Schaakrubrieken weekend 11 oktober 2014

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.

Hans Ree Gert Ligterink Hans Böhm Bab Wilders Johan Hut Rini Kuijf Henk Prins

Hans Ree

Eindelijk verlies voor Fabiano Caruana

José Raúl Capablanca, die wereldkampioen was van 1921 tot 1927, verloor in zijn goede tijd bijna nooit een partij. In zijn boek My Great Predecessors schreef Garri Kasparov, of een assistent, dat toen Capablanca in 1927 in zijn match in Buenos Aires tegen Alexander Aljechin twee partijen achter elkaar verloor, daar toen werd verteld dat iemand die niet spreken kon na het horen van dit bericht had uitgeroepen: „Dat kan niet waar zijn!” Vervolgens had de man zijn herwonnen spraakvermogen weer verloren door verdriet.

Ik denk niet dat dit echt gebeurd is, maar apocriefe anekdotes kunnen de waarheid liegen. Capablanca had van 1916 tot 1924 63 serieuze partijen achter elkaar gespeeld zonder te verliezen, waardoor hij in die jaren als een bijna volmaakte machine werd beschouwd. Als wereldrecord is het al lang gebroken, want Michail Tal speelde in 1973 en 1974 een serie van 95 partijen zonder nederlaag, een bijna onvoorstelbare prestatie.

Tot afgelopen donderdag had Fabiano Caruana 27 partijen achter elkaar gespeeld zonder nederlaag. Bij lange na geen record, maar bijzonder was het wel. Opeens was het niet duidelijk meer wie de beste schaker ter wereld is, wereldkampioen Magnus Carlsen of hij.

Donderdag verloor Caruana in de zevende ronde van het Grand Prix toernooi in Bakoe van Dmitri Andreikin, de zwakste van het toernooi, al is bij deze reuzen het woord zwak eigenlijk niet op zijn plaats.

De vier Grand Prix toernooien, waarvan dit het eerste is, spelen een rol voor de kwalificatie voor het WK van 2016, maar hoe dat precies in elkaar zit is te ingewikkeld om hier uit te leggen. Het is een ijzersterk toernooi op zichzelf, dat is voorlopig genoeg.

Na de ronde van donderdag stonden Caruana (22) en Boris Gelfand (46) samen bovenaan; de jongste en de oudste deelnemer. Hun onderlinge partij was na een fel gevecht remise geworden.

Fabiano Caruana – Boris Gelfand, Grand Prix Bakoe 2014

1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 a6 6. f3 e5 7. Pb3 Le6 8. Le3 h5 9. Dd2 Pbd7 10. Pd5 Lxd5 11. exd5 g6 12. Le2 Lg7 13. Pa5 Dc7 14. c4 e4 Een verfijning ten opzichte van eerdere partijen, waarin zwart eerst rokeerde. In sommige varianten is het gunstig om de toren nog op h8 te hebben. 15. 0-0 exf3 16. gxf3 Een lichte verzwakking van zijn koningsstelling, maar zo houdt wit zwarts paard van g4 af. 16…0-0 17. b4 Tfe8 18. Tac1

18…Txe3Een kwaliteit wordt makkelijk geofferd tegenwoordig, al krijgt zwart misschien net niet genoeg compensatie. Ook Caruana had dit offer thuis al eens op zijn scherm gehad. 19. Dxe3 Te8 20. Dd2 Kh7 21. Pb3 Lh6 22. f4 Pe4 23. De1 Pdf6 24. Ld3 Dd7 25. Tc2 Dh3 Een interessante zet was ook 25…b5. 26. Dd1 Sterker was 26. De2, waarna zwart niet helemaal genoeg heeft voor de geofferde kwaliteit. 26…Lxf4 Dit kan vanwege de variant 27. Txf4 De3+ 28. Tcf2 Pxf2 29. Txf2 Pg4 30. Df3 Pxf2 31. Dxf2 Dxd3 32. Dxf7+ Kh6 en het wordt remise. 27. Df3 Dxf3 28. Txf3 Pg5 29. Tf1 Na 29. Txf4 komt 29…Ph3+. 29…Te3 30. Pc1 Pg4 31. c5 Zwart heeft actieve stukken, maar nu speelt wit ook een troef uit. 31…dxc5 32. bxc5 Te8 Gelfand zei later dat hij in paniek was geraakt. Na 32…Le5 zou hij lang niet slecht staan. 33. h4 Hier had wit met de koelbloedige zet 33. Kh1 in het voordeel kunnen komen. 33…Te3 Een grappige zet. Nu g3 onbeschermd is, neemt zwart zijn vorige zet terug om eeuwig schaak te geven. 34. hxg5 Er is niets beters voor wit. 34…Tg3+ 35. Kh1 Th3+ 36. Kg2 Tg3+ 37. Kh1 Th3+ Remise

