsen, speelde hij goed en deed hij mee voor de eindzege.Twee nederlagen tegen de Chinees Wang Hao kostten hem toen de kop.

In het lopende toermooi gaat het Giri niet bijster voor de wind. Hij begon met nederlagen tegen wereldkampioene Yifan Hou en de Indiër Harikrishna, krabbelde terug met overwinningen op de Pool Wostaszek en de Rus Motylev, maar raakte opnieuw achterop door een nederlaag tegen Maxime Vachier Lagrave. De Fransman is de uitblinker van het toernooi. Na acht van de tien ronden heeft hij anderhalf punt voorsprong op de eerste achtervolgers.

Yifan Hou,de laagste ratinghouder van het zestal, handhaaft zich voorlopig uitstekend met een score van 50 procent. Dat had meer kunnen zijn als ze tegen Wojtaszek een geweldige combinatie had gevonden:

Zo stond het in Hou – Wojtaszek na de 28ste zet van zwart. Het is begrijpelijk dat wit een overzichtelijke afwikkeling koos:

29. Dxc2 Lxe4 30. Txe4 Txb5 31.Te8 g6 32. Dc4 Dd5 33. Txf8+ Kxf8 34. Txc1 Dxc4 35. Txc4 h5

Dit eindspel bleek niet te winnen voor wit. Bij de 53ste zet schikte Hou zich in remise.

Nader onderzoek leerde dat wit in de diagramstelling had kunnen toeslaan met 29. Lxd5 Dxd5 30. Te8, waarna zwart

verbazingwekkend machteloos is tegen de dreigingen 31. Da3 en 31.Txf8+ Kxf8 32. Da8+. Na de voor de hand liggende verdediging 30 …Dd6 wint wit met de schitterende zettenreeks 31. Dxc2 Txb5 32. Da4! Dxc6 33. Txf8+ Kxf8 34. Da3+

Kg8 35. Da6! Dd7 36. Da8+ Ld8 37. Dc8!, waarna zwart de dame moet geven om mat te vermijden.

Om in te lijsten.

Vachier Lagrave, nummer acht op de van dag tot dag bijgehouden ratinglijst, bewees tegen Motylev hoe onverschrokken hij is. Menig zwartspeler zou bezweken zijn onder wits aanvalsgeweld in de volgende partij. De Fransman knipperde niet met zijn ogen en won verdiend.

Motylev – Vachier Lagrave Biel 2014

1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 a6 6. Le3 Pg4 7. Lg5 h6 8. Lh4 g5 9. Lg3 Lg7 10. Le2 h5 11. h4 Pc6 12. Pb3 gxh4 13. Lxh4 Le6 14. Dd2 Db6 15. Pd5 Lxd5 16. exd5 Pd4 17. c3

Alleen zo mag wit hopen op aanval. In het recente kandidatentoernooi eindigde een partij Svidler-Mamedjarov na 17. Pxd4 Dxd4 18. Dxd4 Lxd4 19. c3 Lf6 in remise.

17 … Pf5

Na 17 … Pxb3 18.axb3 Dxb3 19.Kf1!, gevolgd door 20. Te1 heeft wit goede compensatie voor de geofferde pion.

18. Lxg4 hxg4 19. Dg5 e6 20. Dxg4 Lf6

21. dxe6

Een ambitieus stukoffer. Tot remise leidt 21. Lxf6 Txh1+ 22. Ke2 Txa1 23. Dg8+ Kd7 24. Dxf7+ Kc8 25.De8+ Kc7 26. Dxa8 Db5+ 27. Kd2 Dxd5+ 28. Pd4 Pxd4 29. Dd8+ Kc6 30. De8+ met eeuwig schaak.

21 … Pxh4 22. 0-0-0 Dxf2 23. Txd6 Td8 24. Txd8+ Lxd8 25. Pd2

Opnieuw kon wit remise maken, ditmaal met 25. g3 Pg6 26. Txh8+ Pxh8 27. Dg8+ Ke7 28. Dxh8 De1+

25 … De3 26. exf7+ Kxf7 27. Tf1+ Lf6 28. Dd7+ De7 29. Dd3?

In tijdnood verliest wit de controle. Met 29. Dg4 kon hij de druk vasthouden.

