Schaakrubrieken weekend 28 mei 2016

Wekelijks publiceren of verwijzen wij naar deze schaakrubrieken. Wij streven naar publicatie op de woensdag na het voorgaande weekend.

Hans Ree Gert Ligterink Hans Böhm Bab Wilders Johan Hut Rini Kuijf Henk Prins

Hans Ree

Kalmukkiër Inarkiev wint het EK

Er waren dit jaar maar twee Nederlanders in het kampioenschap van Europa, grootmeester Benjamin Bok en de amateur Jorgen Henseler, een vaste gast bij de EK’s. Voor een professional die op de kleintjes let, is meedoen of niet altijd een moeilijke keuze. De eerste prijs was het mooie bedrag van 20.000 euro, maar er zijn honderden deelnemers. Ze betalen zelf hun reis en hotel en minder dan twintig van hen komen met de prijs die ze winnen uit de kosten. Verder zijn er in het EK 23 plaatsen te verdienen voor de World Cup van 2017, waar de financiële voorwaarden beter zijn. Al met al is deelname een riskante investering. Je moet van schaken houden. Het EK 2016 werd deze maand in de Kosovaarse stad Gjakova gespeeld. Kosovo heeft zich sinds het zich losmaakte van Servië niet tot een populaire reisbestemming ontwikkeld en misschien was het daardoor dat er aan het EK minder schakers van buiten meededen dan in vorige jaren. Dat werd goedgemaakt door een enorm deelnemerslegioen van Kosovaren, waarvan er vijftig geen rating hadden. Een beetje alsof er vijftig kinderen op een stepje meerijden in de Tour de France, maar de topspelers hadden er geen last van. De nieuwe kampioen van Europa is Ernesto Inarkiev (door zijn ouders genoemd naar Ernesto ‘C h e’ Guevara), die in 1985 werd geboren in Kirgizië en om zijn grote schaaktalent in 2000 met zijn familie door FIDE-president Kirsan Iljoemzjinov naar Kalmukkië werd geh a a ld . De Nederlanders gooiden geen hoge ogen. Benjamin Bok zag zijn kans om bij de bovenste 23 te komen, vervliegen in een spectaculaire partij tegen de Georgiër Tornike Sanikidze. Computers kunnen veel bederven. Als je een schaakprogramma mee laat lopen terwijl je de partij naspeelt op een scherm, lijkt het na veertig zetten al een uitgemaakte zaak dat wit gaat winnen. In het echt blijft het een dubbeltje op zijn kant tot vlak voor het eind.

Tornike Sanikidze – Benjamin Bok, EK Gjakovo 2016

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 Lg7 4. e4 d6 5. Pf3 0-0 6. Le2 e5 7. 0-0 Pc6 8. d5 Pe7 9. Le3 Pg4 10. Ld2 f5 11. Pg5 Pf6 12. f3 c6 13. Le3 Kh8 14. Kh1 h6 15. Ph3 Merkwaardig. Normaal en goed was 15. Pe6 Lxe6 16. dxe6. 15…f4 16. Lf2 c5 17. a3 g5 18. b4 b6 19. Tb1 Tg8 20. a4 Lf8 21. a5 h5 22. Pg1 Terug naar af. Als zwart tot aanval komt zullen wits stukken rond zijn koning elkaar op de vlucht vertrappen. 22…Pg 6 23. Pa4 Ld7 24. Le1 g4 25. Pc3 Le7 Met 25…g3 kon zwart een zeer sterke aanval krijgen, zowel na 26. hxg3 fxg3 27. Lxg3 h4 als na 26. h3 Ph7 gevolgd door Pg5 en een offer op h3. 26. bxc5 bxc5 27. a6 Lc8 28. Da4 Ph7 29. Pb5 Tb8 30. La5 Df8 Hij geeft wel erg makkelijk pion a7 weg. 31. Pxa7 Txb1 32. Txb1 gxf3 33. Pxf3 Lg4 34. Pc6 Dg7 35. a7 Ph4 36. Tb8 Pf8 37. Pxe7 Lh3 38. Pxh4 Zwart heeft handenvol materiaal gegeven voor de koningsaanval. 38…Lxg2+ 39. Kg1 Lxe4+ 40. Phg6+ Maar wit heeft nog net een verdediging. 40…Lxg6 41. Pxg8 Le4+ Met 41. Lc2+ of 41…Le8+ kon zwart een dame winnen, maar dat was niet genoeg, want wit haalt dame en blijft een toren voor. 42. Kf2 Dg2+ 43. Ke1 f3 44. Lf1 f2+ 45. Ke2 Ld3+

