Jorden en Benjamin gebroederlijk op 7,5 punt

Moesten we in ons vorige tussentijdse verslag bij het WK jeugd t/m 20 jaar wat minder nieuws brengen, dan is dat nu in elk geval heel anders! Om te beginnen de grootmeesternorm van Jorden van Foreest. Johan Hut deed daarvan al verslag.

In elk geval heeft hij het als 16-jarige Nederlander toch snel gedaan. Sponsor Kees Schrijvers kan tevreden zijn!

Jorden van Foreest, in Vlissingen op de foto gezet in zijn partij tegen Loek van Wely (foto Frans Peeters)

Maar laten we bij het begin beginnen. Na de negende ronde namen zij allebei zich voor om zich te revancheren voor het dipje uit de ronden 6 t/m 9. En hoe!

Benjamin klopte in de tiende ronde de Indiër Murali Karthikeyan (2509), terwijl Jorden op krachtige wijze een eindspel naar zich toe trok tegen de Noor Aryan Tari (2518). Omdat beide Nederlanders zo’n beetje het halve toernooi op belendende borden zaten te spelen, kon het bijna niet uitblijven, of ze zouden elkaar nu ook op het bord ontmoeten. Voor Jorden kwam dat eigenlijk wel goed uit, want hij had nog een GM nodig en Benjamin zorgde in elk geval voor deze titel! Een rustdag voor coach Van Wely, want ik mag aannemen dat hij geen beiden geholpen heeft bij de voorbereiding. Er is in elk geval gespeeld, want Jorden liet zien dat hij met wit niet zomaar remise wil. Benjamin hield alles ruim binnen de remisemarge en op zet 25 werd dan toch de vrede getekend. Ik heb de partij toch maar voor u geanalyseerd omdat dit treffen tussen deze twee talenten vermoedelijk in de toekomst vaker zal plaatsvinden!

Vandaag kon de goede lijn doorgetrokken worden, maar helaas slaagden geen van beiden erin meer dan een half punt aan de tegenstander te onttrekken. Benjamin kwam tegen de Argentijn Alan Pichot (2528) niet in de buurt van iets concreets. De tegenstander hield de deur stevig op slot.

Jorden daarentegen kwam tegen Ulvi Bajarani uit Azerbeidzjan (2535) een heel eind, maar net toen hij een vol punt aan zijn totaal leek te gaan toevoegen, stokte de machinerie. In elk geval gaf hij wederom een staaltje van uitstekende eindspeltechniek, maar het lukte hem aan het eind net niet om de puntjes op de i te zetten.

Door deze resultaten gaan beide Nederlanders gebroederlijk, met hetzelfde puntenaantal, de laatste ronde in. Daarin zal Benjamin met zwart tegen koploper Jan-Krzysztof Duda (2645) op papier de zwaarste kluif krijgen. Jorden mag met wit de Vietnamees Minh Tran Tuan de baas zien te worden. We gaan het zien!

De scoretabel van Jorden t/m ronde 12:

De scoretabel van Benjamin t/m ronde 12:

En hier is de tussenstand aan kop na ronde 12:

ANALYSEBLOK

Bok, Benjamin – Karthikeyan, Murali

1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 Pc6 6. Lg5 e6 7. Dd2 a6 8. O-O-O Ld7 9. f4 b5 10. Lxf6 gxf6 11. Kb1 Db6

Bok is een specialist in dit type stelling. Nadat hij zijn zwartveldige loper heeft opgegeven voor een paard op f6 (en zo de zwartspeler een dubbelpion heeft bezorgd), mag hij geen dames ruilen. In het (verre) eindspel kan het loperpaar van belang worden. In het middenspel (met dames op het bord) heeft de zwarte koning in principe geen veilig onderkomen.

12. Pxc6 Lxc6 13. De1!?

Een interessant zetje.

13…Le7

Haalt de truc over de e-lijn uit de stelling. Nu kan 13…b4 beantwoord worden met 14. Pd5! en wit staat heel goed.

14. f5

Wit wil de witte velden aantasten. Als zwart tot … e6-e5 gedwongen zou worden, krijgt wit veld d5 in handen.

14…Dc5 Na 14…b4 15. Pe2 zou je zeggen dat pion e4 hangt. Maar 15…Lxe4 16. fxe6 fxe6 maar wit antwoordt met 17. Pg3! waarna hij groot voordeel heeft.

15. Ld3 b4 16. Pe2

Wit beoogt nu met een zet als Pe2-f4 de zwakte e6 op de korrel te nemen.

16…e5

Nu het paard is weggejaagd van veld d5, geeft hij het veld vrijwillig op. Het paard gaat echter een lange tocht maken om toch op het gewenste veld te kunnen spelen. Na een zet als 16…a5 krijgt wit de overhand met 17. Pf4 Ld7 18. Dh4 en zwart is flink in de problemen.

