Eindspelfinesses 16: Loper van de verkeerde hoek II

Krijgt u wel eens een eindspel op het bord in uw partijen? En was u tevreden over de afloop? Of knaagde er iets waarvan u later dacht: “Dat had ik anders kunnen spelen?”

Schaaksite biedt een eindspelrubriek aan waarin u uw kennis kunt opfrissen of eventueel uitbreiden. De internationale meesters Twan Burg en Herman Grooten zullen op frequente basis u proberen bij te praten over diverse eindspelfinesses.

Speciaal voor de clubschaker is dit de negende aflevering van een serie die gaat over het eindspel. In deze aflevering gaat voor de tweede maal de aandacht uit naar de loper van de verkeerde hoek. Het gaat hier om een uitzonderlijk eindspel waarin wit een loper en randpion meer heeft tegenover slechts de vijandelijke koning, maar waarin hij toch niet kan winnen omdat zijn loper niet van de kleur is van het hoekveld. Zoals we al eerder geconstateerd hebben zijn alleen de gevallen waarin de verdedigende koning de veilige hoek nog niet heeft bereikt, interessant. Vorige keer gaf ik een eindspelstudie van Herbstmann uit 1928. Het ging om de volgende stelling.

De auteur geeft de volgende hoofdvariant om de winst voor wit af te dwingen:

1. b6 axb6 2. a6 Kc6 3. Le7 Kc7 4. Lxd6+ Kc6 5. Kd3 b5 6. Lc5 Kc7 7. La7 b4 8. Kc4 1-0

Ik behandelde deze studie ooit in een rubriek voor het dagblad Trouw. Destijds kreeg ik een ingezonden brief van iemand uit Dokkum en die maakte mij er op attent dat Herbstmann een belangrijk alternatief heeft gemist. Zwart dient na 1. b6 volgens de heer Wassenaar niet verder te gaan met 1. … axb6 maar met 1. … Kc6! (Dreigt 2. … Kb7 met remise.) Zijn analyse ging toen verder met 2. Lxd6 (Nu volgt op 2. … Kb7? 3. Lc5! en wit wint.) 2. … axb6 3. a6 b5 (Dreigt de pion te veroveren met 4. … Kb6.) 4. Lc5 Kc7 5. La7 (Gedwongen omdat de koning anders de hoek in kruipt.) 5. … Kc6 en wit is niet in staat om het naderende onheil (… b5-b4 gevolgd door … Kc6-b5 met verovering van de pion) te voorkomen. Hiermee mogen we concluderen dat de studie weerlegd is. Ik complimenteerde deze heer met zijn vondst zonder echt goed te zoeken naar een weerlegging van deze variant. Een onthutsend groot aantal lezers, waaronder de meneer uit Dokkum zelf, wees mij er een week later op dat wit toch wint met 2. Le7! (in plaats van 2. Lxd6) Een mogelijke variant is dan: 2… axb6 3. a6 Kc7 en nu wel 4. Lxd6+. De studie komt hiermee in de banen van de hoofdvariant terecht waarna de winst verzekerd is. In elk geval een bewijs dat ik gelezen werd…

De winstvoering is in het volgende geval is in elk geval ook zeer fraai en leerzaam.

Evreinov 1979.

Het grappige van deze stelling is dat zwart beter af zou zijn zonder de zwarte pion op g7. Zonder deze pion zou zijn koning namelijk zonder problemen in de hoek terecht komen, waarna het halve punt gered is. Nu echter slaagt wit er op miraculeuze wijze in de zwarte koning te beletten om de veilige haven te bereiken.

1. Lh7! Dit verhindert 1. … Kg8.

1. … Kf7

2. Kg4!! Het voor de hand liggende 2. Kf5? faalt op 2. … g6+!! Na 3. Lxg6 Kg7 heeft de koning de voor hem veilige hoek bereikt en na 3. … hxg6 Kg7 is er een theoretisch bekende remise¬stelling ontstaan. Wit is niet in staat om zijn loper op een gunstige wijze te bevrijden, zoals met enig zoekwerk is na te gaan. Het verhinderen van deze wending kost wit de nodige moeite.

2. … Kf6 3. Lg6 Ke7 4. Kf5 Kf8 5. Lh7 Kf7

6. Kg5 Met wat omzwervingen heeft wit zijn koning dichterbij gebracht. Het verschil is nu dat hij 6. … g6 kan beantwoorden met 7. h6!

6. … Ke7 7. Lg8! De juiste spelvoering. Door de loper uit zijn netelige positie te bevrijden, worden de technische problemen opgelost.

7. … Kf8 8. La2 Ke7 9. Kg6 en zwart is verloren. Zijn koning wordt uit de hoek verdreven terwijl het obstakel op g7 nu zonder problemen uit de weg wordt geruimd. 1-0

In alle behandelde stellingen is duidelijk geworden dat de vijandelijke koning de hoek niet mag bereiken omdat dan de sterkere partij niet meer kan winnen. We zijn nu toe aan de studie die in het vorige artikel al het commentaarvenster had weten te bereiken (met dank aan Henk Vedder!) De capriolen die wit moet uithalen in de volgende eindspelstudie zijn erg leerzaam.

Frink 1923

1. Ld7!! De enige juiste zet, alle andere zetten zijn remise. Waarom nu juist dit veld zo belangrijk is, blijkt verderop.

1. … Ke3 De hardnekkigste verdediging. Wit wint sneller na 1. … Kf3 2. h4 Kf4 3. Kd4 en de zwarte koning moet het vierkant van de pion verlaten.

