Schaakrubrieken weekend 2 april 2016

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.

Alle krantenrubricisten komen (uiteraard) terug op het WK-kandidatentoernooi.

* Hans Ree denkt dat Giri over twee jaar het toernooi kan winnen als hij minder aardig wordt. Buiten het bord, bedoelt hij.

* Gert Ligterink bekritiseert het tiebreaksysteem.

* Hans Böhm doet dat ook en bespreekt verder de resultaten van alle deelnemers.

* Bab Wilders belooft op het toernooi terug te komen als er een boek over geschreven is.

* Johan Hut nuanceert de kritiek op de veertien remises van Giri.

* Henk Prins schrijft een korte nabeschouwing.

Hans Ree Gert Ligterink Hans Böhm Bab Wilders Johan Hut Rini Kuijf Henk Prins

De vloek van de zelfspot

In een voorbeschouwing op het kandidatentoernooi schreef de scherpzinnige Russische commentator Sergej Sjipov in het tijdschrift New in Chess: „Hij doet voortdurend aan zelfironie, wat volgens mij zeer schadelijk is uit het oogpunt van karma. Het schept een soort plafond dat je niet kunt breken, hoe hard je het ook probeert.” Dat ging over zijn landgenoot Peter Svidler, maar het deed me ook een beetje denken aan Anish Giri. Die is zelfverzekerder dan Svidler, maar ze hebben ook iets gemeen.

Na hun partijen kwamen de spelers in het kandidatentoernooi voor de camera’s en Svidler is altijd de ideale commentator. In prachtig Engels vertelt hij dat hij een hersentransplantatie nodig heeft, en nederig laat hij de ene na de andere prachtvariant zien. Hij is erg aardig, maar hij wil ook graag aardig worden gevonden. Is het dan een wonder dat hij ooit tegen Kramnik opgaf in een remisestand en tegen Anand eens remise gaf toen hij glad gewonnen stond? Sjipov zou het zijn karma noemen.

Een partij voortijdig opgeven is het gedrag van een leerling die bij de leraar in een goed blaadje wil komen door te laten zien dat hij de stof beheerst. Net als Svidler was Giri in de nazit voor de website van het toernooi altijd een eloquente spraakwaterval. Geestig, charmant, ironisch. Het was een plezier om naar hem te luisteren, maar het leek wel of hij het even belangrijk vond om punten in de conversatie te scoren als aan het schaakbord. Alsof hij een mediatrainer had genomen of zichzelf zo’n training had gegeven.

Net als Svidler wilde hij aardig zijn. Ik denk dat Giri over twee jaar het volgende kandidatentoernooi kan winnen als hij wat grimmiger wordt. Geen zelfironie meer. No more mister nice guy. Hier is de beslissende partij uit de laatste ronde. Caruana moest winnen, Karjakin had genoeg aan remise.

Sergej Karjakin-Fabiano Caruana, kandidatentoernooi Moskou laatste ronde.

1. e4 c5 2. Pf3 Pc6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 d6 6. Lg5 e6 7. Dd2 a6 8. 0-0-0 Ld7 9. f4 h6 10. Lh4 b5 Dit wordt soms de Kozul Zelfmoordvariant genoemd, naar de Kroaat Zdenko Kozul, die pionierswerk deed. 11. Lxf6 gxf6 Zwart heeft twee lopers en een mooi centrumblokje. Voor het eindspel staat hij prima, maar in het middenspel is zijn koning niet veilig. 12. f5 Db6 13. fxe6 fxe6 14. Pxc6 Dxc6 15. Ld3 h5 16. Kb1 b4 17. Pe2 Dc5 18. Thf1 Hier is wel eens 18. e5 gespeeld, een levensgevaarlijk pionoffer. 18…Lh6 19. De1 a5 20. b3 Zwart zou blij zijn met 20. Txf6 Lg7 gevolgd door 21…De5. 20…Tg8 21. g3 Ke7 22. Lc4 Le3 23. Tf3 Tg4 24. Df1 Tf8 25. Pf4 Lxf4 Eigenlijk wilde zwart zijn loper naar d4 spelen, maar na 25…Ld4 26. Pd3 Db6 27. Pf4 zou de beste zet 27…Dc5 een fatale zetherhaling zijn. 26. Txf4 a4 Hier krijgt hij spijt van, want b4 wordt zwak. 27. bxa4 Lxa4 28. Dd3 Lc6 29. Lb3 Tg5 30. e5 Het eerder vermelde pionoffer, dat ook hier gevaarlijk is . 30…Txe5 31. Tc4 Td5 32. De2 Db6 33. Th4 Te5 34. Dd3 Lg2 Geestig. Hij wil 35…d5 doen zonder zijn loper af te sluiten. 35. Td4 d5 36. Dd2