17. Pg3 a5 18. b3

Geeft een aanknopingspunt zou je zeggen. Maar Benjamin heeft uitstekend ingeschat dat het bezit van veld c4 van groter belang is.

18…a4 19. Lc4

De zwarte kansen over de a-lijn zijn imaginair. Een eventueel … axb3 van zwart kan altijd door cxb3 beantwoord zodat a2 door een zwaar stuk gedekt kan worden. Of, zoals in de partij, door domweg met de loper op b3 terug te slaan, waarna ook alle zwakke punten gedekt zijn.

19…h5

Zwart zit een beetje verlegen om een goed speelplan, zoals zo vaak in dit soort stellingen. Het probleem zit hem er vooral in dat zijn stukken slecht samenwerken.

20. De2 h4 21. Pf1

Het paard kan later via veld e3 naar d5 of via c4 in het spel gebracht worden.

21…Tg8 22. Df3

Weer een prima zet: e4 krijgt extra dekking zodat Pe3 mogelijk wordt. Ook tot de mogelijkheden behoorde 22. Ld5 Lb5 23. Df3 Tc8 en dan 24. Pe3 ook met prima vooruitzichten.

22…axb3 23. Lxb3

Inderdaad onder deze omstandigheden de beste zet.

23…Tg7 24. Pe3

Langzamerhand vinden de witte stukken emplooi, terwijl die van zwart nauwelijks een mooie toekomst hebben.

24…Kd7

Dit is een van de problemen: waar moet zwart zijn koning laten, zodat zijn torens kunnen samenwerken? Op d7 staat hij natuurlijk niet bepaald veilig.

25. Td3

Wit voert de druk op.

25…Tag8 26. Thd1

Wit dreigt nu van alles, onder andere Pc4. Vandaar zwarts volgende zet.

26…Lb5

Maar na deze voortzetting grijpt wit het initiatief.

27. Td5 Db6

28. T1d2 Een zeer sterke zet zou 28. T5d2! zijn geweest. Schreef Nimzowitsch ons niet voor dat je de tegenstander de zwakte van zo’n veld (d5) moeten laten voelen door er steeds een ander stuk te plaatsen.

28…La6

29. Lc4

Benjamin blijft het positioneel spelen. Wit had hier een heel aantrekkelijke combinatie: 29. Txe5! Het idee is dat na 29…fxe5 30. f6 Lxf6 wit zijn materiaal met rente terugwint: 31. Pd5 Dd8 32. Pxf6+ Ke7 33. Pxg8+ Dxg8 waarna de stelling niet meer te verdedigen valt na 34. Tf2

29…Lxc4?

Deze ruil staat gelijk aan zelfmoord. Maar ook na 29…Lb7 30. Tb5 Da7 31. Txb4 had hij weinig om nog voor te spelen.

30. Pxc4 Dg1+

Er is geen uitweg meer voor zwart. Ook na 30…Da6 31. Pxd6! Lxd6 32. Dd1 zou zwart direct verloren hebben. Hier blijkt hoe slecht de zwarte torens staan opgesteld.

31. Td1 Dxg2 32. Dd3 Ke8

33. Txd6!

Zwart vond het wel genoeg zo. Na 33. Txd6 Lxd6 volgt 34. Dxd6 en het is ondekbaar mat.

1-0

Tari, Aryan – Van Foreest, Jorden

1. e4 e6 2. d4 d5 3. Pc3 Pf6 4. e5 Pfd7 5. f4 c5 6. Pf3 Pc6 7. Le3 a6 8. Dd2 b5 9. dxc5 Lxc5 10. Ld3

De moderne aanpak.

De hoofdvariant ontstaat na 10. Lxc5 Pxc5 en nu zijn zowel 11. Df2 [als 11. Ld3 vaker gespeeld.]

10…Db6 11. Lf2 h6

Gespeeld door l’Ami in zijn partij, jawel… Van Foreest (die toen wit had)! 11…b4 is de keuzen van Magnus Carlsen en Wesley So.

12. O-O Lxf2+ 13. Dxf2

De tegenstander wil het eindspel in. Jorden sloeg zelf met de toren op f2 in zijn partij tegen l’Ami. 13. Txf2

13…Dxf2+ 14. Kxf2

Met het naderende eindspel in het vizier mag de koning inderdaad aan de strijd gaan deelnemen.

14…Ke7 15. Pe2

Wit speelt op veld d4. Hij zou heel goed staan als hij nog een extra zet zou hebben. Jorden begrijpt heel goed hoe zwart deze stelling moet behandelen.

15…f6!

Het witte centrum moet aangetast worden. Dat lukt ook omdat wit pion e5 niet kan dekken.

