Schaakrubrieken weekend 27 mei 2017

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.

Hans Ree Gert Ligterink Hans Böhm Bab Wilders Johan Hut Rini Kuijf Henk Prins

Hans Ree

Miserabele aanfluiting

Tijdens het eerste grand-prixtoernooi van dit jaar, in februari in het emiraat Sharjah, werd er veel geklaagd over het grote aantal remises en vooral over de suffe manier waarop ze soms tot stand kwamen. In mei was in Moskou het tweede toernooi van de serie van vier. Zou het weer zo gaan? In de eerste ronde werd het volgende cynische partijtje gespeeld: Saleh Salem (Verenigde Arabische Emiraten)-Alexander Grisjtsjoek (Rusland). 1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. g3 c6 4. Lg2 d5 5. cxd5 cxd5 6. Pf3 Lg7 7. Pe5 Pe4 8. Pd2 Pf6 9. Pb1 Pe4 10. Pbd2 Pf6 11. Pb1 remise. Afgesproken werk natuurlijk, deze miserabele aanfluiting van ons nobele spel. Hallo heren, het is wel een kwalificatiewedstrijd voor het wereldkampioenschap! Waarom deed de grote schaker Grisjtsjoek dat tegen Salem, die een sterke grootmeester is, maar toch van een veel minder zwaar kaliber? Het leek alsof sommige topschakers zich zo verstrikt hadden in de berekeningen die met de Grand Prix verbonden zijn, dat ze aan schaken nauwelijks toekwamen.

Na Sharjah en Moskou wordt de serie dit jaar voortgezet in Genève en Palma de Mallorca en op grond van een ingewikkeld puntensysteem komen er dan twee spelers uit die volgend jaar mee mogen doen aan het kandidatentoernooi. De winnaar daarvan mag een tweekamp tegen Magnus Carlsen om het wereldkampioenschap spelen.
Er doen 24 schakers mee aan de Grand Prix en ze spelen allen in maar drie van de vier toernooien, wat de tussenstand er voor ons en ook voor henzelf niet overzichtelijker op maakt. Anish Giri moest in Sharjah overslaan en scoorde in Moskou 5 uit 9. Als hij mee wil vechten voor een plaats in het kandidatentoernooi, zal hij in Genève en Palma een tandje moeten bijzetten. Giri liep er in Moskou beslist niet de kantjes bij af. Al zijn partijen waren zware gevechten, waarin hij vaak risico nam, zoals bijvoorbeeld in de volgende partij tegen de Chinese winnaar van het toernooi. Maar er lijkt in de toptoernooien een doem op hem te rusten. Hij kan op zijn hoofd gaan staan en dan wordt het toch remise.

Ding Liren-Anish Giri, Grand Prix Moskou 2017

1. Pf3 d5 2. d4 Pf6 3. c4 e6 4. g3 Lb4+ 5. Ld2 Le7 6. Lg2 0-0 7. 0-0 Pbd7 8. Dc2 c6 9. Td1 b6 10. b3 a5 11. Lc3 Pe4 12. Pe5 Pxe5 13. Lxe4 f5 Hoewel deze grappige zet wel eens gespeeld was, kwam hij voor Ding onverwacht. 14. Lxd5 Wit wil een pion winnen. Het kalme 14. Lg2 was eerder voorgekomen. 14…exd5 15. dxe5 f4 Door deze agressieve pion en door zijn sterke witveldige loper heeft zwart aanvalskansen. 16. cxd5 cxd5 17. Ld4 La6 18. Dc6 Wit gaat op avontuur. 18…Lxe2 19. Te1 Dc8 20. Dxd5+ Kh8 21. Pc3 Ook na 21. Pd2 La6 22. Tac1 Dg4 heeft zwart mooi spel voor zijn pion. 21…La6 22. e6 Td8 23. De4 Lb7 24. Dxf4 Dc6

Gelijktijdig hebben de spelers hun aanvalsbatterijen optimaal in stelling gebracht. 25. Lxg7+ De enige manier om niet te verliezen. 25…Kxg7 26. Df7+ Kh8 27. Pe4 De8 Remise waar je maar kijkt, bijvoorbeeld na 27…Lg5 28. Tac1 Lxc1 29. Df6+. 28. Pg5 Remise, op grond van wederzijds respect. Na 28…Lxg5 29. Dxb7 staat het ongeveer gelijk, al kan er nog best gespeeld worden.