Het hoogtepunt van de strijd. Na 36…Le4 37. Txb4 heeft zwart zijn mooie centrum en wit zijn koningsaanval 36…Te4 Dit zou winnend voor zwart zijn, ware het niet dat wit een winnend torenoffer heeft. 37. Txd5 exd5 38. Dxd5 Dc7 Zwart kon vluchten in een beroerd eindspel met 38…Td4 39. Dxd4 Dxd4 40. Txd4, maar waagt nog een gokje. 39. Df5 Tf7 40. Lxf7 De5 41. Td7+ Kf8 42. Td8+ Zwart gaf op, hij gaat mat.

Het is Carlsen – Karjakin, maar waar, blijft de vraag

Nigel Short voorspelde na afloop van het kandidatentoernooi op Twitter dat de WK-match Carlsen – Karjakin in Omsk zal worden gehouden. Hij is niet de enige die er lang niet zeker van is dat New York de organisatie op zich zal nemen. ‘Een Rus tegen een Noor. Het zou best weer eens Moskou kunnen worden’, schreef Hans Ree in NRC Handelsblad. Omdat uit de Verenigde Staten tot nu toe niets is vernomen, is er alle reden om te twijfelen aan de kandidatuur van New York. Misschien vertrouwden de Amerikanen erop dat Caruana of Nakamura de tegenstander van Carlsen zou worden. Mocht dat niet gebeuren, dan zou wellicht een stad in het land van de uitdager de organisatie willen overnemen. In Moskou, waar vier jaar geleden de WK-match Anand – Gelfand plaatsvond, zal ongetwijfeld belangstelling zijn. Hoe spectaculair de ontknoping van het kandidatentoernooi ook was, het blijft knagen dat Caruana in de beslissende partij een ongunstiger uitgangspunt had dan hij verdiende. Bij een eventuele remise zou hij ondanks de gedeelde eindzege naar de tweede plaats zijn verwezen, omdat Karjakin meer partijen had gewonnen. Het is onbegrijpelijk waarom de wereldschaakbond FIDE de door alle deelnemers bekritiseerde tiebreakregels nog steeds hanteert. Drie jaar geleden treurden velen om Kramnik, toen die in het kandidatentoernooi in Londen op grond van hetzelfde reglementsartikel op de tweede plaats eindigde achter Carlsen. Er is geen enkel bezwaar tegen een play-off met rapidpartijen op de dag na de laatste ronde.

Karjakin – Caruana

1. e4 c5 2. Pf3 Pc6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 d6 6. Lg5 e6 7. Dd2 a6 8. 0-0-0 Ld7 9. f4 h6 10. Lh4 b5 11. Lxf6 gxf6 12. f5 Db6 13. fxe6 fxe6 14. Pxc6 Lxc6 15. Ld3 h5 16. Kb1 b4 17. Pe2 Dc5

18. Thf1 In 1988 bereikten de Tsjech Prandstetter en de Kroaat Kozul met verwisseling van zetten ook deze stelling in een toernooi in Tbilisi. De witspeler vond een veel sterkere zet: 18. e5! Dxe5 (of 18 … fxe5 19. Dg5 Le7 20. Dg7 Tf8 21. Thf1) 19. The1 Lh6 20. Dxb4 met groot voordeel voor wit. 18. Thf1 Lh6 19. De1 a5 20. b3 Tg8 21. g3 Ke7 22. Lc4 Le3 23. Tf3 Tg4 24. Df1 Tf8 25. Pf4 Lxf4 26. Txf4 a4 27. bxa4! De eerste van drie uitstekende beslissingen van Karjakin. Wits loper zal op b3 de koning afdoende bescherming geven. 27 … Lxa4 28. Dd3 Lc6 29. Lb3 Tg5 30. e5! Ook dit pionoffer verdient waardering. Na een neutrale wachtzet voert zwart de druk op met 30 … Te5. 30 … Txe5 31. Tc4 Td5 32. De2 Db6 33. Th4 Te5 34. Dd3 Lg2 Ambitieus. Zwart wil … d6-d5, gevolgd door … Le4 spelen. 35. Td4 d5 36. Dd2 Te4? Na 36 … Le4 37. Txb4 Dc6 zou het spannend zijn gebleven.