29 … Kg7 30. Pe4 Le5 31. De2 Pg6 32. g3 Te8 33. Dg4 De6 34. Dh5 Dxa2 35. Pc5 Da1+

Wit geeft op.

Hans Böhm

Het tijdmonster

Tijdens het laatste NK kwamen veel blunders, vraagteken-zetten, voor en dat had te maken met de nieuwe formule voor bedenktijd. In de oude tijd, die vaak ten onrechte de goede oude tijd genoemd wordt, zo’n twintig jaar geleden, kregen we een uur voor twintig zetten. Bij zet 40 en 60 en een enkele keer bij 80 en 100 kwam er weer een vol uur bedenktijd bij. Je kon even relaxen. Dat kan niet meer. Vanaf zet 40 krijg je voor de volledige partij nog een half uur en dertig seconden per zet. Zit je eenmaal in tijdnood dan kom je daar nooit meer vanaf. De tijd wordt een monster. Kennelijk dwingt die formule stomme fouten af.

R. van Kampen – B. Bok, na 51…Le1xg3

Wit kon de kroon op het zware voorwerk zetten met 52.Pa7! omdat de a-pion dan wel gevaarlijk is 52…Lxh4 52.Pc8+ Kd5 53.a6 Lf2 54.Pb6 en wint. Maar ook na 52.Pa7! Lf2 53.Pc8+ Kc5 54.a6 Kb5 55.Pd6+ worden alle zwarte pionnen opgegeten en wint wit simpel.

52.a6? Lf2 53.f4 f6 54.Pa5 Kd5 55.Pc6 Kd6 56.Pa5 Kd5

en remise.

B. de Jong – A.M. Kazarian, na 42.Pe1-f3

Goede partij van zwart tot hier. Winnend is 42…c3 43.Lc1 b5, en ook na direct 42…b5 43.Pe5+ Ke8 44.Pxg6 b4 wint zwart op de damevleugel. Wat je nooit mag laten gebeuren is de overgang naar een ongelijk lopereindspel want dan leggen pluspionnen soms geen gewicht meer in de schaal.

42…Lc2?? 43.Pe5+ Lxe5 44.dxe5 Ke7 45.Ke3 Kd7 46.Kd4 Lb3 47.Kc5 Kc7 48.Lc3

en remise, zwart staat geen millimeter beter.

S. Padurariu – B. de Jong, na 90.Pe4-c5

Zwart staat gewonnen na 90…Lg3 90.Pb3 Ld6 91.Pd4 Ka2 92.Pb5 Lf8 93.Pd4 Kb2 en de koning loopt naar de h-pion. Maar het zou heel anders lopen

90…Ka2?? 91.Pd3 b3 92.Pc1+ Kb2 93.Pxb3 Kc2 94.Pd4+ Kd1 95.Kd3 La5 96.Pe6 Ld2 97.Ke4 Ke2 98.Kf5 Kf3 99.Pxg5 Lxg5??

Nu wordt zelfs de remise weggegeven die zo voor het grijpen lag met 99…Kg2 100.Pe4 Lc1 101.g5 Kxh3 102.g6 Lh6. Wat nu resteert is een typische uitzondering in koninginnen-eindspelen.

100.Kxg5 Kg3 101.Kf5 Kxh3 102.g5 Kg2 103.g6 h3 104.g7 h2 105.g8D+ Kf2 106.Da2+ Kg1 107.Kf4 h1D 108.Kg3

en zwart geeft op.

B. de Jong – I. Paulet, na 77.b3-b4

De verwachting was dat wit na 77…a6 zou opgeven omdat 78.Kg6 Pe5+ of 78.g5 hxg5 79.Kxg5 Pe7 of 78.Ke6 Kb3 geen zin hebben. Maar

77…Kb3 78.b5 Pd4+?

vergooit de winst. Nog steeds kon zwart winnen maar het is al ietsje moeilijker: 78…Pe7+ 79.Ke6 Pg8 80.Kf7 Pf6 81.Kxg7 Pxg4. Na de tekstzet komen de witte pionnen weer tot leven.