16. exf6+ gxf6 17. Ped4 Pxd4 18. Pxd4 Kd6

Het viel me op dat Jorden al deze zetten snel speelde.

19. Tae1

19…Pb6!?

Een interessante mogelijkheid die niet zo direct voor de hand ligt. Ik verwachtte hier 19…Pc5 maar het is de vraag wat het paard hier doet.

20. Ke3

De koning meldt zich in het centrum. Wit hoeft de centrumactie … e6-e5 nog niet te vrezen omdat de zwarte koning te kwetsbaar staat.

20…Ld7

Eerst de ontwikkeling voltooien. 20…e5?! 21. fxe5+ fxe5 22. Tf6+ is lastig.

21. Kd2 Thf8 22. b3

Hier zit zwart op te wachten. Wit verzwakte de zwarte velden (veld c3!) en daar zal hij later gebruik van gaan maken!

22…Tae8 23. Te3?!

De witspeler onderschat zwarts actie. Een betere profylaxe lijkt mij 23. c3

23…e5 24. Pf5+ Lxf5 25. Lxf5 d4

Zo legt zwart veld c3 vast en kan hij zijn paard via het centrum laten penetreren. Zou Jorden dit allemaal voorzien toen hij op zet 19 het paard naar b6 speelde?

26. fxe5+ fxe5 27. Tef3 Pd5 Vooral geen 27…e4? wegens 28. Lxe4 met pionwinst.

28. Le4 Txf3 29. Txf3 Pc3

Een dubbele aanval.

30. Kd3 Pxa2 31. Tf6+ Te6 32. Tf8

Zwart heeft een pion buitgemaakt, maar zijn paard staat afzijdig en zijn centrumpionnen zijn geblokkeerd. Dat levert in elk geval nog de nodige technische moeilijkheden op.

32…Pc3 33. g4 a5

34. Ta8

Beter is 34. h4 hoewel zwart na 34…a4 35. bxa4 bxa4 36. Ta8 Tf6 nog altijd de betere kansen heeft.

Essentieel is dat zwart op 34. Lf5 e4+ kan spelen: 35. Kxd4 e3 36. Lxe6 e2 en de pion gaat naar dame.

34…Kc5!

Dat ziet hij uitstekend! Dankzij deze mogelijkheid, kan hij zijn toren activeren. Het ‘automatische vervolg’ 34…a4 35. bxa4 bxa4 36. Ta6+ Ke7 37. Ta7+ is niets bijzonders voor zwart.

35. Txa5

Die moet hij wel nemen, maar nu komt de zwarte toren op bezoek.

35…Tf6 36. Ta1 Tf2

Dreigt niet alleen … Txh2 maar ook … Te2! waarna wit sowieso een stuk moet inleveren.

37. Te1

37. h4 Te2

37…Pa2!

Een mooie slotzet! Na 37…Pa2! dreigt zwart zomaar mat in een met … Pb4#. 38. c3 dxc3 39. h4 c2 40. Ke3 Th2 kost gewoon een stuk.

0-1

Van Foreest, Jorden – Bok, Benjamin

1. e4 c5 2. Pf3 e6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pc6 5. Pc3 Dc7 6. Le3 a6 7. Dd2 Le7

Een zeldzame zet, die op bord kwam in een recente partij Nisipeanu-Bukavshin, 2015. Een bizarre partij trouwens, die overigens weer overging naar een vrij bekende stelling.

7…Pf6 is de hoofdvariant.

Maar ook 7…b5 is vaak gespeeld.

8. O-O-O Pf6 9. f4 9. f3 Met een zetverwisseling is opnieuw een belangrijke theoriestelling ontstaan. In de database kom ik de partijen Caruana-Svidler, Karjakin-Topalov, Gashimov-Movsesian tegen, dus dan weet het wel…

9…b5 9…d6 heeft iets weg van een Scheveninger, waarin wit lang gerokeerd heeft.

10. e5 b4 11. exf6 bxc3 12. Dxc3 Lxf6 13. g4 h6

Beide spelers tonen zich uitstekend op de hoogte van de moderne theorie.

14. h4 Lb7

15. Th3

Eindelijk, daar is het nieuwtje! Voor mijn gevoel een zeer logische zet. De toren wordt hier gedekt door de loper zodat g4-g5 actief wordt. Maar ook kan de toren mogelijk via de derde rij iets ondernemen. In deze stelling werd uitsluitend 15. Th2 gespeeld, waarmee pion c2 extra dekking krijgt. Wit wil daarmee een afwikkeling naar een eindspel uit de weg kunnen gaan.

15…Tc8 16. Kb1

Wit moet wel een afwikkeling toelaten naar een eindspel, waarvan het de vraag is hoe dat staat. Waarschijnlijk wilde Jorden dat een proberen.

