Gespot 2: Paardendans

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders.

In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen.

Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.

Paarden blijven merkwaardige dieren. Ook op het schaakbord. Op clubniveau worden veel schakers het ‘slachtoffer’ van een paardvork. Sommige van die vorken werd vroeger ook wel eens familieschaak genoemd omdat één paard de halve vijandelijke ‘familie’ (koning, dame, toren) tegelijk aanviel. Paarden kunnen zowel in het middenspel als in het eindspel ijzersterk zijn, maar tegelijk ook ‘kreupel’. Probeer maar eens een randpion tegen te houden als je paard aan de andere kant van het bord staat.

Helemaal vreselijk is het als je met twee paarden blijft zitten, terwijl de rest van de stukken afgeruild zijn. Remise is dan het onvermijdelijke resultaat, hoe ‘oneerlijk’ dat ook lijkt. Dat thema en pat wordt op fraaie wijze aan bod gebracht in de volgende eindspelstudie die wel iets weg heeft van de komische eindstelling die in de eerste aflevering van deze rubriek aan bod kwam.

Eindspelstudie van Herbstmann, 1937.

In deze stelling staat wit een paard en een pion achter. De stelling lijkt verloren, maar met paarden weet je het maar nooit. 1. Pg1 Pe3+ De beste zet om een winstpoging te doen. [Het alternatief 1… Pf4+ wint niet. 2. Kh1 e1P Winnen drie paarden van een paard? Ja, als het vijandelijke paard verloren gaat. Maar… [Opnieuw is 2… e1D geen optie: 3. Pf3+ Ke2 4. Pxe1 Kxe1 met remise.] Na 3. Pf3+! Pxf3 is het echter pat!] [De grap is natuurlijk dat als zwart een dame haalt, hij het slachtoffer wordt van een paardvork: 1… e1D 2. Pf3+ Ke2 3. Pxe1 Kxe1 en zoals we weten kunnen we met twee paarden (zonder medewerking) niet matzetten.] 2. Kh3 Straks zal blijken dat dit het juiste veld is.

2… Pf4+ Zwart probeert het pat op te heffen uit de andere variant door zijn paard in de strijd te werpen. [Opnieuw is een minorpromotie tot paard geen goed idee vanwege een ander patmotief: 2… e1P 3. Pf3+! Pxf3 pat!] 3. Kh2 De koning mag natuurlijk niet naar de diagonaal e1-h4 omdat zwart dan een dame haalt met schaak.

3… Pg4+! Weer de beste poging. [Op 3… e1P heeft wit weer een truc tot zijn beschikking: 4. Pf3+ Pxf3+ 5. Kg3 en met de dubbele aanval van de koning op twee zwarte paarden, zal zwart er tenminste een kwijtraken, waarna het weer remise is.] 4. Kh1 Pf2+ Zwart moet weer een van zijn paarden verplaatsen om twee matmotieven op te heffen. [Uiteraard moet weer onderzocht wordt wat de minorpromotie tot paard oplevert. Het zal duidelijk zijn dat het na 4… e1P 5. Pf3+ Pxf3 wederom pat wordt.] [4… e1D is zelfs al meteen een patstelling!] 5. Kh2

5… e1P Het lijkt zwart eindelijk gelukt om een geschikte minorpromotie tot paard tot stand te brengen, waarin er niet (direct) een pat mogelijk is. Wit heeft echter een fantastische parade: 6. Pf3+!! Een schitterend offer, andere zetten verliezen ‘gewoon’. [Zo zal zwart de strijd in zijn voordeel beslissen na 6. Kg3? Ped3 7. Pf3+ Ke3 en de gecombineerde werking van de drie paarden levert een winststelling op.]

6… Pxf3+ Wat bezielt wit om zwart nu de drie paarden ‘gratis’ te geven? 7. Kg3 Een drievoudige aanval, die alleen maar gepareerd kan worden met 7… Ke3 maar dan is er weer een schitterend patmotief ontstaan!

½-½

Dit fragment via de viewer:

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.