Opleiding en Training

Begrijp wat je doet 67: Het Londen systeem

Hieronder treft u de volgende aflevering van de rubriek “Begrijp wat u doet”. In deze serie worden, speciaal voor clubschakers, achtergronden belicht van de ‘grote openingen’ zoals het Spaans, het Siciliaans, het Damegambiet, het Konings-Indisch enzovoort. De artikelen verschenen eerder in Schaakmagazine het blad van de KNSB, de Nederlandse schaakbond.

 

Een vrij populaire opening is het Londen Systeem, genoemd naar het toernooi uit 1922 dat in Londen gespeeld werd.

“The Big Ben in London”

Het ontstaat meestal als wit vanuit de beginstelling de zetten d2-d4, Pg1-f3 en Lc1-f4 speelt en dat ook nog laat volgen door c2-c3, e2-e3. Die laatste zet wordt meestal voorafgegaan door h2-h3 omdat wit zijn loper op f4 koestert en liever niet door een zwart paard (met …Pf6-h5) laat afruilen.
1. d4 Pf6
We nemen een min of meer willekeurige volgorde die echter vaak leidt tot hetzelfde type stelling. Wit streeft ernaar om de opstelling in te nemen uit het volgende schematische diagram: Andere volgordes zijn: 1…d5 2. Lf4 Deze snelle ontwikkelingszet stijgt in de hiërarchie omdat wereldkampioen Magnus Carlsen het diverse malen gespeeld heeft. Er bestaat een vuistregel (als ik het goed heb ooit door Euwe geformuleerd) dat bij het ontwikkelen de paarden liefst de voorrang moeten krijgen op lopers. Door een speler van het kaliber Carlsen wordt er soms gespot met dit soort algemeenheden. [2. Pf3 Pf6 3. Lf4]

2. Pf3 e6

2…g6 3. Lf4
3. Lf4

Min of meer de basisopstelling die wit – vaak ongeacht wat zwart daar tegenover zet – wil innemen. In de jaren ’80 had ik te maken met een speler uit mijn omgeving die al rond zijn 15e bijna van meestersterkte was. Maar helaas werd schaken te belangrijk voor hem dat zijn relatie met ons spel – op zijn zachtst gezegd – onder druk kwam te staan. Verliezen kwam zo hard aan, dat hij het schaakbord al redelijk snel het raam uit gooide. Toen hij het veel later weer eens ging proberen, bleek dat verliezen nog altijd niet tot zijn vocabulaire hoorde. Mede daarom speelde hij het Londen Systeem dat. Het kenmerk van de witte opzet was, zoals hij het heel humoristisch formuleerde, een soort ‘langzaam naar voren schuivende vesting!’ Ofwel: met zo’n stevige opbouw (pionnen op c3 en e3) en verder allemaal goede stukken kan wit eigenlijk weinig gebeuren. Tenminste, zo had hij dat voor ogen.
3…c5

Lees meer >

Begrijp wat u doet 72: Het Londen Systeem

 

Hieronder treft u de volgende aflevering van de rubriek “Begrijp wat u doet”. In deze serie worden, speciaal voor clubschakers, achtergronden belicht van de ‘grote openingen’ zoals het Spaans, het Siciliaans, het Damegambiet, het Konings-Indisch enzovoort. De artikelen verschenen eerder in Schaakmagazine het blad van de KNSB, de Nederlandse schaakbond.

 

 

Een vrij populaire opening is het Londen Systeem, genoemd naar het toernooi uit 1922 dat in Londen gespeeld werd. Het ontstaat meestal als wit vanuit de beginstelling de zetten d2-d4, Pg1-f3 en Lc1-f4 speelt en dat ook nog laat volgen door c2-c3, e2-e3. Die laatste zet wordt meestal voorafgegaan door h2-h3 omdat wit zijn loper op f4 koestert en liever niet door een zwart paard (met …Pf6-h5) laat afruilen (zie het schematische diagram rechts)

1. d4 Pf6
We nemen een min of meer willekeurige volgorde die echter vaak leidt tot hetzelfde type stelling. Wit streeft ernaar om de opstelling in te nemen uit het volgende schematische diagram:

Andere volgordes zijn:
 
1…d5 2. Lf4 Deze snelle ontwikkelingszet stijgt in de hiërarchie omdat wereldkampioen Magnus Carlsen het diverse malen gespeeld heeft. Er bestaat een vuistregel (als ik het goed heb ooit door Euwe geformuleerd) dat bij het ontwikkelen de paarden liefst de voorrang moeten krijgen op lopers. Door een speler van het kaliber Carlsen wordt er soms gespot met dit soort algemeenheden. [2. Pf3 Pf6 3. Lf4]

2. Pf3 e6

2…g6 3. Lf4

3. Lf4

 

