Mooie zetten en Bloopers

Gespot 81: Het verschil tussen Te7 en Te8

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen.

Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.

 

Een aantal keer kwam ik in de situatie dat er in de laatste ronde van een toernooi gestreden moest worden voor een titelnorm. In een partij, die ik helaas niet meer heb terug kunnen vinden, ging het om het verschil tussen een bepaalde torenzet. Als ik de toren een veldje minder ver had gezet, had ik gewonnen. In de partij ‘schoot’ die toren net even door en toen werd het remise. Dat was het verschil tussen wel of niet een IM-norm. U begrijpt dat toen dat na de partij was geconstateerd, ik daar wel een halve nacht wakker van heb gelegen.

Hans Ree (anno 2016). De foto is van Frans Peeters tijdens de wedstrijd Stukkenjagers – Caissa uit het vorige seizoen.

Nadat ik dat fragment in het clubblad van mijn toenmalige vereniging (de Eindhovense Schaakvereniging) had gezet, was er gelukkig een clublid die het eindspel nog eens uitvoerig analyseerde. Zijn conclusie was dat ik toch rustig had kunnen slapen, omdat de partij in beide gevallen – bij de beste verdediging – in remise had moeten eindigen.

Dit gevalletje riep bij mij automatisch de associatie op met een voorval dat de Nederlandse grootmeester Hans Ree in 1979 in Lone Pine (Verenigde Staten) overkwam. Ree, die toen nog een sterke IM was en zijn grootmeesternormen telkens op een haar na miste, zat in de laatste ronde tegen de Joegoslaaf Sahovic wederom voor een GM-norm te spelen. Op de 48ste zet moest hij een belangrijke beslissing nemen. Wat was beter? 48. Te7 of 48. Te8 ? Ree speelde de eerste van deze twee mogelijkheden en de partij eindigde in remise. Na afloop werd gevonden dat het tweede alternatief wel gewonnen had. Weg grootmeesterresultaat en ook weg 8000 dollar, indertijd (en nu ook nog) een fors bedrag. Uiteraard werd dit wrede lot uitgebreid beschreven in het blad Schaakbulletin.

Nu, na zoveel jaren, kwam ik deze partij weer tegen omdat ik een les rondom toreneindspelen aan het voorbereiden was. En warempel: met een sterke engine op de achtergrond blijkt dat ook nu beide zetten in remise moeten eindigen bij correct spel. We kunnen wel vaststellen dat zwart na de tweede mogelijkheid (48. Te8) maar één goed antwoord heeft, maar daarna is de stelling ook remise. Kortom: hierbij kunnen we Ree alsnog geruststellen!

Lees meer >

Een les uit het verleden

In de afgelopen Olympiade werd mijn oog getrokken naar een eindspel van onze Anna-Maja Kazarian, dat vermoedelijk bij de meeste mensen in de vergetelheid zal zijn geraakt. Het ging om het slot van de partij Cosma – Kazarian uit de derde ronde van ons damesteam tegen Roemenië. Het was eigenlijk het enige lichtpuntje in een wedstrijd waarin de onzen flink klop kregen. Anna-Maja hield een lastig eindspel remise. Wat was er dan zo bijzonder dat ik nu hierop terug wil komen? Vergelijkt u eens de volgende diagrammen met elkaar:

 

 

Het eerste is uit bovengenoemde partij Cosma – Kazarian, het tweede is uit een partij Kotov – Pachman, Venetië 1950.

 

Ik heb die partij als trainingsstelling in mijn archief zitten, als voorbeeld hoe wit bepaalde voordelen uit een minderheidsaanval kan halen. Deze stelling komt voort uit de Ruilvariant van het Klassiek Damegambiet en veel strategen willen graag bewijzen dat zij een dergelijk voordeel in winst kunnen omzetten. Het is bijzonder leerzaam om te zien hoe Kotov te werk gaat.