37. Txd5! exd5 38. Dxd5 Dc7 39. Df5 Tf7 40. Lxf7 De5 41. Td7+ Kf8 42. Td8+ Zwart geeft op.

Karjakin de uitdager

Achteraf bezien hadden zeven van de acht deelnemers het kandidatentoernooi 2016 kunnen winnen. Alleen Veselin Topalov haakte in het begin af en kwam later ook tekort. Hij gaf direct na afloop aan niets meer te willen meedoen aan toekomstige WK-races. Zijn motivatie is na het behalen van de wereldtitel in 2005 verdwenen. Zowel Hikaru Nakamura als Peter Svidler kenden een zwakke eerste toernooihelft. “We kwamen allemaal voor hetzelfde hier”, zei Svidler: “Maar ik deed aanvankelijk niets met de goede stellingen die ik kreeg, later kon ik alleen nog maar bijtrekken. In de tweede helft kreeg ik slechte stellingen maar daaruit haalde ik mijn punten. Met meer geluk had ik kunnen winnen.” Nakamura, die vooraf als een van de favorieten getipt was, kende eenzelfde toernooiverloop. Hij speelde enkele prachtige partijen maar deed zichzelf de das om met hier en daar een kortsluiting. Feitelijk speelden er dus vijf spelers om de eerste plaats en als zij hun kansen hadden gegrepen en geen domme dingen gedaan, hadden ze ook alle vijf kunnen winnen.

Anish Giri bleef als enige ongeslagen. Hij kwam niet een keer in moeilijkheden en kreeg wel vijf keer een riant uitzicht op winst. Dat het keer op keer net niet lukte, is ook wel pure pech. “Hij heeft de potentie om wereldkampioen te worden maar er moet nog iets gebeuren”, oordeelde Jan Timman en die kan het weten. Levon Aronian begon goed, draaide lang aan kop mee maar gaf zijn kansen uit handen in ronde elf door een dom verlies tegen Svidler. Hij stond eerst goed tot gewonnen, kwam niet door de verdediging heen, ging daarom rare dingen doen en verloor uiteindelijk uit frustratie. Viswanathan Anand won vier partijen met wit en verloor drie partijen met zwart. Dat zou wel eens kunnen betekenen dat zijn voorbereiding niet optimaal was. Net zoals met Topalov zal de motivatie bij ex-wereldkampioen Anand (van 2000-2013 met interrupties) zijn afgenomen. “Ik wil alleen nog maar goed spelen”, legde Anand uit.

Fabiano Caruana stak niet in de grootse vorm die hem tot de tweede plaats op de wereldranglijst bracht. Hij liet totaal gewonnen stellingen lopen tegen Topalov (twee keer), Karjakin en Svidler. In de slotronde moest hij winnen vanwege een discutabele tie-break-regel, die bij gelijk eindigen gunstig is voor de speler met de meeste winstpartijen. Maar die heeft per definitie ook de meeste verliespartijen en daarom zou een tiebreak met rapidpartijen wenselijker zijn. Net zoals met penalty schieten blijf je dan dichter bij de sport zelf, nu bepaalt een boekhoudkundig systeem. Caruana gokte en verloor en zo werd Sergei Karjakin toch nog met enige afstand de winnaar. Hij dankte zijn punten vooral aan een ijzersterke verdediging, zoals tegen Caruana, Svidler en Aronian, stellingen waarin hij een lichtpuntje vond in inktzwarte duisternis.

P. Svidler – S. Karjakin, na 45.Tb5-h5

Afgezien van een gevaarlijke aanval tegen de eenzame koning kan wit ook h4 en f4 ophalen. Menigeen zou 45…Pd8 spelen om na 46.Tgxh4 Pf7 veld h8 onder controle te krijgen en te vluchten in een slecht toreneindspel. Karjakin maakt het wit moeilijker 45…Pe7 46.Tgxh4 Pg6 47.Tg4 Pf8 Nu heeft hij veld h7 onder controle en de onderste rij is door het paard geblokkeerd en wit kan makkelijker in de fout gaan. Winnend was 48.Te5 Ph7 49.Txf4 Txa2 50.Txe3 maar het is te begrijpen dat Svidler koos voor 48.Txf4 Txa2 49.Tfh4 g6! Ineens is het niet meer gewonnen: de koning heeft een mooi vluchtveld op g7 en dankzij Pf8 zijn alle matbeelden uit de stelling. Pion e2 gaat vallen en daarom bood Svidler na 50.Te5 remise aan. Een wonderbaarlijke ontsnapping.