Het blijft spannend. Na 46. Ke3 Dxf1 47. Da2 is het remise en na 46. Kxd3 Dxf1+ zou zwart winnen. 46. Kd2 Maar hierna heeft zwart niets meer. 46…Dxf1 47. Txf8 De2+ 48. Kc3 f1D 49. Txf1 Dxf1 50. a8D De1+ 51. Kxd3 Zwart gaf op.

Gert Ligterink

Hoe de ‘Zwickmühle’ deel ging uitmaken van schakersjargon

De Mexicaan Carlos Torre versloeg in 1925 in het eerste grote internationale toernooi in de SovjetUnie Emanuel Lasker met een combinatie die nooit zal worden vergeten. Het verhaal gaat dat de oud-wereldkampioen tijdens de partij een telegram ontving van zijn vrouw met de mededeling dat zij een contract had getekend voor de productie van zijn toneelstuk The History of Men. In zijn euforie verloor Lasker zijn concentratie met fatale gevolgen. Deze verklaring voor de nederlaag is origineel, zij het minder origineel dan Torre’s combinatie

Torre – Lasker, Moskou 1925 na 24 … Dd5-b5?. Als Lasker had gezien wat hem boven het hoofd hing, zou hij 24 … Dxd4 hebben gespeeld, waarna 25. Td1 De4 26. Lxh6 Pg6 27. Lg5 wit duidelijk voordeel geeft, maar nog niets is beslist. 25. Lf6! Dxh5 26. Txg7+ Kh8 27. Txf7+ Kg8 28. Tg7+ Kh8 29. Txb7+ Kg8 30. Tg7+ Kh8 31. Tg5+ Kh7 32. Txh5 Kg6 33. Th3 Kxf6 34. Txh6+ en met drie pionnen meer won wit gemakkelijk. Dit combinatiemotief met een elkaar ondersteunende loper en toren, die met behulp van tussenschaakjes ongestoord een aantal stukken elimineren, kreeg een naam van Aaron Nimzowitsch. In zijn boek Mein System noemde hij het de Zwickmühle, een term die afkomstig is uit het molenspel. Mede dankzij Tim Krabbé, die een schitterend hoofdstuk aan het motief wijdde in zijn boek Chess Curiosities, is de zwickmühle in navolging van onder andere Zugzwang en J’adoube toegetreden tot het internationale schakersjargon. Hoewel Krabbé voorbeelden geeft die aanzienlijk diepzinniger zijn dan de betrekkelijk eenvoudige combinatie in het eerste diagram, zal Torre – Lasker altijd genoemd worden als de zwickmühle weer eens voorkomt. Zo ging het ook vorige week, nadat de Rus Doebov in het EK-toernooi in Kosovo met een zwickmühle had toegeslagen tegen de Kroaat Brkic. Prompt verscheen een tweet van Pavel Eljanov, waarin hij Doebovs overwinning een meesterwerk noemde dat hem deed denken aan Torre – Lasker.

Doebov – Brkic EK, Gjakova 2016
1. d4 Pf6 2. c4 e6 3. Pf3 d5 4. Lg5 Lb4+ 5. Pc3 h6 6. Lh4 g5 7. Lg3 Pe4 8. Dc2 h5 9. h3 Lxc3+ 10. bxc3 Pxg3 11. fxg3 Pc6 12. e4 dxe4 13. Dxe4 Dd6 14. Kf2 Zwarts openingsspel verdient geen navolging. De witte koning kan weinig gebeuren, terwijl voor de zwarte geen veilige plek te vinden is. Ook niet op de damevleugel. 14 … Ld7 15. c5 De7 16. Tb1 0-0-0 17. Pe5 f5 18. Df3 Doebov zag de winnende combinatie pas bij de volgende zet. Onmiddellijk winnend is 18. La6!. 18 … g4