Gert Ligterink

Een kleine stuntelaar, maar ach, wat kon hij schaken

Afgelopen maandag overleed op 67-jarige leeftijd Viktor Koeprejtjsik, een schaker die mij altijd dierbaar is geweest. Die genegenheid begon in 1965 in de kantine van de Niemeyerfabriek in Groningen, waar Koeprejtsjik de show stal tijdens het jaarlijkse juniorentoernooi. Met zijn kleine, wat gedrongen gestalte zag hij er niet bijster indrukwekkend uit, maar ach, wat kon hij schaken. Koeprejtsjik won het toernooi niet. Nadat hij in oogverblindende stijl zijn eerste tegenstanders van het bord had geveegd, begon hij opeens te stuntelen en verloor hij drie van de volgende vier partijen. Daarna liep alles weer gesmeerd, maar de opgelopen averij bleek te ernstig. Koeprejtsjik werd derde achter Hans Ree en de Engelsman Whiteley. Zo ging het vaker. In 1979 en 1980 lukte het Koeprejtsjik in het begin van sterk bezette Sovjetkampioenschappen vijf partijen op rij te winnen. Beide keren stortte hij daarna in en speelde hij geen rol in de strijd om de eerste plaats. Het publiek vergaf hem die wisselvalligheid. Liever zag het een hyper-agressieve speler die won of verloor dan een voorzichtige schuiver die grossierde in remises. De gemiste toernooiwinst in Nederland in 1965 maakte Koeprejtsjik goed door in 1977 op karakteristieke wijze de tweede groep van het Hoogovenstoernooi te winnen met een nederlaag, een remise en negen winstpartijen. Hij verdiende er promotie naar de hoofdgroep mee, maar helaas. Toen het comité Viktor Kortsjnoj uitnodigde voor de editie van 1978, kreeg Koeprejtsjik geen toestemming van de Sovjetautoriteiten om de invitatie te accepteren. Gevraagd naar zijn meest memorabele partij noemde Koeprejtsjik meestal zijn zege op Michail Tal in een toernooi, waarin talenten het opnamen tegen gearriveerde topgrootmeesters.

Koeprejtsjik – Tal Sotsji 1970

1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pc6 5. Pc3 Pf6 6. Lc4 Db6 7. Pb3 e6 8. Le3 Dc7 9. f4 a6 10 .Ld3 b5 11. a3 Le7 12. Df3 Lb7 13. 0-0 Tc8 14. Tae1 0-0 15. Dh3 b4

Over het verloop van de opening kan zwart tevreden zijn. De aanvalspoging 16. axb4 Pxb4 17. e5 dxe5 18. fxe5 Dxe5 19. Txf6 leidt na 19 … Pxd3 tot niets.
16. Pd5 Typisch Koeprejtsjik. Om zijn aanvalskansen te behouden offert hij een stuk. 16 … exd5 17. exd5 Pb8 18. Ld4 g6 19. Tf3 Met als plan Dh3-h6, gevolgd door Tf3-h3. 19 … Lxd5 20. Tfe3 Ld8 21. Dh4 Noodzakelijk tempoverlies. Na 21. Dh6 Pc6 is wits aanval voorbij. 21 … Pbd7 22. Dh6 Db7 23. Tg3 Pc5? Tal onderschat wits mogelijkheden. Met 23 … Lb6! kan hij de aanval afslaan. 24. Pxc5 dxc5
25. f5! Schitterend gespeeld. Als zwart het offer weigert met 25 … Tc7, volgt 26. Lxc5! Le7 (of 26 … Txc5 27. fxg6) 27. Ld4 Ld8 28. Tee3 met winnende aanval. 25 … cxd4 26. fxg6 fxg6 27. Lxg6 Kh8 28. Dxf8+ Pg8 29. Lf5 Tb8 30. Te8 Df7 31. Th3! Zwart geeft op.