F. Caruana – S. Karjakin, na 28.Db3-c3

Zwart zit zwaar in de problemen. Het minste dat je verwacht is

28…d4!? 29.Dxc4 d3 30.g5 d2 31.gxf6+ Kh8! 32.Lf3 Le4! 33.Kh2 Ld5! 34.Dg4 Tg8 35.Ld1 Txg4 36.hxg4 h6 met remise, wit is al zijn voordeel kwijt. Karjakin mag de wereldkampioen uitdagen en die tweekamp staat gepland in november in New York.

Het is overdreven om helemaal uit je dak te gaan als je een nieuwe en excellente uitgever van schaakboeken ontdekt, maar een klein huppeltje van zielevreugd moet kunnen. Het gaat om Chess Evolutionuit Niepolomice in Polen (www.chess-evolution.com). En er kwamen gelijk twee voltreffers, allereerst wat ze aan de overkant een evergreen noemen, Journey to the Chess Kingdom van Averbach en Beilin (978-83-9346-6-8,19.99 euro) met miljoenen verkochte exemplaren in vele talen, een van de beste leerboeken voor zelfstudie. Vele huidige Russische grootmeesters getuigen ervan dat het bij hen met dit boek begonnen is. Huis-en clubspelers kunnen hun inzicht hiermee op een hoger peil brengen en de schaakonderwijzer die eens wat anders wil dan de ‘Stappen’ kan ermee aan de slag. Maar natuurlijk kan ook de middelbare scholier via zelfstudie tot een goede schaker opklimmen. Met vele diagrammen, uitleg van openingen en eindspeltypes. Prachtig uitgegeven.

Het andere boek is van het genre: lekker in het openbaar vervoer dan wel op het toilet: de Hongaarse GM Balogh Csaba geeft ons 365 Puzzles waarmee de al wat gevorderde schaker (maar ook een topspeler ) zich kan vermaken en tegelijk de tactische vaardigheid kan opvoeren (978-83-934636-2-0,19.99 euro). Oplopend in moeilijkheidsgraad zijn het allemaal stellingen uit redelijk recente partijen met als slot tien opgaven van een wonderlijke schoonheid.

Ik hoop en vermoed dat er bij Chess Evolution over het kandidatentoernooi nog wel een boek verschijnt en dan kom ik er wel op terug. Nu dus (en dan zwijg ik er verder over) een voorbeeld van de catastrofale gevolgen van het inkorten van de tijdslimiet voor het peil van wat zich op het bord afspeelt:

Shirov-Giri ,Chess Challenge 2016 in Zürich, en dat ligt niet bij de Afsluitdijk:

1.e4 c5 2.Pf3 d6 3.d4 cxd 4.Pxd4 Pf6 5.Pc3 a6 6.Le3 e5 7.Pb3 Le6 8.f3 h5 9.Pd5 Lxd5 10.exd Pbd7 11.c4 a5 12. Le2 (beter a4) a4 13.Pd2 g6 14.Pb1 Lh6 15. Lxh6 Txh6 16. Pc3 Db6 17.Dd2 Th8 18. 0-0-0 Kf8 Tot nu toe hebben beiden niet altijd de sterkste zet gespeeld maar het kon ook 19.g4? echt een fout hxg 20.fxg a3 (Pc5!) 21.b3 Th3 22.g5 Txc3+ nooit verkeerd in een vluggertje 23.Dxc3 Pe4 Nu komen beide heren in tijdnood en begint het gegooi in de glazen. 24.Dh3?? Pf2 Had mijn tante Pietje ook gespeeld. 25.Df3 Pxh1 26.Tf1 f5 27.gxfe.p. Dd4 28. Dh3 Da1+ Zwart moet proberen eeuwig schaak te houden 29. Kd2 Dxa2?? (Na Ke3 staat wit gewonnen bv 30..Db3+ 31. Ld3 Db6+ 32.c5 Dxc5+ 33.Ke2 Ke8 31. Dh8+ Pf8 32. Dg7) 30.Kc3?? De schaaknotatie beperkt zich tot twee vraagtekens maar tien kan hier ook. En ze hadden nog twee minuten! 30.. Db2+ 31. Kb4 Dd2+ wit geeft op: bv 32.Dc3 Dxe2 33.Dc1 Dh5 34.Txh1 a2 35. Db2 Dh3 enz. Ik geef toe, het is vaker lachen bij snelschaken met onreglementaire maar onopgemerkte zetten maar dan meestal op clubniveau. Op grootmeesterniveau is er zelfs een Blitz-Elo dus dan mag je toch wat beters verwachten. I rest my case!

