Competitie stopt: Paul Keres slachtoffer, Blerick gered

De KNSB-competitie is voorbij, na zes van de negen ronden. Volgend seizoen beginnen de ploegen opnieuw, met dezelfde indeling. Er vindt geen promotie en degradatie plaats. Paul Keres is een van de grootste slachtoffers, Blerick is door een toevallige omstandigheid gered en promoveert toch naar de eerste klasse. Terecht, maar andere ploegen hadden het ook verdiend.

 

Meesterklasse

Charlois Europoort loopt zijn vierde landstitel mis, maar die was nog lang niet binnen. De Rotterdammers waren twee punten los, maar zouden de nummers drie, vier en vijf nog tegen zich krijgen. MuConsult Apeldoorn was zeker nog een kanshebber voor de eerste landstitel. Onderin waren Groninger Combinatie, HWP Sas van Gent en Caïssa de degradatiekandidaten. Caïssa zou het zwaar krijgen, al waren er gezien het resterende programma nog kansen. Nu mogen de Amsterdammers het volgend seizoen gewoon weer proberen.

Lees meer >

WK-kandidatentoernooi in de media (5): Böhm: “Sorry Anish”

Hans Böhm heeft aan Anish Giri zijn excuses aangeboden over zijn opmerking over Giri’s privéleven. “Ik had jouw privéleven niet moeten koppelen aan een evenement in coronatijd.” Dat schrijft Böhm in een persoonlijke reactie aan De Gooi- en Eemlander, waar Wim van der Wijk onderstaand bericht van maakte. Het bericht stond vandaag ook in het Noord-Hollands Dagblad, Haarlems Dagblad, IJmuider Courant en Leidsch Dagblad.

 

Böhm trekt boetekleed aan

Schaakmeester Hans Böhm betreurt zijn uitspraak over grootmeester Anish Giri. Dat schrijft hij aan deze krant na onze berichtgeving over de schaakrel eerder deze week.

Böhm deed zijn uitspraak vorige week in de Volkskrant (interview met Robèrt Misset – JH), waarop Giri vervolgens ongekend fel reageerde via Twitter en suggereerde dat Böhm niet langer de status verdient van schaakambassadeur. Een – niet officiële – functie die Böhm al tientallen jaren bekleedt in de Nederlandse schaakwereld.

Böhm, vaak ‘mr. Chess’ genoemd, neemt nu afstand van de gewraakte passage waarin hij een verband legt tussen Giri’s privéleven – reeds jong in de twintig een gezin gesticht – en zijn vermeende niet optimale spel – te veel op zekerheden gericht.

Lees meer >

WK-kandidatentoernooi in de media (4): Giri laconiek over coronagevaar tijdens toernooi

Anish Giri heeft na thuiskomst gereageerd op het afbreken van het kandidatentoernooi. Dat deed hij op diverse manieren, waaronder een interview met Robèrt Misset in de Volkskrant.

Giri in die krant: “Ik voelde me als een marathonloper die na 21 kilometer moet stoppen en te horen krijgt dat hij na een half jaar rust weer vanaf hetzelfde punt verder moet. Maar hoe dan?”

Giri vindt zichzelf een langzame starter en had om die reden liever een heel toernooi gespeeld dan twee keer een half toernooi. “Het is een raar idee, de één start nu eenmaal sneller dan de ander. Ik was slecht begonnen en had me net weer bij de achtervolgers gevoegd. Dat momentum ben ik kwijt. Hoe zal het gaan bij de hervatting? Bij die halve marathon kan ik me geen valse start meer permitteren.”

Lees meer >

WK-kandidatentoernooi in de media (3): ‘Blamage voor het schaken’

Terwijl veel schakers blij waren dat een schaaktoernooi het enige belangrijke sporttoernooi in de wereld was dat doorgang vond, vond Hans Böhm het juist een blamage voor het schaken. “Zo wil je toch geen aandacht voor je sport?” Dat zei hij in een interview met Robèrt Misset in de Volkskrant. Ook had Böhm kritiek op het spel van Giri en dat viel bij de jonge grootmeester opvallend slecht. Zelf deelt hij op Twitter talloze plaagstootjes uit, maar kennelijk vond hij dit meer dan een plaagstootje. Dat was het ook.

