Schaakgeschiedenis in vogelvlucht 16: Paul Keres

Deze rubriek is gemaakt voor schaaksite.nl en is terug te vinden onder het kopje ‘Schaakhistorie’.

 Omdat het schaakspel een eeuwenoud spel is, dat naar schatting al 3000 jaar oud is, lijkt het mij gepast om een serie korte artikelen te presenteren, waarin de schaak­geschiedenis voor het voetlicht wordt gebracht. In de vorige aflevering hebben we het gehad over Mikhail Botwinnik. In deze nieuwe aflevering zullen we het hebben over Paul Keres (1916 – 1975).

 

Paul Keres rechts (foto bron onbekend)

Paul Keres is geboren in Estland dat in 1940 door de Sovjet-Unie werd geannexeerd. Het klinkt raar, maar voor Keres werden er vanaf dat moment deuren geopend die anders gesloten waren gebleven. Vijf jaar daarvoor had hij zijn visitekaartje afgegeven in de Olympiade van Warschau waar hij toen nog zijn geboorteland vertegenwoordigde. Mede hierdoor kreeg hij uitnodigingen die hij daarvoor nooit eerder had ontvangen. Toen Keres vanaf 1940 tot de Sovjet-Unie behoorde, kon hij dat jaar ook meedoen aan het Kampioenschap. Zijn vierde plaats in dat toernooi was uitstekend, maar die werd nog beter omdat de Sovjetauriteiten er geen genoegen mee namen dat Bondarevsky en Lilienthal samen op de eerste plaats waren geëindigd. Ze vonden dat het Kampioenschap nog een staartje moest krijgen en zo werd er een vierkamp georganiseerd, waarin – behalve deze twee – ook Botwinnik en Keres mochten deelnemen. Deze vierkamp werd gewonnen door Botwinnik en Keres werd tweede. Mede hierdoor kreeg hij later zijn bijnaam: ‘Keres, de (eeuwige) tweede’. Die bijnaam kreeg hij voornamelijk omdat hij zo’n vijf keer op een haar na een kans miste op een WK-tweekamp.

 

In 1947 kwam de grote doorbraak voor Paul Keres, toen hij het Kampioenschap van de Sovjet-Unie alleen op zijn naam schreef. Ook in 1950 en 1951 slaagde hij erin deze titelstrijd nogmaals te winnen.

Zijn resultaten waren zo goed, dat velen hem beschouwen als een van de beste schakers ooit, die nooit wereldkampioen wisten te worden. Samen met Viktor Kortchnoi (en trouwens ook Alexander Beliavsky trouwens) is Keres een van de weinigen die meermalen van een regerend wereldkampioen wisten te winnen.

Keres (rechts) tegen Kortchnoi (foto bron onbekend)

De Est staat ook bekend om zijn voortreffelijke boek dat in het Duits vertaald ‘Ausgewählten Partien’ heet. In dit boek geeft hij op zeer instructieve en didactische wijze zijn gedachten prijs op papier. Het is nog altijd een monumentaal werk dat m.i. door ambitieuze schakers doorgewerkt zou moeten worden om hun strategische kijk op het spel te verbeteren.

 

Minder bekend is dat Keres ook de nodige eindspelstudies heeft gecomponeerd.

 

Keres stierf in Helsinki (Finland) geheel onverwacht op de leeftijd van 59 jaar door een hartaanval op de terugweg van Vancouver (Canada) waar hij net een toernooi had gewonnen. Hij kreeg een staatsuitvaart en meer dan 100.000 mensen, waaronder Max Euwe, hebben die bijgewoond.

 

Smyslov, V. – Keres, P.

Keres stond bekend als een groot eindspelkenner. Het is leerzaam om te zien hoe hij op schematische wijze een oud-wereldkampioen wegschuift in dit eindspel met gelijke lopers.

Zwart heeft voordeel vanwege:

1. De groepjesregel;

2. Het bezit van veld e5 voor de koning;

3. Een aantal witte pionnen zijn op de verkeerde kleur vastgelegd.

De witte loper wordt nu gedwongen de pionnen te beschermen en hij verliest daardoor aan activiteit.

1…Lb1 2. a3 a5!

Dit verhindert b4.

  1. Ld1 Kg6 4. Kg2 Kf5 5. Kf2 Ke5

De koning is op het ideale veld aangeland. Het winstplan is nu:

1. Oprukken met koningsvleugelpionnen.

2. Opmars f5-f4 op juiste moment om veld d4 of f4 voor koning te veroveren.

3. Binnendringen met de eigen koning.

  1. a4 g5 7. Ke2?!

