Mooie zetten en Bloopers

Hoe sterk waren de meesters uit de 19e eeuw?

Hoe zat het nu werkelijk met de speelsterkte van de grote namen uit het verleden? Denk daarbij aan Steinitz, Chigorin en vele anderen die een heldenstatus hebben gekregen. Waren ze écht zo goed? Of overdrijft men hun kracht een beetje? Willy Hendriks doet hierover een boekje open in zijn prachtige werk “On the Origin of Good Moves”. Dit is niet bedoeld als een recensie. Waar het me nu om gaat is een eerste indruk van de speelsterkte van deze heren. Eigenlijk vallen deze reuzen een beetje van hun voetstuk. We kennen natuurlijk allemaal de volgende stelling waarin Steinitz een prachtige combinatie op het bord toverde. Verder lezen…

Lees meer >

Gespot 95 – Dominantie

 

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen. Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.

 

 

Zoals u onlangs kon lezen in het artikel dat ik schreef naar aanleiding van het uitbrengen van een nieuwe versie van de eindspelstudiedatabase van Harold van der Heijden, werk ik als schaaktrainer regelmatig met eindspelstudies, die ik dan op thema probeer te zetten. De wereld van de eindspelstudies is eigenlijk een wondere wereld. Je zou kunnen zeggen dat eindspelstudies een soort van kunstvorm binnen de schaakwereld innemen.

Binnen ons jachtige bestaan vormt de eindspelstudie als het ware een oase van rust. Net alsof je met een duikerspak langs peilloze diepten glijdt, en alles in volledige kalmte aan je voorbij ziet komen. De prachtige structuren van de zeebodem in combinatie met de fantastische organismen die er in ronddrijven. Je moet er ook de tijd voor nemen. Hoewel de zuurstoffles niet eeuwig gevuld is, kan het geen kwaad om de mooie contouren van de nieuwe omgeving langzaam op je in te laten werken. Zo is het ook met eindspelstudies.

We halen nog even in herinnering wat een eindspelstudie eigenlijk is. We zouden het kunnen definiëren als een compositie waarbij een fraai combinatiemotief dat vaak zeer onder de oppervlakte zit, is verpakt in een originele zettenreeks. Er is sprake van een opgave, waarbij de oplosser van te voren weet dat er maar één winst- of remise-variant opgesloten zit in de stelling. Bijna altijd heeft elk stuk op het bord een functie.
Bij het maken van een eindspelstudie gaat de componist meestal uit van de slotstelling die hij bedacht heeft. Die slotstelling moet dan uiting geven aan de kunstvorm die de componist in gedachten heeft. Dan gaat hij aan het werk om er een passend voorspel bij te bedenken en voegt links en rechts stukken toe. Uiteindelijk mag er maar één winstvariant zijn en dat is eigenlijk het moeilijkste van zijn taak. Als er bijvoorbeeld sprake is van een manoeuvre waarbij het stuk langs twee verschillende wegen op de plaats van bestemming kan arriveren, wordt dit oogluikend toegestaan. Men spreekt hier van een ‘dual’. Wel kunnen er veel verschillende varianten zijn, waarin de verdediger zich (vaak ook op originele) zo goed mogelijk van zijn taak kwijt. Als de winstvoering in twee verschillende varianten in gespiegelde hoedanigheden optreedt, spreekt men van een ‘echo’. Bij het maken van composities gaat men uit van speciale combinatiethema’s die voorziet van een naam. Zo spreekt men bijv. van een ‘Novotny’ als er sprake is van een interferentiemotief (=onderbreek). In dit betoog wil ik het uitsluitend hebben over het ‘dominantiemotief’. Hierin zit het woord dominant, dat al een en ander duidelijk maakt. In het eerste diagram probeer ik duidelijk te maken wat er exact met dit dominantie-motief bedoeld wordt.

 

Dominantie 1 – Constructiestelling

Lees meer >

Grote pret met je tegenstander een rad voor ogen draaien

Je kent vast wel het gelukzalige gevoel dat je hebt wanneer je een prachtige partij hebt gespeeld en deze, als een kers op de taart, hebt afgerond met een fraaie combinatie. Het is mij af en toe gelukt. Helaas meer af dan toe, maar vooruit. Ook ik heb een enkele keer in mijn leven een mooie partij gespeeld.

Het is me zelfs een keertje gelukt om in een serieuze rapidpartij van een grootmeester te winnen.

Lees meer >

Gespot 94: Mat met twee paarden

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen. Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.

 

Dat het paard in het schaakspel een bijzondere rol vervult, moge duidelijk zijn. Het is het enige stuk dat over andere heen mag springen, de paardensprong is ook heel bijzonder in vergelijking met wat de andere stukken mogen. Ik las ooit dat het paard mag springen zoals het nu doet omdat men in onderstaand minidiagrammetje het volgende had bedacht (zie diagram).

De loper en de toren kunnen allebei naar h3. Toen vond men het leuk dat ook het paard naar dat veld zou mogen om de symmetrie te bewaren en daarom heeft men de paardensprong bedacht. Of dit waar is? Geen idee, ik kan helaas niet meer terugvinden waar ik dit gelezen heb. Feit is dat de paardensprong ook gebruikt wordt in letterpuzzels, zoals bijvoorbeeld in de ‘Twee-voor-twaalf-quiz’ op tv.

Ziet u het woord in nevenstaand lettervierkant?

 

Aan het schaakbord was ik altijd gebiologeerd door matten met paarden. Twee voorbeelden:

 

Mat met 2 paarden (voorbeeld 1)

Toen ik deze stelling voor het eerst zag, vond ik het een gewaarwording dat het witte paard van c2 in twee zetten een relatief grote afstand overbrugt. Want na
1. Pd4 Pf5 2. Pe6#
staat zwart mat.