‘Kandidatentoernooi was blamage voor het schaken’, kopte de Volkskrant boven het artikel.

Böhm over het afbreken van het toernooi: “Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald, maar dit toernooi had natuurlijk nooit mogen beginnen. De schakers zaten op minder dan anderhalve meter afstand van elkaar, er werden handen geschud en bij de opening waren meer dan 1.500 mensen aanwezig. Nepomniatsjtsji zat na zijn zege op Ding Liren hoestend en proestend de partij te analyseren. De schakers deden precies wat we vanwege dat virus niet moeten doen.”

Lees meer >

WK-kandidatentoernooi in de media (2): Ding en Giri over hun voorbereiding

De gezondheid van de acht spelers lijkt een nog hogere prioriteit te hebben dan die van de hoogwaardigheidsbekleders. Dat schreef Hans Ree na de eerste ronde van het WK-kandidatentoernooi in NRC-Handelsblad. Er waren nogal wat hoogwaardigheidsbekleders bij de openingsceremonie en die zaten als haringen in een tonnetje. Volgens Ree zaten er ongeveer duizend toeschouwers in de zaal. Een bizar contrast met de veiligheidsmaatregelen die de spelers in acht nemen. Zij waren dan ook niet bij de opening, wat gezien de omstandigheden goed is, maar verder natuurlijk wel bizar. De hoofdpersonen ontbraken op het feest.

Ree over de openingsceremonie: “Ongeveer duizend genodigden luisterden naar toespraken van de gouverneur van het district Sverdlovsk, van FIDE-president Arkadi Dvorkovitsj en van oud-wereldkampioen Anatoli Karpov en ze keken zoals dat in Rusland gebruikelijk is naar een klassiek ballet met muziek van Tsjaikovski. Maar plotseling keken veel mensen op hun telefoontje. Er was een bericht dat het Russische ministerie van Sport alle internationale sportevenementen in Rusland had verboden. Sloeg dat ook op het schaaktoernooi dat net werd geopend?”

Lees meer >

WK-kandidatentoernooi in de media (1): Giri voor niets en niemand bang

Ieder nadeel heb ze voordeel, is een gevleugelde uitdrukking van filosoof Johan Cruijff. Natuurlijk hebben we allemaal te lijden onder het coronavirus, persoonlijk en als schaakwereld. Sportevenementen op alle niveaus zijn geschrapt. Dit heeft een bijzonder neveneffect: de sportredacties omarmen het schaken. Ze willen toch sportpagina’s maken en schrijven die momenteel vol over de gevolgen van alle afgelastingen. Maar daartussen kunnen ze ruime aandacht besteden aan dat ene belangrijke sportevenement dat wel doorgaat: het WK-kandidatentoernooi van de schakers.

Volkskrant

De Volkskrant heeft die extra stimulans eigenlijk niet nodig, Robèrt Misset kreeg in januari ook al veel ruimte voor Tata Steel. Deze week schreef hij een groot verhaal over Anish Giri.

Giri over de risico’s: “Ik moest meteen een coronatest doen, ik verkeer in goede gezondheid. Voor de zekerheid is er geen buffet in de eetzaal en bestel ik à la carte. En bij het restaurant is desinfecterende gel om je handen schoon te maken.”

Lees meer >

BSG werd eerste dorpsclub in de hoogste klasse

De KNSB-competitie begon honderd jaar geleden met slechts vijf clubs uit de vier grote steden: VAS en ASC uit Amsterdam, NRSV uit Rotterdam, DD uit Den Haag en Utrecht. In deze aflevering van Teun Koorevaar in onze serie over de KNSB-competitie is te lezen dat BSG (Bussum) in 1930 als zesde werd toegelaten. Schaakhistoricus Ton Sibbing, de inmiddels overleden conservator van het Max Euwe Centrum, deed daar onderzoek naar voor het jubileumboekje van zijn club BSG in 1991. Waarom werd deze dorpsclub zomaar toegelaten door de elitaire stadsclubs?