Na deze zet gaat het snel bergafwaarts met wit.

7…Lf5!

Het is een tempospelletje geworden, ook om nieuwe verzwakkingen uit te lokken.

  1. g4 Na 8. h4 zou zwart het pionneneindspel winnen: 8…Lg4+-+

8…Lb1 9. Kf3 f5 10. gxf5

  1. Ke2 f4 11. Kf3 fxe3 12. Kxe3 Le4 Zetdwang.

10…Kxf5 11. Kf2

11…Le4

Zwart bereidt het vastleggen voor van wits zwakke pion op h3.

Zwart maakt geen vorderingen na 11…Ke4 omdat wit na 12. Lh5 de zwarte koning terugdwingt. 12…Ke5 De stelling blijft overigens wel gewonnen.

  1. Kg3 Kg6 13. Kf2 Na 13. h4 h5 14. Kh3 Ld3 15. Kg3 Lf5 is wit in tempodwang gekomen.

13…h5 14. Kg3 h4+ 15. Kf2 Lf5 16. Kg2 Kf6 17. Kh2

17…Ke6!

Een handigheidje van Keres.

  1. Kg2 Ke5 19. Kh2 Lb1 20. Kg2 Ke4 21. Kf2 Kd3

De koning is binnengekomen en dan is er geen redden meer aan.

0-1

 

Keres – Tarwe

1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. Lb5 a6 4. La4 d6 5. c3 Ld7 6. d4 Pge7 7. Lb3 h6 8. Ph4 Pa5 9. Lc2 g5 10. Pf5 Pxf5 11. exf5 Df6 12. d5! c6 13. Pa3! b5 14. b4 Pb7

Welk plan kiest u voor wit?

  1. Pb1!

Keres in zijn boek “Ausgewahlte Partien” zegt (vrij vertaald) hierover: ‘Een paradoxale zet, die zich echter als toekomstige aanvalszet gaat manifesteren. Waarin ligt dan toch het geheim van de omstandigheid dat het witte paard eerst naar a3 ging om daarna weer op zijn uitgangsveld terug te keren? De merites van de zet komen te voorschijn als men zich in de stelling verdiept. Met de zet 13. Pa3 dwong wit de lelijke verzwakking … b7-b5 af. Nu moet de mogelijkheid a2-a4 in de stelling gebracht worden waarna zwart voor lastige problemen gesteld wordt. Verder wil wit graag zijn paard naar veld e4 spelen en met Pb1 geeft hij een eerste aanzet voor deze manoeuvre. De met de paardzet verbonden tempoverliezen hebben geen wezenlijke betekenis omdat ten eerste de stelling gesloten is en ten tweede heeft zwart in de tussentijd ook zijn ontwikkeling niet kunnen voltooien. Het belangrijkste probleem in de zwarte stelling is dat zwart op twee vleugels met pionnenverzwakking kampt, terwijl ook zijn stukken, in het bijzonder het paard, niet bijster goed staan opgesteld. Daarom heeft zwart het zwaar om na de laatste witte zet iets te vinden tegen tegen de komende witte dreigingen. Ook als het hem lukt materiele verliezen te vermijden, zal hij met de positionele gebreken in zijn stelling blijven zitten’.

15…Pd8

15…a5 is een alternatief dat de bedoeling heeft om na 16. a4 axb4 17. cxb4 met [ 17. dxc6!  (zie analysediagram)

analysediagram

Met deze tussenzet grijpt wit naar tactische middelen die in zijn voordeel blijken te werken. 17…Lxc6 18. axb5! Txa1 19. bxc6 Pa5 20. c7 Kd7 21. cxb4 Pb7 ( 21…Pc6 lijkt dan iets beter. 22. Lb2 Ta7 23. La4 Kxc7 24. Pc3 en het witte initiatief is levensgevaarlijk voor zwart.) 22. Lb2 en wit krijgt de overhand. Overigens is deze laatste zet beduidend beter dan het door Keres aangegeven 22. Pc3.] 17…c5 te kunnen beantwoorden. In dat geval is de witte a-pion gepend en verzekert zwart zich veld c5 voor zijn paard zodat hij de schade binnen de perken heeft gehouden. De reden dat het plan niet lukt, ligt in het tactische intermezzo dat wit bij de hand heeft: 15…c5 wordt de situatie van zwart niet wezenlijk verbeterd na 16. a4 Lg7 17. axb5 Lxb5 18. h4! en ook hier staat wit zonder twijfel beter. 15…Lg7 Om de koning zo snel mogelijk in veiligheid te brengen en tegelijkertijd zijn torens te verbinden, is eveneens niet bevredigend. 16. a4 O-O 17. h4 gxh4 18. Df3 c5 19. Pd2 en volgens Keres heeft wit hier al een winststelling.

