Bareev’s Exciting Chess Life (boekenrecensie)

Recentelijk verscheen het boek “Say No to Chess Principles!” van Evgeny Bareev. Een primeur in meerdere opzichten. Want hoe vaak hoor je een ex-wereldtopper dit advies geven, laat staan dat hij er een heel boek over schrijft? Maar wie is deze ex-wereldtopper eigenlijk? Bareev is een Russische schaker die opgroeide in de tijd van Boris Gelfand, Vishy Anand en de Nederlander Jeroen Piket. En dat niet alleen, hij heeft ze vaak het leven goed zuur gemaakt; achter het schaakbord wel te verstaan. Hij groeide op in de afbrokkelende Sovjet Unie en leerde goed schaken in de Smyslov-school. Hij was al eens co-auteur van een boek, maar met dit boek bezorgt hij ons tevens een primeur door het helemaal zelf te schrijven. Dat ging niet eenvoudig, zo schrijft hij in het voorwoord, het kostte hem zo’n twee jaar om geïnspireerd te raken. Gelukkig is die inspiratie er ten overvloede gekomen.

Dan het boek. Inspiratie is er dus wel gekomen, maar wat kun je verwachten van een boek dat “Say No to Chess Principles!” heet? Het feit dat het niet geschreven is door een liefhebbende amateur zoals ondergetekende moet toch hoop geven? Grappig genoeg geeft Bareev in een podcastinterview met Ben Johnson ook al aan dat het niet zijn eerste keus was en dat de titel hem is aangepraat (link naar podcast staat onderaan het verslag). Zeld vind ik de titel ook niks, veel te extreem. Alsof Bareev je aan gaat raden basisprincipes te negeren. Vooral ook gezien de inhoud van het boek is de titel te beperkt.

Maar ja, wat is dan gezien de inhoud wel een goede titel? Omdat het boek praktisch een biografie is van Bareev’s leven en het daarbij bijna alleen maar bestaat uit zijn partijen, had de titel ook “Bareev’s Exciting Chess Life” kunnen zijn, of iets dergelijks, want beide aspecten zijn erg boeiend. Daarom is dit wat mij betreft ook echt een erg goed boek dat ik met plezier heb gelezen. Ik ga in op beide onderdelen.

Wat dit boek echt goed maakt, zijn de anekdotes voorafgaand aan de partijen. Denk hierbij niet aan de vlotte grappende babbel van grootauteur Lakdawala. Nee, denk hierbij aan een rustige maar boeiende schrijfstijl, die je even makkelijk mee kan nemen met een leuk en soms mindere leuke gebeurtenis. Zo kom je veel schaakgeschiedenis tegen in zijn anekdotes over de schaakscholen, zijn strijd in jonge jaren tegen Boris Gelfand of tegenstanders die hij vreesde en waar hij groot respect voor had. Het geeft veel inzicht in wie Bareev was en hoe hij omging met zijn schaakcarrière. Maar daar stopt het niet mee. Echt interessant wordt het als hij begint te vertellen over meerdere (!) keren dat hij in oog staat met geweren, het zwemmen in zee met onweer, het met koorts ineenzakken in de speelzaal zonder geholpen te worden en het daaropvolgende ziekenhuisritje door heel Moskou heen. Echt geweldig. Hij schrijft rustig een pagina vol over een gebeurtenis om er vervolgens niet meer op terug te komen. Het maakt niet uit, want het leest heerlijk weg.

En qua schaakinhoud? Daar wordt ook voldoende aan besteed. Het boek kent zeven hoofdstukken, wellicht herkent u er al iets in:

  1. Play without castling
  2. A Queen behind enemy lines
  3. When a piece in the center is grim
  4. A piece down in a worse position
  5. At the edge of the board
  6. Killer delayed castling
  7. Rewards of doubled pawns

Een aantal van deze hoofdstukken geven relatief snel weg dat ze het tegenovergestelde zijn van een schaakprincipe. Zo rokeer je in de regel wel (hoofdstuk 1), zet je stukken niet aan de rand en wel in het centrum (hoofdstuk 3 en 5) en zijn dubbelpionnen doorgaans ook niet je beste vrienden op het bord (hoofdstuk 7). Twee hoofdstukken vallen een beetje uit de toon, vooral hoofdstuk 4 vind ik onlogisch in het geheel, omdat dit hoofdstuk niet echt een duidelijk to do-regel tegenover zich heeft. Het hoofdstuk wil overigens aantonen dat je met een stuk minder en in een slechtere stelling nog best wat hebt om voor te spelen. Dat doet het dan wel weer goed. Hoofdstuk 6 sluit weer aan bij hoofdstuk 1, waardoor ook dit hoofdstuk wat uit de toon valt. Het verschil met hoofdstuk 1 is de keuze om alsnog te rokeren en niet de hele partij met een koning in het midden te spelen.