2. h4 Ke4 3. h5 Ke5 4. h6 Kf6

5. Le8! Hier komt de pointe van 1. Ld7 aan het licht. De loper neemt samen met zijn pion de bekende dwangstelling in.

1-0

In veel gevallen beschikt de verdedigende partij over een of meer pionnen. We hebben al eerder gezien dat deze pionnen schadelijk voor hem kunnen zijn. Daarbij hebben we uitsluitend gekeken naar gevallen waarin de koning niet in staat was de hoek te bereiken omdat hij hinder ondervond van een eigen pion. Zeer merkwaardig zijn echter de stellingen waarin de koning zich wel in de ‘veilige’ hoek bevindt, maar waarin hij toch verliest omdat in het bezit is van een of meer pionnen. Onze landgenoot Euwe, de enige wereldkampioen die Nederland ooit voortbracht, onderzocht eens zo’n geval.

De strategie die wit hier hanteert is om de zwarte koning pat te zetten. Deze is dan gedwongen om een pion op te spelen, waardoor wit van zijn gewraakte randpion afkomt. Het winstproces verloopt als volgt.

1. Le5+ Ka7 Slechter is 1. … Kc8 2. Lc7! b4 3. axb4 a3 4. b5 a2 5. b6 a1D 6. b7 mat.

2. Lc7 Ka8 Na 2. … Ka6 gaat het nog sneller mis met 3. Lb6! b4 4. axb4 a3 5. b5 mat.

3. Kb6! Zo komt wit van zijn vervelende randpion af.

3. … b4 4. axb4 a3 5. b5 a2 6. Le5

1-0

Het paradoxale is dat de hoek waarin de koning zich bevindt nu zijn ondergang betekent. Er is een beroemd geval bekend op wereldkampioensniveau. In de match tussen Karpov en Korchnoi moest eerstgenoemde bijna 50 zetten lang een dergelijk eindspel verdedigen en hij slaagde daarin omdat zijn koning net niet in de hoek kon worden gedreven. De omgekeerde wereld dus. Voor geïnteresseerden geef ik hier het diagram en de bijbehorende partij in de viewer.

Korchnoi-Karpov

Het verhaal deed toen de ronde dat Karpov vrijwel telkens zo’n beetje de enige zet speelde. De moeilijkheid van de verdediging bestond er in om niet in de hoek te worden gedreven en dan patgezet te worden zoals in de studie van Euwe gebeurde. Maar ondertussen moest de koning natuurlijk wel binnen handbereik van de andere koning staan, voor het geval die de pionnen van het bord zou halen. In dat geval zou de hoek juist wel weer uitkomst brengen. Een speler van het kaliber Karpov kon dat in een praktische partij inderdaad voor elkaar krijgen. Hij had daarbij wel de hulp van een aantal secondanten, tegenwoordig kunnen we de correctheid van alle zetten in een dergelijk eindspel nagaan met de tablebases.

Dan nu een fraaie studie.

Horwitz & Kling 1851

1. Lc5 Zo houdt wit de vijandelijke koning uit de hoek.

1. … Ka5 2. Kb7! Kb5 3. Lb6 Weer de juiste voortzetting. Hoe belangrijk het is om veld d4 onder controle te houden blijkt weldra. Zo leidt 3. Lb4 niet het gewenste doel.

3. … Kc4 4. Kc6 Kb3 De zwarte koning wordt nu verder naar achteren gedreven. Na 4. … Kd3 5. Kb5 Ke4 6. Kxa4 Kd5 7. Kb5 komt de witte koning exact op tijd om zijn collega uit de hoek te houden.

5. Lc5 Kc4 6. Ld6 Kd4 7. Kb5 Kd5

8. Lh2! Het is fraai om te zien welke bewegingen de loper allemaal moet maken. Nu moet hij naar de cruciale diagonaal h2-b8 gebracht worden.

8. … Ke6 9. Kxa4 Kd7 10. Kb5 Kc8 11. Kc6 en precies op tijd wordt de koning zijn tocht naar de hoek ontnomen. 1-0

We zijn weer toe aan de opgave van deze keer. Maak uw borst maar nat, geen eenvoudige taak om de volgende stelling tot een goed einde te brengen!

OPGAVE

Wit speelt en wint.

Alle partijen of fragmenten via de viewer:

(Foto Euwe: bron onbekend)

Over Herman Grooten

Herman is ruim 40 jaar schaaktrainer. Hij verzorgde lange tijd de schaakrubrieken in Trouw en het ED. Daarnaast was hij Topsportcoördinator bij de KNSB en is hij auteur van diverse schaakboeken en werkt hij voor Schaaksite. Klik hier voor series die hij op Schaaksite heeft gezet.

1 Comment

  1. Avatar
    Johan Hut november 17, 2017

    Die rubriek in Trouw herinner ik me nog. Ik vond namelijk de zet La7, voor zijn eigen pion op a6, zo grappig dat ik hem nooit ben vergeten.

    Een oud-hoofdredacteur van Trouw, Jaap de Berg, was trouwens tegen het opheffen van de rubriek. Hij schaakt zelf in de KNSB-competitie voor ZSC-Saende. Of hij toen nog hoofdredacteur was, weet ik niet. Coen Zuidema is ook geabonneerd op Trouw en heeft toen een boze ingezonden brief geschreven, ondertekend met ‘Coen Zuidema, Nederlands kampioen schaken 1972’. Het waren dus niet de minsten die protesteerden, maar als zo’n pagina eenmaal verdwenen is, draaien ze dat niet meer terug.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.