“Wolfgang Uhlmann” door Manuel Nepveu

Uitgelachen worden door een grootmeester, het zal je maar gebeuren. Mij overkwam het. Met schaakmaten deed ik in 1999 aan het “Dresdner Open” mee, het toernooi dat ons het jaar daarvoor ook al zo goed bevallen was. Dit jaar hadden we uitzonderlijk veel last van wespen. Met behulp van mijn sigaren joeg ik de beesten de stuipen op het lijf. Op zijn minst. Maar op het moment dat ik me heel vriendelijk en geciviliseerd gedroeg en geen vlieg of wesp kwaad deed, werd ik door zo’n apparaat gestoken. Geluid en gebaren maakten omstanders direct duidelijk wat er aan de hand was. Algehele vrolijkheid, Schadenfreude in optima forma. Grootmeester Wolfgang Uhlmann lachte meedogenloos met de aanwezige meute mee. Lees de hele column Wolfgang Uhlmann in PDF.

7 Comments

  1. Avatar
    ManvanStaal oktober 09, 2020

    Vraagje van een simpele clubspeler 🙂  (1400 / 1500)

    Hoe is het vreemd of opmerkelijk dat iemand Frans speelt en ook Konings-Indisch speelt? Vraag vanuit nieuwsgierigheid, niet als rethoriek.

    Ik speel al jaren Konings-Indisch met veel plezier. Er is iets magisch aan de opening, iets onvoorspelbaars.

    Ik heb een aantal jaren Frans gespeeld, maar vind dat het niet echt voor mij is. Het komt te nauw met zettenvolgorde, en de gambietjes liggen mij niet. Gambietjes zoals Milner – Barry, of is het Barry – Milner. En ook het vreselijke Alekhine-Chatard gambiet, wat ik inmiddels mijdt.

    IK ben al een aantal jaar op zoek naar een goed antwoord op e4. Moderne verdediging is niet voor mij, ik kom in de verdrukking en kom er niet meer uit. Idem met Caro-Kahn. Ik ben nu Siciliaans aan het uitproberen, en dan de Versnelde Draak, volgens zeggen de meest positionele variant in het Siciliaans. Is dat dan iets voor iemand die blij wordt van Konings-Indisch? Wat zou goed passen? Ik ben beter positioneel dan tactisch.

    Dingen als Hippopotamus e.d, is vast ook leuk, maar meer iets voor zo nu en dan, als verrassing 🙂

    • Avatar
      Zuid Limburg oktober 10, 2020

      Beste Manvanstaal,

      Ik ga nu vast iets zeggen wat voor schaaktrainers vloeken in de kerk zal zijn… Het is mijn mening dat een diepe openingskennis er beneden de 2000 rating niet toe doet. Even onder voorbehoud van jeugdspelers dan, zij kunnen nog groeien. Ik maakte het zelf in m’n beginjaren mee. Hele openingen leerde ik uit m’n kop, speelde die verdraaide tegenstander een totaal onbekende zet op zet 7. Wat heel logisch is, net als ik wisten ook zij van toeten noch blazen over wat die opening nu werkelijk vereiste.

      Ik heb mezelf een specifiek repertoire aangeleerd waar ik me als een vis in het water bij voel. Euwe toonde in een openingsboek dat de O’Kelly Siciliaan niet beantwoord mag worden met d4  (e4 c5  Pf3 a6  d4?). Dus ging ik dat eens uitproberen.  Ik speel dit nu bijna 30 jaar, geloof me: vrijwel iedereen tot 2000 ELO (en ook nog wel erboven) speelt klakkeloos d4. Omdat d4 nu eenmaal de geëigende zet is in de Siciliaan… Dan heb je meteen je voordeeltje te pakken. Zo heb ik in de jaren een breed repertoire opgebouwd wat min of meer gericht is op fout reageren van de tegenstander. Gewoon omdat het kan… Uiteindelijk klom ik zo op tot 1800-1900 rating. Tussentijdse probeersels om me toch in serieuze openingen te verdiepen, leidden zeker niet tot een niveaustijging.

