Schaakrubrieken weekend 22 juli 2017

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.

Hans Ree Gert Ligterink Hans Böhm Bab Wilders Johan Hut Rini Kuijf Henk Prins

Hans Ree

Lessen van Zhuge Liang

In 2006, toen hij zeven jaar was, verliet het Chinese schakertje Wei Yi zijn ouders en grootouders om in een andere stad bij het gezin van zijn schaakcoach te gaan wonen. Het was moeilijk en soms huilde hij, en misschien huilden zijn ouders ook wel, maar zijn vader had gezegd dat na de pijn de vreugde zoet zou zijn. Later verhuisde Wei naar nog sterkere trainers, en toen hij twaalf jaar was werd hij fulltime prof, met een salaris zoals andere ambtenaren. Toen hij vijftien was en bij de beste 50 van de wereld hoorde, werd hij gezien als een mogelijke uitdager van Magnus Carlsen. In de jaren daarna steeg zijn rating niet, zoals verwacht was, maar daalde die licht. Er werd gedacht dat hij misschien een van die vele wonderkinderen kon zijn over wie gezegd werd dat ze een grote toekomst achter zich hadden. De laatste jaren ging het weer opwaarts. In Wijk aan Zee scoorde hij dit jaar 7,5 uit 13 en hij deelde de derde plaats met Levon Aronian en de verrassende Indiase ster Baskaran Adhiban. Deze week won Wei in de Chinese stad Danzhou zijn eerste toptoernooi. Het was een tienkamp met vijf Chinezen en vijf buitenlanders, waaronder Vasili Ivantsjoek en de voormalige wereldkampioen van de FIDE Roeslan Ponomariov. Wei, achttien jaar oud, staat na die overwinning veertiende op de live ratinglijst. Nog een eind verwijderd van Magnus Carlsen, maar hij nadert. Zoals de tennisser Boris Becker door zijn harde service Boem boem Becker werd genoemd, zo was er ook sprake van Wham Wei, door het geweld van zijn aanvalspartijen. In Danzhou werd het duidelijk dat hij ook subtiel kan spelen. In een interview in 2015 noemde Wei de politicus, uitvinder en militair strateeg Zhuge Liang (181-234, in het tijdperk van de Drie Koninkrijken) een van zijn helden uit het verleden. Eerst waren het de verhalen van Zhuge die hem geboeid hadden, later zijn gedachten en strategieën. Misschien is het een goede tip voor de Nederlandse jonge talenten.

Wei Yi-Xu Yinglun, Ho Chi Minh City 2017

1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 a6 6. Lg5 Pbd7 7. Lc4 Db6 8. 0-0 Dxb2 9. Pd5 Pxd5 10. Tb1 Dc3 11. Lxd5 Dc7 12. f4 Een raadsel waarom iemand met zwart deze variant kiest tegen de aanvalsspeler Wei. Zwart heeft een pion gewonnen, maar alle kanonnen staan op hem gericht. 12…e6 13. Te1 Pc5 Ook na 13…Pf6 14. Lxf6 gxf6 15. f5 heeft wit een gevaarlijke aanval, of zwart de aangeboden loper neemt of niet. 14. f5 Le7 Hierna gaat het mis, maar goede raad was duur. Als zwart de loper neemt, wint wit na 14…exd5 15. exd5+ Kd7 16. Dh5 op slag. 15. Lxe7 Dxe7 16. fxe6 fxe6 17. Pf5 Een mooi plaatje. Twee stukken staan in, maar mogen niet genomen worden. 17. ..Dc7

18. Lc6+ Dxc6 Maar nu moet zwart het loperoffer wel aannemen. 19. Pxd6+ Ke7 20. Dg4 Pd7 Ook na 20…Kxd6 21. Ted1+ of 20…Ld7 21. Ted1 wint wit snel. Met 20…Dxd6 21. Dxg7+ Ke8 22. Dxh8+ Df8 kon zwart nog het langst volhouden. 21. e5 Een kalme slotzet. Zwart gaf op. Hij kan bijna geen zet meer doen. Na 21…Dc5+ 22. Kh1 Pxe5 23. Dxg7+ Kd6 24. Txe5 wint wit in de aanval.