Hans Böhm

Een van de aardigste vakbladen in onze wereld was Schaakbulletin dat maandelijks uitkwam tussen 1968 en 1984.
De Nederlandse topspelers maakten verslagen over hun eigen optredens waar dan ook, er was oog voor buitenlandse bladen en nieuwe ontwikkelingen en het functioneren van bestuursleden van de KNSB werd kritisch gevolgd. Toch waren al deze ingrediënten niet de werkelijke reden dat er naar ieder nummer reikhalzend werd uitgekeken. Men trok ook onderling stevig van leer, de kunst van respectvol beledigen. Als je niet beledigd werd, deed je eigenlijk niet mee. De drijvende kracht achter deze inspirerende tone-of-voice was Wim Andriessen, die vorige week op 78-jarige leeftijd overleed. Wim was veelzijdig.
Hij was cartograaf aan de landbouwhogeschool in Wageningen maar gaf die baan op voor Schaakbulletin, waarvan hij de risicovolle uitgever was, redacteur en eindredacteur. Hij was een goed schaker, speelde zelfs een keer mee in het NK 1971, maar de grote strategische lijnen werden in zijn spel vaak onderuit gehaald door tactische hobbels. Jarenlang verzorgde hij de schaakrubriek in De Volkskrant, dat gaf de broodnodige zekerheid. In de beginjaren van Schaakbulletin liftten Jan Timman en ik geregeld naar Wageningen om bij Wim thuis onze bijdragen te maken. Zijn inspiratie en gastvrijheid waren belangrijke afwegingen om die tochten in te zetten.

W. Andriessen – L. Kavalek (naar zijn eigen analyses uit het Bondsblad Schakend Nederland 1967).

Lubomir Kavalek was toentertijd een topgrootmeester, die dit toernooi in Zwolle winnend afsloot met 5,5 uit 7.

1.c4 e5 2.g3 Pf6 3.Lg2 d5 4.cxd5 Pxd5 5.Pc3 Pb6 6.Pf3 Pc6 7.0-0 Le7 8.d3 Le6 9.a3 a5 10.Pa4
Ter voorbereiding van de manoeuvre Lc1-e3-c5. Beter dan 10.Le3 Pd5! 11.Pxd5 Lxd5 12.Tc1 0-0 Botwinnik – Flohr 1958, met gelijke kansen.
10…Pxa4 11.Dxa4 0-0 12.Le3 f6 13.Tac1 Dd7 14.Tfd1 Tfd8 15.Pd2 Ld5 16.Pe4 De6 17.Db5 a4 18.Pc5 Sterker dan Lc5 omdat na ruil van de witveldige lopers, zwarts damevleugelpionnen moeilijk te verdedigen zijn. 18…Lxc5 19.Txc5 Lxg2 20.Kxg2 Ta5 21.Dc4 Dxc4 22.Txc4 Kf7 23.Tdc1 Ke6

Met een stel torens zou zwart beter staan: het paard is sterker dan de loper. Nu heeft wit, gelet op de zwakke a-pion en de slechts door het paard af te schermen zwakte op c7, de beste kansen. Eén voordeel is meestal niet genoeg om een partij te beslissen. Zo’n voordeel moet je vasthouden om daarnaast, meestal aan de andere kant van het bord, een tweede voordeel te creëren. 24.f4! Tdd5 25.Kf2 Kd7 26.fxe5 Txe5 27.g4 Ta8 28.Lf4 Tb5 29.T1c2 Td5 30.d4!
In feite de strategische beslissing want vroeg of laat zullen de centrumpionnen oprukken naar de vijfde rij. Zie hoe deze opmars mogelijk was door de c-lijn permanent onder druk te houden. 30…Te8 31.e3 g5 32.Lg3 f5 33.Tc5! Txc5 34.Txc5 f4 35.exf4 gxf4 36.Lxf4 Te4 37.Kg3 Pxd4 38.Txc7+ Kd8 39.Txh7 Pe2+ 40.Kf3 Txf4+ 41.Kxe2 Txg4 42.Txb7 Th4 43.Tb4 Txh2+ 44.Kd1 Kc7 45.Kc1 Kc6 46.Txa4 en wit won. Dit was een partij van Wim uit-een-stuk, zoals de grote leermeester Botwinnik voorschrijft. Kavalek kende zijn tegenstander niet, compliceerde nergens en werd verrassend vanuit de opening strategisch overspeeld. Meestal ging het helaas ergens fout.

