Jobava wint Vlissingen (mede dankzij toreneindspeltechniek)

Baadur Jobava heeft met 8 uit 9 het Hogeschool Zeelandtoernooi in Vlissingen gewonnen. De Georgiër had een relatief matige start met remises in de vierde en vijfde ronde, maar door de rest van zijn partijen te winnen werd hij toch nog heel overtuigend winnaar. Op een half punt achterstand eindigde Jorden van Foreest ongedeeld tweede. Een sterke prestatie werd geleverd door de Utrechtse Middelburger Hugo ten Hertog: dankzij een overwinning op Loek van Wely eindigde hij op een met vijf andere spelers gedeelde derde plek. Ook de Groninger Jan Werle eindigde op zeven punten.

Bij het volgen van het toernooi viel het me op dat er in de laatste ronden diverse interessante toreneindspelen op de topborden te zien waren. Daarbij waren ook nog eens de nummers 1, 2, 4 en 6 van het toernooi betrokken, genoeg reden om de eindspelen te analyseren.

Voor Jobava was de overwinning in de achtste ronde tegen Sipke Ernst een cruciale. Hij had net twee jonge 2300-spelers tegen zich gehad, maar kreeg nu de eerste GM-tegenstander. Door deze partij te winnen pakte hij ongedeeld de leiding en die stond hij in de laatste ronde niet meer af.

 Toreneindspel 1: Jobava,Baadur – Ernst,Sipke

Toen ik de partij snel naspeelde, had ik het idee dat deze stelling te keepen moet zijn. Dat blijkt het inderdaad te zijn, al is het niet zo makkelijk.

49…Kg3

Een interessant alternatief is hier 49…Te2+! 50.Kd1 Te7! Het idee is een verbeterde versie van de partij te krijgen, waarin de toren naast ipv achter de pion staat en op g7 de zwarte koning tegen schaakjes kan beschermen. Een belangrijke pointe is 51.Tg8 (om Kg3 te voorkomen) 51…Te5 52.c6 Td5+! 53.Ke1 Te5+! en zodra de witte koning op de c-lijn verschijnt haalt Tc5+ de c-pion op.

50.c6 Kxh3 51.c7!

De enige kans, anders gaat zwart weer naast de pion staan. Zonder randpionnen (en met de zwarte koning op g7 of h7) is dit remise omdat de witte koning kan schuilen tegen schaakjes. Maar in deze stelling is die schuilplek er wel: veld a5, en dat pakt meteen een pion mee. Toch is de stelling nog remise.

51…Kh2 52.Kd1 Tc4 53.Ke2 h3 54.Kd3 Tc1 55.Kd4

55…Kh1?

Fout! Zwart had even moeten wachten met deze zet tot wit Kd5 doet, dus 55…Tc2 56.Kd5 Kh1. Het verschil met de partij is dat met de koning op d5 wit niet meteen de a-pion kan aanvallen met zijn toren. 57.Th8 (57.Kd6 h2 58.Th8 (58.Tg8 Txc7 59.Kxc7 pat) 58…Kg2 59.Kd7 Td2+ 60.Kc6 Tc2+ 61.Kb7 Tb2+ is remise omdat wit door de schaakjes geen tijd heeft c8D te dreigen.) 57…Txc7 58.Txh3+ Kg2 59.Th5 Kf3 60.Kd6 Tg7 61.Txa5 Ke4 In vergelijking met de partij staat de koning twee velden dichterbij (en de zwarte toren beter) en dat is genoeg voor remise.

56.Th8 Txc7 57.Txh3+ Kg2 58.Th5 Ta7 59.Kc5 Tb7 60.Kc6 Tb4 61.Txa5 Tg4 62.Ta8

Nu staat de zwarte koning te ver weg en is het wel gewonnen voor wit.