Gert Ligterink

Nog altijd geldt Kramnik als mister Dortmund

In een recente commentaarsessie sprak Nigel Short over het naderende toernooi in Dortmund als het Vladimir Kramnik memorial. Gelukkig is de oud-wereldkampioen springlevend, maar onzinnig was Shorts omschrijving niet. De Duitse organisatoren besteden dit jaar ruime aandacht aan de innige relatie die zij met Kramnik onderhouden. In de 26 toernooien die sinds 1992 in Dortmund zijn gehouden ontbrak zijn naam slechts tweemaal op de deelnemerslijst. Kramnik was 16 en nog niet in het bezit van de grootmeester- of meestertitel, toen hij in 1992 voor het eerst Dortmund bezocht. Voor een plaats op het erepodium naast kanonnen als Kasparov, Anand en Ivantsjoek kwam hij nog niet in aanmerking, maar hij was welkom in de kelder, waar het open toernooi werd gehouden. Kramnik stelde niet teleur. Hij bleef ongeslagen en eindigde op de gedeelde eerste plaats. Die prestatie werd beloond met nagenoeg eeuwige promotie naar de hoofdgroep. Mr. Dortmund zette in de jaren 1995-98 de toon met vier eindzeges op rij en voegde daar later nog zes aan toe. Maar de laatste tijd is Kramniks suprematie minder vanzelfsprekend. In 2011 won hij voor het laatst en als er geen wonderen gebeuren zal hij ook de editie, die zondag eindigt, niet op zijn naam schrijven. De volgende partij komt uit de tijd waarin Kramnik als een vorst regeerde in Dortmund. Peter Svidler werd het slachtoffer van een diepzinnig strategisch plan dat Kramnik met zijn secondant Sakajev had voorbereid.

Kramnik-Svidler Dortmund 1998

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 d5 4. cxd5 Pxd5 5. e4 Pxc3 6. bxc3 Lg7 7. Lc4 c5 8. Pe2 Pc6 9. Le3 cxd4 10. cxd4 Da5+ 11. Ld2 Dd8 12. d5 Pe5 13. Lc3 0-0 14. Lb3 Db6 15. f4! Veel sterker dan het indertijd bekende 15. 0-0 Lg4 16. h3 Lxe2 17. Dxe2 Tac8 met behoorlijk spel voor zwart.
15 … Pg4 16. Ld4! Da5+ 17. Dd2 Dxd2+ 18. Kxd2 e5 Het lijkt alsof zwart de openingsproblemen heeft opgelost.

19. h3! Maar na deze subtiele zet blijkt dat niet het geval. Wit handhaaft groot overwicht in het centrum. Na de volgende zet en ook na 19 … Pf6 20. fxe5 Pxe4 21. Ke3. 19 … exd4 20. hxg4 g5 Een vergeefse poging het witte centrum te ondermijnen. Ook na 20 … Lxg4 21. e5 of 20 … d3 21. Pc3 heeft wit groot voordeel. 21. g3 Lxg4 22. e5 Lxe2 Goede raad was duur, maar deze loper kan zwart echt niet missen. Het proberen waard is 22 … h5 in de hoop ooit de witte pionnenketen met … h4 te ondermijnen. 23. Kxe2 Tfc8 24. Tad1 Tc3 25. Td3 Tac8 26. d6 b5 Nu wint wit geforceerd. Hij kon nog even op de been blijven met 26 … Te8. 27. Txc3 dxc3
28. e6 Kf8 29. e7+ Ke8 30. Lxf7+ Zwart geeft op.