W. Andriessen–J.H. Donner, na 37…Kg8-f7
Een partij uit 1963. Wit staat gewonnen, bijvoorbeeld 38.Tc5 Ld6 39.Lg5 en de d-pion beslist.
38.Lc5 f4 39.Tc8 Lf6 40.Ld6 e3 41.Lxf4 exf2+ 42.Kxf2 Ld4+
‘Met 43.Le3 Lxb6 44.Lxb6 Txd7 45.Tc5 zou wit een eindspel met pluspion kunnen spelen maar het leek mij ongepast dit tegen een grootmeester uit te proberen en daarom stelde ik remise voor wat Donner accepteerde.’ Vanaf 1984 metamorfoseert Schaakbulletin in het Engelstalige New in Chess, het kleine podium van de typisch Nederlandse schaakwereld is geschiedenis. Daar is een prijs voor betaald maar Wim was ook trots op die promotie van zijn geesteskind.

Bab Wilders

Het is nog niet eens juni maar toch wil ik vast wijzen op de moeder aller toernooien, het ND-schaaktoernooi dat op 1 juli zal plaatsvinden in de Amersfoortse Martuskerk. Noteert u de datum maar vast (er heeft een aankondiging in de krant van 19 mei gestaan). Dan nu een amuse: er is weinig bekend over Apartsev dus deze partij is wellicht nep maar wel leuk:

Apartsev-Zaitsev: 1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.Lc4 Pf6 4.Pg5 Lc5! 5.Pxf7 Lxf2 6.Kf1 De7 7.Pxh8 d5 8.Df3 Lh4 9.Lxd5 Pd4 10.Da3 Pxd5 11.Dxe7 Kxe7 12.exd Lh3 13.Pc3 Tf8† 14.Kg1 Tf2 15.d3 Txg2 16.Kf1 Tg1† 17.Kxg1 Pf3 mat. Grootmeesters kunnen tegenwoordig alom schnabbelen, het wemelt van de toernooien en clubcompetities, het is net voetbal: de club wordt landskampioen zonder één speler met de eigen nationaliteit. We leven nu eenmaal in een tijdsgewricht waarin sport (en schaken is voor velen vooral sport) geprofessionaliseerd is. Het zij zo.

Vorige week zagen we een voorbeeld van de Peruaan Granda, nu Lupulescu-Papp: 1.d4 Pf6 2.c4 c5 3.d5 e6 4.Pc3 exd 5.cxd d6 de klassieke Benoni 6.Pf3 g6 7.Lf4 Lg7 8.Da4† Ld7 9.Db3 b5 10.Lxd6 Db6 11.Le5 0-0 12.e3 c4 13.Dc2? Een vreemde zet, geeft wit een tempo met 13.. Lf5 14.Dd1 Pbd7 15.Ld4 Db7 zwart is veel beter ontwikkeld 16.Ph4 Le4 17.Pxe4 Pxe4 18.Lxg7 Kxg7 19.Dd4† zinloos Pdf6 20.f3 Tfe8 21.g3 Tad8! 22.fxe neemt het offer aan en hoopt te overleven. 22.Txe4 23. Dc3 b4 24.Dc1 Pxd5 25.Lg2 Pxe3! Zo komt wit een toren voor maar zijn koning moet het alleen opnemen tegenover een zwarte overmacht. 26.Lxe4 Dxe4 27.Kf2 Td3 28.Te1 Pg4† 29. Kg1 Dd4† 30.Kh1 Df2 31.Pg2 Td2 32.Tg1 (ook 32.Dxd2 Dxd2 33.h3 Pf2† 34.Kh2 Dxb2 is winnend voor zwart) 32..De2 het net sluit zich 33.h4 Pf2† 34.Kh2 Dg4! zwart start een fraaie combinatie 35.Pf4 verhindert dit mat? Dh3†!! 0-1 want 36.Pxh3 Pg4† 37.Kh1 Th2#.