79.Kg6 Pe6 80.Kf7 Kb4 81.Kxe6 Kxb5 82.Kf7 a5 83.Kxg7 a4 84.Kxh6 a3 85.g5 a2 86.g6 a1D 87.g7 Df6+ 88.Kh7 Df5+ 89.Kh6 Df6+

Wit komt niet verder want 89…Dg4 90.g8D is het ook niet.

90.Kh7 Df7 91.h6 Kc5 92.Kh8 Df6

met remise.

Fouten zijn inherent aan spelen, daar niet van. Van fouten leren we het meest, meer dan van een vlekkeloze partij. En dat de FIDE in deze snelle gedigitaliseerde maatschappij iets aan de lange bedenktijden wil doen, is ook te begrijpen. Maar de huidige formule geeft geen rust, zelfs niet om even de handen te wassen. En dan komen er onterende fouten waar we niets van leren.

Bab Wilders

We leven nu eenmaal in de zakelijke 21e eeuw en dus zal een schaakpartij, zeker op hoger niveau , niet zo snel meer in mat, het betere gooi en smijtwerk van de vluggertjes daargelaten. Als dat moment nadert geven we of de tegenstander tegenwoordig op om de vernedering te besparen. In de 19e eeuw gold het als sportief de tegenstander de onvermijdelijke zet te laten uitvoeren. Toch was in de dagen van Olim het mat het hoogste doel en zo hebben de heren Renaud en Kahn ooit een standaardwerk geschreven met als titel The Art of Checkmate en daarvan is nu een gemoderniseerde herdruk verschenen bij Russell Enterprises ( 978-1-936490-84-4 ) We kunnen genieten van een deskundige uitleg van alle soorten mat zoals het stikmat( schaak met een paard aan een koning die nergens heen kan ) , het fraaie epaulettenmat, het irritante mat achter de paaltjes en het mat dat ontstaat uit de Greek Gift ( een soms dubbel loperoffer ) zo genoemd naar de uitdrukking uit de oudheid: ik vrees de Grieken zeker als zij geschenken brengen. De auteurs tonen aan, ook aan de hand van 80 opgaven , dat ook grootmeesters soms deze motieven in hun stelling niet herkennen en zo is ook voor de zgn clubschaker het boek niet alleen leuk maar kan bestudering van de matbeelden wellicht ook in een partij goed zijn voor een aha-erlebnis zoals onze Oosterburen het noemen. Een beroemd maar altijd weer leuk voorbeeld is de partij Réti- Tartakower, toch twee beroemde grootmeesters met een voorbeeld van de kracht van het dubbelschaak. 1.e4 c6 2.d4 d5 3. Pc3 dxe 4. Pxe4 Pf6 5. Dd3 e5 onvoorzichtig 6. dxe Da5+ om de pion terug te winnen maar vergroot de ontwikkelingsvoorsprong van wit via 7. Ld2 Dxe5 8. 0-0-0 lanceert een gemeen valletje waar nu geen grootmeester meer in zou trappen maar Tartakower wel 8..Pxe4. Hij verwachtte nu 9. Te1 echter 9. Dd8+! Kxd8 10. Lg5 dubbelschaak dus er kan niets tussen alleen 10..Kc7 11. Ld8 mat. Maar Réti was zo eerlijk om toe te geven dat ergens in zijn hersenen een stelling was opgedoken van een partij van 70 jaar eerder nl Schulten –Horwitz 1. e4 e5 2. Lc4 Pf6 3. Pc3 b5 een dubieus gambiet 4. Lxb5 Lc5 5. d3 c6 6. Lc4 Db6 7. De2 d5 8. exd 0-0 9. Pe4 ook dubieus Pxe4 10. dxe4 Lxf2+ 11. Dxf2 Db4+ 12. Ld2 Dxc4 13. Df3 f5! 14. exf Lxf5 de toren op f8 bedreigt de witte dame daarom 15. Db3 maar nu komt wat Réti in zijn lichamelijke database had opgeslagen en zich wist te herinneren nl 15. Df1+!! 16. Kxf1 Ld3+ het dodelijke dubbelschaak 17. Ke1 Tf1 mat. Met andere woorden: wie zich al deze en dergelijke mat thema’s eigen maakt en op het juiste moment weet te reproduceren kan in menige partij onsterfelijke roem behalen met deze spectaculaire offers Natuurlijk moet de tegenstander wel een fout maken maar dat kan altijd gebeuren. En ook kan het onze eigen oplettendheid bevorderen zodat er een belletje gaat rinkelen als zich iets dergelijks voordoet. Dank dus aan Hanon Russell (www.russell-enterprises.com) die dus ook zich verdienstelijk maakt met de herdrukken van Reinfeld. Probleem 2487 is een tweezet van ene Eddy.