Na de start van de competitie werden er overal in het land regionale competities opgezet. In 1923 begon dat in Utrecht en het Gooi, een combinatie die nog steeds bestaat als de Stichts-Gooise Schaakbond. De naam was oorspronkelijk District III. BSG en Utrecht 2 werden beurtelings kampioen, de andere clubs waren HSG (Hilversum) en Amersfoort en vanaf 1926 Weesp. De diverse regionale competities heetten tweede klassen, de competitie van de grote vijf heette eerste klasse. Natuurlijk waren er wel mensen die op het idee kwamen van promotie en degradatie, maar de grote vijf hielden dat tegen.

Lees meer >

Charlois Europoort – BSG 5½ – 4½

Charlois Europoort en BSG wonnen allebei hun eerste vijf wedstrijden. De onderlinge wedstrijd van zaterdag zou je dus de kampioenswedstrijd kunnen noemen. Maar het is nog lang niet afgelopen. Charlois staat dankzij deze overwinning op 12, BSG en MuConsult Apeldoorn op 10. Bijzonder: Apeldoorn ontmoet beide andere ploegen nog! Charlois ontmoet ook nog En Passant en Kennemer Combinatie en heeft dus nog een loodzwaar programma. Omdat geen van beide ploegen tot nu toe een verslag op hun clubsite heeft gezet, geef ik hier alvast mijn korte verslag in De Gooi- en Eemlander. Hopelijk later meer.

 

Een teleurstelling, maar het blijft spannend tot het einde. Zo reageerde de Bussumse teamleider Thomas Willemze op de krappe nederlaag van BSG in de topper tegen Charlois Europoort. In Rotterdam won de thuisploeg met het kleinst mogelijke verschil: 5,5-4,5.

BSG en Charlois stonden na vijf van de negen ronden met de maximale score samen bovenaan. Logischerwijs verschenen beide ploegen op volle oorlogssterkte aan de start. Er gingen dingen goed voor BSG, zoals een snelle overwinning van Robert Ris en een makkelijke overwinning van Jesus Garrido Dominguez. Er waren ook tegenvallers, zoals dat de Rotterdammers Erik van den Doel op een laag bord hadden gezet, waartegen Lars Ootes niet bestand was.

Lees meer >

Anekdotengids voor Schaakliefhebbers

Twee jaar na zijn ‘Reisgids voor Schaakliefhebbers’ heeft Rob Spaans een nieuw boek geschreven: de ‘Anekdotengids voor Schaakliefhebbers’. Spaans, oud-medewerker van uitgeverij New in Chess, is duidelijk zelf een schaakliefhebber en niet alleen van het spel op het bord, maar zeker ook van de cultuur eromheen. Voor de reisgids bracht hij vele plaatsen over de hele wereld in kaart waar je op schaakgebied bijzondere stukken, borden, tafels, klokken, boeken, beelden, schilderijen, foto’s, bekers, graven, tapijten, dorpen, straten, mozaïeken, computers, schoenen en tekeningen kunt vinden. Nu schrijft hij talloze anekdotes op, bijeen verzameld uit vele boeken en tijdschriften. Het zou me niets verbazen als hij die allemaal thuis heeft liggen. Als je beide boeken hebt gelezen, of zelfs maar hebt doorgebladerd, dan krijg je de indruk dat het huis van Rob Spaans een schaakmuseum is.

