‘Viktor de Verschrikkelijke’ in diagrammen…

Er is inmiddels al het nodige gepubliceerd over Viktor Kortchnoi. En niet alleen op Schaaksite maar in diverse andere media. Overal lees je dat Kortchnoi het schaken ‘at en dronk’, hij was de vereenzelviging van ons koninklijke spel. Dat werd versterkt door zijn bijnamen, waarvan ‘Viktor de Verschrikkelijke’ mij nog het best op het netvlies staat.

Ondertussen vond ik ook dat er even stil gestaan moest worden bij zijn schaaktechnische prestaties. En toen ik ging grasduinen in de literatuur ben ik maar snel gestopt. De man heeft zoveel gespeeld, zoveel schitterende zetten en concepten geproduceerd, zoveel memorabele momenten na gelaten dat het ondoenlijk is om een compleet beeld te produceren van deze geweldenaar.

Daarom geef ik er maar een persoonlijk tintje aan van momenten die bij mij op een of andere manier in het geheugen staan gegrift. Momenten waar Viktor zeer nadrukkelijk aanwezig is en ook momenten waar hij de wereld op zijn kop zet. Ik heb ze nu bekeken met een ander oog dan destijds. En mijn bewondering voor hem is er alleen maar groter geworden…

 

Verdedigingskunstenaar

Een van de bijzondere eigenschappen waar Kortchnoi om bekend stond, waren zijn verdedigingskunsten en zijn enorme taaiheid in slechte tot verloren stellingen. Een partij waar ik zelf getuige van was in het Open toernooi te Lugana tegen de Amerikaan Whitehead, heb ik beschreven in één van mijn rubrieken. Zie dit verhaal over vestingen.

 

Ook interessant was Kortchnoi’s oordeel dat het schaakbord misschien te klein was voor drie dames. Laat hem op latere leeftijd een bijzondere overwinning binnenhalen tegen zijn aartsrivaal Karpov, waarbij de oudwereldkampioen twee dames bezet, tegen Kortchnoi slechts één en wat ander hout voor de tweede dame!

Dit valt te lezen in Het bord is te klein voor drie dames.

 

 

 

Het begin van de rivaliteit met Karpov

Een partij die de hele wereld overging en destijds ook grote indruk op mij maakte, was de 21ste matchpartij uit de eerste tweekamp tegen Karpov. Het was de finale van het Kandidatentoernooi, waarin de winnaar wereldkampioen Bobby Fischer zou mogen uitdagen. De jongere Karpov bleek uiteindelijk over stalen zenuwen te beschikken zodat hij de uitdager werd. Maar in deze partij krijgt hij een flink pak slaag van zijn tegenstander. Al na 16 zetten kan hij opgeven; voor de vorm speelt hij nog tot de 19de zet door, maar toen begon het al gênant te worden.

Kortschnoj, Viktor – Karpov, Anatoly, (21ste matchpartij Moskou  1974)

Het ging hierbij om de stelling na de 10de zet van zwart. Daarin speelde Kortchnoi het nogal verrassende

11. Dd2!

Een briljante zet die Karpov danig onderschatte. Wit zet in een vroeg stadium een vrij bijzondere batterij van dame+loper op. In werkelijkheid stelt die niet zoveel voor, maar de zwartspeler grijpt zo dadelijk vreselijk mis.

11…Pxd5?!

Met 11…Pa5! kon zwart de belangrijkste gevaren bezweren.

12. Lxd5 Tb8?

13. Pxh7!

Daar is ie dan, de beslissende klap!

13…Te8

Na 13…Kxh7 14. Dh6+ Kg8 15. Dxg6+ Kh8 16. Dh5+ Kg8 17. Le4 f5 18. Ld5+ zou zwart het ook niet droog houden.

14. Dh6

Dreigt vooral Dxg6+. Zo mogelijk nog sterker zou 14. Df4 zijn geweest.

14…Pe5 15. Pg5

Wederom sterk gespeeld.

15…Lxg5 16. Lxg5 Dxg5

Dit staat gelijk aan capitulatie. Maar Karpov wilde in een Kandidatenmatch niet al na 16 zetten zijn koning moeten omleggen.