En de oplossing van probleem 2485 was 1. Pd3.

Johan Hut

Onbekenden floreren in Leiden

Het Leiden Chess Tournament (LCT) overlapt de laatste jaren een paar dagen met het SPA-toernooi in Amsterdam en het Nederlands kampioenschap. Dat kost wat Nederlandse deelnemers. Zo won de Leidse grootmeester Erik van den Doel met overmacht in Amsterdam en bleef hij weg uit zijn woonplaats. Maar het LCT haalt traditioneel een keur van weinig bekende spelers uit alle landen van de wereld. India is vaak goed vertegenwoordigd. De toernooiwinnaar van vorige week, Arghyadip Das, is de nummer veertig van dat land. Wie had ooit van hem gehoord? Een jong talent? Nee, hij wordt volgend jaar dertig. Hij speelde een goed toernooi en toen hij in de zesde ronde van topfavoriet Predrag Nikolic won, was hij (achteraf bekeken) binnen. Hij had al zo veel punten dat drie remises, tegen drie grootmeesters, voldoende waren voor de ongedeelde zege. Zelf is Das nog geen grootmeester. Wel heeft hij daarvoor genoeg normen, maar zijn Elo-rating moet nog wat hoger worden. Om dat te bereiken speelt hij op dit moment in Dieren in het open kampioenschap van Nederland. De partij tegen Nikolic was een leuke, waarin het lang onduidelijk was wie er beter stond.

Nikolic-Das

1.d4 d5 2.c4 dxc4 3.Pf3 Pf6 4.e3 Lg4 5.Lxc4 e6 6.h3 Lh5 7.Pc3 Pbd7 8.0-0 Lb4 9.Le2 0-0 10.Db3 De7 11.Ld2 c5 12.Tfd1 b6 13.a3 Lxc3 14.Lxc3 Pe4 15.Le1

Wit hecht aan zijn loperpaar, maar zwart komt nu met een originele zet om de witte koningsstelling te verzwakken.

15…Pg5 16.dxc5

Met 16.Pxg5 Lxe2 17.Dc2 had wit de verzwakking van zijn koningsstelling kunnen voorkomen.

16…Pxf3+ 17.Lxf3 Lxf3 18.gxf3 Pe5 19.f4 Pf3+ 20.Kf1 bxc5 21.Lc3

Nu nog het zwarte paard weg, een toren naar g1 en het is wit die aanvalt. Dus hoezo zwakke koningsstelling? Maar voorlopig houdt zwart het heft in handen.

21…Dh4 22.Db7 Dh5

Zwart moet niet te gretig zijn. Na 22…Dxh3+ 23.Ke2 komen wits torens in actie.

23.Td7 e5 24.Tad1

Alle witte stukken staan mooi, maar Nikolic heeft iets over het hoofd gezien.

24…Pd4

Heel vervelend. Na 25.Tc1 Dxh3+ 26.Ke1 Tab8 27.Dd5 Tbe8 heeft zwart de touwtjes in handen. Nikolic geeft dan maar de kwaliteit om nog wat spel te krijgen.

25.exd4 Dxd1+ 26.Kg2 exd4 27.Txf7

Zou houdt wit wat actie. Bedoeling: 27…Txf7 28.Dxa8+ Tf8 29.Dd5+ Kh8 30.Dxc5. Zwart verdedigt echter koelbloedig.

27…Dh5 28.Txg7+ Kh8 29.Ld2 Tg8 30.Tg5

30…h6 31.Dxa8 Dxg5+

Misschien is 31…hxg5 beter, maar zwart ruilt liever dames om af te wikkelen naar een eindspel dat zeker gewonnen is. Dat is een verstandige keus.