19. La6! gxf3 De elegante manier om ten onder te gaan. Hopeloos is 19 … bxa6 20. Pxc6. 20. Lxb7+ Een zwickmühle met de loper in de hoofdrol. 20 … Kb8 21. Lxc6+ Kc8 22. Lb7+ Kb8 23. Lxf3+ Kc8 24. Lb7+ Kb8 25. Lc6+ Kc8 26. Tb2! Zwart geeft op

Hans Böhm

64! (2)

De winnende studie van het bijzonder sterke Afek-64-studietoernooi moet wel van een extreem hoog niveau zijn en dat is-ie ook! U krijgt een stelling voorgeschoteld waarvan tijdens de oplossing een onbekende vondst moet worden gezocht. Het is als zoeken naar een nog onbekend voorwerp in twee bergen hooi. Met plezier presenteren wij

Wit speelt en maakt remise. Componist Andrei Visokosov uit Rusland. Inderdaad, niet veel materiaal dus waar zit dan die buitengewone vondst die de hoogste onderscheiding rechtvaardigt? Als zo’n ogenschijnlijk simpele stelling al tot een demonstratie van breinkoorddansen kan leiden, hoe onuitputtelijk moet het schaakspel dan wel niet zijn? Visokosov leeft in Moskou en is een van de beste Russische componisten. Begin deze eeuw was hij nog een veelbelovende nieuwe ster met een productie van zo’n zeventig studies per jaar, waaronder vele prijswinnaars. Vanaf 2005 viel hij totaal stil, de reden is onbekend. Omdat hij een speciale band met Yochanan Afek heeft, heeft hij speciaal voor dit toernooi weer een studie gemaakt en met deze comeback dus gelijk ook weer een parel. (Belangrijk te weten dat de jury niet weet wie welke studie instuurt, die worden anoniem aangeleverd door de redactie.)

De introductie is voor iedereen te begrijpen: 1.c5+ Ke7, want na 1…Kd7 2.c6+ bxc6 3.b7 g1D 4.b8D De3+ 5.Kg6 Dxe2 6.dxc6+ Kxc6 7.Da8+ Kb5 8.Db7+ houdt wit makkelijk remise en na 2…Kc8 3.Lg4+ Kb8 4.d6 wint wit zelfs. Wit moet verder gaan met 2.bxc7, ook logisch want 2.c6 g1D 3.bxc7 Kf6 is direct uit. We bereiken nu aanstonds de eerste climax: 2…Kd7 3.d6 g1D2 waarna 4.Lh5 De3+ 5.Kg6 Df4 6.Kh7 Df5+ 7.Lg6 Dxc5 simpel wint dus 4.c6+ bxc6 5.La6 Dg8

Dit is de eerste hooiberg. Het lijkt alsof wit de grote materiële achterstand kan inlopen met 6.c8D+? Dxc8 7.Lxc8+ Kxc8 8.Kg5 Kd7 9.Kf4 Kxd6 10.Ke3 Kc5 11.Kd3 en hier wint maar één zet maar dat is natuurlijk ook voldoende: 11…Kb5!! 12.Kc3 c5 13.Kb2 Kb4 en wit is aan zet en verliest. Waarom? Dat wordt in de hoofdvariant pas duidelijk. We zitten midden in de materie van pionneneindspelen en corresponderende velden, een immens zware problematiek waar zelfs grootmeesters de tanden op stuk bijten. Het is even tussendoor vermeldenswaard dat zowel a2-a3 als a4-a3 slecht is en die problematiek van corresponderende velden in dat resterende pionneneindspel ondermijnt. Wat heeft wit dan in diagram 2? Natuurlijk kijken we naar 6.Lb7 De6+7.Kg7 De5+ 8.Kf7 Dd5+ 9.Kg7 Dg2+ 10.Kh7 Dh2+ en de koning moet naar een veld waar of d6, of a2 of b7 verloren gaat. Die loper staat niet goed op b7. Daarom speelt wit de superzet: 6.Kh5!! Hoe super die zet is komt tot uiting na 6…Da8 7.c8D+ Dxc8 8.Lxc8+ Kxc8 9.Kg4! Kd7 10.Kf3! Kxd6 11.Ke2! Kc5 12.Kd1! Kb5 13.Kc1! c5 14.Kb1! Kb4 15.Kb2