Lees meer >

Juweeltjes 7: Planinc – Najdorf

 

In deze rubriek nodigen we de bezoeker van Schaaksite graag uit om te genieten van de meest schitterende prestaties op het schaakbord, door alle eeuwen heen. De reden waarom voetballiefhebbers in vervoering raken als zij acties zien van Messi of Ronaldo moet bij ons schakers dezelfde zijn als wij de partijen naspelen die we hier willen tonen. En aarzelt u vooral niet om uw keus ook kenbaar te maken!

 

Miguel Najdorf

In mijn jeugd gaf mijn schoolvriend van twee jaar ouder, Huub van Dongen, mij bijles. Hij wilde graag dat het schoolschaakteam een rol van betekenis ging spelen. Daarom beval hij mij de Najdorfvariant van het Siciliaans aan. Die scherpe stellingen werden door ons tot in den treure geanalyseerd. We raakten allebei gefascineerd door de vele fraaie en onverwachte tactische wendingen die deze opening bood. En hoewel we ook soms flink klop kregen met deze variant, lieten we ons hierdoor niet ontmoedigen. Die wendingen gebruikten dan weer met wit in ons voordeel! Zoals later in onze carrière waar we soms bittere teleurstellingen te verwerken kregen, overheerste bij ons het gevoel voor de schoonheid van ons edele spel. Vooral bij Huub, die altijd op zoek was naar een heel bijzonder soort esthetiek, woog de voldoening van het doen van zo’n vondst zwaarder dan het resultaat. Helaas kwam hij veel te vroeg te overlijden. Lees hier mijn ‘In memoriam’ over hem.

Pas geleden werd het toernooi dat aan hem opgedragen werd, het Huub van Dongen Memorial, al weer voor de vijfde maal in zijn woonplaats gehouden. Het werd  gewonnen door Manuel Bosboom, ook al zo’n creatieve geest die geroemd wordt om zijn geniale invallen.

Terug naar de Najdorfvariant waarvan we ooit een partij tegenkwamen die ons van de ene in de andere verbazing deed vallen. Hij was tussen een van de geniale geesten uit de ’60-er jaren, Albin Planinc en – hoe kan ook anders – Miguel Najdorf zelf. Hoewel de tweede nauwelijks een introductie nodig heeft, toch een korte persoonsbeschrijving.

Lees meer >

Gespot 80: Van 1. e4 naar 1. d4 en andersom; verstandig?

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen.

Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.

 

Al decennia lang zijn we in staat om ons met de computer voor te bereiden op tegenstanders. Dit wordt in Nederlandse kringen het ‘pluggen’ genoemd. Als we met zwart tegen iemand moeten, leert een korte blik in een schaakdatabase ons vaak snel of we tegen een ‘1. e4-speler’ of een ‘1. d4-speler’ moeten spelen. Uiteraard zijn er ook mensen die ook andere openingen spelen, maar op clubniveau komen deze openingszetten het meest voor. Dat op topniveau de laatste jaren ook 1. c4 en 1. Pf3 in populariteit winnen, heeft met andere factoren te maken. Maar ook daar zien we de van oudsher populaire openingszetten terugkomen.

Als we ons gemakshalve even beperken tot de 1. e4 en de 1. d4 -categorieën kunnen we veelal stellen dat het om spelers gaan met totaal andere speelstijl. Eerstgenoemde zijn meestal de wat agressiever ingestelde spelers. Dat moet ook wel als je tegen het Siciliaans iets voor elkaar wilt krijgen. Het is een beetje kort door de bocht, maar de meeste 1. e4-spelers gaan graag op de koning af… De 1. d4-speler kiest meestal voor de meer strategische aanpak.

GM David Smerdon (foto Lennart Ootes)

Het bestrijden van beide type spelers vergt een heel andere aanpak. In het populaire Open toernooi te Hoogeveen 2007 kreeg ik tweemaal iets merkwaardigs voor mijn kiezen. In de vierde ronde was de Zweedse grootmeester Tiger Hillarp Person mijn tegenstander. In de database zag ik dat hij een groot strateeg was en vooral met 1. d4 opende. Maar ik was gewaarschuwd, maar tegen mijn vriendin Petra Schuurman was hij eerder in hetzelfde toernooi met 1. e4 begonnen.