Gert Ligterink

Er is maar één parel, en die behoort Euwe toe

Groot enthousiasme over een schaakpartij zou een verslaggever moeten dwingen zich in te houden. Toen Kasparov in het Hoogovenstoernooi van 1999 tegen Topalov een buitengewoon diepzinnige combinatie componeerde, vergat ik die waarschuwing. In de Volkskrant had ik het over ‘absolute schoonheid’ en noemde ik het meesterwerk ‘De parel van Wijk aan Zee.’ Jan Mulder wist wel raad met deze grote woorden. Een dag later schreef hij in zijn column: ‘Op het moment van de absolute schoonheid wandel ik in Bussum op de Brediusweg nietsvermoedend de haat van mijn toekomstige kleinkinderen tegemoet: ‘Nee jongens, opa was er niet bij’. Er was nog een reden om voorzichtiger te zijn. De eretitel parel had voor altijd exclusief verbonden moeten blijven met de ‘Parel van Zandvoort’, de bijnaam die in 1935 werd gegeven aan de door Euwe gewonnen 26ste partij van de WK-tweekamp tegen Aljechin. Wie al te gemakkelijk strooit met parels en briljanten, zal merken dat die woorden snel betekenisloos worden.

Maar het kwaad was geschied met als gevolg dat de parel de laatste vijftien jaar vaker is opgedoken dan mij lief is. In het tijdschrift Schach kwam hij onlangs voorbij als de Parel van Bilbao. Het bleek te gaan om een partij die Alexander Grisjoek in het toernooi om de Europa Cup voor clubteams won van de Israëliër Maxim Rodshtein. Toegegeven, het is een schouwspel dat de moeite waard is. Maar een vergelijking met de parel van Euwe en – vooruit – die van Kasparov is ongepast.

Grisjoek – Rodshtein Bilbao 2014

1. Pf3 d5 2. g3 c6 3. Lg2 Lf5 4. c4 dxc4 5. Pa3 e5 6. Pxc4 e4Een ongewoon, maar niet onbekend begin. De witspelers kozen in het verleden voor 7. Ph4 en 7. Pg1.7. Pfe5 Na deze zet dacht Rodshtein veertig minuten na. Het paard hangt op e5 in de lucht, maar kan niet worden veroverd. De directe poging 7 … f6 wordt beantwoord met 8. Pe3.

7 …Dc7 8. d4 f6 9. Pe3 Le6 10. P5c4 f5 11. 0-0 Pf6 12. f3! exf3 13. Txf3 g6 Noodzakelijk. Na de ontwikkelingszet 13 … Pbd7 speelt wit 14. Txf5! (14. Pxf5? Lxc4) 14 …Lxf5 15. Pxf5, gevolgd door 16. Lf4

met prachtig spel voor de geofferde kwaliteit.

14. g4! Grisjoek dacht ook na over het stukoffer 14. Pxf5 gxf5 16. Lf4,gevolgd door Tf3-e3. De tekstzet is

veiliger en sterker. 14 … f4 Niet 14 … Pxg4? 15. Pxg4 fxg4 16. Dd7 17. Db3.15. g5 Ph5Niet goed is 15 … fxe3? 16. Txe3, maar 15 … Pe4 is volgens Grisjoek interessant. Hij was van plan verderte gaan met 16. Pg4! Lxc4 17. Dc2 Ld5 18. Txf4 Pg5 19. Pf6+ Kd8 20. Pxd5 cxd5 21. Txf8+! Txf8 22. Lxg5+ Kc8 23. Lh3+ Pd7 24. De3 Kb8 25. Tc1 Dd6 26. De3 en wit wint.

