Engels voor Beginners

In mijn vorige bijdrage werden twee partijen besproken die vanuit een Engelse opening gestart waren. In deze bijdrage richt ik mijn schijnwerpers op drie onlangs gespeelde partijen. Geheel toevallig speelde ik drie maal met wit. De openingszetten 1.c4 en 2.g3 leverde wederom drie verschillende edoch interessante dialecten van het Engels op.

Bus,Tom (2193) – van Wessel,Rudy (2388) KNSB MK 1011 Leiden (7), 12.03.2011

1.c4 c6 2.g3 d5 3.Pf3 Lg4 4.Lg2 e6 5.0–0 Pd7 6.d3 Lxf3 7.Lxf3 Pe5?!

Een interessant idee. Ik denk echter dat het plan niet goed is. Wit offert een pion en krijgt uitstekende compensatie. Normaal is 7….dxc4 8.dxc4 en dan pas 8……Pe5 (Asrian, Levin) en zwart staat gelijk. Met het pionoffer 8.d4! speelt wit voor het initiatief (Miroschnischenko, Kalinitschew)

8.Lg2 dxc4

9.d4

Ik heb onbewust het idee van Miroschnischenko overgenomen en daarbij ook een zet gewonnen!

9…Pd7 10.Dc2 Pb6 11.Td1

Ik durf geen tweede pion te offeren met 11.a4 Dxd4 12.Td1 Dc5 13.Le3 Db4 14.a5 Pd5 15.Ld4 met een ongebalanceerde stelling waar wit zeker zijn kansen heeft

11…Pf6 12.e4 Lb4 13.Pa3!?

Wellicht niet het sterkst. Ik kom nu echter in een structuur terecht waar wit dankzij zijn lopers en open lijnen veel druk op de zwarte stelling kan uitoefenen.

13…Lxa3 14.bxa3 De7 15.Tb1 Pfd7

Beter is 15…c5 16.dxc5 Dxc5 17.Le3 Dh5 18.Lxb6 axb6 19.Dxc4 0–0 20.Db4 met een minimaal wit voordeel.

16.a4 a5

17.d5

Na de partij gaven Sielecki en Hausrath aan dat 17.Le3 Ta6 18.d5 cxd5 19.exd5 Pxd5 20.Lxd5 exd5 21.Txd5 nog sterker was. Ik dacht dat ik meteen tot actie kon overgaan. De elektronische commentator geeft ook de voorkeur aan 17.d5!

17…0–0 18.Le3

Interessant is ook 19.d6

18…Ta6 19.dxc6?!

Sterker is 19.d6 Df6 20.Lf1 Tb8 21.Lxc4 Pxc4 22.Dxc4 Df3 23.Tdc1 Taa8 24.Lf4

19…bxc6 20.e5?

Simpel en goed is 20.Lf1 c5 21.Lxc4 Pxc4 22.Dxc4

20…Tc8 21.Dc3 Pd5 22.Dxc4 Taa8 23.Ld4 c5 24.La1 P7b6

Van Wessel heeft zijn grote portie bedenktijd nuttig gebruikt. Hij heeft zich in de partij teruggeknokt en zijn c-pion is nu een gevaarlijke klant. Ontevreden over de gang van zaken, maak ik een kapitale beoordelingsfout. Ik wil het initiatief terugkrijgen door op koningsaanval te spelen. Dat is het verkeerde plan!

25.Dg4?

25.Dc2 Pb4 26.Dc3 Tab8 27.a3 P4d5 28.Dxa5 c4 29.Ld4 c3 30.Le4

25…c4 26.Ld4?

Aangewezen is 26.Dd4 Dc7 27.Tdc1 h6 28.Tb5 Ta6 29.Lf1 en wit behoudt een plusje. Na de tekstzet heeft zwart niets meer te duchten.

26…Tab8

26…Pxa4 27.Lxd5 exd5 28.Tb5=

27.Le4 g6 28.h4?

Gespeeld vanwege de beperkte zwarte bedenktijd. Wit dreigt nog niet zo veel. Zwart heeft tijd om de pion op a4 te nemen waarna hij zeer goed staat.

28…c3 29.Tdc1 Pxa4 30.Lxd5 exd5 31.Tb3

Niet het sterkste, maar inleiding tot een val. Sterker was 31.h5 waarna zwart nog steeds beter staat

31…De6

Beter is 31…h5 32.Txb8 Txb8 33.Df3 Tc8 34.Kg2 De6

32.Dd1 Dd7?