  1. a4 bxa4

Min of meer gedwongen omdat wit een strategisch gewonnen stelling zou bereiken als hij axb5 cxb5 zou kunnen afdwingen. De spanning tegen het sterke punt d5 is dan verdwenen waarna het paard met vernietigende kracht naar veld e4 gespeeld kan worden. De poging 16…cxd5 zou wit met 17. axb5 Lxb5 18. Dxd5 Lc6 19. La4! groot voordeel bezorgen.

  1. c4!

Een belangrijke pionzet waarmee wit diverse voordelen nastreeft. Niet alleen wordt pion d5 gedekt maar ook kan het paard via c3 snel naar e4 gespeeld worden. Dat de tekstzet een pion kost, speelt nauwelijks een rol aangezien de strijd op de damevleugel reeds in wits voordeel beslecht is.

17…Lxf5 18. dxc6 Pxc6 19. Pc3

Deze stelling streefde wit na toen hij op de 17de zet een pion offerde. Niet alleen heeft wit de heerschappij in het centrum over de witte velden veroverd, ook de zwarte koning vindt geen veilig onderkomen meer nu de witte stukken zeer snel naar actieve velden ontwikkeld worden.

19…Ld7

19…Lxc2 de ruil zou de witte velden nog meer verzwakken voor zwart. 20. Dxc2

  1. Pd5 Dd8
  1. h4!

Ook de pionnenstructuur op de koningsvleugel wordt aangepakt.

21…gxh4

21…g4 22. Le3 Tb8 23. Lxa4 en zwart heeft het zwaar.

  1. Le3 Tb8 23. Lxa4 Lg7

Zwart moet een vluchtroute voor zijn koning creeren want er dreigde reeds 24. b5 axb5 25. cxb5 gevolgd door 26. b6. Na de tekstzet wint wit het geofferde materiaal terug terwijl zijn initiatief voortduurt.

  1. Lxc6 Lxc6 25. Txa6

25…Lxd5

25…Lb7 26. Dg4! was door Keres gepland. 26…Kf8 [ 26…Lxa6 27. Dxg7 Tf8 28. Lxh6 Kd7 29. Dg4+ f5 30. Dg7+ Kc6 31. Da7 met winst.] 27. Txd6!

  1. Dxd5 Txb4

Anders valt pion d6 en wint wit door zijn vrijpionnen.

  1. Dc6+

Zwart gaf zich gewonnen. Hij heeft drie verdedigingen die de volgende uitkomst zouden hebben gegeven: 27. Dc6+ Kf8 [ 27…Dd7 28. Ta8+ Ke7 29. Ta7 wint de dame.] 28. O-O! De beste zet. [ 28. Ta8 Tb8 29. Lb6 Txa8 30. Lxd8 Txd8 31. Txh4 is ook goed, maar minder overtuigend.] 28…Tb8 [ 28…Lf6 29. Dd5! En tegen de dreigingen Txd6, f2-f4 alsmede Ta8 valt weinig te verzinnen. 29…Le7 30. f4! en wit heeft een overweldigend overwicht.] 29. Td1 en dit houdt zwart niet droog.

1-0

 

Keres, P. – Smyslov, V. 1

. c4 Pf6 2. Pc3 c5 3. Pf3 e6 4. g3 d5 5. cxd5 Pxd5 6. Lg2 Pc6 7. O-O Pc7 8. b3 Le7 9. Lb2 e5 10. Tc1 f6 11. Pa4 b6 12. Ph4 Ld7

Het zwarte spel is nogal provocerend. Hoe kan wit zijn tegenstander uit het zadel lichten?

  1. e3

Oplossing Het is interessant dat dit kleine pionzetje zwart al bijna voor onoplosbare problemen stelt. Het zit hem er niet zozeer in de directe dreiging Dh5+ gevolgd door Pg6 met kwaliteitswinst. Deze dreiging laat zich gemakkelijk pareren, maar de problemen voor zwart doemen vooral op door de positionele dreiging d2-d4. Niet alleen dreigt wit het zwarte centrum te ondermijnen, maar in combinatie met de tactische dreigingen die er direct ontstaan heeft zwart ook nog te kampen met het feit dat de zwarte stukken enigszins onbeholpen staan opgesteld. Deze factoren te samen kunnen snel tot een catastrofe voor zwart leiden.