62…Kg3 63.Kb5 Tg5+ 64.Kb4 Tg4+ 65.Kb3 Kf4 66.Te8 Tg1 67.a5 Kf5 68.Kb4 Tb1+ 69.Kc5 1-0

Jorden van Foreest speelde t/m de achtste ronde een degelijk toernooi, maar hij had (afgezien van de op Schaaksite gepubliceerde verliespartij tegen Van Wely) nog niet veel tegenstand gehad. Zijn toernooi werd een goed toernooi door de overwinning in de laatste ronde op Sipke Ernst. Een ongedeeld tweede plek klinkt goed in dit veld, maar eigenlijk was zijn prestatie in Dieren (gedeeld derde) beter. Of is dat TPR-journalistiek?

Toreneindspel 2: Van Foreest,Jorden – Erwich,Frank

Uw engine stelt hier misschien 41.b7 voor. Dat is echter een zet die je alleen moet doen als het geforceerd wint. Dat is meestal makkelijk te berekenen: de zwarte toren moet dan de pion blijven aanvallen, de zwarte koning mag niet schaak gezet worden door de witte toren, de witte koning kan vrij over het bord zwerven, is er dan een veld waar hij heen kan gaan om een pion te winnen? Dat is er hier niet, het is niet realistisch dat de koning h7 gaat bereiken. Wit heeft nog een winstplan: met de koning naar de pion lopen.

Met de pion op b6 hoeft de zwarte toren de pion niet per se aan te vallen en die kan dus de pion op g2 (of een andere pion) slaan zodra die niet meer gedekt staat. Dan is het een race en het resultaat ervan bepalen vereist een boel rekenwerk. Zwart kan in een stelling als deze of afwachten of voor tegenspel gaan, dat laatste door koningsactiviteit of door een (potentiële) vrijpion te creëren. Hier staat de koning al redelijk actief (wat een tempo of twee scheelt bij een mogelijke wedloop) en de zwarte remisekansen zijn daardoor heel groot.

41.Tb7 Tb4

41…g5!? 42.hxg5 Kxg5 43.Tb8 h4+ 44.Kh3 en nu dreigt wit 45.b7 met winst van pion h4 en de partij, maar zwart heeft nog 44…Tb1! met matdreiging en na 45.Kh2 Kf4 heeft wit niet beter dan 46.Th8 Txb6 47.Txh4+ wat maar weinig winstkansen biedt.

42.Kf2 Tb2+ 43.Kg1 Tb1+ 44.Kh2 Tb2 45.Kh3 Tb3 46.Kg3 Tb4 47.Kf2

47.Txg7 Txb6 biedt ook weinig winstkansen.

47…Tb2+ 48.Ke3

Wit gaat eindelijk voor de wedrace.

48…Txg2 49.Tf7 Tb2 50.b7

In principe is dit (dekken van opzij) een gunstige opstelling voor wit: de witte koning heeft nu een schuilplek op c8 (schaak kan met Tc7 beantwoord worden). Nu is het een kwestie van tempi tellen. Zwart kan meteen een vrijpion maken en heeft een actieve koning, daarom zijn wits kansen op succes klein.

50…g5 51.hxg5 Kxg5 52.Kd4 h4 53.Kd5 Kg6 54.Te7 h3 55.Kc6 h2 56.Te1

Dit moet, maar nu heeft de witte koning geen goede schuilplek meer (alleen een slechte op b8).

56…Tc2+ 57.Kd7 Tb2 58.Kc7 Tc2+ 59.Kb6 Tb2+ 60.Ka7 Ta2+ 61.Kb8 Kf5 62.Th1

62.Th1 Kf4 en hier moet wit snel remise maken met 63.Kc7 Tc2+ 64.Kd7 Tb2 65.Kc7 voordat zwart zijn koning op g3 zet. ½-½

Ook een goed toernooi speelde Jan Werle. Tegen twee grootmeesters (Krasenkow en Landa) werd weliswaar maar een half punt gehaald, maar alle niet-grootmeesters wist hij te verslaan, tot de laatste ronde althans. Een overwinning op IM Wan (de man die Van Wely versloeg) zat er helaas niet in. Wel weer goed nieuws voor de Chinees, die zo zijn derde grootmeesternorm haalde en daarmee ook de titel.