Hans Böhm

Net niet (2)

Het scheelde weinig of niet Loek van Wely was Nederlands kampioen 2017 geworden maar Erik van den Doel. Hij eindigde op de derde plaats (met 4 punten), slechts een half punt achter de winnaars Van Wely en Sipke Ernst. Maar het is niet moeilijk om momenten aan te geven waar Van den Doel, ook al speelde hij een goed toernooi, punten liet liggen. In de onderlinge confrontaties met zijn grootste concurrenten mocht Van Wely blij zijn dat een opmerkelijk openingsexperiment niet werd afgestraft en dat een gelijkwaardig middenspel werd beslist onder druk van de tijd (zie rubriek 8 juli). Tegen Ernst speelde Van den Doel lange tijd een voorbeeldige partij.

E. van den Doel – S. Ernst, na 40…Kg8-f7

Wit heeft troeven: zijn stukken staan actiever en zwart heeft zwakke pionnen. Ik gaf die dag commentaar en samen met het publiek waren we enthousiast over 41.d5, een logische zet waarmee wit diverse dreigingen in het spel brengt, Lc3 actief maakt en d6 vastlegt. Na 41…Lf6 42.Lxf6 Kxf6 43.Txd6+ Ke5 44.Tc6 Txc6 45.dxc6 Txb2 46.Tc1 Tb8 47.c7 Tc8 48.Tc6 zit zwart in de tang (48…Pe8 49.Kh3). 41.Pd5 Td7 42.Pxe7 Kxe7 43.d5 Kf7 44.Tha1 Pe8 45.Ta7 Tbb7 46.Txb7 Txb7 remise.
Wit staat niet meer beter: 47.Ta5 Pf6 48.Kf1 Ke7 49.Ke2 Pg4. “Ik kwam goed weg,” lachte Sipke na afloop en dat was zo.

In de slotronde moest Van den Doel winnen om op de gedeelde eerste plaats te komen.

E. van den Doel–B. Bok, na 28…a6-a5

Wit houdt de spanning er in met 29.b7 Tb8 30.d5! cxd5 31.Db5+ Kf8 32.Da6 en de dreiging is 33.Txe6. 29.f5? a4? Waarom niet 29…Dxf5 en zwart wint. 30.fxe6 b3+ 31.axb3 axb3+ 32.Kc3 Da1 33.Dc4 Wit wint met 33.exf7+ Kf8 34.Dxg6 Da5+ 35.Kd3 Db5+ 36.Ke3 en de schaakjes raken op zodat zwart wel moet overgaan tot 36…Tb8 37.Th2 Dg5+ 38.Dxg5 Lxg5+ 39.Kd3 Lh6 40.Lxh6 en wit wint. Van den Doel had de winst dus voor het grijpen. 33….Da5+ 34.Kxb3 Dxb6+ 35.Kc2 f5 36.Th2 0-0-0!

Ja, dat zou je best over het hoofd kunnen zien in de tijdnoodfase, zwart had koning en toren heel bewust nog niet bewogen. Plotseling is de b-pion onder controle en doen alle zwarte stukken mee. De wilde stelling komt in rustiger water. 37.Lc3 Kb7 38.Th1 Db5 39.Dxb5 cxb5 40.Th7 Lf6 41.d5 Lxc3 42.Kxc3 Txd5 43.Txg7+ Kc6 44.Txg6 Te5 45.e7+ Kd7 46.Tg7 Txe7! Het uitroepteken staat er om de computer een lesje te leren. Die beoordeelde deze zet als blunder maar de grootmeester had dieper gekeken. 47.Txe7 Kxe7 48.Kb4 Kf6 49.Kxb5 Kg5 50.b4 Kg4 51.Kc4 Kxg3 52.b5 f4 53.b6 f3 54.b7 f2 55.b8D+ Kg2 en we hebben een bekend theoretisch remise-eindspel, dame eindspelen tegen a, c, f en h-pion zijn, uitzonderingen daargelaten, remise (56.Db2 Kh1).