De witte koning heeft in deze hele zettenreeks de zwarte koning op afstand in de gaten gehouden en precies deze stelling bereikt met zwart aan zet. En dan is het wel remise (zie aantekening diagram 2). Zwart bereikt niets na 15…Kc4 16.Kc2 Kd4 17.Kd2 Ke4 18.Kc3 Ke3 19.Kc4 Kd2 20.Kxc5 Kc3 21.a3 remise. Met wit aan zet in Diagram 3 ligt het anders: 16.Kc2 Kc4 17.Kd2 Kd4 18.Kc2 Ke3! 19.Kc3 a3! 20.Kc2 Ke2 21.Kc3 Kd1 of 21.Kc1 Kd3 22.Kd1 Kc3 23.Kc1 c4 en zwart wint. Diagram 3 is al ingewikkeld om volledig te doorgronden en daar kom je alleen maar door 6.Kh5!! Werkelijk een meesterwerk dat voldoet aan zowel klassieke als moderne eisen.

Bab Wilders

Het was even zoeken in de boekenkast maar daar was-ie dan: het eerste nummer van de Chess Informant uit 1966, opgeduikeld in een Hamburgs antiquariaat in het voor een Ajax-fan roemruchte jaar 1972. En nu kwam, met dank aan New In Chess, nr 127 binnen met als logische titel Golden 50 Years. Mij wordt wel eens verweten dat ik veel van vroeger beter vind dan de huidige zaken, en dit ook op schaakgebied (en ik zal dat niet ontkennen), maar wie deze twee boeken naast elkaar legt, krijgt een beeld van wat er in de wereld de laatste 50 jaar is veranderd. Zoiets als een tv-toestel uit 1965 naast de modernste van vandaag. In die 50 jaar heeft de Chess Informant veel betekend, uiteraard voor de (groot)meesters die de zaak goed willen bijhouden, maar ook voor iedere schaakliefhebber die kon genieten van wat zij of hij maar wilde. De beste partij kreeg u vorige week al geserveerd maar er blijft nog genoeg over, naast tweehonderd uitgelezen partijen om na te spelen en de andere gebruikelijke rubrieken. Bij de interessante artikelen: Karsten Müller natuurlijk voor de eindspelen, Harikrishna, onlangs nog winnend tegen Giri, over verrassende tacticalia, Rublevsky houdt een pleidooi voor het Schots, Pavlovic doet hetzelfde met die goeie ouwe Marshall Aanval en dan heb ik nog niet de helft genoemd. Ook veel foto’s, kortom, de schaakliefhebber kan weer uren genieten. Natuurlijk registers en een overzicht van toernooien. Voor verdere informatie: www.chessinformant.org (isbn 978-86-7297-081-4, € 29.99). Terecht dat Aleksandar Matanovic op de achterkant prijkt, die was er in 1966 ook bij (nu al 86!). De naam Chess Informant werd bij nr. 1 vertaald in vier andere talen, bijvoorbeeld Informador Ajedrecistico, bij nr. 127 zijn het er negen, waaronder Chinees en Arabisch.

Na deze zinloze informatie wordt het tijd de dames aan het spel te laten en wel in het kampioenschap van de USA. Favoriete waren daar Irina Krush, 2465 en Anna Zalonski, 2470, maar verrassend ging de titel naar Nazi Paikidze, 2346. Deze 22-jarige schaakster komt oorspronkelijk uit Georgië en heeft al een imponerende carrière met wereldtitels voor meisjes onder de 14 en vervolgens onder de 16. Na een hevige strijd met Krush in de laatste ronde was zij niet meer in te halen. Hier de partij met wit tegen Yu. 1.e4 c5 2.Pf3 d6 3.d4 cxd 4.Pxd4 Pf6 5.Pc3 a6 6.g3 g6 7.Lg2 Lg7 8.0-0 0-0 Ook de stand is nog 0-0 9.h3 Dc7 10.Le3 Pc6 11.a4 Tb8 12.Pde2 b6 13.Pd5 Pxd5 14.exd5 Pe5 15.b3 Lb7 Er is nog weinig van te zeggen. 16.Pd4 Tfe8 17. Dd2 sterker Ta2 17.e6 18.c4 Tbc8 19.Tac1 Db8 20.f4 Pd7 21.b4 exd 22.cxd Nu was Pf6 sterk maar zwart speelt b5 23.a5 gewoon slaan beter Pf6 24.Pc6 Lxc6 25.dxc d5 26. Ld4 (Lb6!) Pe4 27.Lxe4 Lxd4† 28.Dxd4 Txe4 29.Db6 Dc7 30.Tfd1 Tc4 het was gelijk maar in tijdnood begint zwart aardappels af te gieten 31.Txc4 dxc4 32.Dc5 nu moest Td8 maar 32.Kg7 33.Td6 c3?? verbijsterend 34.Dxc3† Kh6?? 35.g4 f6 een soort zelfmat 36.Dxf6 Da7† 37.Kg2 Tc7 38.g5† Kh5 39.De6 en 1-0.