 

De gehele analyse via de viewer:

 

Nederlands Kampioen 1977

Toen Kortchnoi in ons land politiek asiel had aangevraagd, kreeg hij gedurende de procedure, de kans om aan het Nederlands Schaakkampioenschap deel te nemen. Dat werd in die jaren vaak in Leeuwarden gespeeld en het ging destijds om een 14-kamp. Alle toppers uit die tijd waren aanwezig, behalve Genna Sosonko. Zoals in mijn vorige artikel al gezegd, ging vrijwel iedereen er onderdoor.

De tabel met de eindstand zag er zo uit:

Kortchnoi, Viktor – Timman, Jan H (Leeuwarden 1977)

Dit is een uiterst belangrijke stelling. Timman heeft tijdelijk een pion geofferd om tegenspel te ontwikkelen. Hij dacht tijdens de partij dat hij goed stond, maar na zijn volgende zet had hij wits antwoord totaal gemist. Het is ook niet een heel normale zet in deze stelling. Zwart had echter gewoon 21…dxe5 kunnen spelen waarna het ongeveer gelijk had gestaan. Er volgde:

21…Lf3?

waarop ‘Viktor de Verschrikkelijke’ antwoordde met:

22. O-O!!

Zeer onverwacht mag wit nog rokeren! En dat met de open h-lijn tegen. Maar wederom is het de loper die zwart parten speelt. Timman gaf toen een stuk met 22…Lxe4  om van de nood een deugd te maken. Teruggaan naar h5 is nauwelijks een optie te noemen. Zwart is twee tempi kwijt en ondertussen kan wit werken aan een aanval tegen de zwarte koning met 22…Lh5 23. c5! Maar het stukoffer voldeed niet en Kortchnoi schoof de partij gemakkelijk naar winst.

Hier de hele analyse in de viewer.

 

Heroïsche strijd tegen Karpov

Een van de meest meeslepende gevechten die Kortchnoi met Karpov die me altijd is bijgebleven is het duel uit hun tweede match, waarin de heren maar liefst 124 zetten aan het bord gekluisterd blijven. Dat duel had zomaar heel anders kunnen aflopen als Kortchnoi het geforceerde mat op de 53ste had gevonden dat Karpov hem op een presenteerblaadje aanbood.

 

Kortchnoi, Viktor – Karpov, Anatoly (5de matchpartij Baguio City 1978)

53…Ke6??

Na 53…Kf8 was er gek genoeg nog niet zoveel aan de hand geweest. Maar Karpov grijpt er afschuwelijk naast.

54. Dh3+! Kd5 55. Le4+?

Met 55. Lf7+! kon wit geforceerd matgeven. 55…Kc6 56. De6+ Kb5 [ Iets langer duurt 56…Kb7 maar dat kost gewoon een stuk waarna het ook nog mat gaat. 57. Dxe7+ Ka6 58. Lc4+ b5 59. Dd6+ Kb7 60. Dc7+ Ka6 61. Dc6#] 57. Dc4+ Ka4 58. Da6# Nu ging de partij verder met

55…Pxe4

en kwam er na een heleboel zetten het volgende curieuze eindspel op het bord.

