Bobby Fischer, jongste grootmeester met 15 jaar

In de jaren ’50 van de vorige eeuw waren er drie schakers, Spassky, Tal en Fischer, die al heel jong de grootmeestertitel kregen en later ook wereldkampioen werden. Fischer won met 14 jaar het USA kampioenschap van 1957 en plaatste zich in 1958 via het interzonale toernooi voor het kandidatentoernooi in Bled van 1959. Daardoor werd hij met 15 jaar de jongste grootmeester ooit. Hij schreef in die tijd ook al een boek over zijn schaakpartijen, wat een unicum is.

In die tijd was Fischer echter nog niet helemaal opgewassen tegen de topgrootmeesters uit de Sovjet Unie. Hij werd in Bled gedeeld vijfde samen met de beste Europeaan Gligoric uit Joego-Slavië, ruim achter de vier Sovjet grootmeesters. Tegen Tal verloor Fischer in dat kandidatentoernooi zelfs viermaal en tegen Petrosian tweemaal met twee remises. Tegen de nummer twee in de eindstand Keres lijdt hij met wit twee nederlagen, maar wint hij met zwart wel tweemaal. En tegen Smyslov verloor hij ook een keer met wit en won hij een keer met zwart, terwijl het twee keer remise was. Tegen hen was de score dus gelijk: 2-2. Op de foto rechts zien we Fischer in Bled met de twee toekomstige wereldkampioenen Tal en Petrosian.

Twee jaar later wist Fischer voor het eerst van Tal te winnen in een ander sterk bezet toernooi in Bled, dat daar toen verspeeld werd. Het was niet genoeg voor de toernooioverwinning, die naar Tal ging, maar hij was wel de enige die Tal versloeg en daardoor met een half punt achter hem ongeslagen tweede werd. Voor de bestudering van Fischer’s partijen heb ik zijn andere boek: My 60 Memorable Games uit 1969 gebruikt. Dat boek is een echte schaakklassieker geworden.

 

Op de foto links zie je de beide kemphanen, terwijl links Najdorf toekijkt.

In de voorlaatste ronde van het toernooi slaagde hij er ook in Petrosian voor het eerst te verslaan. Hierdoor eindigde hij een half punt achter Tal maar een half punt voor Petrosian, Keres en Gligoric ongeslagen op de tweede plaats.

Fischer won daarna met overmacht het interzonale toernooi van 1962 in Stockholm. Hij werd met 17,5 uit 22 ongeslagen eerste met een voorsprong van 2,5 punt op Petrosian en Geller en 3,5 punt op Kortsnoj, die hij in onderstaande partij versloeg. Kortsnoj was o.a. in 1960 en 1962 Sovjet kampioen.

In het kandidatentoernooi later in 1962 op Curacao begint Fischer met nederlagen tegen Benkö en Geller en daarna ook nog één tegen Kortsnoj. Daardoor heeft hij met 1,5 uit 5 een valse start en omdat de drie topsovjets onderling steeds remise spelen om fris tegen Fischer aan te treden, lukt het hem niet die achterstand in te halen. Fischer eindigt na Petrosian, Keres en Geller slechts op de vierde plaats. Het was na het protest van Fischer voor de FIDE de reden om over te gaan op een systeem van kandidatenmatches, waarbij zo’n combine niet mogelijk zou zijn. Fischer bezoekt wel Tal, die in het ziekenhuis is opgenomen, en speelt met hem een vluggertje aan zijn bed.

Fischer blijft in eigen land wel ongenaakbaar. Het ongelofelijke talent van Fischer komt heel goed tot uiting in deze partij tegen Robert Byrne in het USA kampioenschap met de jaarwisseling van 1963-64. Robert Byrne was 15 jaar ouder dan Fischer en een sterke grootmeester, maar wist zich pas in 1973 een keer voor de kandidatenmatches te plaatsen. In dit kampioenschap van de Verenigde Staten stak Fischer in grootse vorm, want hij won met 11 uit 11. De onderstaande partij is heel bekend geworden, maar zo instructief en kenmerkend voor het spel van Fischer, dat ik hem hier toch wil geven. Deze partij staat ook in zijn boek: My 60 Memorable Games.

Fischer plaatste zich met zijn eerste plaats in het kampioenschap van de Verenigde Staten voor het interzonale toernooi in Amsterdam van 1964, maar wilde daar niet aan meedoen. In de volgende WK-cyclus trok hij zich halverwege het interzonale toernooi van Sousse van 1967 terug, Daardoor kon hij pas in de jaren ’70 weer meedoen met de WK-cyclus. Hij won in 1970 eerst met overmacht het interzonale toernooi van Palma de Mallorca en was ook in 1971 superieur in de kandidaten matches. Tenslotte versloeg hij in die zeer gedenkwaardige WK-match van 1972 Spassky en werd daardoor wereldkampioen. Veel meer hierover staat opnieuw op de schaaksite te lezen in het artikel van Herman Grooten over Bobby Fischer uit zijn boeiende en inspirerende serie Schaakgeschiedenis in vogelvlucht.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.