De tijdnood eist zijn tol. Nu is het alsnog gelijk spel na 33.Lxc3.

33.e6!

De enige juiste zet is 33.fxe6 met licht voordeel voor zwart

33…Dxe6?

Zwart trapt erin. Curtains!

34.Txb8 Txb8 35.Dxa4 De4 36.Dd1 Tb2 37.Txc3 f6 1–0

Bus,Tom (2195) – Deleyn,Gunter (2251) NIC 1011 Maasmechelen (10), 20.03.2011

1.c4 c5 2.g3 Pf6 3.Lg2 e6 4.Pf3 b6 5.d4 Lb7 6.d5

Normaal is 6.0–0 waarna zwart voor het Drie-Rijen-Systeem kiest. Deze opening noemen ze ook wel Egelsysteem (Hedgehog) omdat zwart zich ogenschijnlijk passief opstelt en plotseling (met b5 of d5) zijn stekels opzet. Met de tekstzet lok ik de tegenstander naar een Dame-Indische structuur. Wit lijkt de pion op d5 te offeren maar krijgt veel initiatief.

6…b5

Thematisch is 6….exd5 7.Ph4 8.g6 Pc3 zoals in de jaren 20 al door Saemisch en Alekhine werd gespeeld. Later is het witte systeem gespeeld door Epishin, Akobian, Bacrot, Beliavsky, Nikolic. De meest succesrijke speler met dit systeem is niemand minder dan Anatoli Karpov die de variant vier maal met succes toepaste. Deleyn biedt met 6….b5 een pionoffer aan. Bij aanname van het pionoffer door 7.dxe6 fxe6 7.cxb5 d5 ontstaat de structuur van een Blumenfeldgambiet. Ik had geen zin om de tegenstander het centrum en initiatief te geven voor de prijs van een pion. Het pionoffer is dubieus en komt niet op het hoogste niveau voor.

7.Pc3

Provocatief gespeeld. Ik wilde de spanning op de damevleugel kwijtraken en heb daar twee tempi voor over. Ik heb even over 7.Pe5 met de dreiging 8.Pxf7! nagedacht, maar dat is makkelijk te pareren. Gebruikelijk in deze stelling zijn 7.Ph4 en 7.dxe6 maar ook 7.Pg5, Lg5 en 7.0–0 zijn in de praktijk al eens voorgekomen.

7…b4 8.Pb1 Db6N

De partij Baert – Poulsen, 1937 ging verder met 8……d6 7.Dd3

9.Ph4

Na 9.0-0 is het volgende pionoffer is zeker interessant 9…exd5 10.cxd5 Lxd5 11.e4 Lxe4 12.Te1 Le7 13.Pbd2 d5 14.Pxe4 dxe4 15.Lg5 0–0 16.Pe5 Dc7 17.Pg4 Pbd7 18.Lxe4 Tae8 19.Lf4 Db6 20.Lf5 Dc6

9…h6

Alles draait om (veld) pion d5. Zwart probeert het paard terug te jagen naar f3 waardoor de lange diagonaal geblokkeerd wordt en pion d5 een verdediger minder heeft. Wit gaat de strijd verscherpen en biedt een pionoffer aan in ruil voor een verminkte pionnenstructuur en initiatief.

10.e4 g5 11.e5

Niet het sterkst (dat was 11.Pf3) maar wel het lastigst om te bespelen. Na 11.e5!? moeten beide partijen diep rekenen en een goed intuïtiegevoel tonen.

11…gxh4

En ja hoor, Deleyn grijpt mis. Aangewezen was 11…Pxd5 12.cxd5 gxh4 13.Lf4 h3 14.Lf3 Lxd5 15.Lxd5 exd5 16.Dxd5 Dc6 17.Dxc6 Pxc6 18.Pd2 Ke7 19.0–0–0 met een praktisch gelijke stelling.

12.exf6 Pa6 13.Dh5

Consequent is 13.0–0 0–0–0 14.a3 met een licht plusje voor wit

13…h3?

Dit is de tweede maal dat zwart misgrijpt. De enige weg naar gelijkspel is 13….exd5.

14.Dxh314.Lxh3!