  2. Avatar
    Nepje oktober 10, 2020

    Ha ManvanStaal,

    ik verkeer in de veronderstelling -misschien onjuist – dat een speler openingen kiest met een zekere samenhang. Ik ken iemand die de Gruenfeld speelt op 1.d4 en Aljechin op 1.e4. In beide gevallen bestookt Zwart het centrum van de tegenstander nadat hij die eerst in de gelegenheid heeft gesteld om een sterk centrum te bouwen. De samenhang begrijp ik dus. Het KoningsIndisch is meestal een opening waarin Zwart de mouwen meteen opstroopt om te gaan matten. Bij het Frans gaat e.e.a. subtieler, ook al zijn er Wild-Westvarianten. Maar meestal … beschaafd afstandelijk en eventjes afwachten. Dat is dus toch iets anders. Vandaar mijn vraag.

    Wat jouw vraag betreft: KI combineren met de Pirc? Daar zou ik me heel goed iets bij kunnen voorstellen. Laat andere lezers ook maar een duit in het zakje doen!

    Succes met je speurtocht!

    Nepje

     

  3. Avatar
    Pieter Priems oktober 10, 2020

    Hoi Man van Staal,

    Ik speelde ook jaren Konings-indisch en Frans (en heel lang geleden ook nog de Draak). De overeenkomst is volgens mij dat het beide gaat om een ketelstrijd, waarbij het centrum vaak (half)gesloten is. Frans is net als Konings-indisch erg complex. Daarom ben ik overgestapt van Frans naar de Moderne Verdediging. Het klopt dat je dan in de verdrukking komt, maar volgens mij niet meer of minder dan in het Konings-indisch. Wat mij het meest heeft geholpen bij de Moderne Verdediging is het boek van Hillarp Persson. Het is een dikke pil met veel analyses, maar hij legt ook de grote lijn uit en dat is voldoende. En hij heeft ook een hoofdstuk over de nijlpaarden variant, ook heel leuk.

    Ik zie beide verdedigen als een soort paraplu. Je houdt hem ingeklapt (in de ‘verdrukking’) totdat het regent (je tegenstander te ver gaat) en dan ploep, gaat ie open en ben je in het voordeel. Het kost wel een tijdje voordat je aan zo’n opening gewend raakt en de patronen gaat zien.

    Ondertussen speel ik met wit ook de Konings-indische-aanval en g3. Een systeem spelen is veel makkelijker te doen dan allerlei variantjes met gambieten enzo. En als je met wit en zwart hetzelfde speelt leer je ook sneller.

     

  4. Avatar
    ManvanStaal oktober 10, 2020

    Dank beiden. Met beide reacties kan ik iets en geeft wel begrip 🙂

    Van de Pirc had ik de indruk dat het wat statischer is dan Moderne Verdediging. Beide lijken qua structuur wel op Konings-Indisch, met d6 en de konings-fianchetto.

    Ik zal beiden eens opnieuw gaan spelen en er wat meer theorie over opzoeken.

  5. Avatar
    Frits Fritschy oktober 10, 2020

    Als je het filmpje ziet, lijken Frans en Koningsindisch (KI betekent dacht ik wat anders) toch erg veel gemeen te hebben. Mooie vondst trouwens  en briljant hoe Uhlmann zich niets van de bijzondere situatie aan lijkt (ik heb het geluid uit staan) te trekken.

    Vraag me niet om een quote (het geheugen is als een hond die nooit komt als je hem roept), maar volgens Petrosjan (de echte) is Koningsindisch gewoon gespiegeld Frans. Kijk naar zijn partijen met de Winawer/Nimzowitsch waarin hij b6 speelt, niet om de loper op a6 af te ruilen; nee, gewoon Lb7 en lang rokeren.

    Een nog duidelijker overeenkomst is de liefde die spelers van deze openingen koesteren voor hun zogenaamd slechte loper. Een rots in de branding als verdediger en een moordenaar als de stelling open komt. ( Ik speel al vijftig jaar Frans.)

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.