Probleem 2582: auteur Ruszcynski, tweezet:

Oplossing van probleem 2580: 1.Pd6!

Johan Hut



Professor tegen alcoholist?

Voor het Nederlandse schaakleven is Max Euwe de grote held. Voor buitenlandse schaakliefhebbers is hij de zwakste wereldkampioen die er geweest is, een eendagsvlieg. Is dat oordeel terecht? Nee, voor ons natuurlijk niet. Erger is de gedachte erachter en nu kom ik direct op het boek ‘The Big Book of World Chess Championships’, door André Schulz, onlangs verschenen bij New in Chess in Alkmaar. In het boek worden alle 46 titelgevechten beschreven tussen 1886 en nu. Van Steinitz tot Carlsen. Het hoofdstuk over Euwe-Aljechin in 1935, toen Euwe wereldkampioen werd, is getiteld ‘Professor against alcoholic’. Het hoofdstuk over 1937, toen Aljechin zijn titel terugwon, heet ‘The title was only on loan’. Euwe werd wereldkampioen omdat Aljechin dronk. Zelf zei Euwe daarover: Aljechin dronk wel, maar dat deed hij ook in de toernooien die hij won. Zoals Zürich 1934, waar hij overigens de partij tegen Euwe verloor. Het verhaal is niet uit te roeien en wordt ook nu weer geboekstaafd. Evenals het verhaal dat Aljechin de match van 1937 won doordat hij de fles liet staan. Het boek bevat bij ieder hoofdstuk één partij en bij het hoofdstuk over 1935 was de keus niet moeilijk: de Parel van Zandvoort.

Euwe-Aljechin

1.d4 e6 2.c4 f5 3.g3 Lb4+ 4.Ld2 Le7 5.Lg2 Pf6 6.Pc3 0-0 7.Pf3 Pe4 8.0-0 b6 9.Dc2 Lb7 10.Pe5 Pxc3 11.Lxc3 Lxg2 12.Kxg2 Dc8 13.d5 d6 14.Pd3 e5 15.Kh1 c6 16.Db3 Bedoeling: 17.c5 bxc5 18.Pxe5 dxe5 19.d6+ met goed spel voor wit. 16…Kh8 17.f4 e4 18.Pb4 c5 19.Pc2 Pd7 20.Pe3 Lf6

Wit staat misschien iets beter dan zwart, maar niet essentieel. Euwe komt nu met een verbluffende doorbraak. 21.Pxf5 Lxc3 22.Pxd6 Db8 23.Pxe4 Lf6 24.Pd2 g5 Zoiets moet zwart wel doen, de opmars van e- en d-pion compenseert moeiteloos het geofferde stuk. Zwart doet daarom iets terug over de g-lijn. 25.e4 gxf4 26.gxf4 Ld4 27.e5 De8 28.e6 Tg8 29.Pf3 Niet 29.exd7 De2 en zwart neemt het initiatief over.29…Dg6 30.Tg1 Wit gooit er nog meer materiaal tegenaan. 30…Lxg1 31.Txg1 Df6 In deze fase verliest zwart de controle. Df5 was hier beter geweest, om zowel d7 als h3 in de gaten te houden. 32.Pg5 Tg7 33.exd7 Txd7 34.De3 Te7 35.Pe6 Tf8 36.De5 Dxe5 37.fxe5 Weer twee verbonden pionnen, de grote troef van wit. 37…Tf5 38.Te1 h6

39.Pd8 Met deze wending, zwart mag nu niet twee keer op e5 slaan vanwege Pf7, haalt wit de winst binnen. 39…Tf2 40.e6 Td2 41.Pc6 Te8 42.e7 b5 43.Pd8 Kg7 44.Pb7 Kf6 45.Te6+ Kg5 46.Pd6 Txe7 47.Pe4+ Zwart geeft het op.

