Gespot 65: De ‘Miloloper’

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen.

Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.


Meer dan 35 jaar geleden woonde er een sterke schaker in Eindhoven, Milo Scheeren, genaamd. Hij was geen familie van een andere sterke schaker in deze contreien, Peter Scheeren. Als jeugdspeler ontpopte Milo zich al snel tot een sterk strateeg die zeer moeilijk te kloppen bleek en zich pijlsnel in de picture speelde. Een tijdlang was hij een belangrijke steunpilaar voor het eerste team van de Eindhovense schaakvereniging dat toentertijd in de hoofdklasse uitkwam. Maar degenen die Scheeren een mooie schaakcarrière voorspelden kwamen bedrogen uit.

De maatschappelijke loopbaan kreeg de voorrang en toen hij het bridgespel had ontdekt, hing hij het schaakbord aan de wilgen. Wel liet hij een belangrijk openingsidee na tegen het Grünfeld-Indisch dat tot op de dag van vandaag springlevend blijkt te zijn. Na de zetten 1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 d5 speelde Milo Scheeren steevast 4. Lg5. Na het gebruikelijke 4… Pe4 ging hij altijd verder met 5. Lh4. ‘De loper staat daar bijzonder sterk’, zei hij altijd en in veel van zijn partijen kreeg hij gelijk. Zijn teamgenoten bij Eindhoven noemden de loper op h4 gekscherend de “Miloloper” omdat hun teamgenoot er groot succes mee had. Wat is nu eigenlijk het belangrijkste idee achter die loper op h4? Na het plausibele vervolg

5… Pxc3 6. bxc3 c5 7. e3 Pc6 8. Pf3 Lg7 9. Le2 dxc4 10. Lxc4 O-O 11. O-O ontstaat de volgende diagramstelling:

Dit zou gezien kunnen worden als een soort basisstelling van het systeem met Lg5. Een van de standaardideeën van zwart is om wit een pionnencentrum te geven, zodat hij dat later kan proberen te ondermijnen. In de afruilvariant staan er witte pionnen op d4 en e4 en dan opent zwart de aanval op d4 met al zijn krachten. Omdat de druk op d4 snel zo groot kan worden, vond Milo Scheeren het idee met Lg5 meer passen bij deze gedachte. Wit heeft namelijk zijn pion op d4 goed gedekt met pionnen op c3 en e3. Wil zwart dat verder aantasten, zal hij ooit met de breekzet … e7-e5 moeten komen. Op dit moment is dat al bezwaarlijk: de loper op h4 pent pion e7. Maar zelfs als de zwarte dame aan de kant gaat om de opmars mogelijk te maken, ondervindt zwart ook de nodige problemen: hij wil vaak ook een toren naar d8 spelen en dat is met de loper op h4 meestal onmogelijk. Daarom liet Milo die loper zo graag op h4 staan. Zijn commentaar was dat hij in vluggertjes heel wat torens op d8 heeft geslagen…

Zelf werd ik door hem in een ver verleden opzij gezet met zijn systeem. Een les die mij nog lang bleef heugen.

Scheeren, Milo – Grooten, Herman, 1977.

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 d5 4. Lg5 Pe4 5. Lh4 Pxc3 6. bxc3 c5 7. e3 Lg7 8. Pf3 Pc6 9. Le2 O-O 10. O-O dxc4 11. Lxc4 Lg4 12. Tc1 Dc7 13. Le2 e5

Hier was ik als zwartspeler redelijk tevreden met mijn openingsbehandeling. Het sterke witte pionnencentrum moet aan twee kanten aangevallen worden en dat is gelukt. Maar inmiddels bekroop mij ook een onaangenaam gevoel. Om de druk op het punt d4 verder op te voeren, is het toch wel heel wenselijk als er een toren naar d8 gespeeld kan worden. En dat behoort voorlopig toch nog even tot de onmogelijkheden, zolang die vermaledijde loper op h4 zijn post handhaaft.

