Stukkenjagers klopt Voerendaal

Al weer even geleden stond de aloude clash Stukkenjagers-Voerendaal weer eens op het programma. Al menig duel werd in de eerste klasse uitgevochten tussen deze teams, en ook in de Meesterklasse hebben we vaker de degens mogen kruisen met de sympathieke Limburgers, aangevuld met enkele Duitse krachten. Normaal gesproken hing er rond deze wedstrijd de spanning van een naderend kampioenschap. Maar dit jaar is daar geen sprake van, aangezien beide teams al de nodige averij opgelopen hadden. Bij de voorgaande ontmoetingen kan ik me echter niet herinneren dat we aan de goede kant van de score waren geëindigd, hoogste tijd om daar verandering in te brengen dus!

Bianca de Jong-Muhren en Stefan Beukema aan het werk voor Stukkenjagers (Foto Frans Peeters)

Van tevoren was al bekend dat Nick deze wedstrijd helaas niet aanwezig kon zijn. Voor hem wisten we echter niemand minder dan erkend documentairemaker Erik-Jan Colijn te strikken, die daarmee zijn debuut in het eerste zou maken.

De dag begon traditioneel met het gezamenlijke ontbijt. Bij Mark Clijsen kwamen naast de gebruikelijke eieren en spek ook nog eens overheerlijke worstenbroodjes op tafel! Deze traditie bleek nog te stammen uit een tijd dat het merendeel van ons team nog in de luiers liep… vooruit, iets minder lang geleden wellicht… maar gezien de gretige aftrek die ze vonden, was het een welkome toevoeging. Alleen Erik-Jan, die van tevoren had aangegeven mee te willen ontbijten, was nergens te bekennen. Gezien deze combinatie zou het me niet verbazen wanneer er binnenkort ergens een filmpje verschijnt over het SJ-ontbijt! Het ontbijt bleek zoals wel vaker een goede bodem voor een spannende match.

Het fijne heb ik van de meeste partijen niet meegekregen, dus we zullen het helaas moeten hebben van vage herinneringen, ondoordachte inschattingen en, jawel, ordinair scorebordjournalistiek. We maken een rondje langs de borden.

Bord 1 bracht de ontmoeting tussen kersvers IM Stefan en de jonge Valentin Buckels. Voor zover ik heb gezien kende Stefan deze partij weinig problemen, maar Valentin bleek geenszins van plan meer dan een halfje af te staan. Een puntendeling is dan ook het logische resultaat.

Het bord ernaast bracht een interessant middenspel tussen Herman en Ivo Wantola. Daarin manoeuvreerde Ivo waarschijnlijk toch iets handiger, aangezien Herman in het resterende eindspel alle zeilen bij moest zetten om niet kopje onder te gaan. Het tekent de ervaren meester dat hij zich uitstekend van deze taak wist te kwijten. Onderstaand volgt de analyse van Herman ze… pardon? Hoe bedoelt u, geen partij ontvangen? Zou hij zijn formulier verloren zijn? Is de dag des oordeels aanstaande? Welnee. Normaal gesproken is Herman er als de kippen bij om zijn partij van een uitvoerige en leerzame analyse te voorzien, deze keer zal het er echter niet van gekomen zijn. Degenen die vermakelijk leesmateriaal van Herman willen bezichtigen verwijs ik maar al te graag door naar Schaaksite, waar meer dan genoeg analyses en anekdotes van zijn hand te vinden zijn!