Een belangrijke (bijna gestolen) overwinning voor Werle was die uit de zevende ronde. Het toreneindspel werd om eerlijk te zijn door beide spelers niet goed gespeeld, maar onder tijdsdruk worden nou eenmaal fouten gemaakt (al mogen ze blij zijn dat ze geen Russische trainer hebben, die zou beide spelers een flinke uitbrander geven).

Toreneindspel 3: Werle,Jan – Beerdsen,Thomas

Het materiaal is behoorlijk uitgedund en de stelling ziet er remiseachtig uit. Zelfs zonder pion d5 zou het remise zijn.

De computer geeft 0.00, maar wit heeft nog een licht initiatief.

67.Kd4 Th5

Het simpelst is 67…Th1 68.Tb6+ Kf5 69.Kxd5 Td1+ 70.Kc4 Td8 waarna wit geen goed plan heeft om verder te komen.

68.Tb6+ Ke7 69.Tb5 Ke6 70.e4!

Nu raakt zwart een pion kwijt onder minder goede omstandigheden.

70…Th1 71.Tb6+ Ke7 72.exd5 Tf1?

72…Te1 was nodig om de koningswandel naar f5 te voorkomen.

73.Ke4! Td1 74.Tb5 Kd6 75.Kf5 Tf1 76.Tb6+ Kxd5 77.Txf6

Toren pion tegen toren is met horizontalige afsnijding van de koning meestal gewonnen, zo ook hier. Een probleem van zwart is dat zijn koning aan de lange kant staat: met de koning op d5 en Th5+ doet niets, koning op h5 en Ta5+ zou echter remise maken. Met deze kennis begrijpt u dat wit de komende zetten het niet handig speelt.

77…Kd4 78.Td6+ Ke3 79.Te6+ Kf3 80.Ta6?

80.Te4 om na 80…Kg3 81.Kg5 te spelen en f4 gedekt te hebben was nog goed geweest.

80…Kg3 81.Ta4 Kh4 82.Kf6 Kh5 83.f5 Tb1!

Juist, toren naar de lange kant! Schaakjes zijn een belangrijk verdedigingsmechanisme, maar vooral als de toren op minstens vier lijnen afstand staat. De witte koning kan dan niet goed naar de toren toelopen omdat de pion dan niet meer verdedigd kan worden.

84.Te4 Tf1? 85.Te5?

85.Te8 Kg4 86.Tg8+ Kf4 87.Tg2 Ta1 88.Kg6 en de pion loopt door.

85…Tb1

Terug naar het juiste plan, al is 85…Ta1 iets logischer.

86.Kf7 Tb7+ 87.Te7 Tb6 88.f6

88…Kg5? 89.Te5+?

89.Te6 Tb7+ 90.Kg8 Tb8+ 91.Kg7 en weer loopt de pion door. Daarom moet de zwarte koning op h6 staan (waar hij nou heen gedwongen wordt).

89…Kh6 90.Te6 Tb7+? Het witte plan hier is om de koning weg te spelen en dan g7+ te doen. Dat kan zwart voorkomen met 90…Tb8! Zodra de witte toren van de zesde rij weggaat kan zwart wel de witte koning op de achtste rij toelaten, omdat dan geen f7+ (met schaak dus) dreigt. 91.Te8 Tb7+ 92.Kg8 Kg6 wint de f-pion (in tegenstelling tot de partij).

91.Kf8 Kg6 92.f7+ Kh7 93.Te2 Tb8+ 94.Ke7 Tb7+ 95.Kf6 Tb6+ 96.Te6 Tb8 97.Te8 Tb6+ 98.Ke5 1-0

Tot slot een tragikomedie. Viervoudig winnaar Michal Krasenkow kwam dit keer niet verder dan een gedeelde derde plek, maar had het niet veel gescheeld of hij was in de achtste ronde al uitgeschakeld voor de prijzen.