In de negende en laatste ronde had ik zwart tegen de Australische GM (toen nog IM) David Smerdon. Een typische 1. e4-speler, zoals ik in mijn voorbereiding constateerde. Wat schetst mijn verbazing toen ik aan het bord verscheen en ik plotseling de dubbele zet van de damepion zag worden uitgevoerd.

 

In het eerste geval dacht ik Hillarp Person te kunnen verrassen door hem niet mijn gebruikelijke Caro Kann voor te schotelen, maar te kiezen voor de Siciliaanse Scheveninger. Hij antwoordde met de scherpe Engelse Aanval, waar ik een globaal idee van Loek van Wely (met … Tb8) in de praktijk probeerde te brengen.

13…Tb8!?

Lees meer >

Juweeltjes 6: Ivanchuk – Shirov

 

 

In deze rubriek nodigen we de bezoeker van Schaaksite graag uit om te genieten van de meest schitterende prestaties op het schaakbord, door alle eeuwen heen. De reden waarom voetballiefhebbers in vervoering raken als zij acties zien van Messi of Ronaldo moet bij ons schakers dezelfde zijn als wij de partijen naspelen die we hier willen tonen. En aarzelt u vooral niet om uw keus ook kenbaar te maken!

 

Vassily Ivanchuk (foto Frans Peeters)

 

Twee spelers die tot de verbeelding spreken, zijn Vassily Ivanchuk en Alexei Shirov. De onderlinge confrontatie zijn vaak ook een lust voor het oog omdat beide hun partijen met open vizier, meestal compromisloos, ingaan. De Oekraïner staat bekend om zijn geniale momenten, De Let werd de opvolger genoemd van Mikhail Tal, de Tovenaar van Riga. Omdat Shirov ook uit Riga komt, waren er mensen die hem deze bijnaam ook gaven. Beide spelers staan ook bekend als uitstekende blindspelers. Omdat ze tijdens een normale partij heel diep kunnen rekenen, kijken ze liever niet naar de stukken op het bord. Ivanchuk heeft dan de gewoonte om de zaal in te kijken, Shirov kijkt naar het plafond. Dat levert kolderieke taferelen op als ze tegenover zitten.

Alexei Shirov (foto Jos Sutmuller)

De een kijkt met een wazige blik de zaal in, de andere zit volkomen versuft naar het plafond te kijken… Helaas heb ik geen foto’s kunnen vinden waarin deze merkwaardige houding te zien valt.

Een partij, die nota bene in ons land werd gespeeld, is de hele wereld overgegaan. Want de vondst van Ivanchuk op de 19de zet is bijna krankzinnig te noemen. Hij offert pardoes zijn dame waarbij het aanvankelijk onduidelijk is wat hij ervoor terugkrijgt. Het verhaal doet de ronde dat het Nederlandse publiek op de banken stond, toen zij dit voor hun ogen zagen gebeuren. Was dit niet té geniaal, zou Ivanchuk zijn hand niet overspeeld hebben? Had hij zich niet laten leiden door een luchtspiegeling?

 

Lees meer >

Salon remise zoals geen ander

Girls (not) for Grandmaster

Lees meer >

Actuele puzzels 15: Aeroflot

In deze rubriek proberen we u op een wat alternatieve manier kennis te laten nemen van een actueel toernooi of interessant evenement. We struinen het internet af op zoek naar mooie, bijzondere of leerzame zetten of concepten. Omdat we graag willen dat u de grijze cellen ook in conditie houdt, bieden we deze aan in de vorm van opgaven.

Van 29 februari tot en met 10 maart vindt in Moskou het Aeroflottoernooi plaats. Het is een sterk toernooi met Boris Gelfand als de grote favoriet om het toernooi te winnen.

Het is inmiddels de veertiende keer dat het toernooi gehouden wordt. Een paar jaar waren er wat (financiële) moeilijkheden om het toernooi uit de grond te tillen, maar ditmaal lijkt het weer gelukt te zijn.

Lees meer >

Gespot 78: Het menselijke denken versus computer

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen.

Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.