14. Pxe5

Dit levert in principe weinig voordeel op. Op 14. d5 was ik natuurlijk 14…e4 van plan. Wit kan dan een pion winnen met 15. dxc6 exf3 16. gxf3 Lh3 17. cxb7 Dxb7 18. Te1 maar zwart heeft behoorlijk compensatie hier.

14…Lxe2 15. Dxe2

15…Lxe5

Een wat onorthodoxe ruil waar ik patent op had. De voorliefde voor het paard ten opzichte van de loper is na al die jaren wat verwaterd… De ‘normaalzet’ is hier natuurlijk 15…Pxe5 om na 16. dxe5 Lxe5 te spelen. Het lijkt me nu – anno 2014 – dat zwart geen problemen heeft, hoewel wit toch ergens op kan spelen. Dat zien we ook in de partij.

16. dxe5 Dxe5

In deze stelling lijkt zwart oké te staan, maar vanaf hier voert de witspeler met ijzeren hand een volstrekt logisch plan uit: het mobiliseren van zijn pionnenmeerderheid op de koningsvleugel.

17. e4! Tfe8 18. f3 De6

Zwart wil graag op de witte velden zien binnen te komen, maar dat blijkt niet te lukken. Beter was 18…b6

19. Tfe1!

Weer heel consequent. Pion e4 krijgt extra dekking en daardoor behoort f3-f4 ineens tot de mogelijkheden.

19…c4 20. f4

Wit vervolgt zijn plan.

20…f6 21. Df2 Df7 22. Tcd1

Hier blijkt al een van de problemen voor zwart met de Miloloper: er kan geen toren naar d8 omdat pion f6 dan gepend staat:

22…Df8

Zwart wordt letterlijk en figuurlijk met de rug tegen de muur gezet.

22…Tad8?! 23. Txd8 Txd8 24. e5 met voordeel voor wit.

Achteraf gezien was het de hoogste tijd om iets proberen te doen tegen die irritante loper op h4. Dat lijkt te kunnen met 22…h6 maar nu blijkt dat tactisch te falen: 23. Td6! Te6 [23…g5 werkt niet 24. fxg5 fxg5 (zie analysediagram)

25. Txh6! gxh4 26. Th8+ met winst.]

23. Db2

Een mooie zet, waar Milo ook om bekend stond: het switchen van vleugel. Er was niets op tegen om met de toren de zevende rij te enteren: 23. Td7! Te7 24. Txe7 Dxe7 25. e5 en zwart krijgt grote problemen.

23…g5?!

Deze vlieger gaat niet op. 23…Tab8 24. Db5 Df7 25. Td6 zou zwart ook al bijna in onoverkomelijke moeilijkheden brengen.

24. fxg5 fxg5 25. Lxg5 Dg7 26. Lf4

Niet slecht, maar nu leeft zwart nog een klein beetje. De weerlegging was 26. Te3!

26…Dg4?

Dat kan de stelling niet meer hebben. Maar dan ook alleen met 26…Pe5

27. Dxb7 Tac8?!

Na deze zet gaat het hard. Maar ook na 27…Dxf4 28. Dxc6 Tac8 29. Dd5+ Df7 30. Dg5+ Kh8 31. Td6 is ook uit.

28. Td7 Dh4 29. Tg7+ Kh8 30. g3 Dh3 31. Tg5 Te7

32. Dxe7!

En een mooi slot!

1-0

Dat was een harde les. Die mij echter vele jaren later deed besluiten om het systeem ook maar te adopteren. En ik heb er vele interessante partijen – niet allemaal even goed overigens – mee gespeeld. Maar toen ik er een keer mee won van een grootmeester, die ook bekend stond als een Grünfeld-kenner, kon ik toch zeggen dat de les van Milo Scheeren me geholpen heeft.