Erik van den Doel speelde voor het eerst mee in het NK in 1997, en sindsdien behoort hij als grootmeester tot onze nationale top. In het NK-2001 eindigde hij gedeeld eerste met Van Wely. In 2001 en in 2005 werd hij met het Nederlandse team Europees kampioen. Op zijn eigen site weidt hij niet uit over zijn successen maar hij gaat, als veganist, wel diep in op het eten van dieren. ‘Behandel een ander zoals je zelf behandeld zou willen worden. Waarom zouden we dit alleen betrekken op onze eigen soort?’ staat er. Hij legt uit waarom hij zelf veganist is en met plezier vrijwilligerswerk doet bij de Partij voor de Dieren. Om terug te keren naar de schaaksport: qua Elo-rating is Van den Doel sinds 2000 niet sterker geworden maar ook niet afgezwakt. Hij staat nu op 2575 en zijn hoogste piek had hij in 2003: 2615. Het is te hopen dat Erik van den Doel inspiratie put uit dit NK-2017, want hij was dicht bij de zege.

Bab Wilders

Het blad New In Chess wordt door clubspelers in 116 landen gelezen. De uitgever meldt het met gepaste trots. Bij een dergelijke mededeling vermenigvuldigen zich mijn gedachten. Zo denk ik aan de legendarische lessen aardrijkskunde van meester Nieuwenhuis op de Oranjeschool, die er vijftig landen met stokslagen in ramde. Maar ook vraag ik mij af wat er mis is met de tachtig landen waar het blad niet gelezen wordt. Hier ligt een taak voor zendingsactiviteiten, was ik vijftig jaar jonger, dan zou ik me graag aanmelden. Hoewel, persoonlijk heb ik wel het vermoeden dat er met die landen inderdaad wat mis is, ook op andere gebieden. Hoe het ook zij, men is in Alkmaar op de briljante gedachte gekomen een bloemlezing te publiceren van artikelen uit de voorgaande jaargangen onder redactie van Steve Giddins met als titel The New In Chess Book of Chess Improvement (€ 24.95). Alles wat in een schaakpartij voorkomt, wordt behandeld, vanaf de eerste zet tot en met het sneuvelen van zijne majesteit, en vooral ook meer gecompliceerde thema’s als offeren, ongelijk materiaal, theoretische posities enz. Ook talrijke partijen waarbij topspelers hun eigen gedachten en zetten analyseren. Hoewel, topspelers? Niet minder dan acht wereldkampioenen doen mee: Kasparov, Karpov, Kramnik, Anand, Smyslov, Carlsen, Topalov en Tal. Maar ook bijna-kampioenen als Korchnoi en Timman. En samen met de huidige toppers krijgen we zo ook een overzicht van de schaakgeschiedenis van de laatst drie decennia. Iedere lezer kan dit boek op eigen manier gebruiken: gewoon genieten en nog eens terugdenken aan die goeie ouwe tijd of het inzetten voor schaaklessen of eigen studiemateriaal. Het lijkt me ook logisch dat wie dit boek uit heeft, zich onmiddellijk voegt bij het gezelschap dat in de eerste zin van deze rubriek wordt genoemd. Het boek heeft alles in zich om een klassieker te worden.

In het super-toernooi in Noorwegen mocht ook Giri meedoen, zij het net. Hij scoorde een niet onverdienstelijke 50 procent al had er meer in gezeten. In dezelfde ronde waarin Aronian Carlsen van het bord mepte won Giri van een andere wereldkampioen:

Giri-Anand:

