Carlsen wint de tiebreak 3-0 en behoudt zijn titel

Magnus Carlsen heeft zijn titel met succes verdedigd. Nadat het hem in de twaalf partijen met reguliere bedenktijd geen enkele keer gelukt was Caruana te verslaan, lukte hem dat in de rapidpartijen wel, en hoe: het werd 3-0. In de eerste partij miste Caruana een remise in een toreneindspel, de tweede won Carlsen in slechts 29 zetten na een rekenfout van zijn tegenstander en ook in de derde partij kwam hij geen moment in de problemen. Een zeer overtuigende overwinning dus en zijn beslissing om een gunstige stelling in de twaalfde matchpartij remise te geven is dus uiteindelijk goed uitgepakt. Een verslag van de drie tiebreakpartijen, één voor één:

In de eerste rapidpartij werd Caruana getruct in de opening. Er kwam min of meer een Rossolimo op het bord; met verwisselde kleuren echter. Caruana dacht niet na op zet 4 en merkte na 5.Pge2 dat hij te laat was om op c3 te slaan. Zwart probeerde tegenspel te krijgen met a6 en b5, won zelfs de pion op c4 maar ten koste van een slechte pionnenstructuur. Wit speelde het daarna niet helemaal nauwkeurig maar na 19…Pb5 had hij winnend voordeel kunnen krijgen. Het trio Giri, Svidler en Grischuk zocht lang hoe, vond wel 24.Txd4 Kf7 25.Kh1! a6 26.Td6 Tc2 maar niet het vervolg 27.Lf1! en het is niet gek dat Carlsen dat ook niet vond achter het bord. Hij koos (waarschijnlijk niet vol overtuiging) voor een toreneindspel waarbij hij een pion meer had maar zijn koning afgesneden was over de tweede rij. Even later ontstond deze stelling.

Dit zou je het beslissende moment van de match kunnen noemen. 37…Ta2! maakt remise om na 38.Kh3 Kxe4 39.Te7+ Kf3! te hebben. In plaats daarvan kwam meteen 37…Kxe4 en na 38.Te7! Kxf5 39.Txg7 ontstond een toreneindspel g+h tegen a waarvan Grischuk dacht dat het remise zou zijn, maar dat was het niet. Carlsen had goed door dat hij niet snel met zijn koning naar g4 moest gaan (dan is het wel remise) maar eerst met zijn pionnen moest lopen om met de koning g5 te kunnen bereiken. Daarna was het makkelijk.

Die nederlaag had waarschijnlijk invloed op het spel van Caruana in de tweede partij. De variant van de twaalfde matchpartij werd herhaald, maar dit keer koos Carlsen voor 11…Db8 in plaats van 11…Lf5. Wit kwam daarna wat beter te staan maar het plan met c5 en c6 (in plaats van rustig doorontwikkelen) was wat te haastig, ook al zag het er heel natuurlijk uit. Vrijpion op c6, goed gedekt, paard op d5, het leek mooi, maar de witte koning stond nog op e1 en na 25…e4! was 26…Pe5 een vervelende dreiging. Na 27.Ld4 was er nog niet veel aan de hand geweest; Caruana moet een misrekening gemaakt hebben, want 27.c7? kon gewoon geslagen worden en twee zatten later gaf hij op.

Dat maakte de stand 2-0 met nog maximaal twee rapidpartijen te gaan. In Amerika hadden ze nog hoop op de moeder aller comebacks, Svidler vertelde hoeveel spijt hij had dat hij bij de CL-finale AC Milan – Liverpool na de eerste helft de tv had uitgedaan (ruststand 3-0, eindstand 3-3, Liverpool wint na strafschoppen) en er zijn diverse voorbeelden bekend van spelers die met wit alleen maar remise hoefden te maken maar de druk niet aankonden (laatst nog Lagno die genoeg had aan remise om wereldkampioen te worden maar verloor).

Van Carlsen is bekend dat hij goed kan omgaan met deze situatie  Vaak wint hij dan zelfs (b.v. in de match tegen Karjakin en tegen Aronian in de eerste Sinquefield Cup). Hij speelt niet passief (zoals Lagno deed) maar houdt wel controle (en zorgt ervoor niet in tijdnood te komen). Zo ging het ook in de derde rapidpartij. Zwart kreeg een relatief gunstige drierijensysteem met de loper buiten de keten (c5) maar nadat die werd afgeruild kon hij door de druk op d6 niet veel doen. Wit kwam ietsje beter te staan, maar gaf dat voordeel weg met 26.e5. Dat was waarschijnlijk een bewuste beslissing: alle torens werden geruild, met 31.Pd7 ook nog twee paar lichte stukken en er onstond een eindspel van dame-loper tegen dame-paard waarin wit de gevaarlijkste vrijpion had. De witte koning stond wat luchtig, waardoor zwart makkelijk eeuwig schaak kon maken, maar meer niet. Zwart vermeed eeuwig schaak en andere remisevarianten, de c-pion liep door, promoveerde waarna Caruana niets anders restte dan Carlsen te feliciteren met het wereldkampioenschap.

In de persconferentie na afloop ging het onder andere nog over de twaalfde partij en wat Carlsen vond van de reacties van Kasparov en Kramnik. “Zij hebben recht op hun domme mening”, was zijn commentaar 🙂 Verder legde hij uit dat hij vooraf al van plan was geweest om remise aan te bieden als hij beter zou staan, al had hij wel de mogelijkheden van zijn stelling onderschat.

 

 

1 Comment

  1. Avatar
    wimw november 29, 2018

    Door die wat ontluisterende nederlaag van Caruana in de tweede barrage partij was dit voor mij toch een beetje een anticlimax, maar Caruana heeft in de klassieke partijen ook net te weinig laten zien om het wereldkampioenschap te verdienen.

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.