Dan moet je ook nog even met je ogen knipperen dat de koning in eendrachtige samenwerking met zijn paarden alle vluchtvelden van de zwarte koning onder controle heeft genomen (zie diagram rechts)!

Lees meer >

Ben ik nou zo slim…?

Drie weken vakantie achter de rug! Omdat wij zo’n leuke tuinoverkapping hebben laten maken besloten wij deze zomer lekker thuis te blijven. Ook omdat we in januari, nog net voor de Coronacrisis, naar Gibraltar waren geweest. Wat ik dan doe in die weken? Fietsen, wandelen en… schaakboeken lezen! Nieuwe, maar ik trek ook graag oude schaakboeken uit de kast om nog eens te lezen. Zo kwamen deze zomer (ook al voor mijn vakantie) de volgende boeken aan de beurt:

“My Chess World” van David Navara.

Lees meer >

Carlsen verspeelt een nieuwtje

Tijdens de halve finale van de Lindores Abbey chess24.com Rapid Challenge speelde Magnus Carlsen een interessant stukoffer en nieuwtje tegen Hikaru Nakamura. Op zet 8 offert Zwart een stuk tegen 2 pionnen en koningsaanval. Na 1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. Lb5 Pf6 4. d3 Lc5 5. Lxc6 dxc6 6. O-O Lg4 7. h3 Lh5 8. g4 Pxg4 9. hxg4 Lxg4 10. Le3 Le7 onstaat de volgende stelling:

Lees meer >

Carlsen’s fotografisch geheugen laat hem in de steek

 

Dit stukje is geen kritiek op Magnus Carlsen, maar mijn verwondering over het functioneren van het menselijk brein. En verder over de rijkdom van het schaken: een nieuw idee op zet 5 in het Open Siciliaans en de krankzinnige varianten die daar uit voort kunnen komen.

In zijn eigen Magnus Invitational speelde Carlsen in het Open Siciliaans de nieuwe zet 5. Bc4. Hij introduceerde dit idee tegen Maxime Vachier Lagrave en gebruikte het opnieuw een paar ronden later tegen Nepomniachtchi.

Stelling na 5. Lc4

Lees meer >

Nieuwe serie #Blijf-thuis-puzzels

De eerste serie van tien puzzels is inmiddels afgelopen. De prijswinnaars staan op onze website.

Sinds vrijdag staat de eerste puzzel van de tweede serie op onze website.  www.maxeuwe.nl/index.php/activiteit/blijf-thuis-schaakpuzzels

We beginnen met een schone lei, dus een goed moment om mee te gaan doen!

We hopen dat jeugdleiders en/of ouders de jeugdige schakers willen attenderen op de puzzels.

New In Chess Yearbook nieuwtje van het jaar

Wat doe je als je een 2600-speler bent en met Zwart tegen een 16-jarig supertalent (rating 2700) moet spelen, die bekend staat als een expert in het Konings-Indisch? Je verslaat hem met Zwart in het Konings-Indisch door het Nieuwtje van het Jaar (een dame-offer) achter het bord te vinden!

Ieder jaar kiezen de New In Chess Yearbook lezers het Nieuwtje van het Jaar.  In het net verschenen Yearbook 134 werd de winnaar over 2019 bekend gemaakt. Murali Karthikeyan won de prijs voor zijn dame-offer in zijn partij tegen Alireza Firouzja. De jonge GM uit India kreeg meer dan 60 procent van de stemmen en liet nieuwtjes van Magnus Carlsen, Alexander Grischuk en Wesley So ver achter zich.

Lees meer >

Gespot 94 Bordvisie

Bij het grasduinen in schaakboeken, het doorbladeren van schaaktijdschriften, het surfen op het internet, het bekijken van schaakfilmpjes valt het oog wel eens op interessante stellingen, bijzondere voorvallen, geniale zetten en grappige blunders. In deze rubriek wil ik u die graag voorleggen. Bent u ook iets tegengekomen? Laat het ons weten.

 

“Je wordt ouder papa”. Dit beroemde nummer van de Brabantse artiest Peter Koelewijn (een versie uit 2018 valt te zien en te beluisteren op YouTube) lijkt ook van toepassing op schakers die een bepaalde leeftijdsgrens zijn gepasseerd. U begrijpt het al, dit wordt gedeeltelijk een autobiografisch betoog. Maar wellicht met herkenbare componenten van problemen waar veel clubschakers mee worstelen: bordvisie! Wat dit fenomeen inhoudt en met wat voor soort obstakels veel spelers, maar in het bijzondere oudere schakers, soms kunnen worstelen, hoop ik met de volgende voorbeelden te laten zien.

Voordat hier meer over uitgeweid wordt, wil ik u graag de volgende twee fragmenten voorleggen uit partijen die ik iets meer dan een jaar geleden speelde en vorige week nog, tijdens de Tata Steel tienkampen.

Grooten, Herman – Van den Doel, Erik

Deze partij werd in november 2018 gespeeld in een wedstrijd in de Meesterklasse tussen Charlois/Europoort en De Stukkenjagers. Het diagram geeft het kritieke moment in de partij aan. Ik voelde op mijn sloffen aan dat ik hier iets moest hebben. Mijn tegenstander, die al vanaf zet 11 over weinig tijd beschikte, had hier nog iets als 2 à 3 minuten. Zelf had ik vanaf zet 20 ongeveer zo’n 15 minuten meer op de klok. Nu moest ik dat voordeel gaan uitbuiten, maar er diende concrete berekeningen gemaakt te worden, meestal niet eenvoudig en zeker niet een sterke grootmeester.

Lees meer >