Sadler verrast Tatacomité

De recente, overweldigende successen van Matthew Sadler hebben het organisatiecomité van het Tata Steel Chess Tournament enigszins in verlegenheid gebracht. Sadler heeft voor januari aanstaande namelijk een uitnodiging gekregen en aangenomen voor de C-groep. Toernooidirecteur Jeroen van den Berg: “Ik kan er niets meer aan veranderen, maar ik ga hem bellen, hier moeten we over praten.”

Comeback

Matthew Sadler was kampioen van Engeland in 1995 en 1997.

Lees meer >

Canon (47): Nederlandse toparbiters

Hebben arbiters het druk met controle op het naleven van de spelregels? In de tijdnoodfase zeker, maar tegenwoordig ook met het controleren op hulpmiddelen. Behalve met spelregels houden arbiters zich ook bezig met de omstandigheden in de speelzaal. Het niveau van schaakarbiters staat in Nederland op een hoog niveau. In de geschiedenis springen er twee uit: Constant Orbaan en Geurt Gijssen.

Constant Orbaan (geboren in 1918) leefde tijdens de Tweede Wereldoorlog ten gevolge van tuberculose op het randje van de dood. Na zijn herstel pakte hij zijn studie medicijnen weer op, maar door intensieve aandacht voor het schaken maakte hij die niet af.

Lees meer >

Canon (46): Hoogovenstoernooi

Een toernooi met 44 deelnemers uit het Kennemerland groeide uit tot misschien wel het grootste individuele schaaktoernooi ter wereld, waar tegenwoordig een belangrijk deel van de wereldtop aan deelneemt. Het wordt gespeeld onder de rook van de hoogovens en is daarnaar genoemd, al luidt de officiële naam nu dan anders.

Het begon in 1938 in Beverwijk als een vierkampentoernooi voor schakers rond de IJmond, met in de hoofdgroep de allang vergeten Philip Bakker, Jilling van Dijk (samen winnaar), Jan Zoontjes en Piet van de Bronk. Een jaar later meldden zich twee Amsterdammers, waarna het een Noord-Hollands toernooi werd genoemd.

Lees meer >

Canon (45): Daniel Stellwagen

Leeftijdsrecords en jeugdtitels, daarin grossierde Daniel Stellwagen. Toen hij elf jaar was, voorspelden schaakjournalisten hem een grote toekomst. Dat hij acht jaar later ‘slechts’ gedeeld vijfde werd op het wereldjeugdkampioenschap, vonden sommigen een teleurstelling. De ultieme bekroning van een voortvarende jeugdcarrière kwam er niet.

Daniel Stellwagen werd geboren op 1 maart 1987 en begon te schaken bij de Soester Schaakclub. Hij kwam voor het eerst groot in het nieuws toen hij in oktober 1998 zevende werd in het VAM-toernooi in Hoogeveen. Met een overwinning op de Fin Yrjo Rantanen was hij de jongste Nederlander die ooit van een grootmeester won.

Lees meer >

Canon (44): Illustere voorzitters

Sinds de oprichting in 1873 heeft de (K)NSB 34 voorzitters gehad. Daar zaten sterke schakers tussen, zoals de Nederlandse kampioenen Dirk en Arnold van Foreest, Johannes Esser en zelfs Max Euwe (1943-45). De meeste voorzitters waren natuurlijk meer bestuurder dan schaker. Aan Alexander Rueb is een apart venster gewijd.

Drie andere voorzitters lichten we er hier uit.

In 1948 trad het voltallige KNSB-bestuur af op verzoek van de bondsraad. Er moest een nieuw bestuur komen en als voorzitter werd Henk van Steenis gekozen. Men zei namelijk tegen elkaar dat hij ‘wat kon’, maar het was niet duidelijk wat dat was, zo schreef hoofdredacteur Slavekoorde in het bondsblad na Van Steenis’ overlijden.

Lees meer >

Canon (43): Hogeschool Zeeland Toernooi

 

Zonnen op het strand, zwemmen in de zee en ’s avond schaken, er is geen Nederlands toernooi waar het woord zomertoernooi zo letterlijk wordt opgevat als bij het Hogeschool Zeeland Toernooi in Vlissingen. Intussen is het ook een toptoernooi geworden waar wereldtoppers graag aan deelnemen.

Begin jaren negentig had Vlissingen een weekendtoernooi, dat door Paul van Rooijen in het bondsblad (september 1997) werd omschreven als ‘niet zo ambitieus’. Ambitieuzer werden de Zeeuwen volgens hem toen Hans Groffen uit Utrecht naar zijn provincie terugkwam.

Lees meer >

Grootmeesters verlaten Meesterklasse

Robin Swinkels, Daniel Stellwagen, Robin van Kampen, Sipke Ernst, Jan Werle en Daan Brandenburg, dat zijn de Nederlandse grootmeesters die komend seizoen in de Meesterklasse spelen. Niet meer. Van de 28 Nederlandse grootmeesters zijn er zes opgegeven voor de hoogste klasse, vijftien voor lagere klassen en zeven spelen bij mijn weten niet in de competitie.

Steeds meer clubs in lagere klassen slagen erin een sponsor te vinden, terwijl clubs in de Meesterklasse daar steeds meer moeite mee hebben.

Lees meer >

Canon (42): Henri Weenink

Een Nederlandse topspeler, een vrolijke schaakjournalist en een internationaal geprezen problemist, dat was Henri Weenink alledrie. Weinigen hebben Caïssa op zo’n veelzijdige wijze gediend als hij.

Henri Weenink (geboren 17 oktober 1892) had zijn kandidaatsexamen in de wiskunde al gehaald, toen hij in 1914 werd opgeroepen voor militaire dienst.

Hij werd als officier in Zeeuws-Vlaanderen gelegerd. Omdat Nederland in de Eerste Wereldoorlog neutraal was, had Weenink daar veel tijd om te schaken, wat hij op zesjarige leeftijd al had geleerd. Het schaakspel won het van de wiskunde.

Lees meer >

Canon (41): Oudste schaakverenigingen

Tot ongeveer 1800 werd in Nederland vooral geschaakt door de adel en door legerofficieren. Mede daardoor was Den Haag het schaakcentrum van Nederland. Op 15 mei 1803 werd het Haagsche Schaakgenootschap opgericht, de eerste schaakvereniging van Nederland. Niet veel later werden er ook clubjes opgericht in Alkmaar, Goes en Vlissingen, maar het is niet duidelijk of daar sprake was van echte verenigingen.

Op 19 september 1822 werd het Amsterdamse Schaakgenootschap (ASG) opgericht. Dat speelde correspondentiepartijen tegen onder andere Vermaak door Oefening, de eerste schaakclub in Rotterdam, en Palamedes uit Den Haag.

Lees meer >

Canon (40): John van der Wiel

Nummer twee van Nederland, nummer vijftien van de wereld, winnaar van vele toernooien, recordhouder bij Nederlandse kampioenschappen en in clubcompetities: John van der Wiel is een van de allergrootsten in de Nederlandse schaakgeschiedenis en blijft gewoon doorgaan.

John van der Wiel werd geboren op 9 augustus 1959 en bracht zijn schaakjeugd door bij Philidor Leiden.

In 1978 werd hij jeugdkampioen van Nederland en in Groningen Europees jeugdkampioen. Die zege leverde hem direct de titel van internationaal meester op.

Lees meer >