32.fxg5 Txa8 33.gxh6 Tb8 34.Lc1 Kh7 35.Kf1 Te8

Zwart zal de h-pion niet krijgen, maar met drie tegen twee pionnen op de damevleugel, een zwakke loper en een afgesneden koning van wit is de winst niet moeilijk meer.

36.h4 c4 37.Ld2 Te4 38.Lg5 c3 39.bxc3 dxc3 40.f3 Te5 41.Lc1 c2 42.Ld2 Tb5

Wit geeft het op.

Een van de helden van het toernooi was de vijftienjarige Robin Lecomte uit Capelle aan den IJssel. Hij versloeg de Nederlandse meesters Ali Bitalzadeh en Fred Slingerland en speelde remise tegen John van der Wiel. De kans is groot dat de drie nog nooit hadden gehoord van Robin, die gedeeld achtste werd. Een half punt voor Van der Wiel.

Rini Kuijf

Voor beginners A6462

Wit aan zet wint met?

Voor gevorderden B6462

Wit aan zet staat slecht, is er nog hoop?

Henk Prins

De jeugdige Anne Haast uit Dongen is de nieuwe schaakkampioen van Nederland bij de vrouwen.

In de slotronde klopte zij meervoudig kampioene Zhaoqin Peng en behaalde 5,5 punt uit zeven partijen. Tweede werd Bianca de Jong met 5 punten gevolgd door Zhaoqin Peng met 4. Een partij uit de vierde ronde van Anne Haast.

Haast, Anne – Hortensius, Lisa

1. e4 c5 2. Pf3 e6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pc6 5. Pc3 Dc7 6. f4 a6 7. Pxc6 bxc6 (Meestak slaat zwart terug met de dame. De zwartspeler moet er bedacht op zijn dat die pion een stapje naar voren kan om de zwarte loper van c8 toekomst te geven.) 8. e5 (Maakt een vrij voor zijn paard. Computers geven in deze stand meer aandacht voor ontwikkeling, zoals Le3, Ld3 of Le2.) 8….d5 9. exd6 e.p. Lxd6 10. Pe4 10…Le7 (De pion op f4 is vergiftigd. Na 10…Lxf4 11. Lxf4 Dxf4 speelt wit 12. Dd4 en de enige zet zonder direct groot verlies is dan 12. …e5, wat ook voordeel voor wit is.) 11. Ld3 Pf6 12. O-O O-O 13. De2 (De partij gaat redelijk gelijk op.) 13. … Pxe4 14. Dxe4 g6 15. Le3 Lf6 16. Tab1 Tb8 17. Lc5 (Beter is 17. b4, Anne speelt deze een zet later.)17…Td8 18. b4 Dd7 (Lisa heeft een plan om een grote ruil van stukken te doen op d4, maar dit levert een eindspel op die voor wit beter is. De computer beveelt 18. …a5 aan.) 19. Tfd1 (De nieuwe dameskampioen gaat op de afwikkeling in.)

19…Ld4+ 20. Dxd4 Dxd4+ 21. Lxd4 Txd4

(Zie diagram. Deze stelling had Lisa op het oog, er staan twee pionnen in. Anne Haast had hier goed voordeel kunnen krijgen met 22. Le2! Wanneer zwart een van de pionnen neemt, wordt de slechte stand van zwarts loper merkbaar: 23. Td8+ Kg7 24. Lxa6, het betekent al gelijk een winst van de kwaliteit.) 22. c3? (22. Le2 is beter. Zwart moet dan de toren ruilen met 22. …Td1+ of 22. …Td5 spelen.) 22…Txf4 23. g3?! (Anne speelt de zetten niet nauwkeurig, ook hier is veel beter 23. Le2.) 23…Tf3 24. Tbc1 Lb7 25. Lf1 Tf5 (De computer geeft nu zwart meer waarderingspunten.) 26. Td7 Kf8? (Een blunder. In de partij was het zwart gelukt zijn loper een toekomst te geven. Dit kon nu afgerond worden met 26. …c5 om de diagonaal te openen. Zwart laat zich afleiden door de sterke toren op d7 en de “plicht” om daar iets tegen te doen.)