(Toch nog binnengekomen…)

Fragment Grooten – Wantola

Grooten, Herman – Wantola, Ivo

Ik had een prettig voordeeltje na de opening maar deed daar niet al te veel mee. Naarmate de partij vorderde en ik zeeën van tijd zat te verdoen, glipte de stelling langzaam uit mijn vingers. Toen ik zomaar twee tempi inleverde werd duidelijk dat ik in de ‘keepmodus’ was beland. Nadat de tegenstander, die inmiddels ook wat krap in zijn tijd was komen te zitten, een kans op meer had gemist, was het mij gelukt hem terug te dringen. Dat ik een pion achter sta is in dit type stelling niet zo’n ramp. Al mijn pionnen staan keurig op wit, terwijl die van hem allemaal (!) op de voor hem verkeerde kleur staan. Zoals elk strategieboekje voorschrijft hoor je zo min mogelijk pionnen op de kleur van de eigen loper te zetten. Het is dat u het weet! Als zwart op d5 zou ruilen, heeft hij niets meer aan zijn pluspion op c7. Wit wandelt dan met de koning naar g4, haalt dan pion h4 van het bord en kan dan gaan proberen om op winst te spelen.

47. Lf2?!

Ondanks mijn minuspion begon ik stiekem weer te hopen dat dit eindspel, met voor de tegenstander zoveel pionnen op de verkeerde kleur, wel eens beter voor mij zou kunnen zijn. Dat was een schromelijk overschatting van de eigen kansen. Feit is dat als wit niets wil, zwart ook niet kan winnen. Maar de loper staat op e1 beter, om in elk geval niet in het nadeel te geraken.

Hier kon ik eenvoudig remise afdwingen met 47. Dxf7+ Kxf7 48. Kf3 Ke7 49. Kg4

[Of 49. Ke2 gevolgd door een koningsmars naar d5. Wit heeft geen enkel verliesgevaar ondanks de minuspion. 49…Kd7 (49…d5?! 50. Lb4+! Kd7 51. exd5) 50. Kd3 c6 51. Kc4 Kc7 52. Lc3 en het is duidelijk dat beide partijen geen progressie geen boeken.]

Ik zat steeds te kijken naar 49…c6 om na 50. bxc6 Kd8 te zien of ik op h4 mag nemen. Mijn conclusie was dat dat uit den boze is: 51. Kh5 [Hier verliest 51. Lxh4?? Lxh4 52. Kxh4 na 52…b5] 51…Kc7 52. Kg6 Kxc6 53. Lc3 is remise. Bijvoorbeeld: 53…b5 [53…Kc5?? 54. Lxf6 en wit zou zelfs nog winnen!] 54. Lb4!

47…Kf8

Hij probeert de koning op g7 op te bergen. Na het belachelijke 47…Dxd5 48. exd5 Kf7 49. Kf3 Kg7 50. Kg4 Kf7 verovert wit pion h4 met 51. Lxh4 maar het is en het blijft remise: 51…Lxh4 52. Kxh4 Kg7

48. Dxf7+?!

Er was geen noodzaak voor deze ruil. Sterker nog: nu moet wit zowaar nog gaan oppassen. Met 48. Le1 Dh5 49. Lf2 Kg7 50. Da8 had zwart ook niets beter dan weer teruggaan met de dame: 50…Df7 waarna 51. Dd5 volkomen in orde is voor wit.

48…Kxf7 49. Kf3 Ke7 50. Ke2

50…d5!?

Als zwart iets wil, dan moet het van deze zet komen. Of van 50…Kd7 51. Kd3 c6 52. Kc4 en hier staat het volkomen gelijk.

51. Kd3 Kd6

Hier blijkt hoe ongelukkig de loper op f2 staat ten opzichte van e1.

52. Lg1 dxe4+ 53. Kxe4 c6

Het is zwart gelukt om de blokkade op de damevleugel op te heffen en daarmee heeft hij zich een vrijpion verschaft.

54. bxc6 Kxc6 55. Ld4 b5 56. Kd3 Kd5 57. Lc3 Kc5

58. Ld4+?!

Een lichte onnauwkeurigheid waardoor ik later heel nauwkeurig moet spelen om de partij binnen de remisemarge te houden. Vermoedelijk was het innemen van afwachtende houding met 58. Le1! heel simpel remise. 58…b4 59. Lf2+ Kb5 60. Ld4 b3 61. Lb2 Kb4 62. Kd4 Ka4 63. Kc4 en zwart kan totaal geen vorderingen maken.