Probleem 2574 is een tweezet van Touw Hian Bwee:

En de sleutelzet van 2572:1.De8!

Jan Timman vol lof over Anish Giri

Sergei Karjakin heeft het kandidatentoernooi in Moskou gewonnen, hij mag in november een WK-match spelen tegen Magnus Carlsen. Anish Giri heeft al zijn veertien partijen remise gespeeld. Dat zijn de twee wapenfeiten die na het toernooi de meeste aandacht kregen.

Die veertien remises leidden tot veel grapjes op internet, waarvan Giri zei: “Ik hou van grapjes, als ze grappig zijn, maar dat waren ze niet.” De score leidde ook tot kritiek en teleurstelling. Is Neerlands sterkste schaker een slappe remiseschuiver? Nee, geenszins. Hij heeft zware gevechten geleverd, lange partijen gespeeld, maar ze eindigden steeds in een puntendeling. Giri zei daar zelf over: “Ik geloof niet dat er iets systematisch mis met me is. Het is meer een wetenschappelijk wonder, al die remises.” Toeval, had hij ook kunnen zeggen.

Giri kreeg bijval van de belangrijkste Nederlandse commentatoren, Jan Timman voorop. Hij zei tegen Hans Böhm voor de Telegraaf dat hij onder de indruk was van Giri, die als enige geen partij verloor en ook geen enkele keer in gevaar was in de opening. Timman: “Dat zegt iets over de voorbereiding. Die was uitstekend, niemand kon hem onder druk zetten. Dat is met zwart echt een prestatie, met wit zette hij soms de partij wat slapjes op. Dat kun je in een tweekamp doen maar in een toernooi zou ik dat niet adviseren. In het middenspel laveert hij goed, vooral strategisch houdt hij de spanning vast over het hele bord. Tactisch liet hij soms wat lopen. Ook zijn eindspel is uitstekend, maar hij miste in de cruciale fase, na zo’n vier uur spelen, soms stootkracht.”

Goede stellingen afmaken, dat ontbreekt eraan, zo lees je meer. Timman meent dat als Giri er nog iets bij leert, hij binnen tien jaar zo’n kandidatentoernooi kan winnen. Die tijd heeft hij, Giri was in Moskou de jongste deelnemer.

Karjakin won het toernooi na een prachtige laatste ronde, waarin hij zijn direct rivaal Caruana versloeg.

Karjakin-Caruana

1.e4 c5 2.Pf3 Pc6 3.d4 cxd4 4.Pxd4 Pf6 5.Pc3 d6 6.Lg5 e6 7.Dd2 a6 8.0-0-0 Ld7 9.f4 h6 10.Lh4 b5 11.Lxf6 gxf6

Zwart kiest bewust voor wat een verzwakking lijkt, maar niet is. Na 11…Dxf6 12.e5 dxe5 13.Pdxb5 is hij in de problemen.

12.f5 Db6 13.fxe6 fxe6 14.Pxc6 Dxc6 15.Ld3 h5 16.Kb1 b4 17.Pe2 Dc5 18.Thf1 Lh6 19.De1 a5 20.b3

Wit wil Lc4 spelen. Verder is alles op deze zet aan te merken, zwart krijgt aanknopingspunten over de a-lijn en over de lange diagonaal.

20…Tg8 21.g3 Ke7 22.Lc4 Le3 23.Tf3 Tg4 24.Df1 Tf8 25.Pf4

25…Lxf4

De zwarte loper was mooi, maar na 25…a4 26.Pd3 Db6 27.e5 dxe5 28.Pxe5 is het witte paard nog mooier.

26.Txf4 a4 27.bxa4 Lxa4 28.Dd3 Lc6 29.Lb3 Tg5 30.e5

Een pionoffer. Karjakin heeft aan remise genoeg voor de toernooizege, maar aanval is de beste verdediging.

30…Txe5 31.Tc4 Td5 32.De2 Db6 33.Th4 Te5 34.Dd3 Lg2

Om na d5 buiten de pionnenketen te blijven.

35.Td4 d5 36.Dd2 Te4

Duidelijk. Na 37.Txe4 Lxe4 staat zwart florissant. Maar wit heeft een verbluffend torenoffer, een prachtige finale van dit kandidatentoernooi.