André Schulz en New in Chess hebben een fantastisch boek gemaakt. De 43 WK-matches, twee toernooien en de match die niet werd gespeeld (Fischer-Karpov 1975) worden uitgebreid beschreven. Voorgeschiedenis, matchverloop, details over organisatie, secondanten, prijzengeld; alles staat erin. Het gaat alleen om wat de ‘klassieke matches’ genoemd worden. Van 1993 staat Kasparov-Short erin, maar Karpov-Timman niet. Schulz heeft een van de mooiste geschiedenisboeken van de laatste jaren geschreven. Zijn oordeel over Euwe-Aljechin vergeven we hem.

Rini Kuijf

Voor beginners A7025

Wit aan zet doet?

Voor gevorderden B7025

Zwart aan zet, wat doet hij?

Henk Prins

Vorige week werd een probleem besproken met het zogenaamde Zagorujko-thema. Dit veelbewerkte thema werkt met matveranderingen. Als er ten opzichte van het schijnspel (dit is het spel voordat een sleutelzet wordt uitgevoerd – wat voor zetten liggen er al klaar? ) veranderde mats zijn na tenminste twee zwarte zetten in een verleiding en nog eens weer andere mats in de oplossing, dan spreken we van een Zagorujko.

De tweezet van Valuska en Blunar is een voorbeeld van het thema met weinig stukken. Het schijnspel geeft de volgende twee varianten: 1. …Pxf5 2. De5 mat en 1. …Pf3 2. Dxg7 mat. De verleiding is 1. De3? Er dreigt 2. Dg5 mat. Op genoemde zetten 1. …Pxf5 komt 2. Kxf5 mat en op 1. …Pf3 2. Kxf3 mat, beiden nieuwe mats. De dame vormt met de witte koning een batterij. Zwart weerlegt met 1. …Pe6! De oplossing is 1. Dd2! met dezelfde dreiging 2. Dg5 mat. Nu komt er op 1. …Pxf5 2. Te5 mat en op 1. …Pf3 2. Td7 mat. Drie verschillende matzetten na de zwarte themazetten, dus een Zagorujko.

De tweezetten 901 en 902 zijn op te lossen. Beiden vertonen de Zagorujko. Oplossingen volgen over twee weken.

3 Comments

  1. Avatar
    wimw juni 02, 2016

    Helaas heeft de Nederlandse pers ook aan die mythevorming rond de match Aljechin-Euwe in 1935 bijgedragen. Zoals bekend werd de match overal in Nederland gespeeld. In de tweede helft ging men o.a. naar Nunspeet, maar Aljechin kreeg autopech bij Diemen en moest toen per trein naar Nunspeet. Hij had dus veel vertraging en verloor die partij toen van Euwe. Vanwege de stress had Aljechin wat alcohol tot zich genomen, maar in de krant stond te lezen dat Aljechin dronken achter het bord zat. En de waarheid is natuurlijk niet meer te achterhalen.

  2. Avatar
    Johan Hut juni 04, 2016

    Die partij is inderdaad berucht, maar het is ook altijd die ene partij die genoemd wordt. Euwe heeft ook gezegd dat Aljechin altijd wat onzeker liep, omdat hij te ijdel was om een bril te dragen. Maar ik heb de indruk dat Euwe het een beetje goed wilde praten.

    Het was overigens Ermelo, maar je zit in de buurt. Dezelfde kant op, vanaf Amsterdam. Andere dorpen waar ze speelden waren Zandvoort, Zeist en mijn woonplaats Baarn, elk één partij. Verder in grote steden.

  3. Avatar
    wimw juni 05, 2016

    Dank voor de correctie. Die 21e partij, waarin Euwe de match gelijk trok, was in Ermelo. Ik wilde het checken, maar kon even het boek niet vinden. Er werd meestal in steden gespeeld en zelfs 13 keer in Amsterdam, de woonplaats van Euwe. Eén partij werd daar in het Gemeentelijk Meisjeslyceum gespeeld, waar Euwe wiskundeleraar was. Een echte thuiswedstrijd dus, maar Euwe verloor wel.

Alleen geregistreerde kunnen een reactie achter laten.