14…exd5 15.0–0 0–0–0

16.cxd5

Een principieel besluit. Ik sla op d5 met de pion om een extra aanvaller (Lg2) over te houden. Van de andere kant kun je ook voor 16.Lxd5 kiezen om een verdediger (Lb7) af te ruilen. [16.Lxd5 Lxd5 17.cxd5 Dxf6 18.a3 Lg7 19.axb4 Pxb4 20.Txa7 Db6 21.Ta3 Pc2 22.Ta4 Db3 23.Dg4 h5 24.Dc4 Dxc4 25.Txc4 Pd4 26.Txc5+ Kb7 27.Pc3 Tc8]

16…Dxf6

Het alternatief is: [16…Pc7 17.Df5 Tg8 18.Le3 Tg6 19.Pd2 Dxf6 20.Dxf6 Txf6 21.Pe4 Tg6 22.Pxc5 Lxd5 23.Pd3 Kb7±] en weet heeft de betere pionnenstructuur.

17.Pd2 h5?

Deze zet draagt niet mee aan de ontwikkeling van de zwarte stukken. Aangewezen zijn zetten als 17.Pc7, Te7 of Tg8. Wit probeert zijn dametoren te activeren.

18.a3

Nog sterker is 18.Pe4! Dg6 19.Lg5+-]

18…Kb8

Zwart speelt deze fase minder sterk. Consequent was 18….h4 in de hoop tegenspel te krijgen.

De witte stelling speelt zich nu als vanzelf. De stukken vinden makkelijk de juiste velden.

19.axb4 Pxb4 20.Pe4 Dg6

Zwart denkt nog steeds aan aanvallen. Nu is het moment daar om over de verdediging te denken. Na 20.Db6 is er een extra stuk op de damevleugel aanwezig. De stelling blijft precair voor zwart.

21.Lg5! Tc8 22.Dxd7 f5 23.Lf4+ Ka8 24.Pg5 Lh6

25.Pf7?!

Deze zet verknoeit niets. Ik zag een winnende variant en speelde dit (pragmatisme). Natuurlijk moet je stukken erbij halen als je aanvalt en daarom is 25.Tfe1!! aangewezen.

25…Lxf4 26.d6

Een venijnige tussenzet waardoor de aanval op de matvelden b7 en a7 wordt ingezet.

26…Pc6 27.Pxh8

Nog steeds heeft 27.Tfe1 de voorkeur. Er is ook niets mis met 27.Lxc6.

27…Dxd6 28.Dxd6 Lxd6 29.Pf7 Lb8 30.Tfd1 Pd4 31.Lxb7+ Kxb7 32.Kg2 f4 33.Pg5

Een goed alternatief is 30.Tac1

33…h4

De dood of de gladiolen. Zwart haalt alles uit de kast om in de partij te blijven. Wit verlaat nu het spelen op structuur en wordt min of meer gedwongen hout te sprokkelen.

34.gxh4! Th8 35.Kh3 Pf5

Beide spelers waren in grote tijdnood en vinden niet de beste voortzettingen.

36.Td7+ Kc6 37.Th7 Td8 38.Kg4 Pd4 39.Tg7 Te8 40.h5 Te2 41.h6 Le5 42.Te7

Wel zo leuk was nu [42.Pf7 Lxg7 43.hxg7 Te8 44.Ph6]

42…Kd5 43.Taxa7 Txf2 44.Tad7+

Nog sneller is 44.Txe5+ Kxe5 45.h7 Tg2+ 46.Kh3 Txg5 47.h8D+ Ke4

44…Ld6 45.Pe4 1–0

Bus, Tom (2195) – Renet, Jack (2187) LiSB KO-beker Geleen (2), 24.03.2011

1.c4 g6 2.g3 c6

Deze zetvolgorde was zeer geliefd bij de GM’s John Nunn (2650) en M. Kaminski (2550).

3.Lg2 Pf6

Interessant is 3…d5 4.cxd5 cxd5 5.Pf3

4.e4

Misschien niet de beste zet. Ik wil graag tegen Renet een voor mij bekende structuur (Botwinnik-systeem) op het bord krijgen.

4…e5 5.Pc3 Lg7 6.Pge2 0–0 7.0–0 d6 8.d3

Zo gaat dat in het moderne schaak. Ineens is er weer een "normale" stelling ontstaan. Ik ben in goed gezelschap omdat Kasparov (2825),Bareev (2709), Gashimov (2664) en de goeroe Marin(2607) ook vertrouwen hebben in de witte opbouw.