Elk hoofdstuk start met een introductie. In deze introductie wordt aangegeven waar het hoofdstuk over gaat en op welke aspecten gelet moet worden. Neem bijvoorbeeld het eerste hoofdstuk over de koning in het midden. Hier wordt ingegaan op de kwetsbaarheid van de koning. In aanvallend opzicht wil je graag open lijnen en veel stukken in de aanval. Wanneer dat niet mogelijk is, dan wordt een koning in het midden interessanter. Bijvoorbeeld om een lange termijn voordeel te krijgen in het eindspel, omdat de koning actiever staat of omdat je tijd bespaart en die inzet voor een aanval op een vleugel. Het feit dat er toch nog zo veel principes worden besproken in een boek met de titel “Say No to Chess Principles”, bevestigt wat mij betreft maar weer dat de titel van het boek te ongenuanceerd is. Waar Bareev echter wel sterk voor pleit is dat elke stelling eigen kenmerken heeft en dat op basis van die kenmerken keuzes gemaakt moeten worden. Je moet daarom niet klakkeloos vertrouwen op een principe dat je koning altijd veilig moet staan of dat het loperpaar beter is dan het paardenpaar. Precies dit had ik laatst ook in een training met jeugdspelers. Een enkeling kon toch echt niet instemmen met het ruilen van een loper tegen een paard. Zelfs al leverde dat uiteindelijk een stelling op met een goed paard tegen een slechte loper. Al met al denk ik dat de chess principles ons goede houvast geven tijdens de partij. Toch moeten we, zoals Bareev pleit, elke stelling weer beredeneren of de schaakprincipes nu wel of niet leidend moeten zijn. Oke, soms moet je dan toch ‘nee zeggen tegen de schaakprincipes’.

Na de inleiding van het hoofdstuk worden er enkel partijen bekeken. De meeste zijn van Bareev, die een erg leuke en creatieve stijl heeft. Hij heeft daarom geen enkele moeite met het vinden van partijen die passen binnen de hoofdstukken. Elke partij wordt voorzien van commentaar. Hierin is Bareev wel beperkt, hij neemt je niet per se aan de hand mee. De inleiding geeft aan waar je globaal op moet letten en na de partij wordt er soms gezegd dat dit een voorbeeld was waarin, bijvoorbeeld, een loper in het centrum helemaal niet actief was. Deze stijl maakt dit boek een boek voor gevorderde schakers. Je moet kennis hebben van de basisprincipes en van het kunnen analyseren van partijen. Natuurlijk kun je door de partijen heen bladeren, maar echt leren van dit boek kan alleen met echte analyse. Wanneer je een hoofdstuk echt goed bestudeert zul je zeker veel leren over dat thema, want Bareev laat met zijn topniveau zien hoe dat dan moet.

Om af te sluiten een voorbeeld waarin Bareev achter de zwarte stukken het opneemt tegen onze Jan Timman. Hij beschrijft Timman als een geniale speler die met kennis, inzicht en techniek behoorde tot de wereldtop. Ondanks dat Bareev Timman pas treft in zijn late jaren beschrijft hij alle partijen als memorabel, omdat Timman nooit het gevecht schuwde.

Concluderend kan gezegd worden dat dit een erg mooi boek is. De anekdotes maken het boek wat mij betreft. De partijen passen heel goed in het boek, wat het boek een mooi geheel maakt. Als je het boek wilt kopen om een betere schaker te worden, dan moet je er echt voor willen gaan zitten. Het boek vraagt een actieve leerhouding. Ik denk dat je vanaf een 1900 rating ongeveer dit boek moet gaan aanschaffen. Aan de andere kant, als je dit boek wilt kopen om gewoon eens door amusante partijen heen te spelen, terwijl je ook kunt genieten van leuke anekdotes, dan is het boek voor iedereen.

Link podcast: www.perpetualchesspod.com/new-blog/2019/5/14/episode-126-gm-evgeny-bareev

Boek: Say No to Chess Principles!

Auteur: Evgeny Bareev

Uitgeverij: Thinkers Publishers

ISBN-nummer: 978-94-9251-051-8

Pagina’s: 271

Gepubliceerd: 2019

Website uitgever: thinkerspublishing.com/product/evgeny-bareev-say-no-to-chess-principles/

Link naar onze recensenten

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.