Het boek van 256 pagina’s bevat vooral korte anekdotes. Een halve pagina is zo’n beetje het gemiddelde, al komen er ook anekdotes van twee pagina’s in voor. Het aantal is dus heel hoog. Wat is een anekdote? In de inleiding schrijft Spaans dat anekdotes volgens Van Dale korte, grappige verhalen zijn. Mijn mening over het boek is, dat de meeste verhalen wel grappig zijn, maar niet allemaal. Het is geen moppentrommel. Ik kom daarop terug bij de voorbeelden. Moeten de verhalen echt gebeurd zijn? Spaans haalt de bekende uitspraak aan dat de waarheid een goed verhaal niet in de weg mag staan. Zijn boek is geen geschiedenisboek, schrijft hij, maar van het overgrote deel is het aannemelijk dat de verhalen echt zo hebben plaatsgevonden. Een sterk punt is, dat onder ieder verhaal de bron staat vermeld. Achter in het boek staan die bronnen nog eens op een rijtje en die lijst beslaat maar liefst negen pagina’s. Die bronvermelding vind ik vooral belangrijk omdat ik niet iedere schrijver even serieus neem. Van sommige schrijvers denk ik: dit kan gebeurd zijn. Van andere schrijvers denk ik: ja, dit zal zeker kloppen.

 

Legendes

Ik zou de anekdotes in categorieën kunnen indelen (grappig, interessant, dubieus enzovoort), maar vind het wat handiger een aantal chronologisch te behandelen, net zoals in het boek. Dan wordt de categorisering vanzelf duidelijk.

Het boek begint met het bekende verhaal van Sissa en de graankorrels. Dat is een legende, geen waar gebeurd verhaal. Er volgt een verhaal van een Britse legerofficier die een strijd tegen de Amerikaanse troepen verloor doordat hij een belangrijk bericht miste omdat hij verwikkeld was in een schaakpartij. Beetje onwaarschijnlijk.

Een bekend verhaal is dat bij het toernooi Londen 1883 de voorzitter van het organisatiecomité een toost uitbracht op ‘de beste schaker van de wereld’. Steinitz en Zukertort stonden beiden op om de spreker te bedanken. Een verhaal dat ik niet kende, is dat de zeer veelzijdige Emanuel Lasker eerst zonder succes een boerenbedrijf had en dat vervolgens een duivenfokkerij ook een fiasco werd. De reden daarvan begreep hij pas toen iemand hem vertelde dat de twee duiven waarmee hij begon, allebei mannetjes waren.

Lees meer >

100 jaar KNSB-competitie

Deze maand is het 100 jaar geleden dat de eerste wedstrijden in de KNSB-competitie werden gespeeld. De bond was toen natuurlijk nog niet koninklijk en heette NSB, wat in die tijd nog geen beladen afkorting was. Geschiedenisverhalen komen vaak heel toevallig tot stand. Het is niet zo dat onze redactie er enthousiast op afstevende, nee, we kregen vorige week zomaar een tip van Co Buysman, schaker bij Caïssa-Eenhoorn in Hoorn. Hij verdiept zich allang in de Nederlandse schaakgeschiedenis.

Het eerste competitieseizoen was 1920-21, op de site van de KNSB is een lijst van kampioenen te zien. Je zou dus zeggen dat de competitie is begonnen rond september 1920, maar in een gedegen verhaal van wijlen Ton Sibbing, een nauwgezette geschiedschrijver, had ik al gezien dat het in februari begon. Co Buysman ontdekte dat er in de eerste jaren van de twintigste eeuw al initiatieven werden genomen en ook wedstrijden werden gespeeld.

Als je Timman, Van Wely, Sokolov en Van der Wiel in een team zet met buitenlandse wereldtoppers als Lautier, Goerevitsj en Vaganjan erbij, dan heb je wel kans dat je kampioen van Nederland wordt. Panfox Breda in 1998., (Foto: Johan Hut)

Zoals ik in 2011 al schreef in de Canon van het Nederlandse schaken, op deze site, ontmoetten clubs elkaar voor 1920 wel in vriendschappelijke massakampen. De eerste officiële competitie was elitair, alleen vijf clubs uit de steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht mochten eraan deelnemen.

Lees meer >