8…Pa6

Het meest flexibele antwoord is 8….a6 (Polgar (2676), Bologan(2663), Krasenkow(2641)). Dolmatov (2640) met 8…Pe8 en Loginov (2525) met 8…..Ph5 willen zo snel mogelijk hun f-pion mobiel maken. De zet van Jack is op het hoogste niveau toegepast door Joe Gallagher (2545) en Martello (2525). 9.Tb1 Normaal is hier 9.h3 Pc7 en dan heeft wit meerdere mogelijkheden zoals 10.Le3, 10.d4 en 10.f4. Ik ben nog steeds grieperig en de partij wordt in de avond gespeeld. Voor mij is dat voldoende reden om een niet al te moeilijke partij spelen. Ik zie er geen bezwaar in het feit dat zwart met Le6, Dd7, Lh3 en Lxg2 vier tempi wil afgeven om mijn slechte loper te ruilen.

9..Le6

Logischer lijkt 10….Pc7

10.b3

Voorzichtig gespeeld. In de partij Suttles (2430)-Ardiansyah (2330), 1984 koos de Canadees voor het spannende 10.b4

10…Dd7N

In de partij Aumann (2343)-Kappeler(2220), 2007 speelde zwart 10…Te8. De gustibus…..

11.d4 Tfd8 12.d5

Met het betere 12.Lg5 houdt wit de spanning in de partij. Ik volg echter het motto van Afek: "Simple Chess".

12…cxd5 13.cxd5 Lh3 14.f3

Met 14.b4 maak ik het zwart lastiger.

14…Lxg2 15.Kxg2 b5 16.Dd3 Tab8 17.Le3 Tdc8 18.Tfc1 Pc5 19.Dd2 b4 20.Pd1 Db5

Hier spelen beide spelers de meest voor de hand liggende zetten. Nu kom ik op een driesprong.

21.Pf2

Na de partij wordt door verschillende spelers (Temmink, Renet) geopperd dat 21.Pb2! de beste zet is. Ik heb er geen seconde over gedacht. (En dat is niet goed!) Natuurlijk is c4 een prachtige post voor het paard. Mijn gedachte gaan meer uit naar Überdeckung van de velden d3 en e4. Laten we eens naar het vervolg kijken:21.Pb2 Pfd7 22.Pa4 En zo zie je maar weer. Ook in ogenschijnlijk rustige stellingen duikt de tactiek een keer op. 22…a5 (22…Pxa4 23.bxa4 Dxa4 24.Txb4! Da6 25.Txb8 Txb8 26.Tc7 Tb7 27.Tc6±) 23.Pxc5 Pxc5 24.Lxc5 Txc5 25.Txc5 Dxc5 26.Tc1 Db5 27.Tc6 Lh6 28.Dd1en wit heeft niets te klagen.

Interessant is het opgeven van de goede loper om de c-lijn te bemachtigen. In de partij bevalt mij de variant met dxc5 niet zo omdat de zwarte damevleugelpionnen er zo dreigend uitzien. Wat zegt een analyse? 21.Lxc5 Txc5 22.Txc5 Dxc5 23.Tc1 Db5 24.Tc4 Pd7 25.Pb2±. Ik zit er dus naast!

21…Pfd7 22.Tc4 a5 23.Tbc1 Tf8

Zwart zal nu met f5 de stelling openen om tegenspel te krijgen én om zijn loper op g7 te activeren. Ik wil f5 onder controle krijgen om daar een paardje te kunnen planten. Ik voel dat ik n risico’s ga nemen. En dan is Renet op zijn best!

24.g4!

Nu komt het tactisch gedeelte. Ik offer twee stukken tegen toren+twee pionnen. Normaal houd ik niet zo van deze ruil. Nu staat echter mijn toren actief en heb ik een vrijpion op d5. De stukken van zwart staan passief en de a-pion oogt zwak.

24…..f5

25.gxf5 gxf5

26.Pg3!

Provocerend gespeeld. Maar is het correct?

26…f4 27.Lxc5 fxg3 28.Lxd6 gxf2 29.Dxf2!?

Sterker is 29.Lxb8 Dxb8 30.Dxf2 Lh6 31.Tg1 Kh8 32.Tc6 Lf4 33.Kh1 Dd8 34.Tg2+-

29…Tb6 30.Lxf8 Tg6+ 31.Kh1 Pxf8

31…Lxf8 is wellicht sterker.

32.Tg1 Dd7 33.Txg6 Pxg6 34.Dg2

Door remise aan te nemen is de einduitslag 3–1 voor Voerendaal geworden. ½–½

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.