Toreneindspel 4: Van Delft,Merijn – Krasenkow,Michal

Van Delft had vanuit een gewonnen stelling afgewikkeld naar een toreneindspel met een pluspion. Dat bleek niet zo’n handige beslissing, want zwart kreeg door actieve koning en toren genoeg compensatie voor de pion.

46.a4 Tg2+ 47.Kb1 Kd4 48.Tg5 Th2 49.Tg4+ e4 50.a5 Kd3 51.a6 e3 52.a7

Hier kan zwart eeuwig schaak geven, maar de Pool besluit alles te gokken. Hij had al eerder een verloren stelling overleefd, dan zal het een tweede keer ook wel lukken?

52…e2? 53.Tg1??

En zo krijgt Krasenkow gelijk. Na 53.Tg3+! Kd2 54.Tg1 Tf2 55.a8D Tf1+ 56.Kb2 Txg1 57.Dd5+ Ke1 58.Df3 was het wit geweest die aan het langste eind had getrokken!

53…Tg2!

Met de koning nog op d3 kan dit.

54.a8D

54.Txg2 e1D+ 55.Kb2 De4 wint ook voor zwart.

54…Txg1+ 55.Kb2 e1D 0-1

Dan nog even over het toernooi van Hugo ten Hertog: vier grootmeesters als tegenstanders, 50%, de andere vijf partijen allemaal gewonnen, TPR 2567, supertoernooi voor hem dus! Een relevante norm leverde dat niet op, maar zoals u al eerder heeft kunnen lezen zal hem dankzij de gewonnen ratingpunten binnenkort de IM-titel verleend worden.

Foto’s gemaakt door Ad Bruijns en Frans Peeters. Meer foto’s hier

4 Comments

  1. Avatar
    !TUUR augustus 08, 2015

    Leuk die selectie toren eindspelen! Voor nog een aardige actuele aanvulling op Werle-Beerdsen, zie de vandaag gespeelde partij Can-Kanmazalp niet in Vlissingen, maar in de Turkse team kampioenschappen. www.theweekinchess.com/assets/files/pgn/tchtursup15.pgn

    De zwartspeler (IM 2468) weigerde ook met zijn koning kort en daarna met zijn toren lang te gaan. Grappige variatie ook met extra e-pion voor zwart – niet zonder betekenis!

  2. Avatar
    wimw augustus 08, 2015

    Een mooi en leerzaam verslag, maar geen woord meer over Loek van Wely, die als 10e Nederlander op de 22e plaats eindigde, overigens nog wel net voor Sipke Ernst. Dat valt helemaal niet mee.

  3. Avatar
    Johan Hut augustus 08, 2015

    wimw, voor het geval het te ver is weggezakt maak ik je even opmerkzaam op een reactie van mij over Nico Schouten.

    Wat betreft Loek van Wely heb je natuurlijk helemaal gelijk. Een opmerkelijke score. Er zijn veranderingen gaande in de Nederlandse hiërarchie. Van Kampen en Bok krijgen een steviger plek in de top (hoewel je dat niet kunt aflezen aan hun Elo-grafiek, maar bijvoorbeeld wel aan hun resultaat op het NK) en Jorden van Foreest kan ook gewoon van toppers winnen. Ik denk dat Jorden na Daniel Stellwagen, Wouter Spoelman en Robin van Kampen het volgende grote talent is en dan hopen we maar steeds dat hij wel eens wereldjeugdkampioen wordt. Met groot talent bedoel ik – met alle respect dat ik wel degelijk heb – NOG meer dan bijvoorbeeld l’Ami en Smeets, alhoewel Erwin l’Ami zich vooralsnog constant in de top handhaaft. Dat heeft natuurlijk veel te maken met het feit dat hij voor een profbestaan heeft gekozen, in tegenstelling tot Stellwagen en Spoelman en sinds kort ook Van Kampen. Het heeft geen zin te speculeren over de keuze die Jorden van Foreest zal gaan maken.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.