NK Schaakvoetbal 2024

Na enige jaren van afwezigheid gaat het NK Schaakvoetbal weer georganiseerd worden! De datum wordt 30 juni 2024 en het vindt weer plaats bij sportcentrum Olympos op de Uithof in Utrecht. Er is plaats voor maximaal 8 teams, dus wees er snel bij! Meer informatie en het inschrijfformulier is te vinden op paulkeres.nl/?page_id=30878.

 

Over klassieke klassiekers

Dit wordt voorlopig mijn laatste recensie. Na 2,5 jaar recensent bij Schaaksite geweest te zijn, is het tijd om het stokje over te dragen aan nieuw schrijftalent. In die 2,5 jaar heb ik heel wat boeken zien langskomen. Uiteraard een heleboel openingsboeken, een aantal boeken over het middenspel en eindspel, nog wat biografieën. Maar ook aardig wat boeken over schaakpsychologie en zelfs een boek over schaken en het leven zelf.

 

Uiteindelijk werd ik echter toch altijd getrokken door de klassiekers, boeken die de tand des tijds hebben doorstaan en hun klasse bewezen hebben. Net als in de ‘gewone’ literatuur sla ik het nieuwste van het nieuwste liefst over – een eigenschap die als recensent natuurlijk iets minder handig is. Ja, het is af en toe lekker om een nieuw maar matig boek te fileren, maar je wilt uiteindelijk toch je tijd op aarde vooral aan goede literatuur besteden.

 

En er valt nog meer dan genoeg te lezen als we de klassiekers beschouwen. Zo had ik mijzelf nog nooit verdiept in ook maar enige wereldkampioen van voor mijn tijd, terwijl daar genoeg te leren valt – zowel schaaktechnisch als verhaaltechnisch. Toen ik in de Queen’s Gambit hoofdpersoon Beth Harmon met het boek ‘My Chess Career’ van Capablanca zag rondlopen, was de keuze snel gemaakt: als het goed genoeg is voor Beth, is het goed genoeg voor mij!
Lees meer >

Over periodes van rust

Het zijn rare tijden. Ik bedoel, als je vaak zegt dat het rare tijden zijn, wordt het een cliché. Maar het is aan de andere kant ook raar om niet te zeggen dat het rare tijden zijn. Rare tijden.

Wat ook raar is, is dat we zeeën van vrije tijd hebben gekregen maar dat er geen officiële schaakpartijen meer gespeeld worden. Je zou kunnen denken dat dat de tijd geeft om flink aan de schaakstudie te gaan – en ondertussen online interessante partijen te spelen. Voor mezelf echter geldt dat ik me op internet bij lange na niet zo kan motiveren om te presteren – laat staan dat ik me thuis kan opladen om te studeren. Ik heb mezelf dan ook even een sabbatical gegeven zolang er niet fysiek geschaakt wordt: geen of nauwelijks schaakstudie en slechts af en toe meedoen aan een van de vele online toernooien die nu georganiseerd worden.

Begin Corona kreeg ik echter een recensie-exemplaar van ‘The Modernized Sveshnikov’ in de bus. Thinkers Publishing mag openingen graag moderniseren (zie bijv. deze recensie), maar dat mag in dit geval ook wel: het was onderwerp van de theoretische discussie in de laatste WK-match. Tot voor kort was ik er echter niet aan toegekomen om dit boek goed te lezen. De Sveshnikov draait toch meer om concrete varianten dan om abstracte ideeën en dat betekent dat zo’n boek minder geschikt is om te bestuderen tijdens een periode van rust.

Lees meer >

Over flow en tijdsbesef

 

Het concept van ‘flow’ is alombekend. Het concept is bedacht door professor Csikszentmihalyi (spreek uit: ‘Chick-sent-me-high-ly’) en zijn boek uit 1990 met de titel ‘Flow’ is duizenden keren geciteerd. Toen ik het boek bij een vriend in de kast vond, leek dat me uitstekende literatuur om deze regenachtige zomerdagen mee door te komen. Wel was ik tot op zekere hoogte sceptisch: wat kan een boek van meer dan vierhonderd bladzijdes toevoegen aan een concept dat in een paar zinnen is uit te leggen?