Magnus Carlsen (foto Frans Peeters)

Min of meer de basisopstelling die wit – vaak ongeacht wat zwart daar tegenover zet – wil innemen. In de jaren ’80 had ik te maken met een speler uit mijn omgeving die al rond zijn 15de bijna van meestersterkte was. Maar helaas werd schaken te belangrijk voor hem dat zijn relatie met ons spel – op zijn zachtst gezegd – onder druk kwam te staan. Verliezen kwam zo hard aan, dat hij het schaakbord al redelijk snel het raam uit gooide. Toen hij het veel later weer eens ging proberen, bleek dat verliezen nog altijd niet tot zijn vocabulaire hoorde. Mede daarom speelde hij het Londen Systeem dat. Het kenmerk van de witte opzet was, zoals hij het heel humoristisch formuleerde, een soort ‘langzaam naar voren schuivende vesting!’ Ofwel: met zo’n stevige opbouw (pionnen op c3 en e3) en verder allemaal goede stukken kan wit eigenlijk weinig gebeuren. Tenminste, zo had hij dat voor ogen.

3…c5
Veel zwartspelers kiezen voor deze actieve mogelijkheid. Het valt het witte pionnencentrum aan en brengt de mogelijkheid …Dd8-b6 in de stelling.
Spelers die het Dame-Indisch op hun repertoire hebben staan, zullen graag verder gaan met 3…b6 4. e3 Lb7 en nu is de meest gebruikelijke voortzetting. 5. Ld3 [Het is echter de vraag of 5. h3 niet nét wat nauwkeuriger is. Zwart zou graag de loper van f4 willen opjagen met …Pf6-h5 en zo is de terugtocht naar h2 mogelijk. Op deze bijzonder lastige kwestie poogt Peter Heine Nielsen, de secondant van Magnus Carlsen, antwoord te geven bij zijn analyse van de partij Carlsen-Thomashevsky, 2016. Zijn antwoord lijkt plausibel want hij zegt dat wit beter eerst Ld3 kan spelen om …Le7 af te wachten. Want op wits laatste zet speelde Aljechin ooit het interessante 5…Ld6!? Het idee is dat hij zijn koningsloper wil ruilen voor die zwartveldige van wit omdat wit nu een tempo heeft gespendeerd aan 5.h3. Na (In bovengenoemde partij Carlsen-Thomashevsky, 2016 volgde: 5…Le7 6. Ld3 O-O 7. O-O {In hetzelfde jaar ging de witspeler in Giri-Tomashevsky verder met 7. Pbd2 c5 8. c3 en ook hij kwam later tot winst.} 7…c5 8. c3 en wit slaagde erin een mooie aanval op de zwarte koningsvleugel te ontketenen.) 6. Lxd6 cxd6 (zie analysediagram)

Lees meer >

Presentatie: Mastering Positional Sacrifices

Het nieuwe boek ‘Mastering Positional Sacrifices’ van IM Merijn van Delft was al eerder onderwerp van een boekbespreking door Herman Grooten.

Morgenavond (6/1) komt de auteur zelf aan het woord via het Twitch-kanaal van de schaakbond. Merijn bespreekt een aantal fraaie voorbeelden uit zijn boek (tussen 20.00 en 21.00 uur).

U vindt het kanaal via deze link.

Lees meer >

Een klusvideo voor het schaken

In het Schaakvlog van Erwin en Max (op YouTube) leer je op een makkelijke manier onthouden hoe je mat kunt zetten. Of hoe je daar naartoe kunt werken.

Deze keer is de titel “Het hok verkleinen”. In eerdere video’s heb je al gezien dat we het hok kunnen gebruiken bij het matzetten van de vijandelijke koning.

Maar hoe werkt dat nou precies? En hoe zien schakers dat voor zich?

Lees meer >

Interview Herman Grooten over zijn leven, training en zijn nieuwe videoserie

Sinds vorige maand kunt u met een premiumlidmaatschap van Chessbase de nieuwe videoserie van Herman Grooten bekijken. In deze serie (onder de naam “Understanding before moving”) legt Herman het maken van plannen uit voor clubspelers. Tot nu toe zijn er twee delen verschenen: “How to improve the activity of my pieces” en “How to design a concept in the opening”.

Ter gelegenheid van deze nieuwe serie heeft Chessbase Herman geïnterviewd. In het eerste deel vertelt de Schaaksitemedewerker o.a. over zijn leven, over hoe hij professioneel schaker is geworden en hoe hij aangemoedigd werd om schaakboeken te schrijven.

