Top-40 Nederlandse schakers. 7: Genna Sosonko

Een onbekende Rus kwam in 1972 naar Nederland. Na een jaar werd hij Nederlands kampioen, weer een jaar later meester en in 1976 grootmeester. Enkele jaren later kon Genna Sosonko zich meten met de sterksten ter wereld.

Genna Sosonko in 1979. Foto: nationaal archief.

Genna Sosonko (geboren 18 mei 1943) had in 1967 deelgenomen aan het kampioenschap van de Sovjet-Unie, waar hij 27e werd. Na dat toernooi vroeg Michael Tal hem als secondant en een paar jaar later deed Viktor Kortchnoi hetzelfde. In 1972 emigreerde Sosonko via Israël naar Nederland, waar niemand hem kende.

In 1973 won hij het Nederlands kampioenschap. Het reguliere toernooi won Sosonko samen met Enklaar en Zuidema, waarna hij de barragedriekamp won. Geen sterke bezetting en daarom werd later dat jaar de Amsterdamse Vierkamp georganiseerd, om de nieuwkomer op zijn plaats te zetten. Dat lukte niet echt, Donner en Ree scoorden 6,5 punten en Timman en Sosonko 5,5. Vanaf dat moment behoorde Sosonko dus tot de ‘grote vier’.

Veel NK’s speelde hij niet. In 1974 werd Sosonko samen met Ree tweede, ruim achter Timman. Zijn volgende NK, in 1978, won hij samen met Timman. Omdat een beslissingsmatch niet in hun agenda paste, deelden ze de titel. Tot en met 1998 speelde Sosonko twaalf NK’s, waarin hij nog twee keer gedeeld tweede werd. In 1987 ruim achter Timman, in 1992 ruim achter Piket.

 

Wereldtop

Veel Olympiades speelde Sosonko wel. Van 1974 tot en met 1996 speelde hij alle elf waaraan Nederland deelnam. Met 62,5 procent scoorde hij goed, in 1976 behaalde Sosonko een gouden medaille aan het tweede bord.

Zijn belangrijkste toernooizeges waren de Hoogovenstoernoien van 1977 (samen met Geller, voor Timman) en 1981 (samen met Timman, voor Taimanov, Browne en Andersson). Tussendoor, in 1979, werd hij in Wijk aan Zee tweede. Ook uitmuntend in die tijd waren zijn derde plaatsen in Amsterdam (IBM) 1980 en Tilburg (Interpolis) 1982, beide keren achter Karpov en Timman. In Amsterdam voor Hort en Ribli, in Tilburg voor Petrosjan, Smyslov, Portisch en Hübner. Die spelers behoorden in die tijd tot de absolute wereldtop en Sosonko bereikte dus ook die top. In de top twintig stond hij van januari 1978 tot januari 1983, met twee keer een zestiende plaats als hoogste. In de top honderd stond hij van 1976 tot 1989.

Genna Sosonko in 1998 met de vrijwel exact even oude Tim Krabbé. Foto: Johan Hut.

Karakteristieke scores voor Sosonko bij die beste resultaten waren een paar overwinningen en veel remises. Hij kon de wereldtop aan, maar dat was net te weinig voor een sprong naar de top tien. Opmerkelijk genoeg was hij naast een van de grootste kenners van het Catalaans ook een specialist in de scherpe Drakenvariant van het Siciliaans, die hij met zwart speelde. In 1975 zei hij tegen Max Pam: “Tactiek is mijn sterkste punt en daarom moet ik mijzelf af en toe dwingen scherpe stellingen te spelen.” Toch is hij daar niet bekend om geworden.

Sosonko in 1999 als explicateur in Hoogeveen. Foto: Johan Hut.

Timmans angstgegner

Sosonko kon rond 1980 de wereldtop aan, maar niet zo bekend is dat hij vooral, naast de absolute wereldtoppers, een van de weinigen was die Jan Timman aankon. En meer dan dat! Van 1975 (toen Timman al Nederlands kampioen was) tot en met 1983 (toen Timman nummer twee van de wereld was geweest) boekte Sosonko in Wijk aan Zee, Amsterdam en Tilburg tegen Timman een score van 7-1, naast een groot aantal remises.

Na zijn periode als wedstrijdschaker ging Sosonko werken voor uitgeverij New in Chess, met name voor de jaarboeken over openingstheorie. Ook schreef hij vier boeken met verhalen, vooral over Russische schakers van weleer, maar ook over andere wereldtoppers.

In 2007 ontving Genna Sosonko de Max Euwe Ring voor zijn verdiensten voor het Nederlandse schaken. Ik zet hem op 7. Hij hield zich vijf jaar lang knap staande tussen de allersterksten van de wereld, waarbij zijn 7-1 tegen Timman heel bijzonder was.

 

5 …

6 …

7 Genna Sosonko

8 John van der Wiel

9 Ivan Sokolov

10 Sergei Tiviakov

11 Hans Ree

12 Paul van der Sterren

13 Friso Nijboer

14 Lodewijk Prins

15 Erwin l’Ami

16 Theo van Scheltinga

17 Dimitri Reinderman

18 Salo Landau

19 Jan Smeets

20 Nico Cortlever

21 Hans Bouwmeester

22 Coen Zuidema

23 Frans Kuijpers

24 Dirk van Foreest

25 Gert Ligterink

26 Erik van den Doel

27 Jorden van Foreest

28 Kick Langeweg

29 Daniel Stellwagen

30 Eddie Scholl

31 Henri Weenink

32 Robin van Kampen

33 Hans Böhm

34 Rini Kuijf

35 Hoan Liong Tan

36 Haije Kramer

37 Daniël Noteboom

38 Norman van Lennep

39 Rudy Douven

40 Rob Hartoch

 

Als u linksboven in het scherm klikt op ‘top 40’, kunt u langs alle voorgaande afleveringen scrollen.

 

De top-40 is niet gebaseerd op ratings en titels, maar op de positie en prestaties van Nederlandse schakers ten opzichte van hun tijdgenoten, nationaal en internationaal.

 

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.