13…O-O 14. d4

De directe dreiging is d4-d5-d6 met stukwinst.

14…exd4 15. exd4 Tc8

Zwart besluit zich tevreden te stellen met pionverlies na

  1. dxc5
  2. d5 Pd4 17. Lxd4 cxd4 18. Dxd4 Pb5 gevolgd door … Pd6 en hij heeft een verdedigbare stelling verkregen.

16…b5 17. Pc3 f5

17…Lxc5 zou zeer slecht aflopen na 18. Pxb5!

  1. Tc2!

Deze torenzet, waarmee de onafwendbare dreiging Td2 in de stelling wordt gebracht, is veel beter dan de terugtrekking van het paard met 18. Pf3 omdat zwart met 18. … Lf6 nog volop meedoet.

18…Lxh4 19. Td2 Tf7

  1. gxh4!

Dit eenvoudige terugnemen van het stuk is veel sterker dan de mogelijke damewinst na 20. Lxc6 Lxc6 21. Txd8+ Txd8 en zwart heeft relatief gezien nog kansen op redding.

20…Pe6 21. Pxb5

Met twee minuspionnen bij hopeloze stelling had Smyslov ook wel meteen mogen opgeven. Hij deed nog:

21…Pxc5 22. Pd6 Te7 23. Pxc8 Dxc8 24. La3 Pe4 25. Lxe4 fxe4 26. Lxe7 Pxe7 27. Txd7

om hier pas de wapens neer te leggen.

1-0

 

 

(Geraadpleegde bron o.a. “Geschiedenis van het schaakspel” door Silbermann/Unzicker) en Wikipedia. Deze serie is lange tijd geleden verschenen in het Eindhovens Dagblad. Inmiddels zijn deze artikelen aangepast en verder uitgebreid.

 

6 Comments

  1. Avatar
    zemiggel april 04, 2017

    Wat mij betreft was het winnen van het mega toernooi AVRO 1938 al zijn doorbraak.

  2. Avatar
    Jasper Geurink april 04, 2017

    Beste Herman,

    Weer een prachtig artikel (als zo vaak). Het is volkomen terecht dat je ‘Ausgewählte(n) Partien’ prijst; het is een magnifiek boek. Maar de annexatie van Estland door de Sovjet-Unie opende (als ik me niet vergis) niet slechts mogelijkheden voor Keres. Hij vluchtte aanvankelijk naar Duitsland en speelde daar toernooien, noodgedwongen. Toen hij terugkeerde naar de USSR werd hij als ‘fascist’ gebrandmerkt, en kreeg hij het (mede door Botvinnik?) erg lastig. Of hij expres nederlagen heeft geleden tegen Botvinnik in het WK van 1948 is me niet bekend, maar wellicht weet iemand anders dat wel.

  3. Avatar
    Jasper Geurink april 04, 2017

    ‘Expres’ hier als ‘gedwongen door de Sovjet-autoriteiten’.

  4. Avatar
    wimw april 04, 2017

    In de zomer van 1941 viel het leger van Nazi-Duitsland de Sovjet Unie binnen en bezette ook Estland. Noodgedwongen speelde Keres toen toernooien in door Duitsland bezette landen, o.a. in Salzburg tegen Aljechin, die duidelijk Nazi-sympathieën had. Ik heb begrepen dat dit ook kwam, omdat Keres in die oorlogssituatie moest zien te overleven.

  5. Avatar
    Herman Grooten april 04, 2017

    Ik heb veel gelezen over de oorlogssituatie en wat voor invloed dat had op de situatie waarin Keres zich bevond. Omdat ik dit allemaal wat ‘zwaar’ vond, heb ik het eigenlijk allemaal weggelaten, hoewel het inderdaad veel invloed heeft gehad op zijn spel en op de toernooien die hij heeft kunnen(of mogen) spelen. Het kan eigenlijk niet los van elkaar gezien worden, maar ik wilde me vooral toespitsen op zijn schaaktechnische kwaliteiten. Dat hij een fenomenaal talent was, moge duidelijk zijn. Bedankt allemaal voor jullie waardevolle aanvullingen.

Only ingelogde gebruikers kunnen een reactie achterlaten.