De partij komt uit het boek van de heren Balogh, Maze en Naiditsch (uitgeverij Chess Evolution) Most stunning victories of 2016. Hetzelfde trio is eveneens verantwoordelijk voor Most exciting games of 2016. Beide boeken kosten € 24,95 en leveren de schaakliefhebber, vooral de fans van het naspelen van partijen, samen honderd topprestaties van wereldtoppers maar, zoals bovenstaande partij aantoonde, ook van subtoppers. Dit alles met uitvoerig en deskundig commentaar van deze drie grootmeesters. De boeken zijn mooi uitgegeven, zoals we van Chess Evolution gewend zijn. Met veel diagrammen en duidelijke toelichting op het niveau van de gemiddelde clubspeler, dus zonder de pagina’s vullende varianten die de meer specialistische boeken kenmerken. Die zijn er natuurlijk ook bij deze uitgeverij en daar komen we in één van de volgende rubrieken nog wel op terug. De drie auteurs hebben vooral gezocht naar spectaculaire aanvallen en staan niet al te lang stil bij de openingstheorieën. Er valt dus ook heel wat te leren op tactisch gebied in beide boeken.

Probleem 2632 is een driezet van Vladimirov:

Johan Hut

Andriessen zette steeds de goede stap

Met Wim Andriessen, die twee weken geleden op 78-jarige leeftijd overleed, verliest de schaakwereld een grootheid die pas nu de huldeblijken krijgt die hij bij leven had moeten krijgen. Hij had de Euwering verdiend, schreef Gert Ligterink in de Volkskrant. Dat is niet overdreven. In 1968 richtte Andriessen het blad Schaakbulletin op, als tegenhanger van het gezapige bondsblad. Commercieel leek het niet haalbaar, maar hij was werkzaam in de grafische sector en wist hoe hij op de productiekosten kon besparen. Aanvankelijk was het een blaadje met eenvoudige wedstrijdverslagen, maar in de jaren zeventig werd het met Hein Donner, Tim Krabbé, Max Pam en Jan Timman een blad van hoge kwaliteit met verhalen, polemieken en analyses van topniveau.

In 1984 hief Andriessen het blad op en verving het door het Engelstalige New in Chess. Timman bleef de voornaamste medewerker en Dirk Jan ten Geuzendam bleek een topinterviewer. Inmiddels is het het belangrijkste schaaktijdschrift in de wereld. De topgrootmeesters lezen het en schrijven ervoor. Tegelijk met het tijdschrift ontwikkelde Andriessen ook een databank van partijen, Nicbase. Hij gaf openingsboeken uit met bijbehorende diskettes met partijen die je op je computer kon naspelen, iets nieuws. Ook gaf hij kwartaalboeken uit waarin alle partijen van de afgelopen maanden stonden, vergelijkbaar met de Joegoslavische Informator. Toen die nutteloos werden omdat partijen massaal via internet te downloaden waren, had hij alweer een nieuwe stap gezet. Hij liet hoofdstukken schrijven waarin de nieuwste ontwikkelingen per opening ook werden uitgelegd.

Na zijn pensionering werd hij actiever bij zijn schaakclub De Waagtoren in Alkmaar, waar hij jeugdtalenten begeleidde. Zelf was hij ook een sterke schaker. Het meest trots was hij op een overwinning op de Tsjechische topgrootmeester Lubomir Kavalek, in 1967 in Zwolle.

Andriessen-Kavalek

1.c4 e5 2.g3 Pf6 3.Lg2 d5 4.cxd5 Pxd5 5.Pc3 Pb6 6.Pf3 Pc6 7.0-0 Le7 8.d3 Le6 9.a3 a5 10.Pa4 Pxa4 11.Dxa4 0-0 12.Le3 f6 13.Tac1 Dd7 14.Tfd1 Tfd8 15.Pd2 Ld5 16.Pe4 De6 17.Db5 a4 18.Pc5 Na het ruilen van de witveldige lopers zijn de zwarte pionnen moeilijk te verdedigen. 18…Lxc5 19.Txc5 Lxg2 20.Kxg2 Ta5 21.Dc4 Na dameruil ontbeert zwart ieder actieplan. 21…Dxc4 22.Txc4 Kf7 23.Tdc1 Ke6 24.f4 Het voordeel op de damevleugel is niet genoeg, daarom moet er ook iets op de andere vleugel gebeuren. 24…Tdd5 25.Kf2 Kd7 26.fxe5 Txe5 27.g4 Ta8 28.Lf4 Tb5 29.T1c2 Td5