16…Pxd4 17. Dxc7 Txc7 18. Lxd4 Lxd4 19. Txd4 Ke7

Wit heeft een pionnenmeerderheid op de damevleugel, zwart in het centrum. Vermoedelijk zijn de kansen volkomen in evenwicht.

20. b3 f6 21. Ld3 a5 22. Te3 Tc5 23. h5 Thc8 24. Kb2 T8c7 Ook 24…Tc3 25. Ta4 T3c5 lijkt helemaal remise.

25. c4 La6

Als iemand het kan proberen is het wit. Want die kan proberen ooit met a2-a3 en b3-b4 iets met zijn meerderheid te gaan doen. Maar zwart heeft alles goed neergezet op dit plan op te vangen. Kortom: er zit geen muziek meer in de stelling en daarom gaven de heren elkaar hier een hand.

1/2-1/2

Bajarani, Ulvi – Van Foreest, Jorden

1. d4 d5 2. c4 c6 3. cxd5 cxd5 4. Pc3 Pf6 5. Lf4 Pc6 6. e3 a6 7. Ld3 Lg4 8. f3 Lh5 9. Db3 Pa5 10. Da4+ Pc6 11. Pge2 e6 12. Tc1 Lg6 13. Lxg6 hxg6 14. Lg3 Ld6 15. Kf2 O-O 16. Pf4 e5 17. dxe5 Lxe5 18. Thd1 d4 19. exd4 b5 20. Dc2 Pxd4 21. Dd3 Pf5 22. Dxd8 Tfxd8 23. Pfe2 Pxg3 24. Pxg3 Tac8 25. Txd8+ Txd8 26. Ke2 Tc8 27. Kd1 Kf8 28. Pf1 g5 29. g3 Td8+ 30. Kc2 Tc8 31. Kd1 Lb8 32. Tc2 La7 33. Td2 g4 34. f4 b4

35. Pe2

Wit permitteert zich wat passief spel. Na 35. Pd5 Pxd5 36. Txd5 zal het toch wel remise worden, hoewel de loper in dit eindspel beter is dan het paard.

35…a5 36. b3 Ke7 37. Tc2 Td8+ 38. Kc1 Op 38. Td2 zou Jorden ongetwijfeld 38…Pd5 hebben gepland. Het paard kan dan ooit naar e3 of c3.

38…Pd5

Zo langzamerhand domineren de zwarte stukken hun witte collega’s.

39. Tc4 Kf8!

Uitstekend gezien, de koning staat tactisch ongunstig op e7.

40. Te4

40…f6?!

Jammer. Een veldje verder was misschien een half puntje meer… Met 40…f5! had Jorden de kroon kunnen zetten op zijn prachtige positiespel. De pionnen liggen op de voor de loper gunstige kleur vast en hij creëert een steunpunt voor zijn paard op e4. Ik kan me niet voorstellen dat wit dit eindspel nog zou hebben gehouden na bijvoorbeeld 41. Te5 g6 42. Te6 Kf7 43. Tc6 Lf2 en de dreiging … Pe3 begint actueel te worden.

41. Pd2 Le3 Nu was 41…Kf7 ook nog prima geweest voor zwart.

42. f5

42…a4?!

Hierna verzandt zijn voordeel. Met 42…g6!? 43. fxg6 f5 kon hij alsnog een pion op f5 krijgen. Na 44. Te5 Kg7 staat zwart voortreffelijk. Nu mag 45. Txf5?? niet wegens 45…Lxd2+ 46. Kxd2 Pe7+

43. bxa4 Tc8+ 44. Kd1 Lg5 45. Pf1 Tc5 46. Ke1 Tc2 47. Pd4 Txa2 48. Pe6+ Kf7 49. Pxg5+ fxg5 50. Pd2 Kf6 51. Txg4 Kxf5 52. Td4 Ke5 53. Tg4 Kf5 54. Td4 Ke6 55. Te4+ Kf6 56. Td4 Ke6 57. Te4+ Kd6 58. Tg4 Txa4 59. Txg5 Ta7 60. Ke2 Kc5 61. Kd3 Td7 62. Pb3+ Kc6 63. Kc4 Pe3+ 64. Kxb4 Tb7+ 65. Ka4 Ta7+ 66. Pa5+ Kd6

En remise overeen gekomen. Ook wit kan het niet echt proberen, ondanks zijn pluspion.

1/2-1/2

Over Herman Grooten

Herman is ruim 40 jaar schaaktrainer. Hij verzorgde lange tijd de schaakrubrieken in Trouw en het ED. Daarnaast was hij Topsportcoördinator bij de KNSB en is hij auteur van diverse schaakboeken en werkt hij voor Schaaksite. Klik hier voor series die hij op Schaaksite heeft gezet.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.