Vanaf dit moment heb ik de Tablebases maar eens geraadpleegd. Vooral omdat ik ook benieuwd was of een van beide spelers (of allebei) nog bepaalde kansen hebben weggegeven of niet genomen. De problematiek van dit eindspel is als volgt:  Zonder zwarte pionnen op a4 en b6 zou de stelling een theoretische remise zijn: wit heeft de loper van de verkeerde hoek. De zwarte koning blijft in de buurt van a8 en hoeft dan nooit meer te verliezen.  Maar met de pionnen erop ligt dat heel anders. Als de zwarte koning in de hoek van a8 blijft, kan wit hem ‘patzetten’. Dan zal hij op een gegeven moment een pion moeten opspelen. Als hij in zo’n situatie … b5-b4 moet spelen, antwoordt wit met a3xb4 en dan is er geen sprake meer van een ‘waardeloze’ witte randpion. Wit wint dan simpel omdat de loper van afstand veld a1 kan bewaken.   De zwarte koning mag zich dus niet pat laten zetten en dat betekent dat hij zich dus vrijwillig uit de hoek moet begeven. Maar ook weer niet te ver! Want als de witte koning de zwarte pionnen oppeuzelt, moet de zwarte koning weer op tijd terugkeren om de voor hem noodzakelijke hoek te bereiken.   Door dit merkwaardige verschijnsel zien we dat de twee koningen als het ware een kolderiek dansje om elkaar heen maken, waarbij wit probeert om zijn collega zover mogelijk af te laten zonderen van de a8-hoek. En ondertussen wil hij in no-time de zwarte pionnen van het bord kunnen halen, waarbij ernaar streeft om de vijandelijke koning de pas af te kunnen snijden. Een mogelijke winststelling is bijvoorbeeld als de zwarte koning op c8 komt te staan, maar wit met een loper op, zeg h2, net op tijd Kc6 kan spelen. De zwarte koning kan dan de hoek niet bereiken. Bij het gebruik van de tablebases heb ik uitroeptekens voor Karpov uitgedeeld als hij de enige zet speelde. Dat betekent dat alle andere zetten zouden verliezen. Mijn gehele analyse is in de viewer terug te vinden. Van deze partij werd gezegd dat Kortchnoi zijn tegenstander probeerde ‘uit te zitten’, zonder dat hij serieus op winst speelde. Dat is volkomen onzin. Hij probeerde wel degelijk te winnen; sterker nog: hij stelde zijn tegenstander zwaar op de proef. Want op diverse momenten moest zwart de enige juiste voortzetting zien te vinden. En die was een paar keer bijzonder lastig. Kortchnoi had de pure pech dat er op dat moment vermoedelijk slechts één speler ter wereld was, die een dergelijk problematisch eindspel zou kunnen verdedigen. En dat was toevallig Karpov, die uiteraard wel gebruik kon maken van een paar uitstekende secondanten. Wat ik met de tablebases heb gevonden, bewijst dat deze spelers van een uitzonderlijk hoog niveau waren. Ik heb Karpov geen enkele keer op een fout kunnen betrappen; Kortchnoi overigens ook niet. De partij eindigt in pat. Misschien ook wel een unicum op wereldkampioensniveau.

De gehele partij (inclusief analyses met de tablebases) via de viewer:

 

Over het eindspel met de loper van de verkeerde hoek heb ik ooit een tweetal rubrieken geschreven. Een daarvan tref je aan via deze link.

 

Confrontatie met een nieuwe kampioen: Kasparov!

Een bijzondere partij die ik me herinner is de volgende. Ik was als ooggetuige in Luzern toen tijdens de Olympiade van 1982 de Sovjet-Unie het moest opnemen tegen Zwitserland. Uiteraard keek iedereen in die tijd reikhalzend uit naar een nieuwe confrontatie tussen Karpov en Kortchnoi. En toen verscheen daar de jonge Gary Kasparov aan het eerste bord. Karpov liet de partij maar even aan zich voorbij gaan.

Uit die tijd stamt nog de volgende (wazige) foto die afkomstig uit het boekje Fighting Chess van Eric Schiller (bron foto onbekend).

 

Maar wat een partij werd het! Kasparov kwam vanuit het Konings-Indisch in de hyperscherpe Benoni terecht. Nadat wit 17. f4 had gespeeld liet hij tussen de deze en de 24ste zet zijn paard op e5 in staan. Het mocht telkens om een of andere reden niet genomen worden. De partij werd zo gecompliceerd dat de nestor in zware tijdnood kwam en toen blunderde. Maar ook Kasparov had ruzie met de klok. Er volgde een hectische tijdnoodscramble waarin beide spelers mis grepen. Uiteindelijk was het de toekomstige wereldkampioen die aan het langste eind trok. Een heroïsch gevecht, waarin Kortchnoi zich bepaald niet onbetuigd had gelaten.  

Kortschnoj, Viktor – Kasparov, Garry (Olympiade Luzern 1982)

‘Befragt’ het zwarte paard op e5. Maar dat blijft staan! 17. exf5 Lxf5 18. g4 Lxg4 19. hxg4 Dh4+ zou nu winnen voor zwart. Kasparov ging verder met

17…b5!

Een ongelooflijk concept. Voor de hele analyse kijk in de viewer.