1.c4 e5 2.Pc3 Lb4 3.Pd5 Lc5 (Pa6 kan ook) 4.e3 Pf6 5.b4 Pxd5 6.bxc5 Pf6 7.Pf3 Pc6 8.Le2 0-0 9.Lb2 d6 10.cxd cxd waarom geen Dxd6? 11.0-0 Te8 12.a4 b6 13.d3 Lg4 14.h3 Lh4 15.g4 Lg6 Het zijn nog inleidende schermutselingen. 16.Ph4 Tc8 Het is mij onduidelijk waarom Anand hier geen Pxg4 speelt
17.Pxg6 hxg 18.Lf3 g5 19.Lg2 Pd7 (Ph7!) 20.f4 gxf 21.exf Pc5 22.fxe dxe er valt nog weinig van te zeggen 23.Ld5 Tf8 beter Te7 24.Df3 Dd7 25.Lc3 Pe6 26.Tae1 Pe7nu komen er verwikkelingen waarin zwart verrassend snel kopje-onder gaat. 27.Txe5 Pxd5 28.Txd5 Dxa4?? (een zinloze zet, nodig was 28..De7 29.De4 Dc7 30.Le5 Db7) 29.g5 sterker Th5 29..Tc5 30.h4 Txd5 31.cxd5 Pc5? Natuurlijk staat wit ook na Dxh4 beter maar nu komt 32.g6 Dd7? (f5) 33.Lb4 1-0 bv 33.De7 34.d4 Df6 35.Dxf6 gxf6 36.dxc5 enz.

Probleem 2640 is een driezet van Bron:

Johan Hut

Van den Doel heeft er weer eentje bij

Erik van den Doel had zondagmiddag in de laatste ronde van het Science Park Toernooi in Amsterdam aan een remise genoeg voor de ongedeelde toernooiwinst. Tegenstander Evgeni Gleizerov had geen bezwaar tegen die uitslag, de Rus zou daarmee al zeker zijn van een gedeelde tweede plaats. De remise kwam er dus binnen een uur. In de minimaal vier uur die volgden tot de prijsuitreiking heeft de Leidse grootmeester wellicht wat Amsterdamse attracties bezocht. Of hij heeft genoten van het zomerzonnetje met wat drankjes en veganistische hapjes. Wat hij in elk geval direct deed, was op zijn website www.erikvandendoel.nl het item ‘gewonnen toernooien’ aanvullen. ‘2017, Amsterdam/Nederland, 7,5 uit 9, 1e plaats’, noteerde hij koeltjes. Hij nummert ze niet, maar wie de moeite neemt ze te tellen komt tot 118 toernooizeges. Daartussen veel eendagstoernooien (snelschaak) en je moet naar zijn Wikipedia-pagina gaan om uit te vinden welke belangrijke toernooien ertussen staan. Dat is toch wel een serieuze rij. Dit SPA-toernooi won hij eerder in 2014, al was het toen lang niet zo sterk bezet als vorig jaar en nu. Het open kampioenschap van Nederland in Dieren won Van den Doel in 1998 en 2007. Het Leiden Chess Tournament in 2007 en 2008. Daarmee staat hij nu op zes grote Nederlandse zomertoernooien, naast talloze hoog aangeschreven weekendtoernooien. Vooral in het begin van zijn carrière won hij ook nogal wat buitenlandse toernooien.

In 2001 werd Van den Doel samen met Loek van Wely eerste op het Nederlands kampioenschap, waarna hij de barrage verloor. Vorige maand, dus zestien jaar later, werd hij nog gewoon netjes derde. Van den Doel maakte ook deel uit van het Nederlandse team dat in 2001 en 2005 Europees kampioen werd. Hij heeft een erelijst die wel eens wordt onderschat. In Amsterdam deed hij het uitstekend. Voor de laatste ronde nam hij geen genoegen met makkelijke remises en hij versloeg enkele van zijn belangrijkste rivalen. De leukste partij was er een tussen twee kanshebbers voor hoge plaatsen, maar kreeg een vroeg en abrupt einde.