16. d5! cxd5 17. Pxd5 Dc5+ Na 17 … Dxc4 zou wit zijn verdergegaan met 18. Tc3 Lc5+ 19. e3! fxe3 20. Lxe3! Lxe3+ 21. Kh1, na een zwarte damezet gevolgd door 22. Pc7+.

18. Pce3! fxe3? Hoe fantasierijk wit ook heeft gespeeld, na 18 … Lg7 zou de afloop onzeker zijn gebleven, al

staat wit volgens Grisjoek na 19.b4 duidelijk beter. 19. b4 Dd6 20. Txe3 Pa6 Tot een mooi slot leidt 20 … Kf7 21. Lb2 Lg7 22. Df1+ Kg8 23. Txe6 Dxe6 24. Pe7+ Dxe7 25. Ld5+. 21. Lb2 Lg7 22. Pf6+ Zwart geeft op.

Hans Böhm

Isle of Man

Isle of Man is een onafhankelijk eiland, geen onderdeel van het Verenigd Koninkrijk, geen lid van de Europese Unie met eigen postzegels, eigen munt en een eigen belastingstelsel. Vooral dat laatste gegeven trekt veel aandacht van bedrijven die zich graag als brievenbus willen vestigen: Isle of Man is een modern belastingparadijs. Niet zo vreemd dus dat de grootste pokersite PokerStars daar zijn hoofdkantoor heeft staan en dat er regelmatig toernooien plaatsvinden. Ik speelde in een van de grote casino’s eens een backgammon toernooi. Goede herinneringen: wie zich in Monaco verbaast over het verval van de ‘oude glorie’ kan zich daar in de ‘moderne glorie’ wentelen.

Momenteel loopt er een sterk bezet Open schaaktoernooi op dit eiland en tegelijkertijd een pokertoernooi. Wij beperken ons tot de strijd op de 64 velden. Er zijn drie groepen: De Masters (73 deelnemers), De Hoofdgroep (14) en De Beginners (23). Er moet iets mis zijn gegaan bij de aanmeldingen voor de verschillende groepen. Onder de deelnemers bevinden zich 60 titelhouders waarvan 30 grootmeesters. Nederland wordt in de hoogste groep vertegenwoordigd door Sergei Tiviakov, Jorden van Foreest, Marcel Peek, Gerard Welling, Hans Groffen, Jeroen van den Bersselaar, Ludo Tolhuizen, Colin Boelhouwer en Kedem Gutkind. Tiviakov heeft een druk jaar, hij reist daarin drie keer de wereld rond ( “Ongeveer 130.000 kilometer, als we mijn komende toernooien meetellen”; we speelden daags ervoor nog een simultaan in Hoogeveen voor een scholengemeenschap).

Tiviakov heeft een zeer goede stijl voor de Open toernooien: origineel en gepointeerd in de openingsfase gepaard aan een uitstekende techniek. Zie hoe Bryan Smith, een Amerikaanse grootmeester met Elo 2490, wordt weggeblazen alsof hij er niet staat.

S. Tiviakov – B. Smith

1.e4 c5 2.Pf3 d6 3.Lb5 Pc6 4.0-0 Ld7 5.Te1 Pf6 6.c3 a6 7.La4 c4 8.Lc2 Pg4 9.b3 b5 10.De2 Pce5 11.Pxe5 Pxe5 12.f4 Db6+ 13.Kh1 Pg4 14.Tf1 g6

Eindelijk gaat zwart iets aan de ontwikkeling van zijn koningsvleugelstukken doen maar het is al te laat, hij verliest aan de andere kant.

