De Uitwedstrijd

schaakbeeld 42 zaterdag 12 februari 2011.

De uitwedstrijd

Bij elke schaakclub, zo ook bij SMB, word je, als je dat wilt, ingedeeld in zogenaamde externe teams. In mijn geval (SMB5) zes spelers van ongeveer gelijke sterkte. Deze teams strijden dan tegen teams van andere schaakclubs. In ons geval voor de OSBO-competitie. Je gaat een uitwedstrijd spelen in steden en dorpen in de regio en je vecht met jouw team om promotie naar een hogere klasse.

Het team waarin je speelt is je naaste familie in de schaakclub. Het zijn je schaakbroeders en zusters. Samen met hen probeer je hoger op te komen. Het verbroedert en verzustert enorm. Je hebt een gezamenlijke vijand (team van een andere schaakclub) en je trekt hiertegen samen met elkaar op.

Ik vind deze externe wedstrijden een van de leukste dingen van “het lid zijn” van een schaakclub.

Het vaste ritueel van de wedstrijddag ter illustratie: Het begint met het “ verzamelen in het café”. Wachten op de chauffeur. Bellen. Hij dacht dat de wedstrijd morgen was. Te laat in de auto wegrijden. Je bent je bewust dat je een belangrijke taak hebt te verrichten (winnen) en deze druk maakt je licht in je hoofd.

Met bravoure in de auto de nakende overwinning alvast vieren. Boeren en buitenlui die je passeert op de stille landweggetjes aan het schrikken maken met vlagvertoon. De weg kwijtraken bij het derde polderweggetje. Het heeft iets spannends. Zoeken naar aanknopingspunten in het donker.

Elk afgelegen dorp en gehucht in Gelderland heeft wel een schaakclub. Je komt nog eens ergens. In de nachtelijke uren ziet die omgeving, zeker in het perspectief van het “externe wedstrijdgebeuren”, er altijd vreemd, beetje vijandig en On-Nederlands uit. Het lijkt soms op Wallonië (Groesbeek), de Po-vlakte (Beuningen) of op West-Vlaanderen (Dodewaard). Uiteindelijk kom je altijd op de bestemming aan.

De locaties zelf zijn verrassend en afwisselend. Ik verheug me er op om naar een locatie gaan waar we nog niet met het externe team gespeeld hebben. Wat zullen we aantreffen? De ene keer ben je te gast in een loods op een industrieterrein, een andere keer in een super de luxe activiteitencentrum, dan weer in een aftands en oubollig zaaltje achterin een dorpscafé of in een afgekeurde gymzaal. Neutrale speelzalen als schoollokalen vind ik persoonlijk minder. Er zit geen kraak en smaak aan. Te netjes en te braaf. Geef mij maar de wijkcentra waar in het zaaltje naast ons het gevloek en gelach van de darters te horen is of waar het afroepen van de bingo-nummers “in de grote zaal” af en toe met een juichkreet wordt versterkt. Het geeft de gewenste speelsfeer.

Het spelen van de wedstrijd is bloedspannend. Winnen is heel mooi en glorieus. De wereld staat even stil als onze teamleider op het wedstrijdformulier een vette overwinning mag noteren. Af en toe verliezen mag. Er zijn dan altijd vele factoren debet aan, zelden ons gespeelde spel. Zoals …“geluidsoverlast in de speelzaal”… of …de tegenstander die een onsympathiek truukje uithaalde.

Met je clubgenoten in de auto terugrijden naar huis. Meestal rond 23.30 uur. Iedereen heeft gestreden voor wat hij/zij waard was. Je rijdt op een rose wolk als het team gewonnen heeft.

In de auto filosofische gesprekken voeren over de gekste onderwerpen.

Het zijn nadrukkelijk geen discussies die op de terugreis gevoerd worden. Het verkondigen van stellige meningen staat voorop. Dat is waarschijnlijk een noodzakelijke aderlating van alle opgebouwde adrenaline tijdens het spannende schaakspel van die avond en hoe deze verlopen is.

Na een gewonnen wedstrijd zijn we het altijd eens over het desbetreffende gesprekspunt, bij verlies is er altijd iemand in de auto die ..”het toch anders ziet”.. ..”mokt” … of zijn hoofd blijft schudden.

Zo herinner ik me interessante en scherpe meningen over :

• Spaartegoeden snel overhevelen van de ene bank naar de andere. Wat zijn de voor-en nadelen daarbij? Ervaren bankspecialisten en fiscalisten hadden nog veel kunnen opsteken als ze er die bewuste autorit, terug van Arnhem naar Nijmegen, bij waren geweest.

• Het openbaar vervoer in het Gelders rivierengebied. Hoe dit te verbeteren?

Een saaier onderwerp is niet snel denkbaar, toch wisten we ook dit thema

scherp en snedig te becommentariëren. Plaatselijke politici kregen er ongenadig van langs, de minister van verkeer (toen Camille Eurlings van het CDA) stapte een week na onze tirades spontaan af.

Het geeft maar weer eens aan dat schakers van wanten weten en dat zo’n schaak-uitwedstrijd meer is dan zomaar een potje schaken. De entourage, de hele sfeer zorgt ervoor dat de werkelijkheid van alledag in een scherper licht komt te staan.

Dan thuis op de bank. Moe maar uiterst voldaan. Je mijmert over je gespeelde partij. Er is altijd wel iets goeds over te mijmeren. Zelfs als je verloren hebt (die gedurfde zet, ook al kostte het je de kop). Je bent een tevreden mens.

Altijd komt dan de sentimentele gedachte bij me op dat ik mijn teamgenoten eens moet uitnodigen voor mijn eerstvolgende verjaardag. Het gebeurt nooit, maar de gedachte er achter komt voort uit de sfeer van warme broederschap die je die avond hebt ervaren.

Je gaat naar bed. Je kunt de slaap niet vatten. De mogelijke promotiekansen zijn nog niet verkeken. Het blijft spannend in onze poule. Alles hangt af van de wedstrijd van volgende maand.

Frans

volgend schaakbeeld: offers en blunders

alle schaakbeelden: www.smb.nl

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.