Lees meer >

Over talent en sociale vergelijking

Op het moment dat je schaken als hobby opneemt, word je bijna direct op een ladder geplaatst: het rating-systeem. Dit maakt meteen de pikorde in de schaakwereld duidelijk, en geeft meteen een richting: je wil die ladder beklimmen! En dat is eigenlijk universeel: het geldt voor de 1200-speler, de 2000-speler en zelfs Carlsen wil omhoog, namelijk naar de 2900. Overigens, nu Corona het reguliere schaakleven heeft stilgelegd, is de KNSB- en de FIDE-rating een stuk minder relevant. Gelukkig hebben we ook hiervan een online equivalent!

Over waar je start op de ladder en hoe snel je die ladder beklimt, heeft te maken met iets wat ze noemen ‘talent’. Wat talent precies inhoudt, is echter niet heel duidelijk natuurlijk. Verschillende mensen hebben zich op dit onderwerp gericht, waaronder journalist Daniel Coyle, met zijn boek ‘The Talent Code’ (alweer uit 2009) – het onderwerp van dit artikle. Coyle heeft het over drie belangrijke ingrediënten voor het ontwikkelen van talent: iets wat hij noemt ‘deep practice’, goede coaching, en ‘ignition’ (een vonk).

Lees meer >

Hoogmoed zonder val – Paul Keres – Zukertort 7½-2½

Hoe een avond in de Stichtse Taveerne een les voor Paul Keres kan zijn

Begin dit decennium speelde ik een schaaktoernooi in Praag. Ik had in de derde ronde net gewonnen van een grootmeester in een van mijn beste partijen ooit, en liet de partij in de bar zien aan mijn reisgenoten. Aan onze tafel zat ook een Serviër met een grote pul bier (niet zijn eerste) die bij al mijn zetten wel een kritische opmerking plaatste – het grootste deel van de tijd onzin,

Lees meer >

Over omzwervingen

In ieders schaakcarrière zijn altijd een paar partijen die hem of haar meteen voor de geest komen als diegene terugdenkt, tegelijkertijd met de bijbehorende emotie. Ik voel bijvoorbeeld meteen weer de walging als ik terugdenk aan die partij waar ik net na zet 40 mat in twee over het hoofd zag – waardoor we de match met 5,5-4,5 verloren – of de euforie over de strakke partij die ik won van een voormalig wereldtopper.

Lees meer >

Over coaching

Toen ik zag dat Thinkers Publishing een boek had gepubliceerd van topcoach Vladimir Tukmakov genaamd ‘Coaching the Chess Stars’, was ik natuurlijk enthousiast om dit boek te recenseren: het gaat per slot van rekening over mijn eigen vakgebied. Ik was van tevoren nog niet bekend met de aanpak van Tukmakov en bij een dergelijk onderwerp is het altijd de vraag of die aanpak je ook aanspreekt. In de inleiding overtuigt Tukmakov me echter al direct. Hij zegt namelijk het volgende:

Lees meer >

Over inspiratie

Laat me maar meteen met de deur in huis vallen: ik zit in een schaakdip. Wellicht kan je het een pre-post-titeldip noemen: met een virtuele rating van 2395 en drie normen op zak sta ik op matchpunt voor de IM-titel. Echter, hoewel het me in de schaakwereld wellicht wat meer status oplevert, zal ik er in de echte wereld geen vrouw extra mee imponeren – laat staan dat ik dichter kom bij het vervullen van mijn lotsbestemming (wat dat ook zou moge zijn).

Lees meer >

Over moderne klassiekers

Om de haverklap komen er schaakboeken uit die elk een volgens de schrijver onderbelicht aspect van het schaakspel beschrijven. Liefst met een titel die je een tikje onzeker maakt over je eigen schaakfunctioneren. Mooie voorbeelden zijn 100 endgames you must know (“shit, ken ik die wel allemaal?”) of Secrets of modern chess strategy (“dadelijk kennen mijn tegenstanders die geheimen al wel!”). Ik vraag me echter altijd af welke van die boeken de tand des tijds doorstaan. Er valt dan ook wel iets voor te zeggen om net als in de wereldliteratuur enkel klassiekers te lezen: per slot van rekening hebben we in ons leven maar beperkt tijd en zegt het wel iets dat die boeken nog altijd herlezen worden. Omdat mijn interesse uitgaat naar de meer psychologische kanten van het schaakspel, heb ik voor deze review gekozen voor een moderne klassieker: het boek John Nunn’s ‘Secrets of practical chess’, waarvan de eerste druk in 1998 uitkwam.

Lees meer >