15.bxc4 bxc4 16.Pa3 Tc8 17.Pxc4 Txc4 18.Dxc4 Pf2+ 19.Txf2 Dxf2 20.La3 e6

Wit heeft natuurlijk vele opties om zijn enorme voorsprong in ontwikkeling om te zetten in een beslissende aanval, zoals 21.Dxa6 Dxd2 22.Da8+ Ke7 23.e5 of 21.La4 Lxa4 22.Dxa4+ Kd8 23.Dxa6 en 24.Tb1. Terwijl Tiviakov zat te genieten van de ruime keuze, gaf zijn tegenstander maar gewoon op.

Jorden van Foreest is Internationaal Meester en een van onze getalenteerde jeugdspelers. Hij is op jacht naar de volgende horde: het grootmeesterschap. In de eerste ronde van de nationale competitie speelde hij remise tegen Erwin l’Ami (ongeveer nummer 100 op de wereldranglijst) en op Isle of Man speelde hij in de tweede ronde tegen Nigel Short (in 1993 nog de uitdager van Gary Kasparov maar tegenwoordig ook rond plaats 100).

J. van Foreest – N. Short, na 22.Pf1-g3

Zwart gaat een grootscheepse ruil in waarbij hij een pion wint maar het blijkt niet voldoende voor de winst.

22…Pxe4 23.Lxe4 Lxe4 24.Txe4 Lxb2 25.Txe6 fxe6 26.De2 Le5 27.f4! Lxf4 28.Dxe6+ Kg7 29.Pe4 Tc7 30.Dg4 Tf7 31.De2 Le5 32.Dd3 Tf4 33.De3 De7 34.Te1 Df7 35.Td1 De7 36.Te1 Dd7 37.Pc5! dxc5

Kennelijk zag Short geen heil meer in 37…Df7 38.Pe4 Df5; nu staat hij zelfs niet meer ‘ietsje beter’.

38.Dxe5+ Tf6 39.Dxc5 Te6 40.Tf1 Dd6

remise. Een prima resultaat voor Jorden! In de derde ronde kreeg hij het nog zwaarder: Michael Adams, Elo 2760, nummer twaalf op de wereldranglijst.

M. Adams – J. van Foreest

1.e4 e5 2.Pf3 Pvc6 3.Lb5 a6 4.La4 Pg-e7

Een systeem dat in het repertoire zat van ex-wereldkampioen Vassily Smyslov.

5.c3 g6 6.d4 exd4 7.cxd4 b5 8.Lc2 d5 9.exd5 Pb4 10.Lb3 Pbxd5 11.0-0 Lg7 12.Lg5 Dd6 13.Pb-d2 Lf5 14.Te1 0-0 15.Tc1 Ta-e8 16.Pe4 Lxe4 17.Txe4

De opening is voorbij en zwart staat stevig maar de vraag is: hoe nu verder? De volgende zet en het speelplan dat daarachter steekt, is cruciaal. Met de zinvolle wachtzet 17…Kh8 houdt hij alle opties open. Jorden dacht terecht lang na maar blunderde met

17…f6? 18.Lf4!

Wit maakt direct gebruik van de penning van Pd5, er gaat nu een pion verloren en daarmee de partij.

18…Dd8 19.Lxc7 Da8 20.Txe7 Txe7 21.Tc5

en zwart gaf op omdat de penning wordt herhaald na 21…Td7 22.Lxd5 Txd5 23.Db3. Tiviakov is de trainer van Jorden, dus zij hebben in de mooie avonduren dit pijnlijke verlies omgebogen tot een leerzame les.

naschrift.

Een van mijn meest oplettende lezers kwam met de volgende correcte reactie:

In je schaakrubriek in de Telegraaf schrijf je bij de partij van Jorden van Foreest tegen Nigel Short na Short’s 37. .., dxc5: “Kennelijk zag Short geen heil meer in 37 .., Df7 38. Pe4, Df5.”

Maar Short moest het witte paard op c5 wel slaan, omdat wit na 37. .., Df7 (of f5) de kwaliteit wint met 38 Pe6+! (38.., Dxe6 39. Dxf4)

Short’s zet 36. …, Dd7 moet van een vraagteken worden voorzien, omdat die de zet 37 Pc5! toelaat met remise; met 37. .., Tf5 had Short zijn voordeel kunnen vasthouden.