Ten Hertog-Kunin

1.c4 Pf6 2.Pc3 e5 3.e3 Lb4 4.Pge2 0-0 5.a3 Le7 6.d4 d6 7.b3 c6 8.Lb2 Pbd7 9.Pg3 exd4 10.exd4 d5 11.Ld3 dxc4 12.bxc4 Pb6 13.0-0 Le6 14.Db3 Dc7 15.a4 Tad8 16.a5 Pc8 Zwart heeft nou niet bepaald een stelling om blij van te worden. 17.Tfd1 Tfe8 18.d5

Vier keer aangevallen en drie keer gedekt, maar na 18…cxd5 19.cxd5 Pxd5 20.Pxd5 Lxd5 21.Lxh7+ Kxh7 22.Txd5 staat wit beter, al is het voordeel niet bijzonder.
18…Lg4Om de zwakte f3 uit te lokken, denkt wit, maar er zit een duivels plan achter.`19.f3 Lc5+ 20.Kh1
20…Dxg3! Een donderslag bij heldere hemel. Na 21.hxg3 Te5 kan wit het mat niet voorkomen, ook niet na 22.fxg4 Pxg4. Toch kan wit zich redden, namelijk met 21.Pa4 Dd6 22.Pxc5 Dxc5 23.Lxf6 gxf6 24.fxg4 en er is niet zo veel aan de hand. Ten Hertog stuurt zijn paard echter de verkeerde kant op.
21.Pe4 Pxe4 22.fxg3 Of 22.Lxe4 Dh4 en zwart blijft gewoon een stuk voor. Wat nu gebeurt, is erger. 22…Td6
De andere toren kan ook mat geven. Wit kan er niets meer tegen doen. 23.Lc1 g5 24.fxg4 Th6 Mat.

Rini Kuijf

Voor beginners A7380
Wit aan zet, wat moet hij doen?
Voor gevorderden B7380
Zwart aan zet, wat is juist?

Henk Prins

De afgelopen wintermaanden is een aantal problemen besproken rond wittelijnthema’s. Aan de hand van voorbeeldproblemen werden de thema’s A en B uitgelegd. De thematiek is gebaseerd op witte interferenties en werd gecombineerd met opening en sluiting van witte lijnen door zwart.
De draad wordt weer opgepakt, met aandacht voor het thema C, dat ook tot de familie van deze witte lijn thema’s behoort. De definitie van thema C is: twee, of meer, velden naast de zwarte koning zijn door wit gedekt. Zwart sluit af, zodat om beurten die velden vluchtvelden zouden worden. Wit opent bij de matzet echter een nieuwe lijn om dat veld te dekken. Een prachtige tweezet van A. Bottacchi, die in 1932 een eerste prijs haalde in Italië, illustreert dit thema voortreffelijk.

Met de mooie sleutelzet 1. Tb6! maakt wit de dreiging 2. Df5 mat mogelijk. Het probleem draait om de themavelden c5 en e4. Deze velden zijn na de sleutelzet maar eenmaal verdedigd door wit, namelijk door de witte dame. Als zwart 1. …Dc3 speelt, dan kan de dreiging niet doorgaan. Wit moet met zijn matzet ook er voor zorgen dat het vrijgekomen vluchtveld voor de zwarte koning, veld c5, ook gedekt moet worden. Na 1. …Dc3 laat de zwarte dame veld d6 los, zodat wit kan kiezen welke toren op d6 mat gaat geven. Na 1. …Dc3 werkt alleen 2. Tbxd6 mat, omdat daarmee ook veld c5 gedekt is, wit opent immers met zijn toren de diagonaallijn van de loper van a7. De andere torenzet voorziet niet in die dekking en is dus geen mat. De tweede thematische parade van zwart is 1. …Dd3. Nu wordt veld e4 van zijn laatste dekking beroofd. Het is nu niet moeilijk meer om de matzet 2. Tgxd6 te vinden. Veld e4 wordt door de lijnopening van loper h7 netjes gedekt. Uiteraard valt nu de matzet 2. Tbxd6 af. Het mag duidelijk zijn dat Thema C ook een thema is waar dual-vermijding een hoofdrol speelt.

Tweezet 916 van H. Lies vertoont ook thema C. Deze tweezet kan worden opgelost. De uitleg volgt over twee weken.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.