58…Kb4 59. Lb6 Kb3

Op het oog heeft zwart grote vorderingen geboekt. Maar de methode ‘plakken’, die ik uit mijn eigen eindspellessen ooit heb bestudeerd, komt nu zeer goed van pas!

60. Lc5??

Een vreselijke en volkomen misplaatste ‘nietszet’. Ik dacht dat het allemaal niets uitmaakte. Maar na deze nutteloze loperzet, kan zwart zijn eigen loper beslissend verbetereren. Dan had ik wel onvoorwaardelijk 60. Ld8! moeten spelen omdat dit de loper op g5 restrict iets actiefs te gaan ondernemen.

60…b4??

Gelukkig profiteert hij ook niet. Dat kon met 60…Lc1! en dan zal het wel eens verloren kunnen zijn voor wit. Een voorbeeld: 61. Le7 Lb2 62. Ld8 b4 63. Le7 Lc3 en de b-pion valt niet meer af te stoppen.

61. Le7

Nu kan zwart zijn loper niet op de voor hem ideale diagonaal krijgen. Als wit namelijk pion f6 verovert met zijn loper, kan hij altijd zijn loper voor de zwarte b-pion geven. Zwart blijft dan zitten met de loper van de verkeerde hoek.

61…Ka4 62. Kc2 62. Kc4 b3 63. Kc3 Lc1 64. Lxf6 Ka3 65. Kd3 Lg5 66. Ld4 b2

62…Ka3

Dit schiet niet op. Wits loper blijft ‘plakken’ aan pion b4.

63. Ld6

Nu mag de loper f6 wel even los laten. De reden zien we in de partij.

63…Le3

Zwart heeft nu door dat hij zijn loper op de diagonaal a1-h8 moet zien te krijgen. Toch schiet hij er op dit moment niets mee op.

64. Kd3! Lc1 65. Kc4

Zet druk op b4.

65…Ld2 66. Le7

en valt opnieuw f6 aan.

66…Lc3 67. Lc5

De loper blijft nu hangen aan b4.

67…Ka4 68. Le7

en valt dan afwisselend e7 aan. Zwart kan nooit b4-b3 spelen omdat dan zijn loper gaat hangen. De witte koning staat ideaal op veld c4.

68…Ka3 69. Ld6 Ka4 70. Le7 Ka3 71. Ld6 Ka4

En remise overeen gekomen nog voordat een van beide spelers het zou claimen!

1/2-1/2

Op bord 3 mocht Bram ervaren hoe het is om met zwart tegen Daniël Hausrath te spelen. Je bouwt solide je stelling op, om vervolgens lijdzaam toe te zien hoe het witte plusje met kleine middelen steeds verder uitgebreid wordt. “Manchmal remis, verlieren: nie” is een gevleugelde uitspraak die daar uitstekend op van toepassing is. Maar we kennen Bram als een gevaarlijke speler, dus wie weet. Uiteindelijk wist Daniël een vrije e-pion te creëren en deze, gecombineerd met de overige dreigingen, bleken teveel om nog te kunnen pareren. Zonde, maar zeker geen schande.

Mark mocht het met wit op bord 4 opnemen tegen de sterke Christian Seel. Een onorthodox openingsverloop, zo oogde het althans, noopte Mark tot lang nadenken, maar daardoor wist hij uiteindelijk wel de goede zetten te vinden. Lang bleef de partij in evenwicht, totdat Christian materiaal weg begon te geven. Met een kwaliteit meer probeerde Mark het nog een tijdje, maar met beiden slechts een g+h-pion en de lopers van Christian die toch aardig wat velden controleerden, bleek er geen doorkomen meer aan. Een nette partij van Mark, die zich daarna weer rap spoedde richting het waterpolo.