Met schaakgroeten,

Henk Treur

Kijk, dat zijn nou van die reacties waar je wat aan hebt. Hartelijk dank. Hans Bohm

Bab Wilders

Schakers weten wel dat de bekers die soms op toernooien worden uitgereikt op zijn zachts gezegd nogal merkwaardig kunnen zijn maar de trofee die aan de winnaar van het Britse kampioenschap is gegeven lijkt zo weggelopen uit een griezelfilm. Dit naar aanleiding van de voorkant van het september nummer van CHESS (www.chess.co.uk) waarin natuurlijk ook een verslag van dit kampioenschap in Aberystwythl, een naam die de Engelse leraar van mijn kleindochter probleemloos uitspreekt. Veel schaaknieuws waaronder een verslag van Dortmund 2014 waarin Caruana vast een voorproefje liet zien van de Sinquefield Cup door met 5 ½ uit 7 te zegevieren. Find the winning moves is altijd een leuke rubriek , de opgaven lopen van simpel naar zeer ingewikkeld. (gelukkig geven ze ook de oplossingen) Er valt niets origineels meer te zeggen over Daniel King met How good is your Chess? Alleen dat de partij, Motylev – Vachier Lagrave, het naspelen met deze methode meer dan waard is.

Interessant is ook het artikel over John Healy, de man die het schaken leerde in de gevangenis van zijn celgenoot en het veranderde zijn leven alsof hij een bovennatuurlijke ervaring had gehad. Hij schreef daarover in The Grass Arena. Leuk ook de omgekeerde Fajarowicz (1. Pf3 d5 2. b3 c5 3. e4!) met veel interessante varianten, voor wie eens iets nieuws wil proberen. Kortom, ook dit nummer van CHESS is weer een bewijs van de stelling dat de liefhebber met dit blad weer vele genoeglijke uurtjes kan doorbrengen, zoals vroeger vaak beweerd van het blad Moeder…. Dan nu weer naar de wonderbaarlijke prestatie van Caruana bij de Sinquefield Cup : de 7-0 had zelfs 8-0 kunnen zijn als Caruana in de achtste partij Tfd1 i.p.v Tcd1 had gespeeld, het bekende probleem van de verkeerde toren. In de zevende ronde werd Topalov opgeknoopt, toch wel degelijk een ex-wereldkampioen.

Caruana – Topalov 1. e4 c5 de Siciliaan, tegenwoordig het populairste antwoord op 1.e4. 2. Pf3 e6 3. d4 exd4 4. Pxd4 Pc6 5. Pc3 a6 6. Pxc6 bxc 7. Ld3 d5 8. 0-0 Pf6 9. Te1 Le7

Bij het volgen op CHESS24 kon je gelijk zien wat de computer er van vond maar dat klopte ook niet altijd, soms veranderde de waardering aanzienlijk terwijl de spelers aan het nadenken waren. Na zet 9 oordeelde het apparaat: white slightly better. 10. e5 Pd7 11.Dg4 Kf8 Waarom niet gewoon g6?

12. Pa4 Da5 13. Te2 h5 14. Df4 g5 het wordt tactisch al aardig ingewikkeld 15. Ld2 Dc7 (beter gxf)

16. Dg3 h4 17. Dg4 nu had Topalov gelijk spel kunnen bereiken met h3 maar hij kiest voor Tg8, staat nu slechter 18. Tae1 c5 19. c4 dxc 20. Lxc4 Lb7 21. h3 Td8 22. Lc3 Pb8 ook weer niet zo sterk 23. Te3 Pc6? 24. Lxe6 (wit staat gewonnen en na 24 ..Td4 kan zwart spartelen) Echter: 24..fxe? Door dit soort zetten, ook in de voorgaande partijen,spraken sommigen schertsend over hypnose. 25. Tf3+ Ke8 26. Dxe6 Tg7? 27. Dh6 Pd4 had een zet eerder gemoeten 28. e6 Pf3+ 29. gxf Lf8 (Df4 beter maar ook hopeloos) 30. Dh5+ Ke7 31. Lxg7 1-0 (31..Lxg7 32. Df7+ Kd6 33.e7 Le5 34. exd8D+ Dxd8 35. Dxb7 Da5 36. Db8+ enz.)