30.d4 Andriessen vond de strijd hier strategisch beslist. 30…Te8 31.e3 g5 32.Lg3 f5
Wit dreigde gewoon Txa4, dus zwart moet wel voor een bevrijdingspoging gaan. 33.Tc5 Txc5 34.Txc5 f4 35.exf4 gxf4 36.Lxf4 Te4 37.Kg3 Pxd4 38.Txc7+ Kd8
39.Txh7 Goed gezien dat Pe2 helemaal niet erg is. 39…Pe2+ 40.Kf3 Txf4+ 41.Kxe2 Txg4 42.Txb7 Th4 43.Tb4 Hier had zwart mogen opgeven.
43…Txh2+ 44.Kd1 Kc7 45.Kc1 Kc6 46.Txa4 Kb5 47.Tg4 Tf2 48.Kb1 Th2 49.Ka2 Th1 50.a4+ Ka5 51.Ka3 Ta1+ 52.Kb3 Tb1 53.Tg5+ Ka6 54.Ka3 Zwart geeft het op.

Rini Kuijf

Voor beginners A7333
Zwart aan zet, wat moet hij doen?
Voor gevorderden B7333
Zwart aan zet wint, hoe?

Henk Prins

De driezet heeft een verleiding en een oplossing. De verleiding is 1. Kc5? Wit dreigt nu 2. Pe6 met als vervolgdreiging 3. Pg5 mat. Als zwart op de tweede zet het paard slaat, 2. …fxe6, dan volgt 3. Dg6 mat. Omdat wit in de dreiging niet op zijn tweede zet schaak geeft, moet zwart op de tweede zet zien schaak te geven, om daarmee het mat te voorkomen. Zo is 1. …c1D een parade tegen de dreiging. Zwart speelt namelijk 2. De3 schaak en wit kan geen mat geven omdat eerst het schaak van zijn eigen koning uitgeschakeld moet worden. Na 1. …c1D kan wit wel 2. Lxb1 schaak spelen. Zwart kan daarna 2. …Dxb1 doen, maar dan is 3. Te2 mat. Als zwart 2. ….Dxc2 speelt is 3. Dxc2 mat. De promotie tot paard, c1P, is ook een parade tegen de dreiging. Zwart speelt 2. Pb3 of 2. Pd3 schaak en wit kan het dreigmat niet meer uitvoeren. Na 1. …c1P gaat wit mat geven met 2. Te2 schaak, Pxe2 en 3. Lxb1 mat. De oplettende schaker heeft ontdekt dat in de twee promotievarianten de witte zetten, Lxb1 en Te2, op de tweede en derde zet, precies verwisseld zijn. Ook 1. …h1D of P kan de dreiging pareren. Wit speelt dan 2. Dxh1 en 3. Dh7 mat. Zwart weerlegt de verleiding met 1. …axb3 om op de tweede zet wit met 2. Ta5 schaak om de oren te slaan. Wit krijgt het daarna niet meer mat op de derde zet.

De sleutelzet is 1. Lh4! Wit dreigt met 2. Td4 schaak, Kg5/Kf5 3. Dg5 mat, of 2. …Ke3 3. Dd2 of Pd5 mat. Omdat er op de tweede zet door wit wordt schaak gegeven is de weerlegging van de verleiding geen parade meer. De promotieparades uit de verleiding pareren wel de dreiging. Na promotie van de c-pion is de loperlijn van b1 geopend, wat betekent dat na 2. …Ke5 3. Dg5 geen mat is,omdat de loper op f5 kan tussen plaatsen. Nu komt er na 1. …c1D 2. Te2 schaak, De3 en 3. Lxb1 mat. Op 1. …c1P speelt wit 2. Lxb1 schaak, Pd3 en 3. Te2 mat, of 2. …Ke3 3. Te5 mat. Heeft u gezien dat de witte zetten op de tweede en derde zet (Te2 en Lxb1)weer verwisseld zijn. Tevens zijn deze ten opzichte van de verleiding ook weer verwisseld. Dit heet het Tura-thema. Een schematische verantwoording:

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.