Op bord 5 mocht Bianca het opnemen tegen de andere Christian in het gezelschap, Christian Braun. Al snel keek Bianca tegen een flinke tijdsachterstand aan. Ditmaal kwam dat echter niet door een groot tijdsverbruik aan haar kant, Christian speelde razendsnel! De gerichte voorbereiding bleek zijn uitwerking niet te missen en Bianca kwam met de rug tegen de muur te staan. Inmiddels weten we dat het dan natuurlijk nog lang niet gedaan is en Bianca wist dan ook een vesting te bouwen waar geen doorkomen meer aan bleek te zijn. Christian bleef het nog even proberen, maar uiteindelijk mocht Bianca een zwaarbevochten halfje bijschrijven.

Onze andere Chessqueen, Anne, trof op bord 6 een goed voorbereide Benjamin Nachbar aan. Met een dergelijke achternaam ligt een verrassing natuurlijk op de loer. Anne zag geen manier om ijzer met handen te breken en al snel kon het halfje genoteerd worden. Als gevolg daarvan had onze teamleidster alle tijd om de troepen in de gaten te houden en het verslag te delegeren, met alle gevolgen van dien.

Aan het 7e bord zat Joris met zwart tegenover Patrick Driessens. In de Limburgse contreien is algemeen bekend dat je dan een zware middag tegemoet gaat. Joris was hier als rasechte Brabander totaal niet van op de hoogte en trok onverschrokken ten strijde. Hoe het exact in zijn werk ging heb ik niet helemaal meegekregen maar toen ik na afloop vroeg wat Joris gedaan had, meldde hij koeltjes ‘gewonnen’. Alsof het niets is. Knap gedaan!

Bord 8 bracht het duel tussen Mark en de ervaren Henk Temmink. Na de opening leek het mij niet geheel duidelijk of de witte pion op d5 nu een sta-in-de-weg was voor zwart, of juist een dankbaar doelwit. Het was oppassen voor wit, maar Mark kweet zich uitstekend van deze taak en nam het heft in handen. Ergens stond hij wellicht iets beter, maar Henk pareerde op tijd alle dreigingen en ook Mark kon een halfje aan zijn palmares toevoegen.

Zelf mocht ik op bord 9 in een Limburgs onderonsje aantreden tegen Ruud van Meegen. Ruud koos voor een variant waarin ik me in het verleden al eens ernstig verslikt heb, maar waarin ik (en later nog mijn tegenstander!) met de schrik vrijkwam. Ditmaal koos ik wel de goede zetvolgorde en verliep de opening een stuk voorspoediger. Wit werd langzaam teruggedrongen en moest steeds meer verzwakkingen in zijn stelling toelaten. Toen Ruud uit probeerde te breken zat er zowaar een relatief eenvoudige stukwinst in, maar gefocust als ik was op het aanschroeven van de witte stelling was dit kleinood niet aan mij besteed. Daarna volgden er nog enkele tactische schermutselingen, waarbij ik op moest passen wit niet volledig terug te laten komen. Na enkele zetten meende Ruud toe te kunnen slaan. Ik beschikte echter over een tegentruc, waardoor ik alsnog opgelucht het punt naar me toe wist te trekken.

Resteert ons nog bord 10, waar Erik-Jan zijn camera thuis had gelaten om te proberen zijn debuut glans te geven door André Krüger pootje te lichten. De opening verliep redelijk tam en beide kampen probeerden zich in gunstige posities te manoeuvreren. Erik-Jan wist daarbij het beste van het spel te krijgen en hem smaakte het genoegen het eindspel van loper en twee verbonden vrijpionnen tegen paard uit te tikken. Erik-Jan scoorde het winnende punt en bombardeerde zichzelf daarmee tot supersub! Niet te filmen EJ!

Bovenstaande resulteerde in een erg nette 6-4 overwinning! Hierdoor mogen we komende wedstrijd met UVS gaan strijden om de tweede plaats, wij zijn er klaar voor!

Over Herman Grooten

Herman is ruim 40 jaar schaaktrainer. Hij verzorgde lange tijd de schaakrubrieken in Trouw en het ED. Daarnaast was hij Topsportcoördinator bij de KNSB en is hij auteur van diverse schaakboeken en werkt hij voor Schaaksite. Klik hier voor series die hij op Schaaksite heeft gezet.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.