Probleem 2498 is van de bekende componist John Rice. een tweezet:

Johan Hut

Van Kampen op jacht naar wereldgoud

Een nieuwe mijlpaal voor Anish Giri: op de wereldranglijst van 1 oktober staat hij op de zevende plaats. Slechts vier Nederlanders voor hem stonden in de top tien. Uiteraard Max Euwe, al werden er in zijn tijd nog geen officiële ranglijsten opgesteld. Jan Timman stond in 1982 op de tweede plaats en bleef daarna nog langdurig in de top tien staan. Jeroen Piket stond even op tien, nadat hij in 1994 een toernooi in Dortmund had gewonnen voor Karpov en Kortchnoi. Loek van Wely stond in 2001 even op plaats tien. Giri staat nu hoger dan Piket en Van Wely hebben gestaan. Belangrijker dan dat tijdelijke getal van zeven is de vraag of hij het ook langer in de top tien volhoudt.

Giri’s leeftijdsgenoot Robin van Kampen staat op de vijfde plaats van Nederland en op plaats 126 van de wereld. Op hem zijn op dit moment vele ogen gericht, hij neemt deel aan het wereldjeugdkampioenschap in India. Als dat toernooi ooit eens door een Nederlander zou worden gewonnen, zou dat nog meer indruk maken dan Giri’s zevende plaats op de wereldranglijst. Dimitri Reinderman in 1992 en Rudy Douven in 1979 werden gedeeld derde, maar kregen de bronzen medaille niet. Lex Jongsma in 1957 en Jan Timman in 1967 kregen die wel. Rob Hartoch in 1965 en Roy Dieks in 1973 wonnen zilver. Als er ooit een Nederlander goud wint, zal zijn naam met grote letters in de Nederlandse schaakgeschiedenis worden bijgeschreven. Maar het is zwaar, een lang toernooi met veel onbekende, jonge tegenstanders die sterker zijn dan hun prestaties tot nu toe doen vermoeden. Van Kampen begon goed, met een leuke overwinning op een, inderdaad, onbekende Zwitser.

Rindlisbacher-Van Kampen

1.d4 Pf6 2.c4 e6 3.Pf3 d5 4.g3 Lb4+ 5.Ld2 Ld6 6.Lg2 c6 7.Dc2 Pbd7 8.0-0 0-0 9.Td1 Pe4 10.Pc3 f5 11.Lf4 Lxf4

Bij deze pionnenstelling is deze ruil gunstig voor wit. Je wilt je loper namelijk niet op de kleur van je eigen pionnen hebben.Lc8 is dus zwak. Maar zo subtiel gaat deze partij niet worden. In tegendeel, die zwakke loper op c8 wordt straks een held. Dat kun je in dit stadium nog niet voorzien.

12.gxf4 De7 13.e3 b6 14.cxd5 cxd5 15.Lf1

Waarschijnlijk bedoeld om de zwarte zet La6 tegen te houden. Wit denkt kennelijk ook: houd die loper lekker zwak.

15…a6 16.Pxe4 fxe4 17.Pe5 Pxe5 18.dxe5 g5

Je zou ook aan een zwarte actie over de c-lijn met Lb7 en Tc8 kunnen denken, maar deze zet is logisch. Zwarts koning heeft niets te vrezen, de witte lijkt iets meer gevaar te lopen.

19.Tac1

Dan wit maar over de damevleugel en daar krijgt hij inderdaad sterk spel.

19…gxf4 20.exf4 Txf4 21.Dc6 Lb7 22.Dxb6 Kh8 23.Lh3 Tg8+

24.Kh1

De koning gaat in de diagonaal van Lb7 staan, maar dat doet wit omdat hij Tc7 al, onterecht, als redding voorziet. Na 24.Kf1 is bijvoorbeeld 24…Dh4 heel mooi voor zwart.

24…d4

Natuurlijk. Het probleem van de loper die tegen zijn eigen pionnen aankijkt wordt in één klap opgelost. Maar dan moet zwart wel over het volgende witte antwoord nadenken.