 

 

Viktor en de Polgárs

Tot slot: Viktor en de Polgárs. Via Joop van Oosterom, de bekende weldoener voor het schaken, zijn er trainingstweekampen met Kortchnoi gehouden. Ze hebben het nodige van hem geleerd, vooral Judit heeft daarvan geprofiteerd. Maar bekend was ook dat Viktor niet goed tegen zijn verlies kon. Dan was de ruimte even te klein. Ook daar was hij ‘Verschrikkelijk’ in. Een nul, die in zijn ogen, niet terecht was, werd meestal gevolgd door een tirade in de analyse. De tegenstander kreeg dan te horen hoe slecht hij/zij eigenlijk niet was. Eens deed zich een soortgelijk incident voor in Curaçao. Daar werd een snelschaaktoernooi gehouden waar Kortchnoi op een gegeven moment tegen Sofia Polgár moest. Nadat hij tegen haar geblunderd had, ging Sofia er met een vol punt vandoor. Zij was de minste van de drie Polgárs dus de druiven waren heel zuur. Naar verluidt kwamen de muren bijna omlaag toen hij begon te tieren naar haar…

 

In een andere partij met normaal speeltempo, veegde hij haar met een paar geniale zetten van het bord.

 

Kortschnoj, Viktor – Polgár, Sofia (San Francisco, 1995)

Sofia heeft zojuist 22… Lb7 gespeeld. Al zij geweten had waar haar boven het hoofd hing, zou ze wel 22…Dc7 hebben gespeeld. Wit heeft nog steeds compensatie voor de pion, maar hij moet dat nog steeds waarmaken. Nu volgde

23. d5!!

Een fantastische doorbraak in het centrum.

23…cxd5

Na 23…exd5 antwoordt wit met 24. e6 met de dreiging Pf7.

24. Db6 Ta6

Een betere kans bestond in 24…Pc6 maar dan had wit 25. Pxe6+ Dxe6 26. Dxb7+ Te7 27. Db6 gepland waarna de zwarte stukken ook heel ongelukkig blijven staan. 27…Pxe5 28. Dxe6 Txe6 [ 28…Pxf3+ 29. Kh1 Txe6 30. Txe6] 29. Lxd5 Te7 30. f4 b4 31. Lg2 b3 32. a3 en wit heeft volgens Kortchnoi de betere kansen. En toen volgde weer een heel sterke zet.

25. Pxe6+!

 

De gehele analyse via de viewer:

 

 

(Alle foto’s zijn van Jos Sutmuller)

Over Herman Grooten

Herman is ruim 40 jaar schaaktrainer. Hij verzorgde lange tijd de schaakrubrieken in Trouw en het ED. Daarnaast was hij Topsportcoördinator bij de KNSB en is hij auteur van diverse schaakboeken en werkt hij voor Schaaksite. Klik hier voor series die hij op Schaaksite heeft gezet.

9 Reacties

  1. Avatar
    Jasper Geurink 09 juni 2016

    Weer een mooi stukje, Herman! Dat eindspel van Kortchnoi tegen Karpov (Baguio 1978) blijf ik echter erg lastig vinden. Misschien maar eens tijd om je andere artikelen erover te bestuderen…

  2. Avatar
    Herman Grooten 09 juni 2016

    Bedankt voor het compliment Jasper. Het is ook een vreselijk lastig eindspel, vooral in een praktische partij. Nu de check met de tablebases gedaan is, blijkt ook hoe sterk deze spelers toen waren. Zij waren in elk geval allebei eindpelvirtuozen. Je ziet dat op dit gebied voor veel spelers winst te behalen valt. Ook Magnus Carlsen heeft  overduidelijk aangetoond, dat er met eindspelkennis/vaardigheid veel bereikt kan worden.

  3. Avatar
    brabo 10 juni 2016

    Het is ongelooflijk dat Karpov steeds opnieuw de enige zet weet te bedenken.”

    Ja maar als je weet dat er 2 keer afgebroken werd en er een heel team klaar stond om alle details uit te pluizen dan wordt het veel minder spectaculair. Vergeet niet dat de 6de partij al gespeeld was voor het beeindigen van de 5de.

    Het is volgens mij dan ook volstrekt onzinnig om de kwaliteit van de eindspelen in oude partijen te vergelijken met de hedendaagse. Dat zou hetzelfde zijn als iemands blitzpartijtjes te vergelijken met een ander zijn standaardpartijen.

  4. Avatar
    Jasper Geurink 10 juni 2016

    brabo,

    “Ja maar als je weet dat er 2 keer afgebroken werd en er een heel team klaar stond om alle details uit te pluizen dan wordt het veel minder spectaculair. Vergeet niet dat de 6de partij al gespeeld was voor het beeindigen van de 5de.”

    Dat klopt, maar zelfs dan blijft het zonder computers en tablebases een ongelofelijke prestatie om geen enkele fout te maken in een dergelijk lang en complex eindspel.