37.Txd5! exd5 38.Dxd5 Dc7 39.Df5

Dreigt Dh7 met damewinst. Na 39…Dc6 40.Dh7+ Ke8 41.Dxh5+ heeft wit herhaling van zetten, wat ook genoeg was voor de toernooiwinst.

39…Tf7 40.Lxf7 De5 41.Td7+ Kf8 42.Td8+

Zwart geeft het op. Hij wordt mat gezet.

Voor beginners A6979

Zwart aan zet moet wat doen?

Voor gevorderden B6979

Wit aan zet doet?

De Noor (en niet de Deen zo ik vorige week per abuis schreef) Magnus Carlsen zal in november in een tweekamnp zijn wereldtitel verdedigen tegen de Russische grootmeester Sergey Karjakin.

Karjakin en Caruana stonden in het kandidatentoernooi in Moskou beiden bovenaan met 7,5 punten. In de laatste ronde speelden zij tegen elkaar. Deze partij won Karjakin met een schitterend torenoffer. Al vanaf de tweede ronde nam Karjakin de leiding in het toernooi. In de zesde tot en met de tiende ronde stond hij gedeeld bovenaan. Door een verlies in de elfde ronde van Anand stond hij derde, maar door winst in de twaalfde ronde stond Karjakin weer gedeeld aan kop. Met de score van 8,5 punten uit veertien partijen werd het kandidatentoernooi op zijn naam geschreven. Caruana en Anand volgden met 7,5 punten. Giri eindigde op de vierde plaats met 7 punten. Hij speelde veertien partijen remise.

Van uitdager Karjakin zijn winstpartij in de tweede ronde.

Karjakin – Nakamura Moskou 2016

1. d4 Pf6 2. c4 e6 3. Pf3 b6 4. g3 La6 5. b3 Lb4+ 6. Ld2 Le7 7. Lg2 d5 (In deze Dame-indische opening is 7. …c6 ook veel gespeeld.) 8. cxd5 exd5 9. 0-0 0-0 10. Pc3 Pbd7 11. Dc2 Te8 12. Tfd1 Pf8? (Is geen goed plan. Beter is 12. …Tc8 om snel met … c5 tegenspel te bieden.) 13. Pe5! (Wit gebruikt de gegeven ruimte.) 13. … Lb7 14. Lc1 (Een bekende omspeling van de loper naar de lange diagonaal.) 14. … Pe6 15. Lb2 Ld6 (Zwart dreigt nu 16. …Pxd4.) 16. e3 a6 (Bij de analyse na de partij, dacht Nakamura dat hij in deze stelling beter direct 16. …c5 had moeten spelen. Karjakin vond deze zet te riskant en liet een vervolg zien: 16 … c5 17. Pc4! Lf8 18. dxc5 bxc5 19. Df5 g6 20. Dxf6! Dxf6 21. Pxd5 Dxb2 22. Pxb2 en wit heeft een mooie pion meer.) 17. Pe2 c5 (Ook nu is deze zet te vroeg. Zwarts stelling is niet opgewassen om het centrum te laten openen door wit. Zwart kan beter zich verdedigend op stellen met 17. …c6.) 18. dxc5 Pxc5 19. Pd3 Pce4 20. Tac1 Tc8 21. Db1 De7 22. Ld4 Txc1 23. Txc1 b5 (Karjakin heeft een goede stelling opgebouwd.) 24. b4 Pd7 25. a3 Pf8 26. La1 Pe6 27. Da2 Lc7 28. Pd4 Lb6 29. h4

Een uitdagende zet van Karjakin. Hij wil wat ruimte scheppen op de koningsvleugel, maar hij verzwakt moedwillig veld g3 en daarmee zijn koningsstelling. Karjakin zal gezien hebben dat slaan met een paard op g3 verkeerd voor zwart afloopt.29 … Pxg3? (Na 29 … Pxd4 30. Lxd4 Lxd4 21. exd4 Df6 staat wit iets beter, maar heeft zwart nog remisekansen.) 30. fxg3 Pxd4 31. Lxd4 Lxd4 32. exd4 De3+ 33. Df2 Dxd3 34. Tc7! (Deze zet weerlegt de combinatie van Nakamura. Wit wint een stuk.) 34 … f5 35. Txb7 h6 36. Lxd5+ Kh7 37. Lg2 Te2 38. Lf1 (Zwart geeft op.)

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.