25.Tc7

25…Ld5

Een dameoffer, omdat de zwakke loper een superloper is geworden. Wit neemt het maar aan, hij heeft ook geen redding meer. Op Txd4, om Ld5 eraf te slaan, volgt Dg5.

26.Txe7 e3+ 27.Lg2 Lxg2+ 28.Kg1

Wit geeft het op, zonder het antwoord exf2 (mat) af te wachten.

Rini Kuijf

Voor beginners A6528

Wat moet zwart aan zet doen?

Voor gevorderden B6528

Wit aan zet gaat verder met?

Henk Prins

Aan het slot van de olympiade in Tromso (Noorwegen) werd bekendgemaakt dat de Hongaarse Judit Polgar met het wedstrijdschaak gaat stoppen. Het Hongaarse team waarin zij speelde, wist in dat toernooi overigens de tweede plaats te bereiken, achter China.

Judit bereikte al op 15-jarige leeftijd de algemene grootmeestertitel. Zij speelde bij de mannen, omdat haar niveau veel hoger lag dan dat bij de vrouwen. In 2005 was ze nummer 8 op de wereldranglijst. Polgar staat al jaren als eerste bij de vrouwen op de wereldranglijst. De wereldkampioen bij de vrouwen, Hou Yifan, staat daar niet ver meer onder. Het is jammer dat Polgar al zo vroeg – ze is 38 jaar- met schaakpensioen gaat. In de wereldcup van 2011 deed Polgar van zich spreken door topgrootmeester Karjakin uit te schakelen.

Polgar – Karjakin

1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. Lb5 Pf6 4. O-O Pxe4 5. d4 Pd6 6. Lxc6 dxc6 7. dxe5 Pf5 8. Dxd8+ Kxd8 9. Pc3 Ke8 10. h3 h5 11. Td1 Le7 12. Pe4 Ld7 13. b3 h4 14. Lg5 Td8 15. c4 b6 16. Td2 Lc8 17. Txd8+ Kxd8 18. Td1+ Ke8 19. Lf4 (Eerder was de loper bedoelt om zwart van zijn loperpaar af te helpen. Judith denkt de loper nodig te hebben voor de ondersteuning van pion e5 en het binnendringen op de verlate damevleugel.) 19… c5 20. e6 (Dat was het plan.) 20… Lxe6 21. Lxc7 f6 22. Lb8 a6 23. La7 (23. Lc7 lijkt mij beter. Wit wint ook dan een pion na 23. …b5 24. Pxc5, niet 24. …Lxc5 wegens 25. Td8+ Kf7 26. Txh8.) 23… Ld8 24. Pc3 Kf7?! (Karjakin doet het niet goed. Aangewezen is 24… Pe7 25. Pa4 Pc8 26. Lxb6 Pxb6.) 25. Pa4 (Pionwinst is definitief.) 25… b5 26. Pxc5 Lc8 27. cxb5 axb5

Dit levert een vrije a-pion op. 28. a4! bxa4 29. bxa4 Te8 30. Tb1 g5 31. Lb6 Le7 32. a5 Lxc5 (Karjakin streeft naar een eindspel met ongelijke lopers.) 33. Lxc5 Te6 34. Tb6 Pg7 35. Le3 Pf5 36. Tb8 Te8 37. Ta8? (Een slordigheidje. Beter is 37. Lc5.)

37… Lb7? (Hier had Karjakin 37. …Ld7 moeten spelen.) 38. Ta7 Te7 39. Lc5 Td7 40. a6 Lc6 41. Txd7+ Lxd7 42. Pd2! (Het paard gaat meehelpen.) 42… Ke6 43. Pc4 Lc6 44. Pb6 (Dit levert stuk winst op.) 44… Pd6 45. Lxd6! (Polgar heeft berekend dat het pionneneindspel gewonnen is.) 45… Kxd6 46. a7 Kc7 47. a8D Lxa8 48. Pxa8+ Kb7 Het paard is mat, maar wit wint aan de andere kant.) 49. f4! [Na 49. … Kxa8 50. fxg5 fxg5 51. Kf2 raapt de witte koning alle zwarte pionnen op.) 1-0

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.