27. Lg2! (Nu blijft zwarts loper het zorgenkindje.) 27…Lc8 (Na 27. …Ke8 komt sterk 28. Txb7! Txb7 29. Lxc6+ Td7 30. Td1 Tfd5 met goede vooruitzichten voor wit.) 28. Tc7 a5 29. a4! (Deze zet getuigt van het goede stellinginzicht van Anne Haast.) 29…La6 30. Txc6 (Materieel is het weer gelijk, maar wits stelling is positioneel veel beter.) 30. .. Ld3 31. b5 (Nu heeft wit een gevaarlijke gedekte vrijpion.) 31…Te5 32. Tc7 Lf5 33. c4 Te2 34. Td1 e5 35. Ld5 Le6 36. Lxe6 fxe6 37. b6! (Zwart is in grote problemen.)37…Tb2 38. c5 Ke8 39. Txh7 en wit wint zwarts toren van b8. Zwart geeft op.

1-0

9 Comments

  1. Avatar
    Hendrikom juli 30, 2014

    Bij die voor gevorderden heeft zwart twee zwartveldige lopers :)

  2. Avatar
    Lucas juli 30, 2014

    Dan is er dus een zwarte pion gepromoveerd op a1, c1 of d1 🙂

  3. Avatar
    wimw juli 30, 2014

    In Biel maakte Giri, opmerkelijk genoeg, een eind aan een ongeslagen reeks van 51 partijen van Maxime Vachier Lagrave, voor de Fransen MVL. Afgelopen zondagmiddag won MVL een snelschaaktoernooi op Corsica, waar Loek van Wely tweede werd, die daar als Corsicaan werd voorgesteld, omdat hij een Corsicaanse grootmoeder heeft.

  4. Avatar
    Lucas juli 31, 2014

    Het tijdmonster: een scherpe waarneming van Hans Böhm. Het huidige speeltempo is mensonwaardig, leidt tot onterende blunders, en berooft het edele schaakspel van zijn belangrijkste kenmerk: het uitsluiten van toeval.

  5. Avatar
    wimw juli 31, 2014

    Ja, het is erg jammer als mooi opgezette partijen in de eindfase, als er min of meer gevluggerd wordt, niet in stijl kunnen worden afgerond. Te denken valt aan meer extra tijd per zet, waardoor de basistijd wat korter kan zijn,

    maar je na die eerste 40 zetten nog redelijk wat denktijd overhoudt voor de rest van de partij. Ik vond het ook een anticlimax dat het NK-schaken in twee vluggertjes tussen van Wely en Tiviakov beslist werd.

  6. Avatar
    Klaas Schaak juli 31, 2014

    Volgens mij zijn klachten over tijdnood in het schaken van alle tijden (sinds de invoering van de schaakklok) en wat voor formule voor bedenktijd er ook gebruikt wordt, er zal altijd wel hier en daar geklaagd blijven worden over tijdnood. Maar ik vind het systeem dat je er per zet weer (bijvoorbeeld 30 seconden, maar liever meer) tijd bij krijgt, op zich een duidelijke verbetering met vroeger.

  7. Avatar
    JRV augustus 04, 2014

    De zetten waaraan Bohm een vraagteken geeft, betreffen zetnrs. 52, 42, 90, 99 en 78. Alleen van de eerste (zet 52) kun je zeggen dat deze waarschijnlijk is ingegeven door tijdnood (ik heb overigens geen kloktijden gecheckt). Op zet 42 heb je er ook in het nieuwe tempo net een half uur bijgekregen en op zet 90, 99 en 78 – in oude tempo’s was je dan ook al minstens zes uur aan het spelen – kan het even goed aan vermoeidheid liggen als aan tijdnood. Tot slot zijn niet alle stellingen even makkelijk.

  8. Avatar
    Dimitri augustus 04, 2014

    Stel dat ze in plaats van 30 seconden, tien minuten per zet hadden gekregen. Zou dan een partij van ruim honderd zetten (zonder pauze) op een veel hoger niveau worden gespeeld?

  9. Avatar
    MvanLeeuwen augustus 08, 2014

    "Schwartz-Paulsen, Leipzig 1979"

    Moet dit misschien 1879 zijn?

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.