Steeds vaker hoor ik spelers na de partij zeggen: “Ik stond ongeveer op +1.50”. Of: “ik heb de partij bekeken thuis en het was -3.25, dus ik had moeten winnen met zwart…” Dat is misschien net zo erg als het antwoord op de volgende standaardvraag: “Tegen wie speel je vandaag?” “Ik moet tegen 1840”.

De tegenstander wordt niet bij naam genoemd, nee zijn rating is veel interessanter kennelijk.

Onze moderne wereld is in sneltreinvaart aan het digitaliseren. Maar dat we zo onpersoonlijk worden, is op zijn zachtst gezegd verontrustend.

Als trainer van talentvolle jeugdspelers moet ik soms een waarschuwend vingertje heffen op het oordeel van de engine. Iedere zichzelf respecterende schaker heeft tegenwoordig de beschikking over een mooi databaseprogramma plus engine. Die engines zijn anno 2016 ook bijzonder sterk geworden. Wereldkampioen Carlsen hoeft zich geen illusies te maken: de meeste engines zijn hem allang voorbij gestreefd. Onlangs bleek dat de Amerikaan Nakamura (behorend bij de Top 5 van de wereld) geen schijn van kans had in een korte match (tempo met 45 minuten) tegen Komodo. De computer speelde in alle partijen zelfs met voorgift (zonder pion f7 bijvoorbeeld, of met wit een behoorlijk aantal ontwikkelingszetten extra). Zie het volgende artikel dat op de bekende site Chess.com verscheen. De rating van de computer (3366) zei eigenlijk al genoeg…

Nakamura (foto Frans Peeters)

Levensgevaarlijke komodovaraan…

Lees meer >

Grappige schaakzetten

Een paar maanden geleden moest een jonge schaakster lachen om de oplossing van een opgave uit de stappenmethode. Haar moeder begreep er niets van, hoe konden schaakzetten nou grappig zijn? Ik begreep het wel natuurlijk, en gaf mijzelf een uitdaging: de moeder laten lachen om schaakzetten. Via o.a. Google vond ik wat leuke stellingen, maar helaas, het was niet genoeg: op zijn hoogst reageerde de moeder (die een beetje kan schaken) met ‘wel aardig’.

Lees meer >

Gespot 77: Zet weerlegd, het boek de prullenbak in…

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen.

Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.


In het precomputertijdperk moesten schakers het vooral hebben van boeken en tijdschriften. De tijden dat topschakers met grote hoeveelheden boeken liepen te zeulen zijn gelukkig voorbij. Een ongelooflijk veelvoud van partijen en boeken staat tegenwoordig op de harde schijf. Toch verschijnen er nog veel boeken die gretig aftrek vinden bij schakers.

Veel oud topspelers houden zich daarmee bezig; zij proberen om een deel van hun kennis en ervaring door te geven aan de nieuwe generaties en hopen er ook nog een centje aan over te houden.

Een van hen is de voormalige Engelse topspeler John Nunn. Ook tijdens zijn actieve schaakcarrière was hij een ‘veelschrijver’. Zelf heb ik zijn boeken ‘Beating the Sicilian 1,2 en 3’ in de kast staan. Ik speelde zelf Siciliaans en ik wilde graag weten hoe witspelers dachten mij te kunnen overrompelen. Het grappige was dat Nunn tegen bijna alle Sicilianen 6. f4 voorstelde om te spelen. En uiteraard liet hij zijn openingsoverzicht vergezeld gaan van een paar schitterende aanvalspartijen.

Tijdens mijn ‘zwerftochten’ langs de Europese toernooien liep ik de Engelsman Daniel King een aantal keer tegen het lijf. Naast de onderlinge partijen die op leven en dood gespeeld werden, raakten we bevriend. Hij bleek een bijzonder interessant causeur in de avonduren en als ik nu zie hoe hij zich ontwikkeld heeft als bekend schaakcommentator komt zijn vlotte babbel erg goed tot zijn recht! Uiteraard schafte ik ook zijn boek ‘Winning with the Najdorf’ aan.

Lees meer >