    “Het is volgens mij dan ook volstrekt onzinnig om de kwaliteit van de eindspelen in oude partijen te vergelijken met de hedendaagse. Dat zou hetzelfde zijn als iemands blitzpartijtjes te vergelijken met een ander zijn standaardpartijen.”

    Hier ben ik het niet helemaal mee eens. Weliswaar kon er in die goede ouwe tijd worden afgebroken en had men meer tijd achter het bord, maar tegenwoordig heb je tablebases en educatief gezien veel betere boeken. Alle respect voor Fine, Euwe, Averbach en Chéron, maar met de huidige boeken van De la Villa, Lamprecht en Dvoretsky (en van Perlo!) is er voor de gemiddelde schaker tot en met de profschaker geen excuus meer om niet het eindspel te bestuderen.

     

     

    • Avatar
      brabo 10 juni 2016

      Jasper,

      Het aantal sleutelzetten dat je moet leren om dit soort eindspel correct te spelen, is beperkt. Zelfs zonder computers of tablebases moet een team van topgrootmeesters zeker zoiets volledig kunnen doorgronden. Voor Karpov moet het kinderspel zijn geweest om de analyses in te studeren.

      Trouwens uit mijn eigen praktijk kan ik ook enkele afgebroken lange eindspelen tonen waar ik door studie erin slaagde foutloos schaak te produceren. Dit heeft heel wat tegenstanders mateloos geïrriteerd wat zelfs in minstens 2 competities heeft geleid tot een aanpassing van het wedstrijdreglement waarbij niet meer kon worden afgebroken. http://schaken-brabo.blogspot.be/2012/05/afbreken.html

      Betreffende eindspelkennis is het er niet perse op vooruit gegaan. Nakamura had tot voor kort nog niet gehoord van de Vancurapositie. Er zijn talloze voorbeelden van sterke spelers die niet weten hoe mat met loper en paard te zetten. Lees bijvoorbeeld mijn artikel http://schaken-brabo.blogspot.be/2014/07/praktische-eindspelen.html

      Over tablebases kan ik onder andere de anekdote vertellen over de Britse IM die claimde dat 9/10 IMs geen enkele interesse heeft voor tablebases. Kijk naar partijanalyses en het gebeurt erg vaak dat de commentator niet eens de moeite deed om de tablebases te consulteren. Zie http://schaken-brabo.blogspot.be/2012/06/tablebases.html

      Behalve dat de meeste tablebases geen rekening houden met de 50 zetten-regel zijn 99% ook gewoon absurd om te bestuderen.  Om je een idee te geven van hoe onzinnig het soms is, verwijs ik naar het boek van John Roycroft: https://chessbookreviews.wordpress.com/2015/07/05/you-little-stinkers/

      2 eindspelen die in 83 pagina’s worden uitgelegd. Het leukste is dat de praktische waarde dichtbij 0 is want ik heb nog nooit iets gelijkaardigs in de praktijk gezien.

  5. Avatar
    Aard 10 juni 2016

    Hoe had Sofia Polgar het best kunnen reageren op de tirade van Korchnoi?

    Volgens mij waren er 3 mogelijkheden:

    1. “Doe effe normaal”

    2. “Je bent gewoon niet goed genoeg, Viktor”

    3. Ze had zelf kunnen ontsteken in een woede-aanval

    De dominante man a la Korchnoi sterft trouwens uit. Heeft alles te maken met de feminisering van de maatschappij.

  6. Avatar
    Henk Dissel 11 juni 2016

    Bedankt Herman voor je artikel. Voor mij was het een goede reden om het in 1977 verschenen “Viktor Kortjsnoi” (waar ook Paul van der Sterren aan refereert) te herlezen. Viktors toreneindspelboek heb ik overigens in de Duitse uitgave (1995) Tijdens het Koop Tjuchem toernooi van december 1996 vroeg ik Kortsjnoi het te signeren. dat deed hij met grote tegenzin. Niet alleen had hij zojuist van Svidler verloren, maar het was meen ik al zijn derde nul.

    • Avatar
      brabo 11 juni 2016

      Eerste keer dat ik reageerde met de nieuwe layout. Ik moet blijkbaar nog even wennen dat links op een andere wijze moeten worden toegevoegd. Bedankt voor de opmerking.

Alleen geregistreerde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.