Grooten, Herman – Mikhalevski, Victor

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 d5 4. Pf3 Lg7 5. Lg5 Pe4 6. Lh4 Pxc3 7. bxc3 c5 8. e3 Pc6 9. Tc1 dxc4 10. Lxc4 O-O 11. O-O Lf5 12. Te1 Tc8 13. Da4 Dc7

14. Da3!

Dit was ook een van de ideeën die ik meegekregen had. De dame probeert iets af te dwingen in het centrum.

14…Lg4 15. Pd2 Pa5 16. Lf1 e5

Elke Grünfeld-speler zal graag deze zet willen spelen. Hij blijkt echter hier op behoorlijke bezwaren te stuiten.

17. Pe4! c4?

Een lelijke fout, waarna wit een fantastische stelling krijgt. Ook na het relatief betere 17…b6 18. Pf6+ Lxf6 19. Lxf6 heeft wit groot voordeel.

18. Pf6+ Lxf6 19. Lxf6 e4

Hier kunnen ze constateren dat zwarts strategie volkomen mislukt is. Hij heeft het witte centrum niet kunnen aantasten en is ondertussen ook zijn zwartveldige loper kwijtgeraakt.

20. Le7 Tfe8 21. Ld6 Dd8 22. Lb4 b6

23. Lxa5

Met pijn in het hart neem ik afscheid van de ‘Miloloper’!

23…bxa5 24. Tb1 Dd5

Min of meer gedwongen. Maar nu verovert wit de b-lijn. 24…Tb8 25. Txb8 Dxb8 26. Lxc4 gaat meteen mis.

25. Tb2! Ld7 26. Le2 Iets handiger is 26. Teb1!

26…Lc6 26…Tb8

27. f4!

Wit gooit de koningsvleugel in het slot.

27…Tcd8 28. Teb1 Kg7 29. Ld1 g5

Dat is de kat op het spek binden!

30. Tf2!

Wit gooit het ineens over een andere boeg.

30…Tb8 31. Tbb2 Tb6 32. fxg5!

Nu krijgt wit ook spel op de andere kant van het bord.

32…Dxg5

33. Tf4?! Nauwkeuriger is 33. Txb6 axb6 34. Dd6 Ld5 en dan het scherpe 35. h4! Dd8 36. Dg3+ Kh8 gevolgd door 37. Tf5! hetgeen vrijwel winnend was geweest.

33…Kh8?

Maar na deze blunder grijpt wit alsnog zijn kans. Met 33…De7! kon zwart op de been blijven.

34. Txb6 axb6 35. Dd6 Te6 36. Df8+ Dg8 37. Dxf7 Dxf7 38. Txf7 Kg8

De rest is techniek, maar het moet nog wel even gewonnen worden…

39. Tf5 b5 40. d5 Td6

41. dxc6!

Wit wikkelt af naar een gewonnen toreneindspel.

41…Txd1+ 42. Kf2 Td6 43. Tc5 Td8 44. Txb5 Kf7 45. Txa5 Ke7

Hier vroeg ik me af waarom er niet opgegeven werd, de druiven waren kennelijk zuur…

46. Te5+ Kd6 47. Txe4 Ta8 48. Txc4 Txa2+ 49. Kf3 Kc7 50. Th4 1-0

De partijen via de viewer:

Meer weten over het Grünfeld-Indisch? Klik op de artikelen die in Schaakmagazine zijn gepubliceerd en ook al verschenen op Schaaksite.

Grünfeld-Indisch 1 en Grünfeld-Indisch 1.

(Bron van de foto: Bluecielo management Team)

Over Herman Grooten

Herman is ruim 40 jaar schaaktrainer. Hij verzorgde lange tijd de schaakrubrieken in Trouw en het ED. Daarnaast was hij Topsportcoördinator bij de KNSB en is hij auteur van diverse schaakboeken en werkt hij voor Schaaksite. Klik hier voor series die hij op Schaaksite heeft gezet.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.