Lees meer >

Training bij Groninger Combinatie

Ieder jaar organiseert Groninger Combinatie trainingen op verschillende niveaus. Dat vindt dan plaats in de onbekendere zaaltjes van het Jannes van der Wal Denksportcentrum. Dit jaar is alles anders, zo ook deze trainingen. Nu alles online gaat, bieden we deze trainingen aan voor wie interesse heeft.

Let op: beperkt plaats, en we beginnen binnenkort al!

Vincent Valens geeft training aan de groepen tot 1600,

Lees meer >

Begrijp wat u doet: De Grand Prix Aanval

Hieronder treft u de volgende aflevering van de rubriek “Begrijp wat u doet”. In deze serie worden, speciaal voor clubschakers, achtergronden belicht van de ‘grote openingen’ zoals het Spaans, het Siciliaans, het Damegambiet, het Konings-Indisch enzovoort. De artikelen verschenen eerder in Schaakmagazine het blad van de KNSB, de Nederlandse schaakbond.

Voor het jaar 2019 had ik het plan opgevat om beroemde (beruchte!) openingssystemen te behandelen die hun weg hebben gevonden in de openingsliteratuur. En dan vooral varianten die aantrekkelijk zijn voor clubschakers om te proberen hun tegenstanders pootje te lichten. Mocht u ideeën hebben voor de toekomst, mag u mij een e-mail (hgrooten@xs4all.nl) sturen, wellicht ziet u dan uw systeem terug in deze rubriek! Ik kan natuurlijk niet beloven dat elk idee wordt gehonoreerd.

We beginnen met een systeem dat in nogal wat boekjes wordt opgenomen als wapen tegen het Siciliaans: de Grand Prix aanval!

1.e4 c5 2.Pc3

Dimitri Reinderman bracht de Grand Prix Aanval af en toe op het bord (foto Harry Gielen)

Dit wordt het Gesloten Siciliaans genoemd. En daarbinnen gaan we het redelijk zelfstandige systeem, de ‘Grand Prix aanval’ behandelen.

2…Pc6

Lees meer >

Beveiligd: Schaaksite downloadpagina cursus 0920 – Pionnenstructuur

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.

Lees meer >

Nieuw aanbod cursussen Schaaksite-academie


Clubschakers opgelet: deze week beginnen de nieuwe cursussen van onze Schaaksite-academie.

Er is nog plaats, meld u snel aan, vooral in de groep >1800 bij GM Dimitri Reinderman. Bekijk hier het nieuwe aanbod.
Je kunt je ook direct opgeven via het inschrijfformulier.

Nieuw aanbod online cursussen Schaaksite-academie

In het voorjaar werden vanwege de coronacrisis veel mensen ‘veroordeeld’ tot online bezigheden. Op initiatief van Kees Schrijvers is toen besloten om vanuit de nieuw opgerichte Schaaksite-academie online schaaktrainingen te gaan verzorgen. We werken in principe met de videoconferentie-software van Microsoft Teams. Deelnemers dienen bij voorkeur de app te downloaden en kunnen de lessen via een PC of tablet/iPad volgen.
GM Dimitri Reinderman en IM Herman Grooten verzorgen deze trainingen die bestaan uit gemiddeld vijf sessies van elk 1½ uur. Bij de trainingen wordt rekening gehouden met de sterkte van de deelnemers. Dankzij de mogelijkheden van het internet proberen we de kosten zo beperkt mogelijk te houden.
Gezien de feedback die we bij onze vorige lessenseries ontvingen, bleek dat er behoefte is aan een ruimer aanbod. Daarover hebben wij inmiddels nagedacht en we bieden liefhebbers een paar extra opties aan.

Optie 1
• 5 sessies
• Minimaal 10 personen, max. 20 personen
• Videoconferentie: Microsoft Teams
• Kosten: per les van 1½ uur à € 10,- p.p.

Cursus Dimitri:
o Doelgroep: >1800
o Inhoud: bespreking modelpartijen (o.a. dynamisch vs. statisch en de vijf positievragen van Kislik)
o Materiaal: partij-analyse beschikbaar in pgn
o Tijdstip: donderdagavond 20.00 – 21.30 uur
o Data: 8, 15 en 29 oktober, 5 en 12 november

Cursus Herman:
o Doelgroep: <1800
o Inhoud: specifiek onderwerp in de komende cursus gaat over pionnenstructuren.
o Materiaal: uitgebreid instructiedocument en diverse oefenbladen beschikbaar in pdf
o Tijdstip: woensdagavond 19.30 – 21.00 uur
o Data: 7, 14 en 28 oktober, 4 en 11 november

Optie 2
• 3-5 sessies
• Partijbespreking van eigen partijen
• Maximaal 4 personen
• Videoconferentie: via Skype
• Data: nader overeen te komen
• € 100,- voor 1½ u te delen door 4 personen dus €25,- p.p. per sessie

Lees meer >